Stedelijke verandering en spanningen tussen nieuwkomers en blijvers

‘Het geweld in Goma is niet zomaar een etnisch conflict’

MONUSCO/Michael Ali/Flickr (CC BY-SA 2.0)

MONUSCO-soldaten op patrouille rond Beni in Noord Kivu (2018). Na de moord op twee bestuurders van motortaxi’s was MONUSCO niet langer het doelwit van de manifestaties, maar groeiden de spanningen tussen twee gemeenschappen, Kumu en Nande.

Het is te simplistisch om het geweld in Goma (Oost-Congo) te bestempelen als een etnisch of tribaal conflict, schrijft Sam Kniknie van de Conflict Research Group in een opinie. ‘In plaats van een tribaal conflict is dit vooral een verhaal over land, stedelijke verandering en spanningen tussen nieuwkomers en blijvers.’

Sinds 8 april komen jongeren in verschillende Oost-Congolese steden op straat om het vertrek van VN-vredesmacht MONUSCO te eisen. Dat is niet de eerste keer. De afgelopen jaren was MONUSCO wel vaker het mikpunt van gefrustreerde jongeren.

Maar deze keer zijn de protesten tegen de aanwezigheid van de blauwhelmen ontspoord in politiek geweld in het noorden van de stad Goma waar twee groepen – Nande en Kumu – tegenover elkaar staan. Velen interpreteren dat als een etnisch conflict tussen gemeenschappen. Maar klopt dat wel?

Protesten krijgen gewelddadig gezicht

MO* berichtte eerder al hoe jongeren in de hele provincie Noord-Kivu hun onvrede tegen de aanwezigheid van MONUSCO uitten. Er heerst behoorlijk wat frustratie over de onmacht van de blauwhelmen om daadwerkelijk een einde te brengen aan het conflict dat sinds 2013 vooral in het noorden van de provincie Noord-Kivu woedt. Jongerenbeweging LUCHA speelde in op die frustraties en riep op tot manifestaties in Beni, Butembo en Goma. In die eerste twee steden gingen de acties nog zeker tot 26 april door.

LUCHA verloor de controle over de protesten. Voor veel jongeren in de rand van de stad klinkt de boodschap van geweldloos verzet niet altijd realistisch.

In Goma kregen de protesten een ander gezicht. Na de moord op twee bestuurders van motortaxi’s in de nacht van 11 april sloeg het karakter van de manifestaties daar om. Met name in het noorden van Goma was niet langer MONUSCO het doelwit van de protesten, maar zetten de protesten de spanningen tussen twee gemeenschappen, Kumu en Nande, op scherp.

Maandag 12 april staken jongeren verschillende huizen in brand. Er volgden gewelddadige schermutselingen en bewoners van de wijken hoorden dagenlang geweerschoten. Bij de confrontaties vielen ondertussen al 10 doden en 34 gewonden.

Op dat moment was de geest uit de fles. LUCHA verloor de controle over de protesten. Zij gaan steeds uit van een niet-gewelddadige aanpak en willen met hun acties geen verdeling zaaien tussen Congolese burgers. Maar voor veel jongeren in de rand van de stad klinkt de boodschap van geweldloos verzet niet altijd realistisch. Voor hen is geweld – en ook de toegang ertoe – een dagelijkse en structurele realiteit. Dat maakt de aanwezigheid van een VN-missie die zo prat gaat op vrede des te cynischer.

Doordat de twisten zich tussen twee gemeenschappen afspelen, interpreteren velen het als een etnisch conflict. Maar dat is te eenvoudig.

Snelle verstedelijking

Want waarom is er net nu een opleving van het geweld in Goma? Dat is onder andere een verhaal van snelle verstedelijking en disputen over land. Het geweld vindt vooral plaats in het noorden van de stad, in een wijk die bekend staat als Buhene. Dat stadsdeel draagt een opmerkelijke recente ontwikkeling in zich.

Tot ongeveer acht jaar geleden was die wijk helemaal geen stedelijk gebied. Veel oudere bewoners herinneren zich nog goed dat het een plaats was met vooral bananenbomen, waar weinig te beleven viel. Dat stond in schril contrast met de kosmopolitische stadswijken die er net naast lagen. In Buhene woonden voor 2013 vooral Kumu, die velen beschouwen als de oorspronkelijke bewoners van Goma en de omliggende dorpen.

Kumu is de naam voor de bevolking die al voor de kolonisatie in het gebied woonde dat we vandaag Goma noemen, maar zij waren nog niet verenigd onder die noemer. Begin twintigste eeuw importeerde de Belgische kolonisator zonder veel kennis van het complexe systeem van autoriteit in het prekoloniale Congo op een nogal onbehouwen manier een traditionele chef uit het westen, enkele honderden kilometers verder.

Met goedkeuring van de Belgen regeerde die chef over de al aanwezige bevolking in het gebied en etnische identiteiten werden verankerd in het collectieve bewustzijn. Op dat moment was er nog geen sprake van een conflict tussen Kumu en Nande. Het toont hoe de spanningen zich niet gemakkelijk door een etnische lens laten verklaren.

De dingen veranderden in 2013. Vanaf dan zorgde het conflict in het noorden van de provincie voor steeds meer geweld rond Beni en Butembo. Veel mensen uit die regio – waar voornamelijk Nande wonen – ontvluchtten het conflict en vestigden zich in Goma. Buhene ligt op de invalsweg naar Goma en zoals dat vaak gaat vestigden veel van deze vluchtelingen zich langs de invalsweg waarlangs ze gekomen waren. Het resultaat was een snelle verstedelijking en vandaag loopt de wijk naadloos over in de stad.

Oude en nieuwe inwoners

In eerste instantie leidde die snelle verstedelijking niet tot problemen. Tijdens de verkiezingen van 2018 veranderde dat. Steeds meer Kumu voelden zich politiek bedreigd door de aanwezigheid van de nieuwkomers en vreesden dat zij de minderheid zouden vormen in hun eigen kieskring. Dat leidde tot manifestaties en onrust. Er ontstond een fragiel evenwicht van politieke allianties over etnische grenzen heen.

Een bijkomend probleem is de kwestie van toegang tot land. Aangezien het gebied traditioneel toebehoorde aan de Kumu hadden zij voor 2013 de meeste grondrechten in handen. Toen veel Nande in de wijk toekwamen, kochten ze een stuk land om hun huis op te bouwen. Veel Kumu verloren zo de eigendomsrechten van hun gronden. Na een aantal jaar leidde dat tot landconflicten en grieven tussen nieuwe en oude eigenaars.

De snelle verstedelijking en alle spanningen die daarmee gepaard gaan, hebben de afgelopen jaren het leven in de wijk er niet eenvoudiger op gemaakt.

De nieuwkomers in Buhene zijn voornamelijk Nande en voelen zich sterk verbonden met zij die achterblijven in het noorden van de provincie. Voor die achterblijvers is gewapend geweld geen ver-van-mijn-bed-show. Vanuit die verontwaardiging organiseerden ze de afgelopen jaren wel vaker protesten tegen het conflict en tegen de VN-vredesmacht. In Beni richtten manifestanten hun pijlen op een VN-basis die uiteindelijk in vlammen opging.

Niet iedereen is blij met die protesten. In Buhene hebben veel Kumu het moeilijk met de onrust in hun omgeving en ze schuiven de verantwoordelijkheid daarvan op de nieuwkomers. Het is in die context dat de protesten van afgelopen week ontspoorden in geweld tussen de twee groepen. Veel Kumu zijn het beu dat “hun” wijk telkens weer het schouwtoneel is van onrusten waar de nieuwkomers de auteurs van zijn. Dat kan verklaren waarom de protesten tegen MONUSCO snel transformeerden naar meer algemene onrusten in de wijk.

Meer dan een etnisch conflict

Dat de protesten tegen MONUSCO vandaag leiden tot geweld komt dus niet zomaar uit de lucht vallen. Aan de ene kant wijzen veel jongeren terecht op het falen van de vredesmacht om vrede te brengen in de regio. MONUSCO is ondertussen de duurste en langstlopende VN-missie ooit. Dat zien veel jongeren ook, maar zij zien geen oplossing voor het conflict. Daarom gaan ze de straat op.

In plaats van een tribaal conflict is dit vooral een verhaal over land, stedelijke verandering en spanningen tussen nieuwkomers en blijvers.

Aan de andere kant is het ook niet vreemd dat de protesten ontsporen in conflicten tussen bevolkingsgroepen. De snelle verstedelijking en alle spanningen die daarmee gepaard gaan, hebben de afgelopen jaren het leven in de wijk er niet eenvoudiger op gemaakt.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
De protesten vandaag zijn dus een complex kluwen van hedendaagse politieke frustraties, recente verstedelijking en koloniale breuklijnen. Het is geenszins correct om de protesten te bekijken als een ondoordachte reactie tegen de aanwezigheid van de VN of een simpel tribaal conflict.

Maar dat gebeurt wel. Heel wat stemmen – lokaal en internationaal – beschrijven de gebeurtenissen als een interetnische oorlog. In plaats van een tribaal conflict is dit vooral een verhaal over land, stedelijke verandering en spanningen tussen nieuwkomers en blijvers waarin het ons niet veel verder brengt als we vervallen in simplistische denkkaders zoals een ‘tribale oorlog’.

Sam Kniknie is doctoraatstudent verbonden aan de Conflict Research Group van de UGent. Hij doet onderzoek naar protest, geweld en stedelijke periferie in het oosten van de Democratische Republiek Congo.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3098   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift