‘Ik droom nog altijd van Abchazië, de vruchten daar waren de zoetste die ik ooit proefde’

Reportage

Leven in de schaduw van de Georgisch-Abchazische grens

‘Ik droom nog altijd van Abchazië, de vruchten daar waren de zoetste die ik ooit proefde’

Close up van een man die door een verrekijker tuurt.
Close up van een man die door een verrekijker tuurt.

Lennart Soberon

04 mei 202616 min leestijd

Een 250 kilometer lange grens scheidt al jarenlang Abchazië en Georgië, en dat maakt het leven van de grensbewoners complex. Ze worden ook steeds meer de speelbal van Rusland en van regeringspartij Georgische Droom. ‘Wil je de grens oversteken, dan hangen je slaagkansen af van het politieke moment.’

‘Pas op waar je wandelt, misschien liggen er nog landmijnen.’ Levan* grapt. Of althans, dat denk ik. We wandelen langs een gigantisch sportcomplex aan de rand van de stad Zoegdidi, in het uiterste noordwesten van Georgië. Klein van gestalte maar atletisch van bouw klimt hij moeiteloos door een gebroken venster, op zoek naar een ingang waar ik ook door kan.

Mijn gids is een jonge dj van begin de twintig, vers afgezwaaid uit het leger. Hij heeft zich recent toegespitst op muziekproductie. Door bij te klussen als geluidsmixer voor een lokale televisiezender slaagt hij erin om zich financieel te redden. In elk geval tot hij naar de Verenigde Staten migreert om daar zijn droom na te jagen: werken in Detroit, de wereldhoofdstad van de techno.

Het sportcomplex is een huzarenstukje van Sovjetbrutalisme en bestaat uit strakke blokken bruin beton, die hier en daar opgefleurd worden met futuristische muurschilderingen. Het lichaam in een staat van fysieke activiteit, dolfijnen in stralend blauw, een mozaïek van mensen veredeld door sport. Maar het utopisme van de façade vertoont letterlijk barstjes. Kogelgaten in de muren laten de toekomstidealen vloeken met de herinnering aan een pijnlijk verleden.

In augustus 2008, tijdens de Russisch-Georgische oorlog, rolden Russische tanks de grens over en het centrum van Zoegdidi binnen. Deze aanval kwam er na de militaire escalatie in Zuid-Ossetië. Rusland viel Georgië proactief binnen, zogenaamd om het aangrenzende Abchazië te verdedigen.

De oorlog duurde slechts anderhalve week. Levan was te jong om het zich nog goed te herinneren, maar vertelt hoe zijn vader de aanval beschrijft: ‘Tien dagen hel op aarde. Ze schoten alles aan gort. Veel is nog altijd niet herbouwd.’ De repercussies voor de regio blijven ook zeventien jaar later voelbaar.

Een man staat in de restanten van wat ooit een sportcentrum was

17 jaar na de Russish-Georgische oorlog ligt het sportcentrum van Zoegdidi er nog altijd als een ruïne bij.

Vroeger kwam Levans vader, zoals velen, naar het sportcentrum om te zwemmen en judo te beoefenen. Het zes verdiepingen tellende gebouw ligt er nog altijd bij als een ruïne. ‘Fuck Russia’ en ‘Glory to Ukraine’ in zwarte graffiti sieren de binnenmuren. ‘We organiseren hier nu geregeld raves’, zegt Levan, van plan om zijn volgende muziekclip in het leeggelopen zwembad op te nemen. ‘Het is onze manier om de plek terug op te eisen.’

Vanaf de bovenste verdieping kunnen we de kronkelingen van de Enguririvier ontwaren, en niet ver daarvandaan de grens. Haal een verrekijker tevoorschijn en je ziet het groen, rood en wit van de Abchazische vlag wapperen.

Open wonde

De regio waarin Zoegdidi zich bevindt, Samegrelo, trekt zelden toeristen aan. Bergwandelaars maken slechts een snelle stop richting Svaneti, de strandliefhebber verkiest Batoemi.

Nochtans heeft de regio iets paradijselijks. Met zijn subtropische klimaat en vruchtbare grond is Samegrelo de fruitgaard van de natie. Mandarijnbomen, watermeloenplanten en akkers vol blauwe bessen vullen het landschap met leven. Spring in een taxi en je staat zo tussen de palmen te turen naar het donkere water van de Zwarte Zee.

Maar bij een bezoek wordt de idylle snel doorbroken. Konvooien jeeps met geblindeerde ruiten razen met hoge snelheid de straten door, terwijl militaire schepen langs de kustlijn patrouilleren. Wanneer je het strand afwandelt, duurt het niet lang voor je op een met prikkeldraad en wachttorens uitgeruste grenspost botst.

Die grenspost vormt de eerste linie van de zogenaamde security zone, een buffergebied tussen Abchazië en Georgië dat strategisch langs de grens tussen beide naties is uitgetekend. De grens begint in de bergen en snijdt 250 kilometer lang door het landschap, om uiteindelijk uit te monden in de zee. Sommige delen van de grens zijn gemilitariseerd.

zicht op een grenspost aan de kust

De grens tussen Georgië en Abchazië begint in de bergen en snijdt 250 kilometer lang door het landschap, om uiteindelijk uit te monden in de zee. Is hij niet zichtbaar, dan is hij op elk moment wel voelbaar.

Prikkeldraad en sluipschutterstorens proberen hier een illegale oversteek te ontmoedigen. Op andere plekken is het de natuur die de plak zwaait. De grens loopt door dik begroeide bossen en de snelstromende Enguririvier. Zelfs al is de grens niet zichtbaar aangegeven, hij is te allen tijden voelbaar. Lokale bewoners weten goed waar het gevaar begint en eindigt.

Vragen naar Abchazië resulteert altijd in zichtbaar ongemak. Het is vaak pas tijdens de typisch Georgische overdadige feestdis, de supra, dat het gesprek loskomt en de contouren van een beladen geschiedenis zichtbaar worden.

Voor de lokale bevolking is de grens een gevoelige kwestie. Zij zien hem als een open wonde, die hen dagelijks herinnert aan de trauma’s van het verleden. Toen de Sovjet-Unie in 1991 uit elkaar viel en dus ook de kaart van de Kaukasus hertekend werd, stegen de spanningen tussen de etnische groepen in de autonome provincie van Abchazië tot het kookpunt. Nationalisten van beide kampen weigerden toegevingen te doen over de Abchazische onafhankelijkheid.

Dat leidde in 1992 tot een bloederig conflict. Aan het einde van deze één jaar lange oorlog waren er 10.000 mensen omgekomen en 250.000 ontheemd. Een van deze vluchtelingen was de Georgische Ana*. Zij werd op het laatste moment weggehaald, met een helikopter. Haar vader moest te voet vluchten, net als duizenden anderen, over de gevreesde Klukhoribergpas, ook wel de ‘pas der verdoemden’ genoemd. ‘Ons huis staat in Abchazië, mijn ouders hebben de sleutels nog’, vertrouwt ze me geëmotioneerd toe.

Mythologische proporties

Abchazië werd na de oorlog een autonome republiek, met economische en militaire steun van Rusland. Maar erkenning door de internationale gemeenschap bleef uit en het land belandde al snel in een staat van politiek isolement.

Na de oorlog van 2008 groeide Abchazië alleen maar toe naar Rusland. De Russische president Poetin hanteerde een nieuw buitenlandbeleid, dat de invloedssfeer over voormalige Sovjetstaten moest versterken. Intussen is Russisch de voertaal van Abchazië, de roebel de officiële munteenheid en hebben Abchaziërs een Russisch paspoort nodig om het grondgebied te verlaten. Georgië beschouwt Abchazië dan ook niet als een onafhankelijke natie, maar als bezet gebied.

Anders dan Zuid-Ossetië, dat zich ook in 1991 van Georgië afscheurde, heeft Abchazië voor de doorsnee Georgiër bijna mythologische proporties. Alex*, afkomstig van Koetaisi, vocht als soldaat in de oorlog: ‘Ik droom nog altijd van Abchazië. De vruchten daar waren de zoetste die ik ooit proefde.’ Andere Georgiërs herinneren zich Abchazië als de plek waar ze hun eerste ijsje aten of hun mooiste vakantie doorbrachten.

Net als velen is vluchtelinge Ana nooit gestopt met wachten. Sommige vluchtelingen wonen al meer dan dertig jaar op wandelafstand van de grens, hopend dat ze elk moment terug naar huis kunnen keren. Ze kunnen wel door de bossen en de rivieren oversteken, maar dan zijn ze in het land als illegale Georgiër, en dus kunnen ze worden gedeporteerd of zelfs gedood.

Wanneer ik Ana vraag of ze gelooft in een hereniging van Abchazië met Georgië, is ze vastberaden: ‘Zeker. Misschien niet meer in het leven van mijn ouders. Misschien niet in mijn leven. Maar mijn kinderen zullen het gras zien groeien aan de andere kant van de grens.’

Grensverkeer

Wanneer ik de grenspost in Rukhi bezoek, is het er behoorlijk druk. Volgestouwde marsjroetka’s (Georgische taxibussen) rijden tot de grenslinie en zetten een hoop mensen af, die vervolgens de oversteek te voet vervolledigen.

Waar het voor Georgiërs vrijwel onmogelijk is tot Abchazië te worden toegelaten, hanteert Georgië een open grens ten aanzien van etnische Georgiërs die na de oorlog in Abchazië vast kwamen te zitten. Zij die de oversteek maken, komen doorgaans uit het Galidistrict, net over de grens, dat voor 98% uit etnische Georgiërs bestaat.

Toen de grens getrokken werd, na de oorlog van 1992-1993, sneed die op sommige punten scherp door gemeenschappen. Geliefden, families en hele dorpen zagen zichzelf van de ene op de andere dag verdeeld. In Pakhulani, bijvoorbeeld, bleef de kerk aan de Georgische kant, het kerkhof belandde in Abchazië.

Sommigen wandelen, paspoort in de hand, makkelijk de grens over. Anderen zeulen zware koffers met zich mee en worden onderworpen aan lange inspecties. Een vrouw passeert de tot de tanden bewapende grenswachten met een felgroen zwembandje.

Deze inwoners hebben noodgedwongen leren leven met de grens. Abchazische kinderen steken dagelijks de brug over om de tocht naar hun Georgische school aan te vangen. Abchazische boeren maken de oversteek om hun gewassen te verkopen op de markt in Zoegdidi.

Omdat Abchazië geen goede gezondheidszorg heeft, trekken zieken steeds vaker naar de overkant voor doktersbezoeken en medicijnen. Zo moeten ook drugsverslaafden dagelijks te voet verschillende controleposten trotseren om in Georgië hun methadonbedeling te innen.

Controleposten

Maar de oversteek maken is allesbehalve makkelijk. De bufferzone rond de grens is een streng bewaakt niemandsland, waar verschillende militaire groepen controle uitoefenen over de regio.

Sinds covid zijn er slechts twee officiële oversteekpunten voor het hele gebied, voorzien van drie afzonderlijke controleposten: een Georgische, een Abchazische en een Russische. Zelfs met de juiste legitimatiebewijzen kan je aan elk van deze punten geweigerd worden. Het is bovendien niet ongewoon dat grenswachten een steekpenning vragen.

Omdat het grensland poreus is en niet overal bewaakt kan worden, kiezen mensen dus voor informele routes. Deze illegale oversteken zijn helaas niet zonder risico. Betrapt worden leidt tot zware gevangenisstraffen, en grensgangers worden geregeld onder vuur genomen.

De gevaarlijkste hindernis is de Enguri, die altijd overgestoken moet worden. In 2021 stierven vier mensen aan de grenspost van Shamgona toen ze in een stroomversnelling van de rivier terechtkwamen. Ironisch genoeg leidde het incident net tot een verhoogde beveiliging, wat de grensbewoners dwingt om nog gevaarlijkere routes op te zoeken.

twee mannen staan onder een brug aan de oever van de rivier Engari

De gevaarlijkste hindernis voor vluchtelingen en migranten is de Enguririvier, die altijd overgestoken moet worden.

Sandra*, veldwerker bij de European Union Monitoring Mission (EUMM), patrouilleert met haar team in het grensgebied om ontwikkelingen op de voet te volgen. Sinds de Russische invasie van Oekraïne is de toestand er volgens haar alleen benauwder op geworden. De Russische militairen zijn striktere regels beginnen hanteren, als een vorm van pestpolitiek. Soms provoceren ze ook het Georgische kamp door verkenningsdrones de grens over te sturen.

‘Bij een oversteekpoging hangen je slaagkansen voornamelijk af van het politieke moment’, zegt Sandra. Grensbewoners worden hier de speelbal van grootmachten op zoek naar een drukkingsmiddel.

Wanneer er een incident is aan de grens, probeert de EUMM te bemiddelen tussen de Georgische en de Russische overheid. ‘Soms gaat het om een diplomatieke crisis, maar soms ook over triviale zaken’, duidt Sandra. ‘De varkens van deze boer zijn over de grens gelopen. Kunnen ze geruild worden met de verloren koeien van aan de overkant?’ Maar de EUMM heeft een louter observationele functie en mag onder geen beding tussenbeide komen.

Zij die dagelijks de grens over moeten, blijven dan ook overgeleverd aan de grillen van de geopolitiek.

Angst voor een nieuwe oorlog

De aanhoudende oorlog in Oekraïne veroorzaakt een grimmige sfeer, al strekt zich al langer een schaduw van conflict uit over de regio. Het historische wantrouwen tegenover Rusland heeft nu mogelijks een nieuw hoogtepunt bereikt. Velen zien in Oekraïne een herhaling van wat zich in 2008 voltrok in Abchazië.

Voor de doorsnee Georgiër is het dan ook de schuld van de Russische inmenging dat de grens er kwam: ‘Rusland heeft de brug tussen Georgiërs en Abchaziërs gesloopt’, zegt Alex, zijn oorlogslittekens zichtbaar in de zon. ‘We leefden lange tijd vreedzaam samen als broeders.’ Russische propaganda zou de Abchaziërs hebben opgezet tegen hun Georgische buren. Dat discours leeft sterk onder de Georgiërs.

Het is inderdaad een bekende strategie van het Russische imperialisme: het land paste zijn strategie van ‘verdeel en heers’ ook toe in Tsjetsjenië, Transnistrië en Oekraïne. Door de breuklijnen tussen lokale identiteiten aan te scherpen slaagt Rusland erin om het sociale weefsel van gemeenschappen te ontwrichten.

Dergelijk beleid is volgens Alex deel van Ruslands ‘hybride oorlogsvoering’: ‘Ze planten niet alleen bommen, maar ook ideeën. Via desinformatie slagen ze erin verdeeldheid te creëren om hun vijand te verzwakken. Ze hebben de relatie tussen onze volkeren verzuurd door te zeggen: “Georgiërs kijken neer op jullie, ze behandelen jullie als hun slaven.”’

Politiek wetenschapster Gaëlle Le Pavic (UGent) deed haar doctoraatsonderzoek in de regio. Ze keek naar de rol van sociale diensten en ngo’s diegrensoverschrijdend werken. ‘De notie dat Rusland Abchazië bezet, moet genuanceerd worden. De meerderheid van de Abchaziërs wil simpelweg geen deel zijn van Georgië’. Al voor het uiteenvallen van de Sovjet-Unie waren er interne spanningen in de regio’, stelt Le Pavic.

Door een gebrek aan politieke vertegenwoordiging, en doordat het Georgisch de voertaal was, beschouwden de Abchaziërs zich als tweederangsburgers in hun eigen land. In hun ogen dwong Stalin, zelf een Georgiër, de broederschap tussen beide volkeren af om de macht in de regio te hertekenen, in het voordeel van Georgië.

Abchazische nationalisten zien hun onafhankelijkheid logischerwijs als een met bloed verworven recht. De Russische aanwezigheid vormt voor hen een stok achter de deur, die hen behoedt voor annexatie door Georgië. Bovendien hebben ze geen andere keuze dan goede relaties met Rusland te onderhouden. Doordat de internationale gemeenschap Abchazië niet erkent als legitieme staat en het land dus geopolitiek geïsoleerd is, zou zonder Russische steun de Abchazische economie instorten.

Maar vrij kan het Abchazische volk zich bezwaarlijk noemen. De absolute afhankelijkheid van Rusland brengt hen namelijk in een kwetsbare positie. Kan de dienstplicht bijvoorbeeld worden ingevoerd in Abchazië als Rusland extra troepen nodig heeft aan het Oekraïense front? Volgens Alex kan de Georgische overheid het Abchazische volk dus maar beter redden met een militaire interventie, desnoods tegen zijn eigen wil. ‘Abchaziërs zijn tenslotte Georgiërs,’ concludeert hij, ‘of ze het nu willen of niet.’

Voor wie die de verschillende oorlogen in het grensgebied heeft doorstaan, is conflict nu opnieuw een reële dreiging. De angst leeft dat Rusland na Oekraïne een tweede oorlogsfront zou openen aan de Abchazische grens, om zo ook Georgië in te lijven.

Het is een angst die vooral de regerende partij Georgische Droom gebruikt, om kritische stemmen te sussen. In de laatste verkiezingsperiode verklaarde die zichzelf als vertegenwoordiger van de vrede, die strategisch goede relaties met Rusland onderhoudt om het volk te behoeden voor een invasie.

De politieke oppositie, die zich openlijk uitspreekt tegen Russische inmenging, is voor Georgische Droom deel van de zogezegde Global War Party, in staat om het land in een nieuw conflict te storten. Huidig premier Irakli Kobakhidze maakte dit discours tot de steunpilaar van zijn politieke campagne. ‘Er is geen alternatief’, stelde hij herhaaldelijk in interviews. Stemmen op de oppositie is stemmen voor een nieuwe oorlog.

Het is een retoriek die goed aanslaat in Samegrelo. Irakli*, een statige man van 70, vindt dat we ‘de Russische beer niet mogen uitdagen’. Hij stemde dan ook voor Georgische Droom omdat hij geen problemen wil: ‘Wat heeft een klein land als Georgië te betekenen in het grote licht der dingen? We moeten Rusland te vriend houden.’

Grenspost

De stille invasie

Volgens Tamar*, een lokale activist, bewerkstelligt Georgische Droom een angstcultuur als rookgordijn om Rusland Georgië van binnenuit te laten overnemen. Sinds de partij aan de macht kwam, is Georgië zowel politiek als economisch nauw naar Poetin toegegroeid. In hetzelfde jaar dat Rusland zijn grootschalige invasie van Oekraïne begon, werden de directe vluchten tussen Moskou en Tbilisi hervat.

Steeds meer loopt de stelselmatige sabotage van EU-relaties parallel met de erosie van burgerrechten. Activisten worden met overdadige boetes en jarenlange gevangenisstraffen ontmoedigd om zich kritisch uit te spreken over het internationale beleid van Georgische Droom. Zelfs Russische dissidenten die vanuit Georgië de oorlog in Oekraïne hekelen, worden genadeloos gedeporteerd naar hun thuisland.

Maar de genadeslag voor burgerrechten kwam er afgelopen zomer, met een uitbreiding van de Wet voor de Registratie van Buitenlandse Agenten. Elke organisatie die meer dan 20% van haar inkomen uit buitenlandse bronnen haalt, is sindsdien verplicht om zich officieel te laten registreren als buitenlandse agent, zodat de overheid haar activiteiten in detail kan doorlichten.

Het is niet moeilijk om in de wet echo’s van Ruslands Foreign Agent Law te herkennen, die in 2012 van kracht ging. Activisten zien dan ook in de wet Russische invloeden die vooral de politieke macht van Europese organisaties proberen in te perken. En met succes. Tientallen organisaties die weigerden hun data te delen, zoals Human Rights House Tbilisi, zagen hun bankrekeningen bevroren.

De wet heeft de greep van de overheid op het middenveld alleen maar verstevigd. Deze aanval op door het Westen gesteunde organisaties gaat parallel met toename van Russische inmengingen in de privésector. Tamar durft het zelfs te hebben over een ‘stille invasie’: ‘Ze zullen niet met tanks over de grens rijden zoals in Oekraïne. Het zal van binnenuit gebeuren. Russen zwaaien nu al de scepter op de vastgoedmarkt en in de industrie en de horeca.’ Ook volgens het IDFI blijft het aantal Russische zaken in Georgië toenemen. Meer dan de helft van Georgische ICT-bedrijven is bijvoorbeeld in de handen van Russen.

Wanneer het over Rusland gaat, kijkt Georgische Droom dus twee richtingen uit. Enerzijds wakkert het de angst voor een Russische invasie aan, anderzijds recupereert het diezelfde angstgevoelens politiek om de Russische invloedsfeer te vergroten.

Vreedzame transitie?

Aan de grens wacht iedereen in spanning af hoe de situatie in Oekraïne evolueert. De hoop leeft dat een Russische verlies van die oorlog een regimewissel in gang zet, die eindigt met een teruggave van het Abchazische territorium aan Georgië.

Maar politiek wetenschapper Gaëlle Le Pavic twijfelt aan de haalbaarheid van dat scenario. Aan beide kanten van de grens is de verdeeldheid alleen maar gegroeid. De wonden van de oorlog bemoeilijken een gedeeld verhaal. En ook het nationalisme van beide volkeren staat een vreedzame transitie van de macht in de weg.

‘Maar zeg nooit nooit’, werpt Le Pavic op. ‘Net zoals men geen einde aan de Sovjet-Unie zag: alles is voor eeuwig, tot het dat niet meer is.’

*Om veiligheidsredenen vermelden we alleen de voornaam.

Logo van het Fonds Pascal Decroos voor bijzondere journalistiek

Dit artikel kwam tot stand met steun van het Fonds Pascal Decroos voor bijzondere journalistiek

Word proMO*

Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.

Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.

Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.

Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.

Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief.

Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.

Per maand

€4,60

Betaal maandelijks via domiciliëring.

Meest gekozen

Per jaar

€60

Betaal jaarlijks via domiciliëring.

Voor één jaar

€65

Betaal voor één jaar.

Ben je al proMO*

Log dan hier in