Wat is het effect van oorlog op Armeense jongeren?

‘We staan dichter bij de dood dan bij een mooie toekomst’

© Indy Huttener

‘Een groot deel van onze generatie is uitgewist. Op de militaire begraafplaats Yerablur ligt het vol met jonge soldaten.’

Azerbeidzjan en Armenië liggen al jaren in de clinch over de regio Nagorno-Karabach. De Armeense premier Nikol Pashinian en de Azerbeidzjaanse president Ilham Aliyev treffen elkaar deze week in Brussel voor nieuwe poging tot vrede. Wat deed en doet dit conflict met de jongeren in Armenië? Indy Huttener en Zoë El Mhaned trokken naar Armenië om te horen wat oorlog met jongeren doet.

Armenië is een land in de Zuidelijke Kaukasus en wordt ook wel ‘het oudste land ter wereld’ genoemd. Het ligt tussen buurlanden Georgië, Turkije, Iran en Azerbeidzjan. Officieel behoort het land bij Azië, maar veel Armeniërs voelen zich Europeaan.

Al tientallen jaren liggen Armenië en Azerbeidzjan in de clinch met elkaar. Ze vechten om Nagorno-Karabach, een gebied dat amper zo groot is als twee Vlaamse provincies.

Het conflict kende in 2020 een opflakkering waarbij duizenden doden vielen. Een staakt-het-vuren maakte een einde aan de oorlog, maar spanningen over het grensgebied zijn er nog steeds.

In amper 44 dagen stierven in 2020 meer dan 6500 mensen tijdens de oorlog om Nagorno-Karabach. Het ging voornamelijk om jonge, mannelijke soldaten. Armenië kent een verplichte legerdienst vanaf 18 jaar. Daardoor kwamen een jonge mannen met weinig ervaring aan het front terecht. Velen kwamen nog maar net van de schoolbanken wanneer de oorlog uitbrak.

Wat deed en doet dit conflict met de jongeren in Armenië?

‘Het conflict is als een tikkende tijdbom, die ieder moment kan ontploffen.’

Gohar Avaghyan is 22. Ze studeert Internationaal Recht en is voorzitter van de studentenraad aan haar faculteit van de Yerevan State University. Ze vertelt welke impact de oorlog had op het studentenleven in Armenië.

‘Twee jaar later is het moeilijk om te doen alsof alles weer normaal is’, zegt ze. ‘Het conflict is als een tikkende tijdbom, die ieder moment kan ontploffen. De universiteit was altijd een plek waar Armeense studenten samenkomen om les te volgen en te genieten van het studentenleven. Dat is nu veranderd.’

‘Als we Armeense studenten met Europese studenten vergelijken kunnen we één ding zeggen. Wij leven in een andere realiteit, eentje die dichter staat bij de dood dan bij een mooie toekomst. Wanneer je wakker wordt, kijk je meteen naar het nieuws om altijd op de hoogte te zijn van nieuwe ontwikkelingen. We zijn er ons van bewust dat het leven op één dag drastisch kan veranderen. Hierdoor koesteren we ieder moment dat we hebben met onze vrienden en familie. We leven immers in een werkelijkheid waar we iedere avond dankbaar zijn dat we de dag zijn doorgekomen.’

In de universiteitsgangen trekt een muur vol foto’s de aandacht. Om de gesneuvelde studenten te herdenken, hangt de universiteit foto’s op. Medestudenten richten kleine plekjes in om te kunnen rouwen om hun vrienden. Sommige aula’s zijn vernoemd naar soldaten. De oorlog is hier nog steeds voelbaar.

De herdenkingsmuur geeft een gezicht aan tientallen jonge mensen die hun boeken inruilden voor een legeruniform. Gohar wijst een vriend aan die ze verloor. ‘Mijn maatje George’, zegt ze. ‘Hij zette zich net zo hard voor de universiteit in als ik.’

© Indy Huttener

Op de gedenkmuur in de universiteit hangt ook George. ‘Hij had zijn legerdienst al gedaan voor de oorlog uitbrak, maar hij is vrijwillig weer gaan vechten. Helaas keerde hij niet terug.’

‘George was iemand die heel aanwezig was in het studentenleven, hij had veel vrienden en was joviaal. Iedereen kon op hem rekenen. Hij had zijn legerdienst al gedaan voor de oorlog uitbrak, maar hij is vrijwillig weer gaan vechten. Helaas keerde hij niet terug.’

George was een van de vrijwilligers waar het Armeense leger beroep op doet. Soldaten die al een opleiding hadden genoten werden aangemoedigd om mee te doen. Anderen werden opgeroepen en kregen een brief dat zij zich weer bij het leger moesten voegen.

‘Een generatie is uitgewist’

Gohar benadrukt dat George niet de enige is die sneuvelde. Alle gesneuvelde soldaten moeten geëerd worden. ‘Een groot deel van onze generatie is uitgewist. Op de militaire begraafplaats Yerablur ligt het vol met jonge soldaten. Ze offerden hun leven op voor hun land en het enige wat we kunnen doen is hun herinnering levend houden en andere generaties bewustmaken van de gevolgen van oorlog.’

‘Het enige dat we kunnen doen is hun herinnering levend houden en andere generaties bewustmaken van de gevolgen van oorlog.’

De 20-jarige Gevorg Khandkaryan overleefde de oorlog wel. Hij was 18 toen de oorlog uitbrak. Samen met zijn broer had hij zich net bij het leger aangemeld, maar ze waren niet voorbereid op de mentale gevolgen van de oorlog.

Om in zijn hoofd aan de gruwel te ontsnappen maakt Gevorg tekeningen. Hij tekent op de muren van zijn slaapplek aan het front en in boekjes die hij bij zich had. Hij vertelt hoe tekenen voor hem een uitlaatklep was tijdens die donkere dagen.

© Arman Epremyan

Gevorg met zijn broer Shahen tijdens de oorlog.

De 20-jarige Karen Agamalyan uit Pokr Vedi overleefde een tankexplosie en kroop door het oog van de naald. Zijn hele lichaam is bedekt met wondes van granaatscherven en hij verloor tijdelijk zijn zicht.

‘We gingen een plek aan de grens inspecteren met twee tanks. In de eerste tank zaten vrienden, ik zat met twee anderen in de tweede tank. We volgden elkaar, maar al snel hadden we door dat onze verkenning te gevaarlijk was. We besloten terug te keren, en ons op een veiligere plek op te stellen.’

Toen volgde een explosie. ‘Ik had geen idee wat er gebeurd was. Ik besefte niet dat onze tank was geraakt. Ik bleef maar schreeuwen en rondkijken waar de anderen waren, maar niemand reageerde. Op de één of andere manier raakte ik toch uit de tank en overal om me heen zag ik de verwoesting van de ontploffing.’

Al snel besefte Karen dat hij niets meer kon doen voor zijn strijdmakkers. Hij liep terug in de richting waar ze vandaan kwamen in de hoop om iemand tegen te komen van zijn groep. ‘Uiteindelijk zag ik één van onze legertrucks en ik vertelde de mannen wat er gebeurd was. Ze wezen me de weg naar een huis waar onze soldaten zaten. Ze verzorgden me en brachten me daarna naar het ziekenhuis.’

Hij was verdoofd door de shock en de adrenaline. In het ziekenhuis bleek dat hij er erger aan toe was dan hij zelf dacht.

© Indy Huttener

Een tekening die Gevorg maakte tijdens de oorlog.

Vrees voor nieuwe oorlog

Toen Karen later naar een revalidatiecentrum in Yerevan werd gebracht, kwam hij langs zijn dorp Pokr Vedi. Hij kon er zijn familie even zien, die al hoorden wat er gebeurd was. ‘Als het luik van zijn tank niet had opengestaan, had hij geen schijn van kans om te overleven. Dan was hij gestikt in de giftige stoffen van de explosie.’ Armine, zijn moeder, noemt het een geschenk van God dat haar zoon nog leeft.

© Indy Huttener

Karen Agamalyan: ‘Er zal nooit vrede komen tussen Armenië en Azerbeidzjan door oorlog te voeren.’

Na zijn herstel moest Karen zijn militaire dienst afmaken. In januari verliet hij eindelijk het leger. Nu richt hij zich op zijn landbouwstudie en hoopt hij dat de oorlog echt voorbij is. Hij wil graag een gezin stichten, al vreest hij voor een nieuwe oorlog. ‘Die zou voor nog meer leed zorgen.’

‘Er zal nooit vrede komen tussen Armenië en Azerbeidzjan door oorlog te voeren.’

‘Als het om vrede gaat, denk ik niet dat oorlog de beste manier is, want oorlog en vrede zijn onverenigbaar’, meent Karen. ‘De enige manier om tot een overeenkomst te komen, is door te onderhandelen. Dat lijkt me het meest verstandige als beide partijen vrede willen sluiten. Er zal nooit vrede komen tussen Armenië en Azerbeidzjan door oorlog te voeren.’

De toekomst

Pas op 24 mei van dit jaar werd er voor het eerst onderhandeld sinds het einde van de oorlog op 10 november 2020.  Met Nagorno-Karabach als middelpunt hielden de Armeense premier Nikol Pashinyan samen met president Ilham Aliyev van Azerbeidzjan en Charles Michel van de Europese Raad het eerste gesprek. Dit zou al een grote stap in de richting moeten zijn voor vrede tussen de twee landen.

Connectie met elkaar staat vooraan in deze onderhandelingen, maar voor een groot deel van het Armeense volk is het de zoveelste messteek in de rug. Dat er onderhandelingen op de planning stonden tussen de landen, was al een tijdje bekend.

Hierdoor kwamen de voorbije maanden heel wat mensen de straat op in Armenië. Het protest zette een grote druk op de positie van de premier. Volgens de demonstranten zou Pashinyan te vrijgevig omspringen met de gecontesteerde stukken land, wat in het voordeel van Azerbeidzjan zou spelen. Nagorno-Karabach behoort tot Armenië, zo klinkt het.

Tijdens de protesten in Yerevan ging het er hevig aan toe. Meer dan 500 demonstranten werden opgepakt tussen 5 april en 19 juni. Er werden glazen flessen gegooid, wegen en metrostations werden geblokkeerd. Bij de escalatie werd het gebruik van verdovingsgranaten ingeroepen om de agressie van grote groepen in te tomen. Daardoor trokken de demonstranten op 19 juni uiteindelijk weg.

Vandaag, 2 september, staat een nieuwe demonstratie gepland. Er worden duizenden demonstranten verwacht op het Frankrijkplein in Yerevan. Opnieuw wordt een clash met de politie verwacht.

Charles Michel benadrukte tijdens de onderhandelingen dat de houding tussen beiden volkeren tegenover elkaar van uiterst belang is om tot vrede te komen.

© Indy Huttener

Karen met zijn broertje wandelend door hun dorp Pokr Vedi.

Dit artikel kwam tot stand dankzij de StampMedia-beurs, in samenwerking met Fonds Pascal Decroos. Ieder jaar maakt StampMedia in totaal 4.000 euro vrij voor ervaren reporters tussen 16 en 26 jaar die een diepgaand verhaal maken waarin jongeren en hun leefwereld centraal staan.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3277   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur

  • StampMedia versterkt de stem van jongeren tussen 16 en 26 jaar. Ze dichten de inhoudelijke en vormelijk kloof tussen media en jongeren door hen (en hun begeleiders) mediawijs te maken en