‘Syriërs zullen waarschijnlijk niet de nood voelen om in het zwart te werken. Afghanen wel’

Zwartwerk in België. Officiële cijfers zijn er niet, maar de Organisatie voor Clandestiene Arbeidsmigranten schat dat er vandaag 100.000 mensen zonder wettig verblijf in het illegale circuit aan het werk zijn. Jan Knockaert, coördinator van de organisatie, legt uit in welke richting zwartwerk zal evolueren.

  • Astrid Westvang (CC BY-NC-ND 2.0)  ‘Het duurt een tijdje eer nieuwkomers aankloppen bij OR.C.A.’ Astrid Westvang (CC BY-NC-ND 2.0)
  • © Michiel Petitjean Jan Knockaert, coördinator bij OR.C.A. © Michiel Petitjean
  • © Michiel Petitjean ‘De vier grootste sectoren zijn de bouw, de horeca, de schoonmaak- en huishoudsector.’ © Michiel Petitjean
  • Holger Prothmann (CC BY-NC 2.0)  ‘Mensen kiezen voor zwartwerk omdat ze hun eer niet willen verliezen.’ Holger Prothmann (CC BY-NC 2.0)

Al geruime tijd bereiken heel wat vluchtelingen de Europese kusten, waarna zij migreren naar de verschillende lidstaten van de Unie. Tijdens hun procedure – word ik erkend als vluchteling? – kunnen deze mensen terugvallen op de bestaande structuren die ons land telt, of worden ze opgevangen door de eigen gemeenschap. Maar intussen worden dagen weken, en weken worden maanden.

Mensen die de overtocht naar Europa maken, hebben om uiteenlopende redenen nood aan geld: ze willen hun onkosten van de reis terugverdienen, ze onderhouden familie in hun thuisland of wachten op een gezinshereniging in België. Jan Knockaert, coördinator van de Organisatie voor Clandestiene Arbeidsmigranten (OR.C.A.), licht toe welke impact de vluchtelingencrisis zal hebben op zwartwerk in België.

Ziet u vandaag een evolutie in clandestiene arbeid?

© Michiel Petitjean

Jan Knockaert, coördinator bij OR.C.A.

Jan Knockaert: Neen. Toen de Arabische Lente uitbrak in Tunesië in 2010, klopten er pas anderhalf jaar later mensen aan bij onze organisatie. Het ging dan om Tunesiërs en Marokkanen die de reis naar Europa hadden gemaakt en hier in ons land uitgebuit werden. Waarschijnlijk belandden deze mensen eerst bij landgenoten die hier in België verblijven.

‘Na de Arabische Lente duurde het nog meer dan een jaar eer mensen aanklopten bij ons.’

Maar ook de asielprocedure, die normaal zes maanden in beslag neemt, zorgt ervoor dat nieuwkomers de eerste tijd niet naar werk hoeven te zoeken. Ze kunnen terugvallen op een uitgebouwd netwerk. De asielprocedures in deze crisis zullen waarschijnlijk uitlopen tot langer dan zes maanden, dus ik geloof dat het nog een tijdje zal duren eer nieuwkomers de weg naar ons gevonden hebben.

Kent iedereen OR.C.A?

Knockaert: De kans dat een zwartwerker een sociaal assistent van Fedasil aanspreekt over zijn toestand op het werk, is eerder klein, waardoor hulpverleners hen niet kunnen doorsturen naar ons. Om die reden bestaat er vandaag maar een dossier over drie Syriërs die uitgebuit werden door hun werkgever. Concreet ging het over een job in de reclamesector.

En Fedasil? Hebben zij een zicht op het aantal uitgebuite Syriërs of Irakezen die recent naar ons land kwamen?

Knockaert: De FOD Justitie besliste onlangs om folders te verspreiden onder de nieuwkomers. Daarin staan onder meer de risico’s uitgelegd die verbonden zijn aan zwartwerk. De Cel Mensenhandel wil op die manier vermijden dat mensen nog langer uitgebuit worden. De folder is bijna klaar. Ook ons adres staat erin vermeld. Ik verwacht dus dat we in de toekomst wel wat klachten zullen krijgen van mensen die uitgebuit zijn. Tot nu toe vonden mensen ons vooral via eerstelijnhulpverleners of via andere werknemers die we al hadden geholpen en hun vrienden doorverwezen.

Waarom gaat men op zoek naar werk in de informele sector?

Knockaert:  Vroeger hadden mensen de eerste zes maanden van hun verblijf geen recht op werk. Vandaag is die periode teruggeschroefd tot vier maanden.

Vele jonge mannen merkten dat gezinshereniging niet zo gemakkelijk is dan dat ze gedacht hadden. Dus gaan ze aan de slag met de bedoeling om geld op te sturen naar hun familie die zich nog in het land van herkomst bevindt. Dat is de grootste reden om in het informele circuit aan de slag te gaan: middelen verzamelen om familie te helpen. Achteraf blijkt vaak dat de werkgever het arbeidsrecht niet zo nauw neemt en de zwartwerkers niet respecteert. Wat dan?

Hoe belanden nieuwkomers in het illegale circuit?

Knockaert: Een persoon in een opvangcentrum neemt eens wat vrienden mee naar de werkgever en zo gaat de bal aan het rollen. In andere gevallen reageren mensen zonder wettig verblijf op advertenties in de krant of spreken ze potentiële werkgevers aan op een mark, een werf, dat soort ondernemingen.

Welke rechten hebben zwartwerkers?

Knockaert: Zodra er een arbeidsrelatie is, mondeling of schriftelijk, heeft iedereen evenveel arbeidsrechten. Vele mensen denken dat zwartwerkers minder rechten hebben en zelf denken ze dat ook vaak. Maar ze zouden een minimumloon moeten krijgen, ze hebben recht op vakantiedagen en een arbeidsongevallenverzekering. Natuurlijk heb je geen sociale rechten zoals een werkloosheidsverzekering omdat je geen sociale bijdragen betaalt.

Vroeger was zwartwerk trouwens niet strafbaar voor werknemers. Sinds 1 mei is dat wel het geval. Illegaal tewerkgestelden riskeren dus een boete wanneer ze betrapt worden, tenzij ze kunnen aantonen dat ze uitgebuit werden of het slachtoffer zijn van mensenhandel.

‘Voor 1 mei was zwartwerk niet strafbaar voor werknemers.’

Is dat moeilijk aan te tonen?

Knockaert: Dat is natuurlijk een groot probleem wanneer je geen enkel contract kan voorleggen. Als je niet betrapt wordt op de werkvloer, moet je mails, sms’en, foto’s, video’s,  werfadressen, … kunnen voorleggen. Je kan dan een klacht neerleggen bij de arbeidsinspectiedienst.

Draait dat positief uit voor de werknemer? En hoe toon je zonder contract aan dat je niet correct betaald werd?

Knockaert: Het is aan de werkgever om aan te tonen dat hij zijn personeel correct uitbetaald heeft. In een normale situatie leggen de partijen loonfiches en overschrijvingen voor. Dat gaat natuurlijk niet bij zwartwerk.

Astrid Westvang (CC BY-NC-ND 2.0)

‘Het duurt een tijdje eer nieuwkomers aankloppen bij OR.C.A.’

En de periode die je gewerkt hebt? Hoe toon je dat aan? 

Knockaert: Er is een Europese richtlijn die daar duidelijkheid over schept. Wanneer werknemers zonder wettig verblijf betrapt worden, gaat de overheid ervan uit dat ze drie maanden aan de slag waren. Deze regel geldt dus niet voor asielzoekers.

Het is dan aan de werknemer om te bewijzen dat hij al langer dan drie maanden in dienst was, en aan de werkgever om aan te tonen dat hij nog maar pas in het zwart werkte. In theorie heeft elke werknemer zonder wettig verblijf dus recht op drie maanden achterstallig loon.

Een werknemer heeft dus nooit voordelen bij zwartwerk.

Knockaert: Inderdaad. Enkel de werkgever ondervindt voordelen. Ik ken geen enkele werkgever die iemand in het zwart zou tewerkstellen wanneer hij alle arbeidsrechten respecteert. Zelfs al krijgen werknemers een correct nettoloon, dan nog betaalt de werkgever geen sociale bijdragen.

Toch “kiezen” heel wat mensen voor een job in de illegaliteit.

Knockaert: Zonder wettig verblijf, heb je als nieuwkomer vijf opties waaruit je kan kiezen: leven op de kosten van je kennissen en vrienden, maar dat blijft niet duren. Je kan gaan bedelen. Er is sekswerk en criminaliteit. En tenslotte is er ook zwartwerk. De eerste vier opties vinden de meeste mensen geen valabele optie..

Illegaal tewerkgesteld worden of doodgaan van de honger: dat is de realiteit waarin heel wat mensen leven. Dat is ook de reden waarom ze jobs aanvaarden aan een belachelijk laag loon. Asielzoekers kunnen terugvallen op structuren van de overheid. Zij hebben dus minder nood aan een job op korte termijn.

© Michiel Petitjean

‘De vier grootste sectoren zijn de bouw, de horeca, de schoonmaak- en huishoudsector.’

Heel wat mensen verliezen dus, ongeacht hun situatie, hun trots niet.

Knockaert: Een groot aantal mensen wil niet leven op de kosten van de staat. In opvangcentra zijn er wel eens activiteiten en in het beste geval ook lessen. Maar mensen vervelen zich daar. Daarom kiezen ze ervoor om clandestien aan het werk te gaan.

Bovendien kennen heel wat mensen onze regelgeving niet. Werkgevers durven hen wel eens vertellen dat alles in orde is zodra ze ergens een handtekening zetten. Deze mensen nemen op hun beurt andere mensen uit centra mee. Op het einde van de rit blijkt het echter niet voordelig om in het zwart te werken. Boetes zijn enorm hoog.

Is een sanctie nadelig voor toekomstige procedures?

Knockaert: Dat zou in principe niet mogen. Wie recht heeft op asiel, krijgt het ook. Voor mensen die hier verblijven zonder papieren, is dat een ander verhaal. Werken in het zwart wordt beschouwd als een schending van de openbare veiligheid. Een inreisverbod in de Europese Unie kan een mogelijke sanctie zijn. Ook het bevel om de Schengen zone onmiddellijk te verlaten, kan worden uitgevoerd. In normale omstandigheden krijgen mensen zonder wettig verblijf dertig dagen de tijd om de Schengen zone te verlaten.

Hoeveel mensen werken er naar schatting in België in het zwart?

Knockaert: Officiële cijfers zijn er natuurlijk niet. De Clandestino studie uit 2008 stelt dat er tussen de 80.000 en 130.000 mensen zonder wettig verblijf in ons land waren. Dat is natuurlijk een enorme foutmarge, wat veel zegt het gebrek aan data. Wij schatten dat er momenteel ongeveer 100.000 mensen zonder wettig verblijf in België zijn. Onder hen bevinden zich kinderen en bejaarden. Van de volwassenen werkt waarschijnlijk een groot deel in de informele sector.

We bereiken heel wat mensen van Maghrebijnse origine. De Marokkanen vormen veruit de grootste groep onder hen. Ook heel wat Brazilianen en andere Latijns-Amerikaanse landen zijn helaas goed vertegenwoordigd.

Vorig jaar contacteerden mensen van 62 verschillende nationaliteiten ons. Mensen uit EU-landen sturen we door naar de arbeidsinspectie omdat we over onvoldoende middelen beschikken. Het gaat dan vooral om Bulgaren en Roemenen die in de schijnzelfstandigheid terecht kwamen.

‘Enkel in de overheidssector ben ik nooit mensen zonder papieren tegengekomen.’

In welke sectoren gaan deze mensen aan de slag?

Knockaert: Enkel in de overheidssector ben ik nog nooit mensen zonder papieren tegengekomen. Bij de ambtenaren is er geen zwartwerk, alle andere sectoren hebben te maken met het probleem. De vier traditionele sectoren zijn de bouw, de horeca, schoonmaak en huishoudpersoneel.

En de fruitteelt of de landbouw in het algemeen?

Knockaert: Dat zal wel het geval zijn in Limburg en West-Vlaanderen. In Brussel krijgen we daar minder mee te maken. Zwartwerkers vinden de drempel te hoog om naar de hoofdstad te komen wanneer zij vragen hebben over hun loon. Ze zetten de stap pas wanneer ze met een arbeidsongeval te maken hebben. Dan is de nood natuurlijk groter.

Pas anderhalf jaar na de Arabische Lente merkte u een verschuiving op van de nationaliteit van de zwartwerkers. Verwacht u over een jaar of twee dat het aantal Syriërs en Irakezen zal toenemen?

Knockaert: Het erkenningspercentage als asielzoekers ligt vrij hoog. Slechts veertig procent van de nieuwkomers wordt niet erkend. Een deel daarvan keert terug naar huis, een ander deel migreert naar een buurland. Het laatste deel blijft in België. Ik verwacht niet dat het aantal Syrische zwartwerkers zal toenemen, net omdat zij vaak erkend worden als vluchteling.

Andere groepen die meereisden met de grote mensenstroom van Irakezen en Syriërs zullen wel bij ons aankloppen. Het gaat dan vooral om Afghanen en Bengalen. Ook de brochure van de FOD Justitie kan daarbij helpen.

Holger Prothmann (CC BY-NC 2.0)

‘Mensen kiezen voor zwartwerk omdat ze hun eer niet willen verliezen.’

Onlangs verscheen de Global Slavery Index die stelt dat België 2000 slaven telt. Gaat dat om zwartwerkers?

Knockaert: Ik vind dat zeer moeilijk. Door het begrip slavernij op heel veel situaties te kleven dreigen we het  begrip slavernij uit te hollen. Ik geloof niet dat er 2000 slaven in België leven. Dat zijn  mensen die geen loon krijgen, vastgehouden worden en uitgebuit worden. Om te kijken om hoeveel mensen het gaat kijkt men beter naar het aantal mensen dat  slachtoffer is van mensenhandel.

En zelfs dan moet je opletten. Er zijn een aantal mensen die ik het label van “slaaf” zou geven, maar dan kom ik niet aan 2000 mensen. Dat hoop ik toch.

In Antwerpen zijn er bepaalde Indiase diamantairs die hun personeel vanuit India meenemen en deze mensen behandelen op een manier die wij als slavernij zouden omschrijven. Ik zou eens moeten kijken welk begrip er gebruikt wordt in de index. We moeten dat aantal dus wat nuanceren.

Volgens de Global Slavery Index ben je een slaaf wanneer iemand anders je van je vrijheid berooft.

Knockaert: Wanneer neem je bezit van iemand? Als je iemands papieren afneemt? Dan nog lijkt het getal 2000 me behoorlijk veel.

‘Ik geloof niet dat er 2000 slaven in België leven.’

Welk standpunt nemen de vakbonden in over zwartwerkers?

Knockaert: Langs Franstalige kant zijn er heel wat individuen die hevig inzetten op thema’s rond werknemers zonder wettig verblijf. De FGTB in Luik bijvoorbeeld en hun eigen studiedienst, telt een aantal kernfiguren die deze werknemers proberen te helpen.

Aan de Vlaamse zijde is er minder bereidheid. Of ik heb in elk geval geen weet van initiatieven, wat even zorgwekkend is natuurlijk. Vakbonden erkennen het probleem van uitbuiting van werknemers zonder wettig verblijf, maar je moet al lid zijn van een bond vooraleer ze je rechten zullen verdedigen. En wie is bereid vijftien euro per maand te betalen als je geen vast loon krijgt?

De richtlijnen bij de vakbonden zijn in theorie zeer duidelijk afgelijnd. Het ACV keurden enkele resoluties goed, maar we moeten nog afwachten hoe ze die omzetten in de praktijk.

OR.C.A is dus de enige organisatie die zich bekommert om mensen zonder wettig verblijf?

Knockaert: Myria, het federale migratiecentrum, is sinds de omzetting van een Europese richtlijnen in Belgische wetgeving ook bevoegd. Ze kunnen ook arbeidsrechten afdwingen. Tot nu toe hebben ze daar nog niet veel dossiers. In de praktijk zet enkel OR.C.A in op deze thema’s.

Zo lang wij graag goedkoop eten op restaurant en het normaal vinden dat de loodgieter een deel van de factuur in het zwart opstelt, zal het illegale circuit blijven bestaan. De consument stelt zich geen vragen bij die gang van zaken.

‘De samenleving verwacht dat er in het zwart gewerkt wordt. We willen goedkoop op restaurant eten en onze kantoren moeten er de volgende dag netjes bijliggen.’

Als alle mensen die in de illegaliteit aan het werk zijn morgen staken, dan zullen er heel wat bureaus niet gepoetst worden en zullen ouders geen oppas vinden voor hun kinderen. Ook vele bouwwerven zullen er verlaten bijliggen.

In de 38 jaar die ik leef, kan ik me geen enkel moment herinneren waarop de overheid ooit een informatiecampagne lanceerde tegen zwartwerk. We houden dat systeem eigenlijk met zijn allen mee in stand.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3068   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift