Haïtianen willen de politieke impasse doorbreken

Vertegenwoordigers van de Haïtiaanse civiele maatschappij willen het heft meer in eigen handen nemen. Samenwerking met de internationale gemeenschap en hulporganisaties blijft nodig, maar ze vinden dat het land de ruimte moet krijgen om eigen ontwikkelingsprojecten uit te werken.

  • Ben Piven (CC BY-NC 2.0) De bevolking van Haïti komt op straat om te protesteren. Ben Piven (CC BY-NC 2.0)
  • © Sylvie Desfosses In volgorde: David Tilus, Jocelyne Colas en Jean-Baptiste Chenet waren op uitnodiging in het land en spraken op de persconferentie van Broederlijk Delen. © Sylvie Desfosses
  • UN Photo/Sophia Paris (CC BY-NC-ND 2.0) 'De jongeren hebben het engagement en de capaciteiten.' UN Photo/Sophia Paris (CC BY-NC-ND 2.0)

Jean-Baptiste Chenet, Jocelyne Colas en David Tilus kwamen deze week op uitnodiging van Broederlijk Delen getuigen over de politieke en sociaal-economische situatie van hun land. Kernboodschap van deze drie vertegenwoordigers van de Haïtiaanse civiele maatschappij was dat de Haïtiaanse bevolking zelf wil beslissen over haar toekomst. De EU en andere betrokken organisaties moeten bijdragen aan het democratisch proces door onder meer de verkiezingsresultaten te evalueren, maar moeten het land ook toelaten om zelf de politieke structuur te bepalen. Haïti moet met andere woorden zelf zijn verantwoordelijkheid opnemen, maar moet daar ook de kans voor krijgen. 

© Sylvie Desfosses

In volgorde: David Tilus, Jocelyne Colas en Jean-Baptiste Chenet waren op uitnodiging in het land en spraken op de persconferentie van Broederlijk Delen.

Jean-Baptiste Chenet is directeur van het technologisch instituut ITECA. Hij werkt rond voedselzekerheid. Jocelyne Colas is directrice van de Nationale Bisschopscommissie Rechtvaardigheid en Vrede en volgt de mensenrechten op. De commissie observeert niet alleen mogelijke schendingen, maar licht de mensen ook in over hun rechten. David Tilus is verantwoordelijke van GAFE, een milieubeweging die zich ook bezighoudt met lokale ontwikkeling en decentralisatie.

‘We moeten samenwerken. Alleen geraken we er niet.’

De Haïtiaanse civiele maatschappij neemt elementen over vanuit het buitenland, maar past ze aan volgens de eigen situatie en cultuur. Ze willen rekening houden met andere meningen en de samenwerking zoeken. ‘We moeten samenwerken. Alleen geraken we er niet’, zegt Tilus. ‘We kunnen iets leren van anderen.’

De Haïtiaanse organisaties dringen er dan ook op aan dat de Belgische partners het land bezoeken en grondig leren kennen. Zo kunnen ze inzicht krijgen in de uitdagingen. Wat België dan voor hen kan doen? ‘Niet voor ons, maar met ons. Wat kunnen we samen doen?’

De civiele maatschappij wil de financiële steun niet blindelings accepteren of simpelweg geld vragen voor voedsel. Ze wil niet langer afhankelijk zijn van de internationale hulporganisaties. Bovendien stellen ze de internationale structuren in vraag. De investeringen moeten rekening houden met wat de Haïtianen zelf willen in plaats van met een economie die niet in hun realiteit past. De lokale gemeenschappen hebben volgens de vertegenwoordigers vooral baat bij medewerking van de lokale overheid, niet bij internationale handel die hen benadeelt of als goedkope werkkrachten ziet.

Sociale revolutie

Volgens Chenet is er een ware sociale revolutie in Haïti aan de gang. De bevolking wil een transparant en eerlijk democratisch proces, aldus de directeur van ITECA. De mensen kwamen massaal op straat om te protesteren tegen de resultaten van de verkiezingen in augustus en oktober vorig jaar.

Ngo Broederlijk Delen rapporteerde ‘onregelmatigheden’ tijdens de eerste stemronde in augustus. De stembureaus waren niet overal beschikbaar of soms te kort of helemaal niet open. Bovendien stelden de waarnemers gevallen vast van geweld en fraude. De opkomst was ook laag. Ook in oktober waren vooral partijmandatarissen gaan stemmen in plaats van burgers en was er sprake van fraude volgens de waarnemers.

Door al die problemen werd de tweede stemronde die in december had moeten plaatsvinden, uitgesteld tot januari. Opnieuw protesteerde de Haïtiaanse bevolking tegen de verkiezingen, omdat ze weinig vetrouwen had in de organisatie en de afloop ervan. Dat schreef Pieter Thijs, medewerker van Broederlijk Delen in zijn wereldblog op MO.be.

De regering stelde Jocelerme Privert aan als voorlopige president in februari en verplaatste de nieuwe verkiezingen naar oktober later dit jaar. Ondertussen is het mandaat van Privert afgelopen, maar het parlement heeft nog steeds geen beslissing genomen of een vervanger aangesteld.

‘De mensen zijn het erover eens. Ze willen een democratie opbouwen en dat kan alleen met verkiezingen’, zegt Jean-Baptiste Chenet. De Haïtianen willen de macht decentraliseren. Elk gebied moet zelf kunnen beslissen over het lokale bestuur. De civiele maatschappij wil een tegenmacht voor de overheid vormen. Ze stellen de macht in vraag en zoeken uit wat werkt en wat resultaten oplevert. Ze willen de dialoog aangaan en streven naar meer overleg en samenwerking. ‘Zoals het nu gaat, kan het immers echt niet verder’, zegt David Tilus.

Veel internationale donoren, waaronder ook de Europese Unie en de Verenigde Naties, zijn betrokken bij de verkiezingen. Dat heeft voordelen in theorie, omdat ze kunnen bijdragen aan een goede organisatie. In de praktijk hebben ze echter ook hun eigen belangen. Ze investeren veel geld in de verkiezingen en willen dan ook dat die in hun voordeel verlopen. Nadat de evaluatiecommissie de problemen met de verkiezingen in oktober bekend maakte en de uitslagen in twijfel trok, weigerde de internationale gemeenschap om de stemmen opnieuw te tellen of te controleren.

UN Photo/Sophia Paris (CC BY-NC-ND 2.0)

‘De jongeren hebben het engagement en de capaciteiten.’

Bezetting en armoede

Bovendien voelt de aanwezigheid van de VN in Haïti meer als een ‘bezetting’ dan een hulp, zegt David Tilus. De VN slaagt er volgens hem niet in om de stabiliteit veel te verbeteren. Geweld en schending van de mensenrechten maken het land nog steeds onveilig. Net daardoor is het moeilijker om de verkiezingen goed te laten verlopen.

Het juridisch systeem moet ook beter georganiseerd worden volgens Jocelyne Colas. ‘Misdaden worden vaak niet bestraft, terwijl veel Haïtianen onschuldig vastzitten.’

Ook de andere problemen zoals de schrijnende armoede, de toestand van de gezondheidszorg en de milieuvervuiling zijn de afgelopen jaren nog niet veel verminderd. Haïti is nog steeds een van de armste landen van het westelijke halfrond. De aardbeving in 2010 maakte de toestand nog erger en de klimaatverandering en het weerfenomeen El Niño bemoeilijken de landbouw op het eiland. Door de droogte in 2015 ging er veel verloren en bracht de oogst weinig op. De civiele maatschappij wil de aandacht voor het milieu en de klimaatverandering met duurzame projecten.

‘De jongeren hebben het engagement en de capaciteiten.’

Volgens Jean-Baptiste Chenet zijn de democratie en strijd tegen de armoede ‘twee kanten van dezelfde medaille’. Hij ziet de familiale cultuur en landbouw als motor van de economische en sociale ontwikkeling, maar die moet de regering aansturen. Om de levensstandaard te verhogen heeft Haïti dus vooral nood aan leiders met visie om het land vooruit te helpen. Bij veel politieke kandidaten is er echter een gebrek aan politiek programma.

Toch blijft hij positief. ‘We hebben een zeer jonge bevolking. Dat heeft grote voordelen. De jongeren hebben het engagement en de capaciteiten. De omstandigheden zijn niet optimaal, maar we hopen oprecht dat de politieke situatie kan veranderen.’

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift