Het aantal regeneratieve landbouwers groeit wereldwijd, en dat is niet zomaar

‘Herstellende landbouw kan wel degelijk veel koolstof opslaan’

Garrett Duyck / Flickr (CC BY-ND 2.0)

Het referentiekader van veel landbouwwetenschappers is een disfunctionele bodem. Dat verklaart de scepsis over het potentieel van regeneratieve landbouw of agro-ecologie. Het klinkt te mooi om waar te zijn.

De VN trapten begin 2021 het “Decennium voor Ecosysteemrestauratie” af. Overal ter wereld zijn er mensen die het ecosysteem herstellen, terwijl ze voedsel produceren. De regeneratieve landbouw die zij in de praktijk brengen, verdient dringend meer aandacht, ook van wetenschappers, schrijft agro-ecoloog Jeroen Watté.

Regeneratieve landbouw werkt met de natuur mee en is zo in staat cruciale ecosysteemfuncties te herstellen zoals waterinfiltratie en biodiversiteit. Een positief neveneffect van die systeemaanpak is koolstofopslag, soms voorgesteld als doel op zich. Maar het is eerder een gevolg van een snel ecosysteemherstel. Om regeneratieve landbouw breder ingang te doen vinden, moeten we de huidige dominante, maar erg beperkte kijk op landbouwbodems achterwege durven laten.

Wie heeft het meeste koolstof?

Een onderzoeker die op dat vlak sporen heeft verdiend, is professor emeritus Richard Teague van Texas A&M AgriLife Research. Als één van de eerste onderzoekers startte hij een samenwerking op met regeneratieve begrazers. Hoe hij hen op het spoor kwam, is verhelderend.

In 1999 werkte hij in de VS met de ambtenaren van Natural Resource Conservation Service (NRCS) die bodemkaarten maakten. Teague vroeg hen om in contact te komen met de boeren met de hoogste koolstofopslag in hun bodems. Zonder uitzondering pasten zij allemaal een vorm toe van regeneratieve begrazing.

‘De regeneratieve manier van denken en onderzoeken is onbekend voor veel landbouwwetenschappers en boeren.’

Die strategie komt erop neer dat herkauwers zeer frequent omgeweid worden, zodat het gras tijd krijgt te herstellen. Het is een soort nabootsen van het migratiegedrag van kuddes bizons. De rol van de predator die in natuurlijke omstandigheden zorgt dat de kudde bij elkaar blijft, nemen boeren op door een elektrische draad zeer regelmatig te verzetten, rekening houdend met oa. grasgroei en klimaat.

Systeemdenken

Teague stelde vast dat er een grote discrepantie bestaat tussen onderzoeksresultaten over roterend begrazen enerzijds – die nauwelijks positief effect aantoonden – en anekdotische ervaringen van ranchers anderzijds, die een toename zagen in voederproductie en vleesproductie.

Teague pleit voor een onderzoeksaanpak die aanleunt bij het systeemdenken. ‘Boeren zijn beheerders van complexe ecosystemen, waar alles met elkaar samenhangt. De regeneratieve manier van denken en onderzoeken is onbekend voor veel boeren en landbouwwetenschappers.’

Wetenschappelijke methoden die slechts naar één factor kijken, hebben ons al veel bijgeleerd, maar hebben slechts beperkt nut voor boeren zelf en laten niet toe de praktijken van boeren te begrijpen. Teague gelooft dat boeren die met succes regeneratieve principes toepassen op hun boerderijen, het best geplaatst zijn om deze kennis en de voordelen ervan door te geven aan hun collega’s.

Zo leren boeren observeren en investeren in ecosysteemfuncties. Ze combineren verminderde kunstmest en pesticiden met minder diep (of niet meer) ploegen, diverse en permanente bodembedekkende plantenteelt en het inschakelen van grazers. Dat proces van bodemherstel leidt tot meer veerkracht.

Ecosysteemherstel met grote en snelle koolstofopslag

Teague zag als rangeland ecoloog bij veehouders in Canada gedurende 15 jaar elk jaar een toename in bodemorganische stof van 1 procent. Dat is een koolstofopslag die ongeveer tien keer sneller is dan wat Vlaamse onderzoekers recent lieten optekenen in De Standaard. Tegelijk konden de bodems tien keer sneller water doorlaten.

Teague stelde in zijn onderzoek bij de regeneratieve begrazers volgende positieve effecten vast: betere waterhuishouding, betere fysische, chemische en biologische bodemkwaliteit, hogere productiviteit maar ook hogere biodiversiteit, en meer veerkracht door het herstel van bodemgezondheid en ecosysteemfuncties. Hij toonde ook aan dat er minder emissies plaatsvonden en dat de bodem meer koolstof kon opslaan.

De ecoloog trekt in twijfel dat er een plafond zou zitten op de hoeveelheid koolstof die bodems kunnen opslaan: ‘Iedereen verwijst naar de langetermijnproeven van Rothamsted die aantoonden dat de hoeveelheid koolstof die je kan vastleggen na een bepaalde tijd plafonneert.’

Op dat moment zouden bodems “vol” zitten. Maar hoe werden de metersdiepe prairiebodems met enorme hoeveelheden organische stof dan gevormd? Teague ontdekte dat er in Rothamsted op een bepaald moment beslist werd — toen de organische stof nog aan het toenemen was — dat de grazende schapen zouden worden vervangen door een maaibeheer. Het maaisel werd teruggebracht op de percelen ‘om de nutriëntenkringloop te sluiten’.

Teague weet als ecoloog dat zo ook de mestkevers als sleutelsoort verdwijnen met verlies aan biodiversiteit en koolstofopslag tot gevolg.

Disfunctionele bodem is de standaard

De meeste agronomen en bodemkundigen erkennen dat je bodems kan verbeteren met betere landbouwpraktijken. Maar sommigen zijn sceptisch: zo’n grote koolstofopslag zou volgens hen niet kunnen zonder gebruik te maken van “koolstofverhuis”: bvb. compost die van elders aangevoerd wordt. Zij stellen dat zo’n grote koolstofopslag niet mogelijk is zonder extra bemesting, wat door hogere emissies de klimaatwinst teniet zou doen.

Regeneratie landbouw of agro-ecologie, het klinkt te mooi om waar te zijn voor sceptische landbouwwetenschappers.

De boeren met wie Teague samenwerkte, bewijzen het tegendeel. De aannames van sceptische landbouwwetenschappers zijn dus niet altijd gegrond. Volgens Jon Stika, die een hele carrière bij de NRCS heeft gewerkt in de VS, hebben de meesten in de sector nog nooit een gezonde functionerende bodem gezien.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Hun referentiekader is een disfunctionele bodem. Dat verklaart de scepsis over het potentieel van regeneratieve landbouw of agro-ecologie. Het klinkt te mooi om waar te zijn.

Simplificatie

Het grootste obstakel om bij te leren, is dat er “kennis” in de weg zit. Eén en ander is historisch scheefgegroeid in hoe we zijn gaan kijken naar de bodem en hoe planten zich voeden. Wetenschapshistoricus Joost Visser verdiepte zich in de geschiedenis van bodemwetenschappen en stelde vast dat er voor WO I onder wetenschappers en boeren een genuanceerd beeld was van hoe planten zich voeden. Gek genoeg volledig coherent met de ecologische inzichten die de laatste dertig jaar zijn (her)ontdekt.

Ondermeer politieke keuzes hebben ertoe geleid dat onderzoek naar bodems en plantenvoeding te sterk vereenvoudigd werd vorige eeuw, met name tot agrochemie. In die traditie hing Dieter De Cleene in ‘De broze beloftes van herstellend boeren’ een erg eenzijdig beeld op over regeneratieve landbouw.

De Cleene beroept zich enkel op sceptici en op onderzoek van zowel Oxford als Wageningen dat vreemd genoeg het vele gepubliceerde werk van Richard Teague en anderen terzake lijkt gemist te hebben. De Cleene interviewt KU Leuven professor Olivier Honnay die bij startende boer Bram ‘die hij op Twitter leerde kennen’ geregeld zou ‘meten of koolstofneutrale biefstuk bestaat, zoals sommigen claimen’.

Wervel herhaalt bij deze de suggestie aan de professor om de koolstofopslag alvast eens te meten bij een pionier in België die al meer dan twee decennia regeneratief bezig is en op sommige percelen de bodemorganische stof zag toenemen van 2 procent tot intussen meer dan 12 procent.

Wereldwijd groeit het aantal regeneratieve landbouwers, en dat is niet zomaar. Een groep topexperts vond het dan ook nodig om op de “verwarrende” sceptici duidelijk te reageren: regeneratieve landbouw kan wel degelijk significant koolstof vastleggen!

Jeroen Watté is agro-ecoloog bij Wervel vzw

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3153   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift