Dossier: 

Rana Plaza: kroniek van een aangekondigde compensatie

30 miljoen dollar. Dat is het minimumbedrag dat volgens internationale richtlijnen aan de overlevenden en nabestaanden van Rana Plaza toebehoort. Na meer dan twee jaar wachten, liepen maandag de laatste miljoenen binnen in het Rana Plaza Compensatiefonds. En dat hebben de slachtoffers aan niemand minder dan Angela Merkel te danken. ‘De Belgische regering zou hier beter een voorbeeld aan nemen’, zegt Sara Ceustermans van de Schone Klerencampagne.

© Hasan Ashraf

De slachtoffers van de ramp krijgen na meer dan twee jaar de vergoeding waar ze recht op hebben. ‘Schandalig dat het zo lang heeft aangesleept.’

‘Eindelijk’, zegt Sara Ceustermans, die de Vlaamse afdeling van de Internationale Schone Klerencampagne coördineert. ‘Dat is hét woord dat benadrukt moet worden. We zijn in de wolken, maar hebben hier dan ook zeer lang op moeten wachten.’

Op 24 april 2013 werd Rana Plaza, een textielfabriek aan de rand van de Bengalese hoofdstad Dhaka, tot puin herleid. Hoewel er de dag voordien al barsten te zien waren in de muren, dwong Sohel Rana, de fabrieksbaas die de strikte deadlines van de kledingmerken voor wie hij produceert niet durfde te overschrijden, zijn arbeiders om ’s anderendaags te komen werken. Kroniek van een aangekondigde catastrofe: 1138 doden en dubbel zoveel gewonden werd de trieste balans.

De ramp bracht heel wat wanpraktijken van grote kledingmerken onder de aandacht. Maar pas afgelopen maandag (8 juni 2015) werd genoeg geld ingezameld om de slachtoffers van een billijke vergoeding te voorzien.

Van 40 naar 30 miljoen dollar

Ettelijke maanden na de instorting, in oktober 2013, werd het Rana Plaza Coördinatie Comité opgericht, volgens Ben Vanpeperstraete ‘een uniek collectief van alle belanghebbenden op één lijn’.

‘Elke stakeholder zet druk vanuit zijn eigen perspectief, maar volgt hierin een gemeenschappelijke methodiek’, aldus Vanpeperstraete, die in het verleden de Schone Klerencampagne coördineerde en nu werkt bij IndustriALL, een wereldvakbond die textielarbeiders verenigt. Samen met andere actoren, waaronder de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO), die als neutrale instantie het voorzitterschap op zich nam, en de overheid van Bangladesh, riep de vakbondsorganisatie in januari 2014 het Rana Plaza Compensatiefonds in het leven.

Aanvankelijk werd geoordeeld dat de slachtoffers van de ramp recht hadden op 40 miljoen dollar. Op het einde van datzelfde jaar werd dat bedrag met 10 miljoen dollar verlaagd. ‘Dat was een initiële schatting’, zegt Srinivas Reddy, IAO-directeur in Bangladesh. ‘Op basis van het aantal claims dat we binnenkregen, konden we die herberekening maken.’

‘Hoewel er vijfduizend claims werden goedgekeurd, was dat minder dan voorzien’, zegt Ceustermans. Vanpeperstraete vult aan dat ook het lage inkomen van de arbeiders er voor iets tussen zat: ‘Hun basissalaris, een van de componenten waarop die berekening steunt, hebben we serieus overschat.’

‘Je moet voor ogen houden dat het de eerste keer was dat er op een dergelijke schaal een fonds is opgericht’, voegt Dalia Hashad van Avaaz daar aan toe. ‘Voor het eerst bemiddelden de Verenigde Naties bij de oprichting van een vergoedingsmechanisme. Dat is een overwinning op zich, het begin van tastbare structurele verandering.’

© Sarah Vandoorne

Benetton was de laatste grote kledingketen betrokken bij de ramp die nog niet had gedoneerd. Uiteindelijk waren het niet de protesten van de Schone Klerencampagne (foto) maar de hartverwarmende oproepen van één miljoen Avaaz-leden die het merk over de streep trokken.

Rolmodel

‘Met het Rana Plaza Compensatiefonds is een precedent geschapen, een concrete methode’, duidt Vanpeperstraete. ‘In de toekomst moeten we niet meer dezelfde discussie voeren; we kunnen gewoon kopiëren en plakken.’

Dat gebeurt momenteel in de discussie rond de brand in de Tazreen-fabriek, een ramp die Bangladesh in zijn greep hield vijf maanden voor de instorting van Rana Plaza.

In India wachten de slachtoffers van Bhopal al dertig jaar op een vergoeding

‘Tazreen heeft even aan de zijlijn gestaan omdat het dodentol bij Rana Plaza zo hoog lag. Nu het Compensatiefonds een succes is, wordt ook die discussie heropend’, aldus Vanpeperstraete. ‘Bangladesh heeft geen sociale zekerheid zoals in België, maar het heeft nu wel een prototype, al was het maar rond ongevallen op de werkvloer, en de politieke wil om dat systeem verder uit te bouwen.’

‘Voor ons is de volgende stap om op nationaal vlak een verzekeringsprogramma uit te bouwen’, zegt Reddy. ‘Zo willen we arbeiders bescherming garanderen, mocht er zich opnieuw een ramp voordoen.’

‘Die methodiek kan ook overgenomen worden door andere landen’, vindt Vanpeperstraete. ‘In India zijn de slachtoffers van Bhopal, de zwaarste industriële ramp ooit, na dertig jaar nog steeds aan het wachten op een vergoeding. Dat mag niet meer voorvallen.’

Minimum aan fondsen, maximale tijdspanne

Maar is het gerechtvaardigd om te spreken van een succes als slachtoffers er ruim twee jaar hebben op moeten wachten? ‘De nabestaanden konden niet verdergaan met hun leven’, zegt Ceustermans. ‘Bij gebrek aan middelen waren zij niet in staat iets anders op te bouwen.’

Ook het totaalbedrag dat het fonds heeft opgebracht, blijft een twistpunt.

‘De IAO heeft een internationaal aanvaarde methode gebruikt om tot dat bedrag te komen’, weet Ceustermans. ‘Voor de nabestaanden van dodelijke slachtoffers werd het inkomensverlies berekend. Bij overlevenden werd dit gecombineerd met de medische kosten van hun verwondingen. Het bedrag is dus correct.’

© Sharat Chowdhury

Reddingswerkers halen overlevenden uit het puin van Rana Plaza. ‘Mensen die zware letsels overgehouden hebben aan de ramp, zullen niet lang overleven op de vergoeding.’

Mensen met een beperking of een trauma zullen weinig hebben aan de minimumvergoeding die het Rana Plaza Compensatiefonds hen biedt

‘Maar geen enkele arbeider kan hier levenslang mee door’, zegt Phil Robertson van Human Rights Watch (HRW). ‘Het fonds is dus eerder bedoeld als een soort “transitie” naar een nieuwe job. Zware gewonden, die een beperking overgehouden hebben aan de ramp, zijn er allerminst mee geholpen.’

‘Hoe kan het ook genoeg zijn?’ vraagt Hashad zich af. ‘Laten we wel wezen: iedereen die betrokken is bij het fonds, weet dat het slechts over een minimumvergoeding gaat.’

‘Met geld koop je lang niet alles’, aldus Hashad. ‘Als je zo’n ramp overleeft, of er een familielid verloren bent, heb je namelijk niet alleen financiële bijstand nodig. Aan de emotionele gezondheid van de slachtoffers werd in dit proefmodel nog geen aandacht besteed, terwijl dat even belangrijk is als de fysieke letsels veroorzaakt door de instorting.’

‘Het gaat inderdaad om een minimum dat de IAO heeft berekend’, zegt Vanpeperstraete. ‘Het fonds heeft zijn plafond dus nog niet bereikt. Mocht er morgen een extra donatie komen van 15 miljoen dollar, zou dat niet zomaar opgaan aan champagne, maar kunnen we ook kijken naar de mentale gezondheid van de slachtoffers. Al is de kans klein dat dat zou voorvallen, gezien de lange termijn die er nodig was om het absolute minimum op te halen.’

Zeventig procent van dat minimum is inmiddels al vergoed. ‘Het mechanisme om de overige dertig procent van de vergoeding tot bij de slachtoffers krijgen, is intussen in gang gezet’, zegt Reddy. ‘Binnen een drietal weken zou het proces rond moeten zijn. Naderhand beginnen we dus ook na te denken om het fonds te sluiten.’

‘Logisch dat het nu snel zal gaan’, aldus Robertson. ‘Ze hebben tijd genoeg gehad om uit te zoeken wie waarop recht heeft.’

‘Het blijft ronduit schandalig dat dit zo lang heeft aangesleept’, vindt ook Vanpeperstraete. ‘Mocht er een G7-top met kledingbedrijven bestaan, hadden we die som op vijf minuten tijd.’

Duitsland verheft zijn stem, nu is het aan België

De echte G7-top, die op 7 en 8 juni doorging in het Duitse Beieren, heeft namelijk de doorslag gegeven in dit verhaal. Na politieke druk vanuit Duitsland werd de laatste kloof gedicht door een anonieme schenking van 2,4 miljoen dollar.

‘Waar dat geld dan precies vandaan komt, kunnen wij op dit moment niet zeggen’, aldus Vanpeperstraete. ‘In principe zijn alle donaties anoniem, tenzij de donor expliciet vraagt om het op de website te zetten. Meestal zijn diegenen die een groot bedrag storten, ook wel bereid om daarvoor uit te komen. Nu is dat niet het geval. Allicht omdat de rol van de G7 hierin zo groot is geweest.’

© Eugen Bittner (CC BY-ND 2.0)

Angela Merkel to the rescue. ‘Zij heeft echt leiderschap getoond.’

‘Angela Merkel heeft de verantwoordelijkheid op zich genomen’, legt Ceustermans uit. ‘Samen met de IAO en een aantal bedrijven heeft zij onderhandeld en uiteindelijk is de kwestie opgenomen op de agenda van de G7.’

‘De Groep stond achter het idee om samen met de IAO een “Vision Zero Fund” op te richten, waarmee ze vrijwillige bijdragen wilden ophalen om slachtoffers van rampen zoals Rana Plaza te vergoeden’, vult Vanpeperstraete aan. ‘Duitsland besefte dat het politiek een heel moeilijke opdracht zou zijn. Daarom is het niet ondenkbaar dat zij achter de schermen een heel aantal bedrijven hebben bereikt.’

‘Merkel heeft hierin echt leiderschap getoond’, meent Ceustermans. ‘In het verleden heeft Duitsland al conferenties georganiseerd over leefbaar loon. Onder de lidstaten van de Europese Unie heeft het een voortrekkersrol. Daar kan België nog wat van leren.’

‘Tot nog toe heeft België namelijk geen enkele uitspraak gedaan over het Bangladesh Akkoord en het Compensatiefonds’, aldus Ceustermans. ‘Zij hebben op geen enkel moment de druk opgevoerd naar de bedrijven toe.’

‘Nu lag het wellicht moeilijk om zich specifiek over het fonds uit te spreken, omdat geen enkel Belgisch bedrijf in Rana Plaza had geproduceerd,’ nuanceert de Schone Klerencampagne-coördinator, ‘maar zelfs een vrijblijvende oproep heeft onze regering niet gedaan.’

Intussen in Dhaka…

De Rana Plaza-saga is met het vullen van het Compensatiefonds echter nog niet afgelopen. Op 1 juni werd fabrieksbaas Sohel Rana, samen met veertig anderen, beschuldigd van moord wegens hun directe betrokkenheid bij de dood van de 1138 textielarbeiders.

‘Rana heeft de arbeiders gedwongen om te komen werken, hoewel hij zeer goed wist dat ze hierdoor in levensgevaar verkeerden’, zegt Robertson. ‘Hij moet ter verantwoording worden geroepen.’

Als hij schuldig wordt bevonden, hangt hem de doodstraf boven het hoofd, een straf waar Human Rights Watch niet mee zou kunnen leven. ‘Maar ik hoop wel dat hij de rest van zijn dagen achter tralies slijt’, aldus Robertson.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Freelance journalist

    Sarah Vandoorne is freelance journaliste, hispanologe, Latijns-Amerika-aficionada en – voor zover die term steek houdt – een rasechte Belgisch Britse Bengalese.