Congo, de toekomst aan het woord

Twee maanden trokken de zussen Katrijn en Goele Geeraert met camera en dictafoon door de Democratische Republiek Congo (DRC). Om te luisteren naar de jongeren die we in de media zelden zien of horen. Ze ontmoetten een generatie die het verguisde imago van Congo deels aanvaardt, maar daar ook haar eigen verhaal tegenover plaatst.

  • © Geeraert Julie gelooft dat Congo alles heeft om welvarend te zijn. Alleen staat la morale tussen droom en realiteit. © Geeraert
  • © Geeraert Alle wegen leiden naar Kinshasa, de broeierige hoofdstad waar het goed leven is. Of was het overleven? Kin la belle of la poubelle? © Geeraert
  • © Geeraert Alice woont ondertussen in Bukavu, maar is afkomstig uit Goma. Foto: Een vrouw op weg naar huis in Goma. © Geeraert
  • © Geeraert Nkake, alleen maar bereikbaar via de rivier. Hier heb je geen auto maar een boot. En meestal ben je visser, net zoals Sadamy die het wel liever anders had gezien. © Geeraert
  • © Geeraert De Academie des Beaux Arts in Kinshasa, eeuwige uitvalsbasis van Christ en met hem vele andere jonge kunstenaars. © Geeraert
  • © Geeraert Onderweg naar Mont Gnafula, de heuvels rond Kinshasa waar Serge vanuit de cité naartoe trok om aan landbouw te gaan doen. © Geeraert
  • © Geeraert Goma, stad van lava en vluchtelingen, maar ook het Kivumeer en het beste klimaat. Hier kwamen zowel Marie-Claire als Mbusa terecht om de oorlog te ontvluchten. © Geeraert
  • © Geeraert De kobaltgroeve in Kolwezi waar Christian elke dag zonder enige beveiliging in een 25 meter diepe put afdaalt. Alleen maar om zijn studies te kunnen betalen. © Geeraert
  • © Geeraert 'Ons dorp, Mooto, is toch wel vijf kilometer lang.' Dieudonné zal dat als 'tolekist' of fietstaxi wel weten. Er is ook geen elektriciteit, noch stromend water. © Geeraert
  • © Geeraert Lubumbashi, waar robots het verkeer regelen. 'Ontworpen door vrouwelijke, Congolese ingenieurs!' weet Julie ons trots te vertellen. © Geeraert

Dit verhaal begint vier jaar geleden. Een vriend van een vriend ging in de DRC wonen en onder de andere vrienden groeide het plan het land te bezoeken.

Congo is geen evidente vakantiebestemming, maar tegelijk was het eens wat anders. Die eerste reis werd uiteindelijk veel meer dan wat ontspanning.

De bezochte steden in beeld

Het was een kennismaking soms een confrontatie met een land waarmee we een stuk geschiedenis delen, maar dat we nauwelijks bleken te kennen – en dan gaat het niet over de ontdekking van lokale tradities en gerechten.

Wat ons vooral bijbleef, was de ontmoeting met Congolese leeftijdgenoten. Jongeren die net als wij een visie en toekomstdromen hebben. Nooit eerder hadden ze een plaats in ons leven gekregen, zelfs niet als kleinkinderen van ‘de gekoloniseerde’.

De toekomst van Congo rust op de schouders van deze jongeren.

Over die koloniale periode zijn hele bibliotheken geschreven. Over het huidige Congo weten we dat er in het Oosten een oorlog woedt en dat de politici in Kinshasa meer hun best zouden moeten doen. Maar over de jongeren weten we weinig. Ze worden in de media zelden aan het woord gelaten. Nochtans vormen zij de grootste bevolkingsgroep en rust de toekomst van Congo op hún schouders.

Daarom boekten we opnieuw een ticket naar Congo om elf Congolese jongeren voor de camera te halen. Zij leverden ons een beeld van hun land dat verder rijkt dan de stoffige clichés.

Goede jobs

‘Een huis, een paar kinderen en mijn centre de formation multimédia.’ Alice uit Goma vertelt ons hoe ze haar toekomst ziet. Ze is drieëntwintig en werkt als radiojournaliste.

Dat centre de formation is belangrijk voor haar. Het moet jongeren helpen om aan degelijk werk te raken. Want een (goede) job blijft in de DRC niet evident.

In haar laatste landenrapport stelt de OESO dat de weinige kansen op de Congolese arbeidsmarkt vooral naar de jeugd zouden moeten gaan. Uit dat statement kun je best het woord ‘weinige’ onthouden. Van de elf jongeren die we interviewden, werken er twee in loonverband, één studeert nog en de rest runt zijn of haar eigen zaakjes.

Diplomafetisj

Veel jongeren werken om geld voor universitaire studies te sparen. Verder studeren wordt in Congo hoog in het vaandel gedragen. Er heerst een soort van diplomafetisj waarvan je je afvraagt of ze zinvol is. Want een massa jongeren die met brio afstudeerden moeten zich nadien net als iedereen débrouilleren (uit de slag trekken).

Tijdens de les informatica blijken de computers nooit aan te staan.

Bovendien vormt een hogere opleiding een aanslag op de gemiddelde gezinsportemonnee. Een ticket voor een jaartje aulazitten kost schandalig veel. Het inschrijvingsgeld is vergelijkbaar met het onze. Dan zijn er nog de proffen. Via peperdure syllabi en andere verplichte bijdragen eisen velen onder hen ook hun deel van de koek. En daar kun je als student weinig tegen doen.

Toch hoop Sadamy, een visser in het evenaarsdorp Nkake zijn dochter naar de universiteit te kunnen sturen. Hij heeft het vissersbestaan met de paplepel meegekregen, maar ziet een andere toekomst voor haar.

Volgens de OESO kan de kwaliteit van de opleidingen een pak beter. Een stelling die insiders onderschrijven. Het curriculum focust op memoriseren. De praktijk komt meestal op het laatste plan. Zo beschikt de UNILU (Université de Lubumbashi) over een ordi lab, een computerlokaal. Maar tijdens de les informatica blijken de toestellen nooit aan te staan.

Congo in de media

Met haar mediacentrum wil Alice de jongeren frustraties rond studie en werk besparen. Tegelijk zal ze hen inwijden in de goede journalistieke praktijk. Die hoort kwaliteitsvol en objectief te zijn, maar dat blijkt voor de Congolese media niet altijd prioritair.

Volgens Alice zijn veel radiokanalen commerciëler dan ze zelf beweren: Ze verkopen meer ruimte dan dat ze gratis de bevolking informeren. De jongeren zijn daar het slachtoffer van. Zij hebben geen geld om airplay te betalen en komen dus zelden aan het woord.

De binnenlandse media hebben hun beperkingen, maar ook de internationale pers gaat niet vrijuit. Alice vindt dat ze over sommige onderwerpen echt overdrijven, terwijl andere topics – zoals het tribalisme – meer aandacht zouden moeten krijgen.

Tribalisme

Dat tribalisme is volgens veel jongeren trouwens dé bron van alle miserie. De oorlog in Oost-Congo lijkt vaak enkel om grondstoffen te gaan, maar daarachter schuilt een rivaliteit tussen verschillende stammen.

Sommigen steunen de stam, anderen nemen er afstand van.

Op verschillende domeinen van de Congolese samenleving wordt de link met de stam nog uitgespeeld, van benoemingen in het onderwijs tot postjes in de politiek.

In haar visie op het tribalisme lijkt de Congolese jeugd verdeeld. Sommigen steunen nog (onbewust) de stam, anderen nemen er expliciet afstand van. Mbusa, een ex-kindsoldaat uit Goma, heeft met eigen ogen de gevolgen van tribale twisten gezien: angst, ontmenselijking en veel verdriet.

Daarom wordt Mbusa vandaag liever Triton genoemd, een naam die hem op geen enkele manier met een stam verbindt.

Vaderlandsliefde

Eenheid, dat is volgens Mbusa de sleutel tot succes. Met een oppervlakte van 2.345.000 km2 (meer dan zeventig keer België) en jaren van interne twisten lijkt het voor een buitenstaander soms beter om Congo op te splitsen. Maar daar wil de Congolese jeugd niet van weten.

De jongeren zijn fier op hun land, hun ‘chez nous, en RDC’. Emigreren? Christ, een artiest uit de hoofdstad Kinshasa, gaat soms naar het buitenland om zijn netwerk uit te breiden en om professionele kansen te grijpen. Maar hij heeft geen zin om er voorgoed te gaan wonen. Dan moet hij weer van nul starten en voelt hij zich ontworteld.

Julie uit Lubumbashi zou graag in het buitenland studeren, maar haar amour de la patrie is te groot om zich er definitief te vestigen. Congo is het land waar ze wil werken en waar ze haar kinderen wil grootbrengen.

Reis in eigen land

Kinshasa blijkt vooral een overbevolkte plek met veel werklozen.

De jonge Congolezen zijn fier op hun land en zouden het graag beter leren kennen. Ze vragen ons soms om over andere plaatsen te vertellen. Hoe is het leven aan de evenaar? Hebben ze er elektriciteit en stromend water?

Terwijl wij vaak een ticket naar de andere kant van de wereld boeken, willen zij vooral in eigen land steden en streken bezoeken. Zo hoopt Christ uit Kinshasa op een dag Goma te zien.

En zo is Marie-Claire uit Goma nieuwsgierig naar het leven in Kinshasa. De hoofdstad trekt als een magneet jongeren uit heel Congo aan, maar kan vaak niet voldoen aan de verwachtingen. Veel jongeren beschouwen Kin als een plek waar alles anders en beter is.

Maar eenmaal gearriveerd, moeten ze, zoals Serge, hun mening herzien. Hij verliet zijn dorp in de nabijgelegen provincie Bandundu om in Kinshasa te studeren en werk te vinden. Nadat hij zijn diploma behaalde, zocht hij jarenlang vergeefs naar een job.

Uiteindelijk gaf hij het op. Hij trok vanuit de enge cités naar de groene heuvels rond Kinshasastad, waar hij nu een inkomen verdient als landbouwer.

Kinshasa mag dan wel het politieke hart van Congo zijn, er is weinig structurele economische bedrijvigheid. De stad telt bovendien rond de tien miljoen inwoners. Daardoor blijkt het vooral een overbevolkte plek met veel (jeugd)werklozen.

Kinois versus Lushois

De uitzichtloosheid speelt de jonge Kinois parten. Sommigen verliezen zich daardoor in feestjes en drank, wat hen het imago van professionele uitgaanders oplevert.

Tegenover hen zouden de Lushois, uit Lubumbashi, een stuk gereserveerder en intellectueler zijn. De Katangais zouden dan weer weinig respect voor vrouwen hebben.

Het gaat hier duidelijk om stereotypen al verbergen ze een regionalisme dat – dixit een Belgische vriend – de échte oorzaak van de verdeeldheid is.

Christ, een artiest uit Kinshasa, herkent zich er niet in. Toch geeft hij toe dat sommige Kinois een probleem hebben met de drank. Als hij, als futurist, drie zaken kon veranderen, dan bedacht hij een anti-alcoholmachine die de jonge Kinois met alcohol leerde omgaan.

Christ zou ook een mobiele kantine bouwen, waar de allerarmsten een gratis maaltijd konden afhalen. Tot slot leek een space car hem ook een nuttig idee. Die zou niet op de grond rijden, maar erboven zweven en zo een antwoord bieden op de infrastructuurproblemen.

Facebook en Whatsapp

De lamentabele toestand van de wegen maakt het voor de jongeren onmogelijk om Congo over het land te ontdekken. Het vliegtuig is dus het enige alternatief. Maar voor een ticket, bijvoorbeeld van Lubumbashi naar Kinshasa, betaal je al makkelijk 300 dollar. Dat is zes keer het gemiddelde maandsalaris van een Congolese leerkracht.

Jongeren leven niet onder hun kerktoren.

Maar toch klopt het niet dat alle jongeren daardoor onder hun kerktoren leven.

Zeker in steden als Kinshasa, Lubumbashi en Goma staan ze via Facebook en Whatsapp in contact met elkaar. En met de wereld.

Ze zien en volgen (r)evoluties in andere landen. Ze vormen zich een mening over hoe het bij hen beter kan.

De wijdverbreide corruptie, de zwakke overheidsstructuur en de immense kloof tussen machtig rijk en straatarm, maken het een titanenwerk om op korte termijn zaken te veranderen. Maar dat houdt een groot deel van de jeugd niet tegen om de handen uit de mouwen te steken. Haast elke jongere is op een of ander vlak sociaal actief: via een ngo, via de media, via kunst, via de kerk, via muziek.

Congolezen met talent

Congo worstelt met een vreemd minderwaardigheidscomplex.

Belgen worden er nog geregeld met notre oncles vergeleken, de nonkels die alles veel beter kunnen en weten. Maar die verhouding wordt door de jeugd langzaam gecorrigeerd.

Sommigen, zoals Delange, houden het bij een impliciet grapje.

Maar anderen hebben al een pak meer zelfvertrouwen. Zo stelt Christian, de mijndelver uit Kolwezi, terecht: ‘In Afrika hebben we ook talent’.

Dat zelfbewustzijn gaat terecht samen met het idee van partnerschap, eerder dan een afhankelijkheidsrelatie.

Democratische verkiezingen?

Patrick, uit Kinshasa, is politiek actief. Hij ziet zo’n partnerschap vooral slagen op economisch vlak. Anderen denken ook aan culturele en sociale banden.

Een belangrijke voorwaarde voor samenwerking is volgens velen een sterke Congolese staatstructuur. Die moet duidelijker zijn, professioneler, transparanter en veel minder corrupt dan nu.

De laatste jaren vonden er al verschillende hervormingen plaats – bijvoorbeeld op het vlak van veiligheid en betaling van de ambtenaren. Maar dat is nog lang niet genoeg om Congo vlot te laten draaien. De presidents- en parlementsverkiezingen van november 2016 vormen een volgende belangrijke horde. Veel jongeren betwijfelen of ze democratisch kunnen verlopen. Het is nog steeds wachten op een eerste succeservaring.

Alle wanpraktijken terzijde gelaten is Congo een prille democratie. De eerste democratische stembusgang vond pas negen jaar geleden plaats. De stedelingen voelen zich almaar meer betrokken en hebben in grote lijnen een beeld van het verloop.

In de dorpen is er qua sensibilisering wel nog werk aan de winkel. Een jonge dorpeling zoals Dieudonné uit Mooto aan de evenaar zal bijvoorbeeld stemmen op iemand die hem helpt zijn diploma te halen.

Patrick gelooft wel dat het mogelijk moet zijn, democratische verkiezingen zoals in België.

Progressieve echtgenoot

Een vrouw aan de macht, zou dat ooit kunnen? Bijvoorbeeld de echtgenote van huidig president Kabila? Zij beschikt blijkbaar over diplomatiek talent.

Marie-Claire uit Nyamitaba (Oost-Congo) gelooft er alvast niet in. Zij heeft tijdens de oorlog genoeg gezien.

Ook Alice stelt dat er op gendervlak nog stenen moeten worden verlegd.

Studente Julie is het met haar eens, maar durft stiekem al te hopen op een progressieve echtgenoot. Toch zullen de dames hun roots of land daarvoor niet verloochenen.

Als je één ding leert uit twee maanden optrekken met Congolese jongeren, is het dat de Democratische Republiek Congo een groot potentieel aan jonge en ambitieuze krachten heeft.

Dat het geen jungle is, zoals sommigen nog altijd denken, maar een land met visionaire jongeren.

Een land met jongeren met een stem.

Deze reportage kwam tot stand met de steun van het Fonds Pascal Decroos voor Bijzondere Journalistiek.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3181   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur