Reisschrijver Jan Brokken: ‘Baltische zielen kennen geen zelfmedelijden’

Interview

Reisschrijver Jan Brokken: ‘Baltische zielen kennen geen zelfmedelijden’

‘Baltische zielen geven nooit op. Zelfs na vijfhonderd jaar onderdrukking kennen ze geen zelfmedelijden. Dat is toch kenmerkend.’ Misschien schuilt er achter deze ode aan de Baltische zielen ook een stukje zelfherkenning bij de Nederlandse reisschrijver Jan Brokken.

Met meer dan dertig boeken op de teller, blijft ook Brokken onverstoord voort reizen. In het voorjaar verscheen zijn recentste verhalenbundel De weemoed van de reiziger, waarin hij de sporen van bekende kunstenaars volgt met een prominente plaats voor componisten zoals Antonin Dvořák of Bela Bartok.

Toch blijft het boek Baltische Zielen zijn onmiskenbare succes. Veertien jaar na publicatie werd het al tientallen keren herdrukt. De levensverhalen van kunstenaars zoals de regisseur Sergej Eisenstein of de schilder Mark Rothko vormen voor Brokken een leidraad voor de complexe geschiedenis van de Baltische landen. We ontmoeten elkaar in het Brusselse cultuurhuis Flagey. Daar is hij te gast op het Arvo Pärt festival ter ere van de 90ste verjaardag van de Estse componist.

Vanuit het voormalige directeurskantoor kijkt Brokken naar buiten, waar de vallende bladeren het najaar inluiden. Hij mijmert over hoe hij in de herfst van 1999 met een vrachtschip aanmeerde in de Estse stad Pärnu. ’s Avonds belandde hij samen met de bemanning in het enige restaurantje dat nog open was.

Brokken herinnert zich hoe de vrouw van de eigenaar een rist familieverhalen opdiste. ‘Toen bleek direct dat elke Baltische familie gezinsleden heeft die in de Siberische strafkampen zijn geëindigd. Het waren schrijnende maar ongelofelijke verhalen. Ik wist meteen dat ik hier iets mee moest doen.’

Nadien reisde Brokken een dozijn keer naar het noorden om verhalen te sprokkelen voor zijn boek. Sindsdien is er veel veranderd. Voor het eerst sinds hun onafhankelijkheid in 1991 voelen de drie Baltische staten terug de hete adem van hun grote buur Rusland. Vladimir Poetin beschouwt die landen als afvallige staten. Het liefst wil hij ze terug bij Rusland annexeren. Na de invasie van Oekraïne vrezen de Balten dat zij Poetins volgende doelwit zullen zijn. Voor hen staat hun vrijheid op het spel.

Zingen en verschillen

Volgens Brokken is de grote concentratie van kunstenaars in de Baltische landen verbonden met de strijd voor hun identiteit. Zo geeft hij het voorbeeld van Heino Eller, de leermeester van Pärt. Eller zou maar liefst vijftig componisten hebben opgeleid.

‘De zangcultuur was voor hen een manier om te overleven. Zingen vormde het enige wat ze konden doen om hun eigen taal levendig te houden. Zo bevestigden ze hun identiteit. Daarmee dat mijn boek in Vlaanderen beter is begrepen, dan in Nederland. Jullie herkennen die taalstrijd.’

Al zingend vormden de Esten, Letten en Litouwers op 23 augustus 1989 een menselijke ketting. Die reikte van de Estse hoofdstad Tallinn tot de Litouwse hoofdstad Vilnius. De zingende revolutie vond plaats exact vijftig jaar na het Molotov-Ribbentrop pact. Dankzij dat verdrag met Nazi-Duitsland kon Stalin de Baltische Staten bij de Sovjet-Unie annexeren.

Na een intermezzo van drie jaar nazi-bezetting tijdens de oorlog herwonnen de Sovjets in 1944 terug de controle. Daarna zouden ze de Baltische staten 47 jaar bezetten. Pas twee jaar na de zingende revolutie herwonnen de Baltische Staten in 1991 hun onafhankelijkheid.

Ondanks die gemeenschappelijke ervaring van bezetting benadrukt Brokken dat de drie landen erg verschillend zijn. ‘Estland en Letland zijn door de komst van de Duitse baronnen in de 14de en 15de eeuw bekeerd tot het protestantisme. Een naam als Pärt vormt daar nog een overblijfsel van. In de 19de eeuw was Riga een Duitstalige stad. Met al die jugendstil huizen waande je je in Wenen.’

‘Terwijl Litouwen meer gericht is op Polen. Zij zijn erg katholiek. In de kerk gaan zij met hun armen wijd op de grond liggen. Hun muziek is melancholisch. Zo doet de weemoedige sfeer van hun bekendste componist Čiurlionis denken aan Chopin.’

Naast verschillen ontdekte Brokken tijdens zijn zoektocht dat zowel in Letland als in Litouwen de Joodse identiteit volledig was uitgewist. Nochtans was die gemeenschap er ooit erg talrijk. In de 18de eeuw besloot Catharina II immers om de Russische Joden naar de Baltische staten te verdrijven. Dit leidde tot hevige Jodenhaat bij de lokale bevolking.

Volgens Brokken was dat antisemitisme economisch gemotiveerd. ‘De Baltische boeren voelden zich bedreigd door de massale komst van de hoogopgeleide en ijverige Joden. Meestal beoefenden ze goede beroepen zoals apotheker. Hun invloed is erg groot geweest.’

De leegte van hun uitroeiing tijdens de WOII is nog steeds voelbaar, zegt Brokken. ‘Bij mijn eerste bezoek aan Vilnius lag het Joodse getto er nog vervallen bij. Je voelde dat er een stuk uit de stad was weggehaald. Voor 1940 waren er drie Hebreeuwse dagbladen en een drogisterij voor de Talmoed. Het was het Jeruzalem van het noorden.’

Maar tijdens de nazi-bezetting werden de joden in een getto opgesloten. Vervolgens werden ze massaal geëxecuteerd. Bijna niemand van de 230.000 Litouwse Joden overleefde de oorlog.

Volgens Brokken verdrongen de Joods-Baltische kunstenaars van de volgende generatie dit trauma. ‘De Franse schrijver Romain Garry loog altijd over zijn afkomst door te zeggen dat hij Russisch was. Maar eigenlijk is hij opgegroeid in het Joodse getto van Vilnius. En over Mark Rothko wist men lange tijd niet dat hij afkomstig was van de Letse stad Daugavpils. Hij was de zoon van een Joodse bontwerker. Beiden hebben hun afkomst verzwegen en verdraaid.’

Naar Brokkens inzien hebben de Litouwers hun antisemitische verleden nog niet verwerkt. ‘Baltische zielen is vertaald in het Japans, Italiaans en delen zelfs in het Russisch. Maar in Litouwen ben ik al aan mijn derde uitgever toe. Nog steeds is het niet verschenen. De medeplichtigheid van veel Litouwers aan de Joodse uitroeiing is tot op vandaag een taboe.’

Tweederangsburgers

Ook de Baltische omgang met het sovjet-verleden is op zijn minst dubbelzinnig te noemen. Volgens Brokken vormt Arvo Pärt daar een perfect voorbeeld van. ‘Hij heeft zich altijd verzet tegen het atheïstische sovjet-regime. De opvoering van zijn Christelijke muziekstuk Credo in 1968 was een regelrechte provocatie. Tegelijkertijd bekeerde hij zich tot de Russisch-Orthodoxe kerk. Zijn muziek is geïnspireerd door die liturgie. Dat namen veel Esten hem erg kwalijk.’

Na de onafhankelijkheid bleven de Esten en Letten erg wantrouwig tegenover de Russische minderheden. In de jaren zeventig stimuleerden de sovjet-autoriteiten etnische Russen om naar de Baltische staten te verhuizen. Ze wilden die landen russificeren. Nog steeds beslaat die minderheid een vijfde van de bevolking. En in grenssteden als het Estse Narva of het Letse Daugavpils vormen ze zelfs de meerderheid.

De Russischtaligen werden in de jaren 2000 behandeld als tweederangsburgers, zegt Brokken. ‘Alleen in Litouwen werden ze volwaardige burgers. Maar in Estland of Letland kregen ze geen burger- of stemrecht. Ook sociaaleconomisch hinken ze achterop. Als ik in Riga naar een concert ging, dan zag je aan de afgedragen jurken en pakken wie de Russischtaligen waren. Gelukkig is het met de jongere generaties langzaam aan het veranderen.’

‘Toch heb je nog steeds die oude Sovjetmilitairen en dat medisch personeel. Zij leven van hun schamel staatspensioentje en hebben het erg moeilijk. Soms vroeg ik hen waarom ze niet terug naar Rusland keerden. Daar is het nog slechter, antwoorden ze dan. Maar ja, dat houdt Poetin niet tegen om te blijven roepen dat die Russischtaligen bij het moederland horen. Wat in Oekraïne gebeurt, kan dus ook hier plaatsvinden.’

Nieuwe Balten

Drieënhalf jaar na de massale Russische invasie van Oekraïne zijn de Baltische staten alerter dan ooit. Eind september schonden Russische gevechtsvliegtuigen het Estse luchtruim. Dat toont aan hoe acuut de dreiging is. Veel Esten, Letten en Litouwers hebben zich aangesloten bij vrijwillige militaire korpsen. Zij zijn bereid om hun leven te geven voor het behoud van hun vrijheid.

Die trots en drang naar vooruitgang is volgens Brokken een redelijk unieke combinatie. ‘Meteen na de onafhankelijkheid hebben ze vooruit gekeken. Estland is één van de pioniers van de internet-cultuur geworden. En in Litouwen stond lange tijd een grote vestiging van Microsoft. Het onderwijssysteem is er dan ook altijd erg goed geweest. Volgens mij behoedt hen dat om in platvloers populisme te vervallen.’

‘Mijn vader waarschuwde mij om nooit zelfmedelijden te krijgen. Het is dat waar je uiteindelijk aan ten onder gaat’

Maar die hoge scholingsgraad had aan het begin van deze eeuw ook een keerzijde. In het buitenland konden zij een veelvoud verdienen. Er ontstond een massale braindrain. ‘Toen ik aan het boek begon had je anderhalf miljoen Esten, tweeënhalf miljoen Letten en drieënhalf miljoen Litouwers. Daar kan je nu telkens vijfhonderdduizend van afdoen.’

Al merkt Brokken wel op dat sommige jonge Letten en Esten naar het noorden terugkeerden. ‘Alleen de donkere wintermaanden houden hen soms tegen. Maar die generatie is het gewend om te reizen. In januari en februari zijn de vluchten naar Turkije niet te tellen. Je zou bijna vergeten dat het ooit anders is geweest. Toch is het trauma van de sovjetbezetting nog erg voelbaar onder de bevolking.’

‘Daarom werd ik ook bijna kwaad toen ik las dat de voormalige Duitse bondskanselier Angela Merkel vindt dat de Baltische landen Rusland hebben gebruuskeerd. Zij zou er eens moeten rondreizen. Zij heeft duidelijk geen benul van het leed dat die mensen hebben moeten dragen. Anders zeg je zo iets niet.’

Oorlog van Brokken

Plots weerklinken er vanuit de gang koorgezangen. Het koor Ars Nova is stukken van Pärt aan het repeteren. ‘Die polyfone stemmen. Het blijft zo mooi. Ik waan mij meteen weer in Estland’, verzucht Brokken. Al zal het niet lang duren vooraleer hij er daadwerkelijk naar terugkeert. Nog meer dan andere landen liggen de Baltische staten hem na aan het hart.

Net als de jongere generaties Balten weet Brokken namelijk hoe het voelt om op te groeien met een oorlog die je niet zelf hebt meegemaakt. Tijdens de Tweede Wereldoorlog zat zijn vader gevangen in de jappenkampen op het Indonesische eiland Sulawesi.

In de afgelopen jaren schreef Brokken dat levensverhaal neer in zijn Indië-trilogie. En in juni verscheen nog de documentaire ‘Jan Brokken zijn oorlog’. Daarin reist Brokken naar Indonesië om de kijker mee naar dat verleden te nemen.

Brokken erkent die autobiografische inslag bij zijn reisverhalen. ‘Als ik over historische figuren of kunstenaars schrijf, dan zit er altijd een persoonlijke laag onder. Iets dat ik kan terugleiden naar mijn moeder, mijn vader of mijzelf.’

‘Bij mijn boek De Kozakkentuin over de Russische schrijver Fjodor Dostojeveski was dat het duidelijkste voor mij. Want Dostojevski belandde in de 19de eeuw ook in een Siberisch strafkamp. Daarover schrijft hij dat het positief was om als intellectueel wat beweging te hebben.’

‘Die positieve instelling wilde mijn vader ook aan mij doorgeven. Volgens hem heeft dat hem geholpen om de Jappenkampen te overleven. Hij waarschuwde mij om nooit zelfmedelijden te krijgen. Het is dat waar je uiteindelijk aan ten onder gaat.’

Word proMO*

Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.

Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.

Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.

Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.

Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief

Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.

Per maand

€4,60

Betaal maandelijks via domiciliëring.

Meest gekozen

Per jaar

€60

Betaal jaarlijks via domiciliëring.

Voor één jaar

€65

Betaal voor één jaar.

Ben je al proMO*

Log dan hier in