Extreem weer geselt Latijns-Amerika

Droogte en hevige branden, tropische stormen en overstromingen; Latijns-Amerika was de afgelopen maanden het apocalyptisch podium van de klimaatverandering. In navolging van Internationale Waterdag kijken we naar de uitdagingen voor dit enorme biodiverse continent, dat essentieel is in de strijd tegen de opwarming van de aarde.

  • © Uriel Montúfar Het Poopó meer is volledig uitgedroogd © Uriel Montúfar
  • © Uriel Montúfar Het Poopó meer is volledig uitgedroogd. © Uriel Montúfar
  • © Uriel Montúfar Maar weinig mensen wonen nog bij het uitgedroogde Poopó meer. © Uriel Montúfar
  • © Uriel Montúfar Maar weinig mensen wonen nog bij het uitgedroogde Poopó meer. © Uriel Montúfar
  • © Uriel Montúfar Het uitgedroogde Uru Uru meer. © Uriel Montúfar
  • © Javier Perugachi De Illimani en La Paz, Bolivia. © Javier Perugachi
  • © Javier Perugachi Het Titicacameer aan Boliviaanse kant. © Javier Perugachi
  • © Javier Perugachi de buitenwijken van Lima, gekenmerkt door een woestijnachtig klimaat. © Javier Perugachi
  • © Uriel Montúfar Maar weinig mensen wonen nog bij het uitgedroogde Poopó meer. © Uriel Montúfar

De klimaatverandering slaat toe in Latijns-Amerika. De gevolgen zijn steeds meer zichtbaar, net als in Azië en Afrika.

Guatemalteekse gemeenschappen verloren de laatste jaren als gevolg van de droogte vijftig tot negentig procent van hun oogst, waardoor veel landbouwers zich verplicht zagen te vluchten naar de Verenigde Staten.

Eind vorig jaar beleefde Bolivia de zwaarste droogte in vijfentwintig jaar, met grote gevolgen op het platteland. President Evo Morales riep de noodtoestand uit. Ook in de steden La Paz en El Alto moest een derde van de bevolking met water bevoorraad worden door tankwagens.

Chili begon het jaar met de grootste bosbranden in vijftig jaar. Elf mensen kwamen om het leven en duizenden werden geëvacueerd. Dorpen, wijngaarden, bossen en landbouwgronden werden verwoest door de vlammen.

Zware regenval en verwoestende overstromingen teisteren sinds eind januari de kuststreken van Peru en Ecuador. Vooral Peru is er erg aan toe. Na een periode van extreme droogte vorig jaar beleeft Peru een lokale versie van het El Niño weerfenomeen: El Niño costero, of El Niño van de kust.

Dr. Simon Cook, hoofddocent fysische geografie aan de Manchester Metropolitan University, legt uit dat de effecten van klimaatverandering niet uniform zijn over tijd en ruimte. Op veel plaatsen worden de weercondities extremer. Daarom kunnen er volgens Cook tijdens de regenseizoenen intensere overstromingen plaatsvinden en kan het droge seizoen veel langer duren.

El Niño, La Niña, El Niño costero

Het weerfenomeen El Niño zorgt voor opwarming van het zeewater in het oostelijk deel van de Stille Oceaan, met effecten op het weer in grote delen van de wereld. La Niña brengt dan weer afkoeling van het water met zich mee.

Wanneer de opwarming van het zeewater alleen plaatsvindt in de kuststreek van Peru en Ecuador beperken de stormregens zich tot deze gebieden. Peruaanse experten van het Comité Nationale Studies van El Niño (ENFEN) noemen deze situatie El Niño costero.

De temperatuurstijging van het zeewater eind vorig jaar aan de kust van Peru en Ecuador was het gevolg van een wind afkomstig uit Centraal-Amerika. Die zorgde voor de verplaatsing van warm water naar het zuiden.

Volgens het Peruaans Centrum van Nationale Noodsituaties (COEN) zijn er tot nu toe 75 doden, 20 vermisten en 100.000 getroffenen als gevolg van El Niño costero. Meer dan 70.000 mensen verloren hun huis. In 811 steden is de noodsituatie afgekondigd.

Vooral de provincies Tumbes, Piura, Lambayeque, La Libertad, Cajamarca en Ica zijn zwaar getroffen. Ook de hoofdstad Lima, die normaal een woestijnklimaat heeft, is zwaar getroffen.

© Javier Perugachi

de buitenwijken van Lima, gekenmerkt door een woestijnachtig klimaat.

Lima zat een tijdlang zonder water, waardoor de inwoners van de hoofdstad gealarmeerd het flessenwater opkochten in de supermarkten. Ook bij de fonteinen in het centrum schoven mensen aan voor water.

De beelden van Evangelina Chamorro Diaz, die uit de modder stapt na een landverschuiving, gingen de wereld rond. Deze beelden kunnen onderdeel zijn van een verzameling iconisch beeldmateriaal voor jongere generaties over hoe wij tekort schoten om de klimaatverandering tegen te gaan.

Wetenschappers, columnisten en de politiek bekritiseerden de slechte voorbereidingen van het Zuid-Amerikaanse land op noodsituaties en klimaatverandering.

De voormalige presidentskandidate Veronika Mendoza sprak zich via sociale media uit over het gebrek aan planning : ‘Daarom hebben we zoveel nadruk gelegd op een woord dat de traditionele politiek haat: planning. We weten dat El Niño costero om de zoveel tijd langskomt. We weten dat we een land zijn dat kwetsbaar is voor klimaatverandering. We hadden ons beter moeten voorbereiden.’

De Peruaanse president Pedro Pablo Kuczynski (PPK) zei in een interview met CNN Español dat de huidige situatie het gevolg is van de klimaatverandering.

De president noemt wat er in Peru gebeurt een voorbode van wat er in Miami, New York en Azië zal gebeuren met de orkanen en overstromingen van dienst. ‘Dit is een globaal probleem. Peru vormt hier deel van, Peru was een experiment net als andere landen, maar we moeten allemaal samenwerken’, aldus Kuczynski.

De Latijns-Amerikaanse landen Chili, Colombia, Ecuador, Venezuela, en ook de Verenigde Staten, stuurden reddingswerkers en humanitaire hulp. De Europese Commissie maakte 250.000 euro noodhulp vrij voor de getroffen gebieden.

De inheemse bevolking als voorlopers en bewaarders van het klimaat

Ook in Peru organiseerden de mensen zich meteen om de getroffenen te helpen.

Maar een opmerking van een sociale organisatie toonde het grotere plaatje: ‘De landbouwers van Cajamarca waarschuwen ons al jaren mee te vechten voor het water, maar onverschillig Lima gaf er geen aandacht aan.’

De Facebook-post verwijst naar het lokale verzet tegen mijnbouwbedrijf Yanacocha in de Noord-Peruaanse Andes. De bouw van de Conga-mijn bedreigt er de meren en waterbronnen waar de gemeenschappen van leven.

De lokale inheemse gemeenschappen waren de eerste klimaatactivisten.

De ontginning van grondstoffen vervuilt in heel het continent waterbronnen. De directe slachtoffers zijn de lokale, vaak inheemse, gemeenschappen. Zij waren de eerste klimaatactivisten, nog voor de verschillende internationale conferenties mensen op de been brachten.

Daniel Macmillen Voskoboynik is klimaatactivist en journalist rond ecologische thema’s, migratie en mensenrechten. Hij vindt het verontrustend dat de Latijns-Amerikaanse staten de laatste twee decennia hebben ingezet op ontginningsmodellen. Dat heeft de weerstand van ecosystemen verzwakt, waterbronnen uitgeput, en het risico op extreme weersituaties verhoogd. Argentinië is volgens de milieuactivist een duidelijk voorbeeld van hoe de ontbossing voor industriële sojalandbouw een substantiële toename in overstromingen teweeg heeft gebracht.

© Uriel Montúfar

Maar weinig inwoners wonen nog bij het uitgedroogde Poopó meer.

‘Om een grote transformatie teweeg te brengen moeten we leren van de landelijke en inheemse gemeenschappen in Latijns-Amerika. Zij hebben een duurzame manier van leven, het buen vivir of het goede leven.’

Ook volgens Montúfar is het belangrijk dat we beleid en projecten ontwikkelen die de natuur beschermen en de wijsheid van de pueblos ancestrares, de voorouderlijke volken, in rekening nemen.

Niet voor niets stellen de VN dat het respecteren van landrechten van de inheemse volken van cruciaal belang zal zijn om de strijd tegen de klimaatverandering te winnen.

‘We weten dat het toebedelen van landrechten aan de gemeenschappen de beste manier is om ontbossing tegen te gaan. Bosconcessies voor gemeenschappen in Guatemala hebben de voorbije twintig jaar bijna volledige ontbossing van het land kunnen vermijden.’

Dit neemt niet weg dat tijdens de periode 2000-2010 de commerciële landbouw bijna zeventig procent van de ontbossing van Latijns-Amerika veroorzaakte. Costa Rica is de uitzondering. Het Centraal-Amerikaanse land had 75 procent bebost gebied in 1940. Dit daalde naar 21 procent in 1987. Ondertussen heeft Costa Rica terug 50 procent bosgebied, dat zich vooral in beschermde zones bevindt.

Voskoboynik zegt dat er veel voorbeelden zijn van gemeenschappen die agro-ecologische alternatieven gebruiken. Maar Latijns-Amerikaanse landen leiden volgens de activist ook de weg in de overstap naar hernieuwbare energie. Latijns-Amerikaanse steden, als Villamontes in Bolivia en Medellin in Colombia, hebben een beleid dat aanpassing aan de klimaatverandering en ecologische stedelijke transformaties aanmoedigt.

Smeltende gletsjers in Bolivia

Cook legt uit dat in Bolivia de gletsjers snel aan het krimpen zijn, waardoor een belangrijke deel van de watervoorziening verdwijnt.

Volgens de beschikbare data is er in Bolivia nog geen sprake van klimaatvluchtelingen, maar wordt er voorspeld dat dit een probleem zal zijn in de toekomst.

Cook legt uit dat er in Bolivia wel een trend is van migratie van landelijke naar stedelijke gebieden. Steden als El Alto en La Paz blijven groeien. ‘Deze steden zijn voor 15-30 procent afhankelijk van het smeltwater van gletsjers.’ ‘De gletsjers zijn aan het verdwijnen, waardoor de duurzaamheid van de watervoorziening in het gedrang komt’, aldus Cook.

© Javier Perugachi

De Illimani en La Paz, Bolivia.

‘De gletsjers zijn aan het verdwijnen, waardoor de duurzaamheid van watervoorziening in gedrang komt.’

Een verdere druk op de gletsjer zal effect zal hebben in de grote steden die gedeeltelijk voor hun drinkwater afhangen van het glaciale smeltwater. Ook landelijke gemeenschappen rekenen tijdens de droge periodes op het smeltwater voor hun drinkwater, irrigatie van gewassen en onderhoud van vee.

Het rapport Glacier change and glacial lake outburst flood risk in the Bolivian Andes, waar Cook hoofdauteur van is, stelde vast dat de oppervlakte aan gletsjers in de Boliviaanse Cordillera Occidental met 43,1 procent afnam tijdens de periode 1986-2014.

Titicaca, Uru Uru, Poopo

Titicaca, het hoogste bevaarbare meer van de wereld en een toeristisch hoogtepunt, staat symbool voor de toestand van de watervoorzieningen in de Andes. Internationale en nationale media berichtten over de vervuiling en de zorgwekkend lage stand van het waterniveau.

© Javier Perugachi

Het Titicacameer aan Boliviaanse kant.

In januari vorig jaar kwamen Bolivia en Peru overeen 40 miljoen dollar te besteden om het Titicacameer te saneren en de impact van de klimaatopwarming te bestrijden.

De socioloog en fotograaf Uriel Montúfar van het project WañaPacha (Droge Aarde), een sensibilisatieproject over de gevolgen van de klimaatverandering in de Andes, benadrukt dat de Andes heel kwetsbaar is.

© Uriel Montúfar

Maar weinig mensen wonen nog bij het uitgedroogde Poopó meer.

Montúfar legt uit dat vooral die delen van het meer in de nabijheid van steden, zoals de baai van Puno, zich in een slechte staat bevinden. ‘Het meer bevat zware metalen van de mijnbouw, en de klimaatopwarming versnelt het proces van opdroging.’

‘Het Titicaca-meer geeft water en leven aan heel de Peruaanse en Boliviaanse hoogvlakte en is heel kwetsbaar.’

‘Deze situatie is ernstig’, zegt Montúfar. ‘Het meer geeft water en leven aan heel de Peruaanse en Boliviaanse hoogvlakte en is heel kwetsbaar.

‘We mogen niet vergeten dat het Poopó-meer in Bolivia in enkele jaren volledig uitdroogde.’

In lokale media lezen we dat meerdere meren in de hoogvlakte van Peru en Bolivia hetzelfde lot toebedeeld zijn. In Bolivia droogden de voorbije jaren de Poopó- en Uru Uru meren uit als gevolg van de klimaatverandering en slechte omgang met het water in mijnbouw en landbouw. Afval in het meer en het gebrek aan acties om de vervuiling tegen te gaan verergeren de situatie nog.

Volgens Montúfar bestaan er wel programma’s om de effecten van de klimaatverandering tegen te gaan, maar houden ze geen rekening met de kennis van de inheemse volken.

© Uriel Montúfar

Maar weinig mensen wonen nog bij het uitgedroogde Poopó meer.

‘De programma’s zijn soms moeilijk uit te voeren omdat ze tegenstrijdig zijn met de ontwikkelingsmodellen van de plaatselijke bewoners. In Lima zien ze de aarde en water als handelswaar, terwijl het voor de lokale bewoners deel uitmaakt van de natuur, die leven bezit en geeft’, aldus Montúfar.

De informatie en campagnes van de staat zijn volgens Montúfar bovendien vaak in een technische taal en vanuit een ontginningslogica opgesteld. Ook officiële studies in handen krijgen is moeilijk. De studies bestaan wel, maar de inwoners hebben er moeilijk toegang tot als gevolg van de bureaucratie.

De long van de aarde

Het Amazonewoud in Latijns-Amerika produceert een vijfde van onze wereldwijde zuurstof.

Het Amazonewoud in Latijns-Amerika produceert een vijfde van onze wereldwijde zuurstof.

Voskoboynik legt uit dat de Amazone een cruciale rol speelt in het stabiliseren van het globale klimaat. ‘De Amazone is ook thuis voor duizenden gemeenschappen en ecosystemen, een bron van leven’, vult hij aan.

Voskoboynik betreurt dat na jaren van afnemende ontbossing in de Amazone de destructie afgelopen jaar terug met 29 procent is gestegen.’

De activist legt uit dat president Temer in Brazilië weinig hoop biedt: ‘Hij heeft milieuwetgeving afgeschaft, de landrechten van inheemse gemeenschappen afgeschaft en de budgetten voor instanties verantwoordelijk voor de bescherming van het milieu verminderd. Temer wil nu zelfs de Amazone openen voor grote mijnbouw- en agro-bedrijven. De landbouwlobby, een van de grootste verantwoordelijken van de ontbossing, heeft een nog grotere invloed gekregen in de politieke sfeer’, aldus Voskoboynik.

Slecht nieuws goed nieuws

Het slechte nieuws is volgens Voskoboynik dat ‘de impact van de klimaatverandering zwaar op Latijns-Amerika en de meest kwetsbare bevolking weegt.’

De Verenigde Naties berekenden dat de impact van de klimaatopwarming in Latijns-Amerika honderdduizenden miljoenen dollar kan kosten tegen 2050.

Voskoboynik legt uit dat Latijns-Amerika een van de meest ongelijke gebieden wereldwijd is en daarom een unieke uitdaging vormt als het op klimaatveranderingen aankomt. Hij benadrukt dat de klimaatverandering de al bestaande schaarste in de gemeenschappen kan verergeren.

Voskoboynik noemt dit “veelvoudige onrechtvaardigheid”. ‘Of een overstroming een ramp of enkel financieel ongemak veroorzaakt, hangt af van de sociale rang van de getroffenen.’

De mogelijkheid van de Kuna gemeenschappen in de San Blas-archipel in Panama om zich aan te passen aan de stijgende zeespiegel is bijvoorbeeld helemaal anders dan die bij de gegoede hoge klassen van stedelijk Sao Paulo.

Het goede nieuws? ‘Mensen in heel de regio komen op voor hun rechten, hun land en hun levenswijze.

Het goede nieuws? ‘Mensen in heel de regio komen op voor hun rechten, hun land en hun levenswijze’, aldus Voskoboynik.

Recent stemde 98 procent van de geregistreerde stemmers in een referendum in Cinquera, in El Salvador, tegen nieuwe mijnprojecten. Zo werd het gebied het vijfde territorium zonder mijnbouw in het land. En gemeenschappen in Putumayo, in de Colombiaanse Amazone, hebben succesvol petroleumprojecten op hun land uitgesteld.

‘Deze weerstand toont dat er hoop is. Het bewijst dat gemeenschappen en burgers kunnen samenwerken aan ontwikkelingsmodellen die niet destructief en vervuilend zijn, die niet de rechten van gemeenschappen met de voeten treden’, aldus Voskoboynik.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift