Dossier: 

Belastingontduiking is een schending van mensenrechten

Tine Destrooper, Uitvoerend Directeur van het Centrum voor Mensenrechten aan New York University, volgde deze week de #PanamaPapers met dezelfde verontwaardiging als miljoenen mensen wereldwijd. Wat te weinig aandacht krijgt, stelt ze, is dat belastingontwijking en -ontduiking bijdragen tot de schending van de mensenrechten van de meest kwetsbaren. Overheden zijn daarvoor verantwoordelijk.

  • Teacher's Dude BBQ (CC BY-SA 2.0) Teacher's Dude BBQ (CC BY-SA 2.0)
  • 401kcalculator.org (CC BY-SA 2.0) 401kcalculator.org (CC BY-SA 2.0)

Journalisten verbonden met het International Consortium of Investigative Journalists publiceerden deze week talloze artikels over de #PanamaPapers, waarin bleek dat prominente politici, zakenlui en topsporters wereldwijd en in eigen land betrokken waren in deze structurele vorm van belastingontduiking. MO* is een van de media die dat onderzoek voerde, samen met Knack, De Tijd en Le Soir in België.

De onthullingen leidden tot een politieke schokgolf en een golf van verontwaardiging toen bleek dat tientallen politieke leiders van overal ter wereld gebruik hadden gemaakt van obscure fiscale en financiële wetgeving om financiële middelen te versluizen naar verschillende offshore belastingparadijzen.

Naast de morele verontwaardiging is het echter van belang ook stil te staan bij de structurele impact van deze grootschalige vorm van belastingontduiking, met name op de fundamentele mensenrechten van kwetsbare groepen.

Belastingontduiking en belastingfraude ondermijnen het potentieel van overheden om fundamentele rechten te beschermen en te vervullen

Belastingontduiking en belastingfraude zorgen ervoor dat grote sommen geld nooit bij overheden terechtkomen zoals zou moeten, en ze ondermijnen daarmee het potentieel van die overheden om fundamentele rechten – zoals het recht op onderwijs, het recht op huisvesting of het recht op een redelijke levensstandaard – te beschermen en te vervullen.

Dit geldt voor het Globale Zuiden, maar ook voor Europa en de Verenigde Staten, en in het bijzonder voor landen waar momenteel een Spartaans besparingsbeleid wordt opgelegd, zoals Spanje, waar verschillende voormalige regeringsleiders en hun families nu betrokken blijken te zijn in belastingontduiking.

Hoewel er geen concrete cijfers zijn, en misschien ook niet mogelijk zijn, over hoeveel inkomsten staten mislopen door belastingontduiking, schatte Oxfam in een recente studie dat het gaat om 190 miljard dollar wereldwijd - een bedrag dat hoger is dan wat wereldwijd wordt uitgegeven aan ontwikkelingssamenwerking: 137 miljard in 2014. Dit zijn cruciale inkomsten die zouden kunnen gaan naar het bouwen van scholen, ziekenhuizen of infrastructuur.

De rol van politici

Terwijl het probleem van belastingontduiking op zichzelf een bedreiging vormt voor het vervullen van mensenrechten is de actieve rol die politieke leiders spelen door deelname in deze praktijken, vanzelfsprekend nog problematischer, niet enkel vanuit moreel of juridisch oogpunt, maar ook, en in het bijzonder, wat betreft hun verantwoordelijkheid voor het garanderen van mensenrechten.

Pas in de laatste jaren beginnen mensenrechtenspecialisten fiscale rechtvaardigheid en fiscale wetgeving serieus te nemen

Onder internationaal recht zijn politieke leiders, en met name staatshoofden en regeringsleiders, de eerste verantwoordelijken voor het vervullen en garanderen van een reeks sociale, economische en culturele mensenrechten. Net van deze leiders is deze week duidelijk geworden dat zij in sommige gevallen nauw betrokken waren bij, of zelfs verantwoordelijk waren voor, het opzetten van grootschalige belastingfraude. De persoonlijke verantwoordelijkheid van de genoemde politici is groot, maar hun persoonlijke rol mag de aandacht niet afleiden van de beleidsbeslissingen en structurele problemen die deze belastingontwijking wettelijk mogelijk maakten.

Deze fraude is niet enkel een schending van hun directe fiscale verplichtingen, maar ook een schending van de fundamentele verplichting dat staten onder internationaal recht horen ‘het maximum van hun beschikbare middelen’ aan te wenden om deze sociale en economische rechten te beschermen, garanderen en vervullen - een plicht die beschreven wordt in wettelijk bindende verdragen die de betreffende staten ondertekend hebben.

Jarenlang is er echter, zelfs vanuit de mensenrechteninstellingen, bijzonder weinig aandacht geweest voor dit onderwerp. Belastingexperts en mensenrechtenexperts zijn jarenlang niet met elkaar in dialoog gegaan, en pas in de laatste jaren beginnen mensenrechtenspecialisten fiscale rechtvaardigheid en fiscale wetgeving serieus te nemen en te hameren op aangepast wetgeving, ten eind het excuus te weerleggen dat het garanderen van sociale en economische mensenrechten financieel onhaalbaar is.

Grand Theft Autogenese?

CC http://401kcalculator.org (CC BY-SA 2.0)

Het schandaal dat deze week aan het licht kwam, ondermijnt ook de mythe dat de extreme vormen van ongelijkheid die we wereldwijd zien groeien een accidenteel bijproduct zijn van marktdynamieken. Deze ongelijkheid ontstaat niet natuurlijk of vanzelf. Ze wordt actief in de hand gewerkt door bewuste immorele keuzes van welstellende individuen en leiders,  en door een beleid dat deze keuzes niet enkel mogelijk maar ook praktisch onzichtbaar maakt.

Door een internationaal fiscaal systeem op te richten dat ze vervolgens zelf ondermijnen, slagen de betrokken elites erin financiële middelen en macht te concentreren en te accumuleren, terwijl lonen stagneren en diensten die burgers nodig hebben worden weggesnoeid als besparingsbeleid of “austerity”.

De Panama papers tonen bijvoorbeeld hoe een oliebedrijf Mossack Fonseca inhuurde om 400 miljoen dollar belastingen te ontlopen in Oeganda – meer dan het volledige gezondheidsbudget van dat land - en hier ook in slaagde.

Vrouwen als eerste slachtoffer

Een onderzoeksartikel van Open Democracy argumenteerde deze week dat vrouwen enerzijds het meeste negatieve impact ondervinden van deze belastingontduiking, en dat ze anderzijds sterk ondervertegenwoordigd zijn in de lijst van individuen die betrokken zijn in de fraude - mogelijks een reflectie van het feit dat globaal genomen mannen nog steeds oververtegenwoordigd zijn in machtsposities.

Als de top van de economische piramide een manier vindt om onder de belastingplicht uit te komen, treft dit degenen aan de bodem van die piramide het hardst, in vele gevallen vrouwen

Wanneer degenen aan de top van de economische piramide een manier vinden om onder hun belastingplicht uit te komen, treft dit degenen aan de bodem van die piramide het hardst, en in vele gevallen zijn vrouwen oververtegenwoordigd in die kwetsbare groep.

Belastingontduiking –en het resulterende gebrek aan financiële middelen voor overheden – leidt in de meeste gevallen tot het snoeien in openbare diensten, zoals gezondheidszorg, kinderopvang of scholing. Wereldwijd treffen deze maatregelen systematisch vrouwen en meisjes harder omdat zij degenen zijn die in eerste instantie toegang tot deze diensten zal ontzegd worden wanneer families keuzes moeten maken over welke kinderen wel of niet meer naar school zullen gestuurd worden.

Wanneer gesnoeid wordt in publieke voorzieningen worden vrouwen en meisjes bovendien in de praktijk ook gedwongen om meer - onbezoldigde - zorgtaken op zich te nemen, die in principe door een overheid vervuld kunnen (of moeten) worden.

Bovendien heffen overheden die onvoldoende belastingen kunnen halen uit inkomsten of kapitaal, vaak alternatieve belastingen, zoals disproportioneel hoge goederenbelastingen, die ook weer in eerste instantie lagere inkomensgroepen - en dus vrouwen - harder raken.

Een momentum voor hervormingen

Gezien de omvang van het schandaal is het begrijpelijk dat journalisten en onderzoekers momenteel in eerste instantie verder nagaan wie betrokken was en op welke manier.

Prioritair werk voor de regering: een meer transparant, redelijk en fair fiscaal regime opbouwen

Zodra de eerste storm geluwd is, kunnen media en burgergroepen echter ook een belangrijke rol spelen in het aansporen van politieke leiders in binnen- en buitenland tot het ondernemen van concrete en structurele acties om een meer transparant, redelijk en fair fiscaal regime op te bouwen, dat belastingplichtigen - en in het bijzonder politici - verplicht om rekenschap af te leggen. Ook hier kan de taal en de logica van mensenrechten een inspiratie zijn om het te hebben over rekenschap, inclusiviteit en transparantie.

Ondanks actief en aanhoudend beleidswerk van ngo’s en middenveldorganisaties en groeiende aandacht voor fiscale rechtvaardigheid in de internationale media, was er de voorbije jaren weinig engagement op internationaal niveau om hierrond structureel te werken.

Zo beschrijven de Sustainable Development Goals (de opvolger van de Millennium-doelstellingen, die vorig jaar door de Verenigde Naties werden aangenomen), bijvoorbeeld een bereidheid om onrechtmatige financiële transacties en ongelijkheid te bestrijden, maar bevatten ze geen concrete beleidsvoorstellen of doelstellingen rond dit thema – in tegenstelling tot meer dan 100 beleidsindicatoren voor de andere doelstellingen.

De Panama-papers zouden dan ook kunnen een belangrijke rol spelen in het aansporen en mobiliseren van overheden om de beloftes die ze vorige jaar ondertekenden in New York waar te maken, en om hieromtrent concrete beleidsvoorstellen te doen, zoals het echt wereldwijd invoeren van een automatische uitwisseling van informatie over belastingplichtigen, het invoeren van standaarden voor rapportering over zakelijke financiële transacties, of het oprichten van een openbaar register van uiteindelijk economisch eigendom van activa in dergelijke jurisdicties.

Tine Destrooper is Uitvoerend Directeur van het Centrum voor Mensenrechten aan New York University en werkt hoofdzakelijk rond vrouwenrechten, intersectionaliteit en sociale bewegingen en doet onderzoek naar de impact van sociaal-economische ongelijkheid op de rechten van kwetsbare groepen.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • onderzoeker CHRGJ en Wissenschaftskolleg

    Tine Destrooper is onderzoeker aan het Centrum voor Mensenrechten aan New York University (CHRGJ) en aan het Wissenschaftskolleg Berlijn.