Turks-Armeens HDP-parlementslid Garo Paylan over de staat van de economie en de verkiezingen

‘Dit is een kans om het Turks nationalisme om te buigen naar democratie’

© Berge Arabian

Garo Paylan

In juni 2015 verraste de HDP vriend en vijand door met meer dan 13 procent van de stemmen gladjes over de hoge kiesdrempel van tien procent te gaan. Na de heropflakkering van het conflict tussen Turkije met de PKK in binnen- en buitenland, verloor de HDP die zich ook uitgesproken richtte op de progressieve Turkse kiezer, aanhang.
In november 2016 werden de HDP-coleiders Selahattin Demirtas en Figen Yuksekdag, samen met andere parlementsleden, gearresteerd. De beschuldiging luidde dat ze propaganda voerden voor de PKK, zowel door Turkije als de EU als terreurorganisatie beschouwd. Demirtas, nog steeds in de cel, is de presidentskandidaat voor de verkiezingen.
Echt verrassend was het niet, toen de Turkse president Recep Tayyip Erdogan vervroegde verkiezingen aankondigde. Op vraag van de coalitiepartner van AKP, de ultranationalistische MHP, werden de presidentiële en parlementaire verkiezingen nu vervroegd naar 24 juni. Erdogan komt daarmee terug op zijn herhaalde belofte om de oorspronkelijke datum van november 2019 te behouden. Jammer maar noodzakelijk, klinkt het, want in het kader van de opvolging van de voorbije grensoperatie in het Syrische Afrin en de geopolitieke situatie in Irak en Syrië heeft Turkije zekerheden en sterk leiderschap nodig.

Onzin, zegt de oppositie, zowel de seculier-nationalistische alliantie van de seculiere CHP als de pro-Koerdische en pro-minderhedenpartij HDP. Volgens hen is de zet strategisch ingegeven door de aangekondigde slechte economische tijdingen. Dat zegt ook het Armeense parlementslid Garo Paylan, een bekende naam in Istanboelse progressieve kringen. Paylan, een van de medestichters van de HDP, werd HDP-parlementslid na de verkiezingen op 7 juni 2015 (zie inzet).

Daar zetelt Paylan onder meer in de parlementaire planning- en budgetcommissie. We vroegen hem hoe het nu zit met die Turkse economie. Enerzijds zette de regerende AKP, gestart onder een wel bijzonder slecht economisch gesternte, Turkije wel degelijk op de wereldkaart. Turkije is vandaag een van de snelst groeiende economieën ter wereld. Anderzijds is er de kritiek van waarnemers dat die groei wel bijzonder ongecontroleerd is, zeker na de zware val van de Turkse Lira. Mondiale instituten en ratingbureaus waarschuwen dat de Turkse economie oververhit geraakt. Critici hebben het over de bubbeleconomie, geënt op bouwen, bouwen en nog eens bouwen.

Paro Gaylan: De voorbije twee jaar hebben we de regering voortdurend gewaarschuwd. Na de couppoging en de economische terugval die volgde, installeerde de AKP-regering bijvoorbeeld het kredietgarantiefonds (waarbij Turkije garant staat voor de kredietwaardigheid van Turkse economische spelers, red.). Dat leek vorig jaar, toen de economie een terugval kende, een logische stap. Maar het was de enige stap en daar loopt het fout. Je kan immers geen kredietfonds opzetten zonder daar economische en financiële hervormingen aan te koppelen.

‘Erdogan vernietigde bijna al onze instituten — van de rechtsstaat is niets meer overgebleven, parlement en media functioneren niet meer. Zelfs de Centrale Bank kan niet echt handelen zonder Erdogans zegen.’

Het gevolg was een cortisone-effect: het werkte voor een korte periode maar was niet curatief. Het positieve effect is intussen weg, de nakende economische crisis blijft dus om de hoek loeren.

Het probleem is dat Erdogan naar niemand luistert. In de voorbije maanden zagen we hoe ruzies binnen de AKP van achter gesloten deuren naar buiten lekten. In maart dit jaar drukte Mehmet Simsek (verantwoordelijk voor economie, red.) openlijk zijn zorgen uit over de staat van de economie, waarbij hij kritiek gaf op de bedrijven die hun schulden opdreven met buitenlandse wisselkoersen. SImsek kreeg meteen op zijn kop van Erdogan die het had over ‘onvergeeflijke misstappen van collega’s die verondersteld werden om internationaal vertrouwen in de economie te behouden’.

Het was op vraag van MHP-leider en coalitiepartner Devlet Bahceli dat de verkiezingen werden vervroegd. Bahceli heeft namelijk een persoonlijk trauma opgelopen nadat zijn partij die in de regeringscoalitie zat in 2002 zwaar werd afgestraft omwille van de grote economische crisis op dat moment. Bahceli beleefde toen een zeer zware politieke nederlaag, verloor kiezers, regering, partners, en AKP kwam als nieuwe partij aan de macht. Bahceli wéét dus wat een economische crisis kan betekenen voor een regerende partij.

Tegelijk kan je niet omheen het gegeven dat Turkije onder de vleugels van de AKP-vleugels fel moderniseerde, mede dankzij die economische groei.

Paro Gaylan: Ja, maar ten koste van wat? We teren op consumptie, de buitenlandse wisselkoerskloof groeit. De Turkse Lira tuimelde naar omlaag, de prijs van de Dollar steeg, met als gevolg duurdere import. Het handelsbalanssaldo is 47 miljard USD, of 5,5 procent van het BNP.

Ik ontken zeker niet dat Turkije een verhaal van opbouw heeft gekend onder AKP-vleugels. In de eerste jaren heeft de AKP zonder twijfel op een duurzame manier een aantal democratiseringsprocessen doorgevoerd, onder meer in het licht van de Europese toetreding en vooruitgangsrapporten.

Die duurzame aanpak is echter gestopt toen Turkije de verhaallijn van democratisering losliet, op het moment dat de AKP overstapte naar een eenmansbestuur. Daarbij vernietigde Erdogan bijna al onze instituten — van de rechtsstaat is niets meer overgebleven, parlement en media functioneren niet meer. Zelfs de Centrale Bank kan niet echt handelen zonder Erdogans zegen.

We hebben financiële injecties, directe buitenlandse investeringen nodig. Maar die zijn weggevallen omdat we geen verhaal meer te vertellen hebben.

Nood aan duurzame sociale keuzes

© Pascal Maguesyan

Garo Paylan

Welke keuzes moeten dan volgens u worden gemaakt?

Paro Gaylan: Zoals ik al zei moeten we hervormingen aan economische groei koppelen. Het gaat in de eerste plaats om een herstel van de rechtsstaat, om onze checks-and-balances in evenwicht te houden, om takshervormingen in te voeren. Nu is bijna 60 procent van de Turkse rijkdom in handen van “de 1 procent”. Dat is niet houdbaar.

Turkije zag een nieuwe middenklasse ontstaan. Moet die zich zorgen maken? En hoe werd geïnvesteerd in de armste laag van de bevolking?

Paro Gaylan: We zagen met die nieuwe middenklasse de consumptie stijgen. Maar we zien nu ook de angst van die consumenten stijgt. In deze kredietsamenleving zitten ze met wurgende afbetalingen op een moment dat de productprijzen stijgen. Vandaag zie je al hoe consumenten voorzichtiger zijn geworden en de consumptie naar omlaag gaat.

De armsten van onze samenleving hebben simpelweg niet genoeg geld om te spenderen, zij zitten eveneens vast aan die versmachtende leningen. Ze zagen hun inkomens niet stijgen, en ook het jobaanbod bleef beperkt. Het minimumloon was twee jaar geleden 420 euro, nu is het 303 euro. Als je dus puur economisch naar Turkije kijkt, in een bijzonder repressief kader van een verlengde noodtoestand, is er bij veel mensen een gevoel van angst en moedeloosheid en weinig hoop voor de toekomst.

Hoe verkoop je als politieke partij een complex onderwerp als economie aan de kiezer?

Paro Gaylan: Dat is inderdaad een grote uitdaging: mensen willen graag een kortetermijnverhaal.

HDP wil in de eerste plaats de nadruk leggen op de nood aan stabiliteit en een halt aan de conflicten binnen èn buiten Turkije, zoals in Syrië. Militaire uitgaven kunnen op die manier gedrukt worden. Als je kijkt naar de staat van de economie, maar vooral naar de manke sociale poot ervan, dan val je achterover als je tegelijk het nationale uitgavenbudget onder de loep neemt. Op twee jaar tijd verdubbelde Erdogan het militaire uitgavenbudget.

Ten tweede willen we een streep trekken onder de ongeoorloofde luxeuitgaven in Ankara en de ongelijkheid binnen de verdeling van regionale en lokale budgetten. HDP pleit in die zin voor meer gelijkheid op niveau van lokaal bestuur, een eerlijker verdeling van de koek moet ervoor zorgen dat ook het Zuid-Oosten meer geld krijgt.

Oppositie van àlle Turken

De presidentskandidaat van de seculiere oppositiepartij CHP, Muharrem Ince, zei luid en duidelijk dat zijn partij er wil zijn voor àlle Turken, waarbij hij expliciet verwees naar de Koerden. CHP-leider Kilicdaroglu nam het op voor HDP-voorzitter en presidentskandidaat Selahattin Demirtas wiens detentie hij een aanfluiting van de democratische logica noemt. Maar vreemd genoeg is het niet jullie partij die in zijn oppositiecoalitie zit, wel ultranationalistische partijen.

Paro Gaylan: Als Ince wil winnen moet hij enerzijds die opening wel maken. Anderzijds zijn de kiezers zeer bevooroordeeld, en staan ze loodrecht tegenover elkaar. Dat is een duidelijk gevolg van Erdogans polariserende retoriek en van het verlies van de vrije pers.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
De CHP, dat mag je niet vergeten, heeft ook een grote nationalistische achterban. CHP heeft in die zin strategisch gekozen: geen Koerden in de coalitie waar nationalisten niets moeten weten van Koerden.

Naast de twee nationalistische coalities - een islamistisch-Turkse (AKP-MHP) en een seculier-Turkse (CHP-IYI e.a.) — vormt HDP dus de derde vleugel. We geloven in gelijkheid zonder enige “maar”. Je kan ons de meest consequente oppositiegroep noemen tegenover de nationalistische kampen.

‘Onze hoop en ons doel is om minstens 20 procent van de stemmen binnen te halen en een sleutelrol te spelen in de tweede ronde’

Wat en wie hopen jullie als derde vleugel te bereiken?

Garo Paylan: Onze hoop en ons doel is om minstens 20 procent van de stemmen binnen te halen.
We willen een sleutelrol spelen in de tweede ronde. Als presidentskandidaat Muharrem Ince (CHP) overeind blijft in de tweede ronde, zullen we in staat zijn om voor hem te stemmen. Onze kandidaat, Selahattin Demirtas is een verbindende figuur, die ook de Turkse progressisten aanspreekt. Mocht hij de tweede ronde halen, dan zullen wij op onze beurt stemmen van de CHP binnenhalen.

Dat is onze hoop: deze verkiezingen kunnen een halt toeroepen aan de polarisering, aan de vooroordelen over elkaar.

Twintig procent is ambitieus.

Garo Paylan: Twintig procent is geen droom, het is echt een haalbaar doel. Ik ben Armeniër, van bij de start betrokken bij de HDP. We gokken uiteraard niet enkel op Koerdische stemmen, maar op elke linkse stem — Turks, Koerdisch, Armeens enzovoort — die in gelijkheid gelooft.

Denken jullie de linkse Turkse stemmen opnieuw binnen te halen die op 7 juni 2015 op de HDP stemden? Velen haakten daarna, na de heropflakkering van het Koerdisch-Turkse conflict, af. Ze waren teleurgesteld dat de HDP teveel de kaart trok van de PKK. Ook voor de Turkse linksen is en blijft de PKK een terreurgroep met bloed aan de handen.

Garo Paylan: Nog los van historische gebeurtenissen, feitelijkheden en nuances: dit is geen gemakkelijke opgave in een informatielandschap dat wordt gedirigeerd door één partij, waar de televisie elke avond hetzelfde partijpraatje opvoert. Tegelijk, ik denk dat mensen het ook beu zijn. Er is een groeiend besef van en verzet tegen al die complottheorieën, de noodtoestand en de noodwetten die op de couppoging volgden en de chaos waarin Turkije vervolgens belandde. De voorbije jaren hebben duizenden lijken opgeleverd. Als Muharrem Ince zegt dat we vrede moeten installeren, dan is dat goed: dat is zeker ook onze missie. Het geweld moet stoppen en gelijkheid moet komen: voor èlke burger in Turkije.

Keerpunt in de angstperiode?

Wat zullen de Koerdische, nationalistische kiezers doen na Afrin? Zullen ze AKP blijven volgen?

Garo Paylan: Afrin riep verontwaardiging op. Het probleem is echter de angst: de kiezers zijn bang.

‘Omdat we als politieke partij nog altijd worden onderdrukt, durven mensen ons niet openlijk steunen. Als onze oppositiepartners ons die moed en steun geven, is dat een krachtig signaal om de onderdrukking te beëindigen’

De steun aan HDP is vaak een stille steun. Omdat we als politieke partij nog altijd worden onderdrukt, durven mensen ons niet openlijk steunen. Als het oppositiekamp van CHP en andere partijen ons die moed en steun geeft, is dat een krachtig signaal om de onderdrukking te beëindigen. Als mensen in staat zijn om openlijk voor hun keuze op te komen, is dat natuurlijk wervend. Waar we heel erg beducht voor zijn is de enorme druk in de stembureaus wat we bijvoorbeeld heel sterk zagen tijdens het referendum van 2017, zeker in de stembureaus in Zuidoost-Turkije.

We zullen heel veel waarnemers nodig hebben, Turkse èn internationale, om erop toe te zien dat mensen de stembureaus kunnen bereiken, en dat de stemmen eerlijk geteld worden. Die garantie en bescherming tegen intimidatie moeten we de kiezers kunnen geven.

Je was een van de eerste Armeense parlementsleden in decennia. De Armeense kwestie is nog steeds een taboe maar waarnemers refereren naar Erdogans openingen inzake de Armeense en Koerdische kwesties. In 2014 was het Erdogan die als eerste politicus de Turkse gruweldaden van 1915 tegenover de Armeniërs erkende.

Garo Paylan: Wanneer de AKP democratiseringsstappen nam, waren ook de Armeniërs en de Koerden heel verwachtingsvol. Maar dat hield op, Erdogan is zich steeds meer als een nationalist beginnen gedragen, wat ook de angst deed heropflakkeren. De Armeniërs dragen een groot collectief trauma met zich mee. Dat kan je niet zomaar onder de tafel schuiven, daar moet omzichtig mee worden omgesprongen. Het is heel moeilijk voor ons om die chaos, die nationalistische instabiliteit opnieuw te voelen. We verlangen zo naar meer stabiliteit, naar democratie die duurzaam verankerd kan worden, in de plaats van een land dat door een sultan wordt bestuurd.

Ondanks de verlenging van de noodtoestand, ondanks de angst, hoorde ik tijdens een recent bezoek aan Istanboel mensen zeggen dat deze verkiezingen een mogelijk keerpunt zouden kunnen zijn.

Garo Paylan: Als we af willen met het idee van een eenmansbestuur in Turkije, moeten we als democraten een meerderheid krijgen in het parlement. Zelfs als Erdogan wint, kunnen we tenminste met een parlementaire meerderheid zijn stappen controleren.

Drie jaar geleden had dit al kunnen gebeuren. De oppositiepartijen hadden de meerderheid in het parlement na 7 juni 2015. Maar helaas heeft Devlet Bahçeli die meerderheid in het parlement vernietigd door in zee te gaan met de AKP van Erdogan. Nu hebben we een nieuwe kans: we kunnen die meerderheid verslaan met een coalitie van de CHP-alliantie* en HDP. Het is kwestie van onze verschillen opzij te leggen en samen te werken om de Turkse democratie te herstellen. Ik geloof echt dat we erin zullen slagen om het Turks nationalisme om te buigen naar Turkse democratie.

*De alliantie van CHP bevat naast de seculiere partij zelf: IYI, de nationalistische partij van ex-MHP’er en Iron Lady Meral Aksener, de islamistische Saadet-partij en de rechts-conservatieve DP

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur