Wat verhalen ons leren over emotionele valuta

Hoeveel koeien ben ik waard?

© Eric Lafforgue

 

Wat leert een bruidsschat ons over menswaardigheid? Valt er een valuta te kleven op je basiseigendom, de heerschappij over je eigen doen en laten, je eigen lichaam? Slam poet Lisette Ma Neza keert in gedachten terug naar het land van haar moeder en grootmoeders en neemt ons mee op een ritmische en poëtische reis. ‘Als we het echt willen hebben over hoeveel een mensenleven waard is, dan moeten we ons keren naar zij die in hun waarde zijn beschadigd.’

De vrouw is zo mooi als een koe. Het is een van de verhalen waarin ik opgroei, waarin ik leer te geloven. Ik spreid mijn handen als koeienhoorns en dans, de dans van Rwanda, op het ritme van haar hartslag.

Veeteelt ruilen voor een bruid is een vorm van mannelijkheid in het land waar ik vandaan kom. Ik heb een scala aan verhalen waaruit ik mag kiezen, normen, waarden en mythes waarin ik mag geloven. De man is het evenbeeld van zijn God, leer ik op de zondagsschool, de vrouw een stukje rib. Ik lees over de appel en de tuin der lusten om te begrijpen waar goed en slecht elkaar kruisen en hoe een zonde bijna altijd in schoonheid zit verstopt.

Emotionele valuta

Er is meer. Er is meer, er is meer. De vrije wil, bijvoorbeeld: de door God gegeven vrije wil die ons menselijk maakt. Ooit werd de zwarte mens verkocht, geruild voor Scheveningse schelpen. Hoeveel geld er op je bankrekening staat, dat is merite, je letterlijk verdiende loon, maar gelijkheid is de norm.

Dit is waar verhalen elkaar verbrijzelen. Ze botsen, frontaal, zoals handhavende politiemannen die bruine jongens omverrijden en andere paradoxen waarin we waarheid moeten zien te vinden.

De geschiedenis leert ons dat een prijskaartje op een mens plakken traumatiserend en ontmenselijkend is.

Voor het betreden van mijn lichaam mag ik zelf een prijs opstellen, liefde bijvoorbeeld, vertrouwen of andere emotionele valuta die de wisselkoers gaande houden, zoals een avondje vermaak. Hoeveel koeien ben ik eigenlijk echt waard? Ik, als persoon, als levende ademhaling, als afstammeling van de Oost-Afrikaanse homo sapiens of als een beetje rib. Hoeveel koeien ben ik waard?

De geschiedenis leert ons dat een prijskaartje op een mens plakken traumatiserend en ontmenselijkend is. Een persoon behoort zichzelf toe, als iemand niet van zichzelf is noemen we dit slavernij, onderdrukking of mensenhandel. Is de mens dan onbetaalbaar? Dat vraag ik mij af. Kun je een mens niet net zoals een koe domesticeren?

Tuurlijk niet, beantwoord ik mijn eigen vraag, op zoek naar een verhaal waarin ik waarschijnlijk geloof, het verhaal dat het meest tegen mijn waarheid aanleunt. John Locke zegt dat elke man of vrouw eigenaar is van zijn eigen persoon en zijn eigen lichaam. ‘Niemand anders mag dat eigendom opeisen’, schreef de Engelse filosoof tijdens de Verlichting. Klopt dit wel? Is dit niet een manier om eigendom, kapitalisme en misschien zelfs kolonisatie te rechtvaardigen?

Bij elk verhaal vorm ik me meer vragen. Waarom is de mens superieur? Puur omdat hij ratio heeft en door die ratio kan geloven in zijn eigen verhalen? Het is maar in welk verhaal je gelooft, denk ik dan maar, om te stoppen met denken.

© Eric Lafforgue

De intore is een traditionele Rwandese dans waarbij de hoorns van een koe al dansend worden uitgebeeld. ‘Ik heb een scala aan verhalen waaruit ik mag kiezen, normen, waarden en mythes waarin ik mag geloven.’

Wie is het monster?

‘Het menselijke talent om fictieve verhalen te vertellen, is wat het mogelijk maakt om in massale aantallen samen te komen en samen te leven’, schrijft Israëlisch historicus Yuval Noah Harari in zijn boek Sapiens. Het verhaal van vandaag is er een dat gaat over democratie, mensenrechten en in je waarde gelaten worden. Zoals je leed enkel kunt begrijpen en afwegen wanneer je geluk kent, wil ik het over waarde hebben door te kijken naar verwaarlozing en waardeloosheid.

Wie het verhaal van Frankenstein kent, weet dat niet Frankenstein maar de man die hem maakte het monster was.

Als we het echt willen hebben over mensenlevens in het verhaal van vandaag, als we echt willen weten hoeveel koeien of elke andere mogelijke valuta we waard zijn, dan moeten we ons keren naar zij die in hun waarde zijn beschadigd. Wat betekenen hun levens voor ons?

Waarom noemen we de komst van oorlogsslachtoffers en mensen die geen thuis meer kennen, een vluchtelingencrisis? Wanneer iemand een ander martelt en daarmee die ander zijn waarde schaadt, hoe gaan we dan om met de martelaar? Hoe gaan we om met de moordenaar? Met het kind dat in volle verwaarlozing opgroeit en vervolgens zijn dorp in brand steekt om de warmte van zijn mensen eens te voelen?

Kunnen we zijn psychologie begrijpen, zijn daden plaatsen als bijvoorbeeld een gebrek aan liefde? Wie het verhaal van Frankenstein kent, weet dat niet Frankenstein maar de man die hem maakte het monster was. Hoe we omgaan met de martelaar, de crimineel, de terrorist, de gevangene of de schurk, brengt ons dichter bij de kern van wat menswaardigheid is, dichterbij dan wat dan ook.

De sluier van onwetendheid

Als ik denk aan het land waarin vrouwen zo mooi zijn als koeien, zoals mijn moeder en grootmoeders, dan denk ik ook aan een gruwelijke periode waarin er met dood en leven werd gespeeld in ditzelfde land. Ik noem het land mijn moederland, ooit een bloedbad, alsof de mensheid een videospelletje was. Uitroeiing en zelfmoord: nu een uiterst pijnlijk, agressief, maar zeer interessant verhaal.

Wraak is geen woord dat ons vreemd is, vergiffenis evenmin. Als je weet welke levende mens jouw dierbaren vermoord heeft, wil je hem dan bestraffen met de doodstraf? Als je weet wie jouw dierbaren vermoord heeft en je straft deze mens door hem op zijn beurt te doden, heb je hem dan in zijn waarde gelaten?

Waardering voor de mens zoals hij is, in al zijn doen en laten, in al zijn kwalen, zou moeten ontstaan achter een sluier van onwetendheid. Daar waar we elkaar uitnodigen om gewoon weer mens te zijn. Daar waar alles wat te maken heeft met identiteit, etniciteit, de lengte van onze neuzen, kleur, gender en geaardheid even wegvalt. Daar waar we het recht hebben om opaak te zijn. Daar waar we mogen zijn, ondanks het feit dat we esoterische wezens zijn en elkaar in de verste verte niet begrijpen.

Hoeveel koeien ben ik waard? Ik zou zeggen, maximaal eentje, want de mens is ook maar een organisme en organismen zijn onbetaalbaar, niet te ruilen voor elkaar. Althans, dat is mijn verhaal.

***

Over de auteur

Lisette Ma Neza is slam poet. In 2017 won ze als eerste Nederlandstalige vrouw het Belgisch Kampioenschap in Poetry Slam. Voor MO* schrijft ze columns die het midden houden tussen poëzie en essay.

Dit essay verscheen in de speciale editie van MO*magazine. Als je proMO* wordt of als je het al bent, krijg je een print-exemplaar van dit unieke magazine toegestuurd.
Door proMO* te worden, maak je de journalistiek van MO* mee mogelijk. Voor slechts € 4 per maand of € 50 per jaar zorg je er mee voor dat onze website voor iedereen toegankelijk blijft en dat onze journalisten en medewerkers hun werk kunnen doen. Word nu proMO*.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2916   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Slam poet

    Lisette Ma Neza is afkomstig uit Nederland, maar woont ondertussen in Brussel waar ze film studeert.  In 2017 won ze als eerste Nederlandstalige vrouw het Belgisch Kampioenschap in Poetry Slam