Gruwelijke terreur in Egypte

Waarom uitgerekend in de Egyptische Sinaï een moordende aanslag ?

De gruwelijke terreuraanslag in Sinaï van vorige week werd gekopt als de zwaarste van de hedendaagse Egyptische geschiedenis. De aanslag op de soefi-moskee werd niet opgeëist maar wordt toegedicht aan de lokale IS-groep. De vraag blijft echter waarom de aanslag in een ontvolkt gebied in Egypte plaatsvond.

© Gigi Ibrahim

Egyptische troepen in Sinaï, nabij Rafah,grensovergang met Gaza

Bij de extreem gewelddadige aanval tijdens het vrijdaggebed op de al-Rawda Moskee in Beir Al-Abed, een dorp in de Sinaï-regio, kwamen op 24 november maar liefst 305 mensen om en vielen tientallen gewonden. Wereldwijd opperden media dat het lokale IS-filiaal in Sinaï, Wilayat Sinai, waarschijnlijk achter de gruwelijke aanslag zit.

Deze groep zou, gelijktijdig met de opmars van IS in Irak en Syrië in 2014, profiteren van het machtsvacuüm dat al decennia heerst in het driehoekige schiereiland. Ze zou nu ook haar pijlen richten op de soefi’s, die net als de christelijke kopten die eerder werden geviseerd door de groep, afwijken van de leer en ideologie van IS.

Smokkelparadijs Sinaï
De Sinaï is een driehoekig schiereiland dat grenst aan de Middellandse Zee, de Golf van Akaba, de Rode Zee, de Golf van Suez en het Suezkanaal.

De woestijnregio vormt al jaar en dag een geostrategisch pijnpunt voor Egypte en Israël, net omdat het een belangrijk knooppunt is binnen smokkelroutes van en naar Libië, Soedan, Saoedi-Arabië… Voor de door Israël afgesloten Gazastrook is het een levensnoodzakelijke levensader. De Sinaï is immers via tunnels de enige verbinding van Gaza met de buitenwereld. en zo een belangrijke transitzone voor handelsgoederen en personen maar ook drugs en wapens.

Sinaï, voor ieder wat wils

Sinaï, ik wou er in 2012 naartoe. Toegegeven, ik zag de Egyptische woestijn niet als eindbestemming, wel als mijn poort naar Rafah, dat op zijn beurt de toegang tot Gaza kon betekenen. Wat een reportage over Gaza moest worden, werd echter een dossier over Sinaï, vanuit Caïro. Noodgedwongen, want de officiële Egyptische toestemming die ik nodig had voor de grensovergang van Rafah, kon ik op mijn buik schrijven. Sinaï zat immers potdicht na een reeks aanslagen op militaire posten, zowel Egyptische als Israëlische.

“Code Rood” geldt voor Sinaï, klonk het toen vanuit de Egyptische persdienst. ‘Sinaï vormt een complex probleem met vele vertakkingen.’ Zo ongeveer was het bijzonder vage antwoord van een persmedewerker op de vraag wat er nu precies aan de hand was. Veel meer uitleg dan dat viel er officieel niet te rapen.

Intussen werd duidelijk dat de groepen die achter de verschillende aanslagen zaten, niet noodzakelijk met elkaar verbonden waren. De ene wilde Egypte destabiliseren, de andere kwam eerder vanuit Palestijnse hoek en viseerde Israël. Uit gesprekken met experten nadien bleek dat ‘een complex probleem’ vooral gold als ‘een geopolitiek probleem.’ Sinaï was, door zijn geostrategische ligging, een plek waar veel belangen samenkwamen. En dat lijken ook de vele groepen die hier vandaag opereren, te hebben begrepen.

Wetteloosheid in lege woestijn

Een blik terug in de tijd is noodzakelijk voor een beter begrip van het strategische belang van Sinaï. In 1967, tijdens de zesdaagse oorlog, bezette Israël Sinaï. Zes jaar later vonden er hevige gevechten plaats toen Egypte de Jom Kippoer Oorlog tegen Israël startte.

Toen in 1979 Israël en Egypte een vredesakkoord ondertekenden, besliste Israël om Sinaï terug te geven aan Egypte. De teruggave, die in stukken en brokken verliep, was volledig voltooid in 1989. Maar, niet onbelangrijk, in het vredesakkoord, zo eiste Israël, werd ook opgetekend dat een structurele militaire aanwezigheid van de Egyptenaren beperkt zou worden.

Wat gold als een teruggave voor Egypte, gold niet als een retour van het gebied aan de oorspronkelijke bevolking: de Bedoeïenen. Die keken met lede ogen toe hoe hun regio verstoken bleef van ontwikkelingsprojecten die beloofd waren door de staat.

‘Grote gebieden in Sinaï, historisch in handen van de Bedoeïenen, werden met geweld ingenomen door Moebarak en zijn entourage: de zakenelites’

In de plaats kwamen megaprojecten voor toerisme, waar niet de lokale bevolking maar de elites van profiteerden, zegt Maher Hamoud, journalist en als onderzoeker verbonden aan de UGgent.

‘Grote gebieden in Sinaï, historisch in handen van de Bedoeïenen, werden in de jaren tachtig en negentig, met geweld ingenomen door Moebarak en zijn entourage: de zakenelites.’

Hamoud bevestigt wat ook de Bedoeïenleiders die ik in 2012 sprak, aanklaagden. ‘Caïro kijkt al decennia over ons heen’, vertelde Bedoeïen en bekende mensenrechtenactivist Mossad Aboe Fagr.

‘Sinds de jaren tachtig werden lokale leiders weggewerkt door het centrale bestuur. Wat we in de plaats kregen was geen bescherming door de veiligheidsdiensten. Integendeel, clanleiders die grip probeerden te krijgen op onze regio tegen criminele en terroristische netwerken werden repressief aangepakt door Egypte.’

Nochtans, voegt Hamoud daaraan toe, waren het net de Bedoeïenen die zich in de jaren negentig verzetten tegen radicale ideeën en geweld van teruggekeerde moedjahedien uit Afghanistan.

‘Sinaï bleef veilig en verstoken van het geweld en de radicalisering die je toen zag in Egypte. Dat veranderde in 2004, na de Taba-aanslagen (drie aanslagen op toeristische plekken in Sinaï, nvdr). Het veiligheidsapparaat van het Moebarakregime reageerde zeer repressief tegen de Bedoeïenen, die het vervolgde, martelde en zelfs vermoordde zonder enige vorm van proces.’

Een tweede, nog hardere, repressiegolf door het Egyptische leger volgde na een aanslag in 2014, opgeëist door Wilayat Sinai, waarbij 30 soldaten omkwamen.

Anti-IS-strategie voedt IS alleen maar

Volgens de Egyptische regering vecht het leger al drie jaar succesvol tegen de IS-gelieerde groep in Sinaï. In oktober 2014 werd, onder het presidentschap van generaal Sisi, de noodstoestand over de Sinaï-regio afgekondigd. De “succesvolle” militaire strategie is echter moeilijk te verifiëren wanneer onderzoekers en journalisten in een überhaupt al monddood gemaakt medialandschap geen toegang krijgen tot de regio of informatie. Integendeel, wat volgde was een nieuwe geweldrepressie tegen de Bedoeïenen.

‘In plaats van de potentiële voedingsbodem voor radicalisering weg te nemen, maakt Sisi de grond alleen maar vruchtbaarder’

En net in dat klimaat –het ontbreken van transparantie en mediatoegang, in combinatie met uitzonderlijke en gewelddadige maatregelen onder de noodtoestand– ontstond volgens experts een diepe frustratie bij delen van de lokale bevolking.

Want ondanks de mediastop, gingen wel video’s en foto’s viraal van een standrechtelijke executie van twee burgers door regeringsgesteunde milities. Dat de Egyptische anti-IS-strategie goede resultaten boekt, valt na de aanslag van vrijdag 24 november en die op het Russische vliegtuig vanuit Sharm-el-Sheikh in 2016, te betwijfelen.

‘In plaats van de potentiële voedingsbodem voor radicalisering weg te nemen, maakt Sisi de grond alleen maar vruchtbaarder’, zegt Chams Eddine Zaougui, journalist en auteur van het boek Dictators: een Arabische geschiedenis.

‘De lokale bevolking zit tussen twee vuren. Enerzijds wordt, net zoals in het Algerije van de jaren negentig, heel eenzijdig en gewelddadig opgetreden door de overheid die hele buurten afstraft waar terroristen zich zouden verbergen. Het regime ziet de lokale bevolking als medestanders van de radicale groepen en martelt mensen.

Anderzijds zien de radicale groepen de lokale bevolking als verraders, omdat ze zouden meewerken met de overheid. Wat overeind blijft, is het gevoel geen deel uit te maken van het Egyptisch project.’

Ideologie of Economie

Blijft de vraag wat nu de motivatie was voor deze aanslag in Sinaï. Onder generaal Sisi werd veel strenger opgetreden tegen de smokkel in Sinaï, een belangrijke bron van inkomsten voor een gebied met grote werkloosheid. Niet alleen lokale bevolking maar ook de vele militante en criminele groepen in het gebied stappen mee in de smokkeleconomie. Zou dit een rol kunnen spelen? Of moeten we toch kijken naar de ideologische motieven?

‘Het gaat zeker ook om ideologische belangen’, denkt Chams Eddine Zaougui. ‘Maar ik denk dat je inderdaad ook die economische belangen en de economische rivaliteit tussen groepen niet mag minimaliseren. Er zijn zoveel groepen aanwezig in Sinaï: IS, Al Qaeda, zoveel splintergroepen. Iedereen probeert mee te profiteren van die bijzonder lucratieve smokkeleconomie.

Het is natuurlijk gissen, maar in die zin zou het wel eens een vergeldingsactie kunnen zijn tegen mensen die betrokken zijn bij de verkeerde ondergrondse netwerken, genre het extreme geweld in Mexico door de rivaliserende drugskartels.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur