Libanon, twee jaar na de massale protesten

Een revolutie, maar wat dan? ‘We vechten met een zeskoppig monster’

Roman Deckert / Wikimedia (CC BY-SA 4.0)

Protesten in Tyre, Libanon. ‘De periferie vuurde de protesten aan.’

Een revolutie tegen een corrupte, uitgeholde staat is één zaak, maar wat blijft daar nadien van over? MO* trok naar Beiroet en sprak er met enkele politieke activisten over de revolutie van twee jaar geleden. De Libanezen kwamen er toen de straat op tegen de corruptie, het sektaire regime en de sociale ongelijkheid. 'Dit systeem is al dertig jaar verrot, we kunnen het niet van de ene op de andere dag veranderen. Maar veranderen zal het.’

Het was 17 oktober rond zes uur ‘s avonds. Enkele tientallen activisten hadden verzameld op het Riad Al Solh-plein, in het centrum van hoofdstad Beiroet. Eerder die dag had de regering van premier Saad Hariri belastinghervormingen goedgekeurd, en daar protesteerden de actievoerders tegen. Vooral de belasting op het gebruik van de populaire chatapp WhatsApp lokte verontwaardigde reacties uit. We schrijven 2019, Libanon.

‘Die donderdag kwamen we op straat’, vertelt Aline Fleihan. ‘Eerst waren we met dezelfde vijftig activisten die je op elk protest vindt, en die elke keer in elkaar geslagen worden door de politie’, schertst ze. Fleihan is een van de oprichters van Li Haqqi, een progressieve politieke organisatie die opkomt in het kiesdistrict Chouf-Aley.

Maar plots ging het snel, die donderdagavond. Enkele uren later zag het Martelarenplein, het centrale plein in de binnenstad van Beiroet, zwart van het volk.

De WhatsApp-belasting was de spreekwoordelijke druppel voor de Libanezen. ‘In de dagen voor 17 oktober werd Libanon geteisterd door zware natuurbranden’, vertelt Nay El Rahi, een activiste bij Li Haqqi. ‘Het was een puinhoop. Mensen werden levend verbrand en zagen hun eigendommen letterlijk in rook opgaan. Iedereen zag de incompetentie van het regime.’ De natuurbranden en de economische crisis die toen dreigde deden de woede borrelen, en die barstte finaal uit op 17 oktober.

‘Het was de meest spontane opstand denkbaar’, vertelt journalist, onderzoeker en podcastmaker Nizar Hassan. ‘In een paar uur kwam iedereen in het hele land op straat. De volgende ochtend was er de facto een algemene staking, het land was ontregeld.’ Hassan was vroeger ook erg actief bij Li Haqqi.

Wanneer deze activisten over de revolutie vertellen, beginnen hun ogen te blinken. ‘Nooit, zelfs niet in mijn wildste dromen, had ik kunnen hopen dat onze actie massale protesten zouden kunnen ontketenen’, zegt activiste El Rahi.

Jessica Wahab / Wikimedia (CC BY-SA 4.0)

‘De eerste dagen van de revolutie waren erg emotioneel voor mij’, herinnert Jean Kassir zich.

Militieleiders werden ministers

‘De eerste dagen van de revolutie waren erg emotioneel voor mij’, herinnert Jean Kassir zich. Hij volgde de revolutie vanaf het eerste moment als journalist en medeoprichter van het onafhankelijke medium Megaphone News. ‘Er heerste een gevoel algemene euforie en hoop.’ Dag na dag scandeerden duizenden demonstranten slogans als ‘killun jani killun’, Arabisch voor ‘allemaal betekent allemaal’, om aan te geven dat elk lid van de heersende klasse voor hen medeplichtig is aan de slechte staat van het land.

‘Het sektarische systeem bepaalt welke waarden en normen je kan koesteren, op wie je verliefd kan worden, waar je kan wonen, met wie je kan trouwen…’

Het huidige Libanese staatsbestel is ‘een zeskoppig monster’, zo noemt Samer Makarem het. Makarem heeft zich aangesloten bij Mintesheen, een jonge politieke partij die ontstond uit een groep activisten die samenkwam tijdens de revolutie in 2019. En met dat ‘zeskoppig monster’ verwijst hij naar de zes machtigste politieke figuren die aan de macht zijn sinds het eind van de burgeroorlog (1975-1990, red.).

Die burgeroorlog eindigde met een nieuwe verdeling van de macht tussen de verschillende sektarische groepen, officieel vastgelegd in het vredesakkoord van Taif in 1989. De voorzitter van het parlement is daardoor altijd een sjiitische moslim, de eerste minister een soennitische moslim en de president een maronitische christen.

Fien Portier (CC BY-NC 4.0)

Samer Makarem van Minteshreen: ‘in de huidige crisis worden stemmen gekocht met medicijnen of schoolgeld.’

Na het akkoord ruilden de voormalige militieleiders hun militaire uniformen voor ministerposten. De nieuwe politieke elite ontwikkelde een uitgebreide netwerken van politieke klantenbinding, elk voor zijn eigen religieuze gemeenschap. Het gevolg was dat burgers afhankelijk werden van deze leiders voor het vinden van een baan of zelfs van een basisdienst als medische zorgen in een ziekenhuis.

‘Het sektarische systeem heeft niet alleen op economisch en politiek vlak onaangename gevolgen’, legt activiste El Rahi uit. ‘Het bepaalt welke waarden en normen je kan koesteren, op wie je verliefd kan worden, waar je kan wonen, met wie je kan trouwen… Alles in dit systeem bevordert verdeeldheid en sociale ongelijkheid.’

Maar tijdens de revolutie leken sektarische scheidingslijnen niet meer van belang: christenen, moslims en druzen vonden elkaar in een gemeenschappelijke onvrede met het huidige systeem. Kassir: ‘Deze revolutie bracht Libanezen samen over sektarische en regionale grenzen heen. Beiroet was niet langer het centrum, de periferie vuurde de opstanden aan.’

Op 29 oktober 2019, na bijna twee weken van intense opstanden, kondigt de regering haar ontslag aan. De professor Hassan Diab, volgt Saad Hariri op als premier en stelde een regering van technocraten samen. De economische crisis vormde de grootste uitdaging voor de nieuwe regering. ‘Zijn oplossing voor de crisis was… helemaal niets doen’, spot Nizar Hassan. ‘We hadden krachtige wetten nodig die uitstroom van buitenlandse valuta verhinderen om de economische crisis tegen te gaan. De regering van Hassan Diab heeft het revolutionair momentum geneutraliseerd, dat is het enige waar ze in geslaagd is.’

Christenen, moslims en druzen vonden elkaar in een gemeenschappelijke onvrede met het huidige systeem.

‘En toen bliezen ze onze hoofdstad op.’ Zo beschrijft Nizar Hassan de verwoestende explosie op 4 augustus 2020 die grote delen van Beiroet in puin legde. ‘We beseften plots dat onze levens niets waard zijn in dit land.’ Na de explosie nam de regering van Hassan Diab ontslag.

1 uur en 4 minuten werken voor een brood

Vandaag, exact twee jaar na de eerste protesten in Beiroet, is de sfeer grimmiger dan ooit. Libanon kampt met wat de Wereldbank onlangs ‘een van ‘s werelds zwaarste economische meltdowns in de afgelopen 150 jaar’ noemde. Een tandem van politieke en economische elites hield, dertig jaar lang, een neoliberale economie in stand die gericht was op de dienstensector en de financiële sector.

‘Na de burgeroorlog werd de steenrijke Rafik Hariri, de vader van Saad Hariri, aangesteld om het land opnieuw op te bouwen’, vertelt Rania Masri van Mouwatinoun wa Mouwatinat fi Dawla (MMFD, Arabisch voor ‘burgers in de staat’). MMFD is een seculiere partij die streeft naar een democratische, civiele Libanese staat. ‘Het enige wat Hariri opgebouwd heeft, is zijn eigen fortuin. Onder zijn leiding duwde zijn regering het land in gigantische schulden in buitenlandse valuta. Ze verhinderde ook alle investeringen in een productieve economie.’

Fien Portier (CC BY-NC 4.0)

Rania Masri van MMFD.

Inhalige politici en zakenmensen dragen de schuld voor de huidige situatie maar ook de EU en Frankrijk, de voormalige kolonisator, gaan niet vrijuit. ‘Donorconferenties in Parijs hielden een disfunctioneel economisch systeem in leven en financierden een corrupte elite’, zegt Hussein El Achi, een van de medeoprichters van Minteshreen.

Intussen kampt het land met een hyperinflatie, die de prijzen de hoogte injaagt. Maar de lonen werden niet geïndexeerd. Libanezen die in Libanese pond betaald worden, zagen hun koopkracht kelderen. Een arbeider die werkt aan het officiële minimumloon moet 1 uur en 4 minuten werken om een groot pak brood te kopen, zo berekende de Libanese krant L’ Orient-Le Jour.

Maar ook voor een Libanese arbeider die meer dan tweemaal het minimumloon verdient, is het leven onbetaalbaar. Een fles Pepsi van twee liter kost hem 1 uur en 16 minuten werken. Ter vergelijking: de gemiddelde arbeider in Duitsland werkt 3,6 minuten voor diezelfde fles Pepsi.

Vandaag zijn de straten in Beiroet leeg. Enkel wat graffiti hier en daar herinnert aan de massaprotesten van twee jaar geleden. Langzaamaan verdwenen de mensenmassa’s en de wegversperringen, en daarmee ook het revolutionair optimisme.

‘Het regime brengt dit land naar de rand van de afgrond’, zegt journalist en podcastmaker Hassan. ‘De meeste Libanezen hebben niet langer het geld of de mentale kracht om nog politiek actief te zijn.’ Hij zucht. ‘Dit is ons absolute dieptepunt. Het is precies het tegenovergestelde van de euforie en empowerment tijdens de revolutie. We zijn vernederd en arm.’

'We zijn vernederd en arm'

Fien Portier (CC BY-NC 4.0)

Een vuist met het woord “thawra”, Arabisch voor “revolutie”, in Baakline, Chouf regio. Het revolutionaire teken wordt verwaarloosd en niemand komt nog samen in de tent.

‘Een geraamte, een staat enkel in naam’, zo beschreef collega-journalist Peter Speetjens Libanon nog in een recent artikel voor MO*. Maar zelfs binnen dat geraamte blijven activisten vechten voor een betere toekomst voor hun land.

Tijdens de revolutie ontstonden heel wat nieuwe organisaties. De bestaande anti-establishmentgroepen zagen hun ledenaantal exponentieel groeien. Dit zijn niet alleen politieke partijen zoals Li Haqqi, MMFD en Minteshreen, maar ook studentenverenigingen, vakbonden en alternatieve mediaplatformen zoals Megaphone News. Dat laatste is een onafhankelijke stem in het medialandschap, dat traditioneel gedomineerd wordt door media met een sterk ideologische en vaak sektarische inslag.

De nieuwe media en organisaties delen de diagnose dat het huidige systeem ziek is. Maar hun oplossingen, strategieën en dromen voor de toekomst verschillen sterk.

Bij Minteshreen zijn de verwachtingen gespannen voor de parlementsverkiezingen in het voorjaar van 2022, de eerste verkiezingen sinds de revolutie. ‘Wij streven naar 10 onafhankelijke parlementsleden, over de oppositiegroepen heen.' Minteshreen-lid Makarem verduidelijkt dat streefdoel: ‘Op die manier kun je aanwezig zijn in alle parlementaire commissies. En een onafhankelijk blok kan ook in beroep gaan tegen beslissingen bij de Grondwettelijke Raad.’

Bij de parlementsverkiezingen van 2018 haalde een coalitie van onafhankelijke groepen slechts vier procent van de stemmen. En 1 kandidaat won een zetel in het parlement.

Bij de progressieve politieke organisatie Li zijn ze terughoudender. ‘Voor ons zijn verkiezingen geen doel op zich, maar een open project, een open confrontatie met het regime’, zegt medeoprichtster Aline Fleihan. Li Haqqi-activiste Nay El Rahi vult aan: ‘Te midden van deze economisch crisis zijn verkiezingen de speeltuin van de elite.’

Bij vorige verkiezingen vertrouwden Libanese politici op een dubbele tactiek van omkoping en dreigementen om stemmen te ronselen. Libanezen kunnen amper rekenen op staatssteun als ze in financiële problemen zitten. Politieke partijen zien tijdens verkiezingscampagnes hun kans om het volk eraan te herinneren dat ze van hen afhankelijk zijn. ‘In de huidige crisis worden stemmen gekocht met medicijnen of met schoolgeld,’ vertelt Minteshreen-lid Makarem.

Fien Portier (CC BY-NC 4.0)

Aline Fleihan en Nay El Rahi van Li Haqqi: ‘Dit systeem is al 30 jaar verrot, we kunnen het niet van de ene op de andere dag veranderen maar het zal veranderen’

‘Verkiezingen zijn een belangrijk gevecht’, vertelt Jean Kassir. ‘Maar ze zijn slechts een van de frontlinies waarop we actief moeten zijn. In 2022 zullen verkiezingen niet leiden tot een regimewissel of radicale verandering.’

Opnieuw ruimte voor het middenveld

‘De situatie vandaag is ongelofelijk frustrerend. Het is moeilijk om hoopvol te blijven.'

Ook in vakbonden en andere organisaties uit het middenveld domineren de heersende elites, om zo elke vorm van oppositie van onderuit de kiem in te smoren. Zo verklaarde recent nog Bassel Salloukh, professor in Politieke Wetenschappen aan de Libanees-Amerikaanse Universiteit, in Al Jazeera.

Maar in de Orde van Ingenieurs en Architecten won eind juni wel een coalitie van onafhankelijke kandidaten, gesteund door onder andere MMFD, Li Haqqi en Minteshreen een overweldigende meerderheid in de raad van bestuur. Terwijl die de voorbije dertig jaar in de greep van gevestigde partijen was.

Ruimte voor het middenveld is belangrijk, benadrukt Rania Masri van MMFD. 'Grote vakbonden hebben politiek en financieel gewicht, dat ze in de schaal kunnen leggen tijdens de onderhandelingen met bankiers. Momenteel hebben private banken vrij spel. Goed georganiseerde vakbonden kunnen op termijn druk uitoefenen.’

Volgens Jean Kassir zijn niet alleen politieke partijen of onafhankelijke syndicaten belangrijk in het trage proces van systemische verandering, ook de media spelen een cruciale rol. ‘Wij moeten de misdaden van het regime tonen, hun leugens deconstrueren en hun discours doorprikken. Megaphone is een mediaplatform maar draagt op zijn manier ook bij aan het ecosysteem dat nodig is om een revolutionair moment te doen slagen.’

Hoopvol tegen beter weten in

‘De situatie vandaag is ongelofelijk frustrerend,' vertelt Aline Fleihan, 'en het is moeilijk om hoopvol te blijven. Iedereen die kan, heeft het land verlaten. Wie blijft, is te moedeloos en te depressief om nog politiek actief te zijn.'

‘Maar we zien ook vooruitgang. Eerst de verkiezingen in 2018, waarbij Li Haqqi relatief goed scoorde. Dan de revolutie, en de verkiezingen in de Orde van de Ingenieurs… Dit systeem is al dertig jaar verrot, we kunnen het niet van de ene op de andere dag veranderen. Maar veranderen zal het, en dat zal tijd kosten.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift