‘Mijnbouw maakt niemand rijk, behalve bedrijven en investeerders’

Dit Portugese dorp zegt nee tegen een lithiummijn: ‘Dit is kolonialisme. We zijn hier alleen om te geven’

© Charis Bastin

Gedrapeerd boven het doel van een verlaten voetbalveld, schreeuwt een spandoek in de stilte: ‘Nee tegen de mijn, ja tegen het leven’.

Plannen om lithium te ontginnen worden in Portugal op weerstand onthaald. Zoals in Covas do Barroso, een klein dorp in het noorden van het land. De landbouwgemeenschap vreest er dat de zoektocht naar het nieuwe wondermetaal ten koste gaat van de leefbaarheid van haar omgeving. ‘Landbouwers zijn het moe om te horen dat lithium niet giftig is, maar ze zijn niet dom. Ze weten goed genoeg dat niets meer zal groeien, als je zoveel grond wegneemt.’

Het is lunchtijd in Covas do Barroso. Het dorpsplein is muisstil, op het geruis van een kille herfstwind na. Gedrapeerd boven het doel van een verlaten voetbalveld waait een groot spandoek op. Het lijkt te schreeuwen in de stilte: ‘Não à mina, sim a vida’, oftewel, ‘Nee tegen de mijn, ja tegen het leven’.

In dit afgelegen stukje Portugal in de noordelijke provincie Trás-os-Montes vallen de groene akkers en graasweiden meteen op. Landbouw en veeteelt zijn er de belangrijkste economische activiteit.

‘Toen ik mijn opleiding stopzette om net zoals mijn ouders veeboer te worden, verklaarden mijn studiegenoten me gek’, vertelt Aida Fernandes. ‘Als ik vandaag vertel wat ik doe, vindt iedereen dat mooi.’

‘We hebben hier een microklimaat.’ legt Fernandes uit. 'Daardoor is het bij ons vochtiger en groener dan elders in Portugal.’ In 2018 werd de regio rond de stadjes Boticas en Montalegre door de VN-Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO) uitgeroepen tot landbouw-werelderfgoed.

De bekendste lokale producten zijn rundvlees en honing. De eeuwenoude vorm van traditionele landbouw werd van generatie op generatie doorgegeven en hield menselijke activiteit en natuur steeds mooi in balans.

© Charis Bastin

‘We hebben hier een microklimaat,’ legt Fernandes uit, ‘daardoor is het in hier vochtiger en groener dan elders in Portugal.’

Vandaag wordt gevreesd voor een verstoring van dat evenwicht. Onder de bossen, akkers en weiden liggen voorraden lithium verborgen, een grondstof die essentieel is voor de productie van batterijen. Verwacht wordt dat de vraag naar lithium alleen maar zal toenemen, zeker met het oog op de toename van elektrisch vervoer.

Sinds 2017 zijn Fernandes en haar man niet alleen veeboeren, maar ook de drijvende kracht achter de vereniging Unidos Em Defesa de Covas do Barroso (‘Verenigd voor de verdediging van Covas do Barroso’). Daarmee verzetten zich tegen de komst van een lithiummijn.

Ze zijn niet de enigen die zich zorgen maken. Want als het van de overheid afhangt, komt er niet alleen in Trás-os-Montes een nieuwe mijn. Een openbare aanbesteding voor prospectieonderzoek die dit jaar op de planning staat moet van Portugal een strategische speler maken in de ontginning en verfijning van lithium.

Wat vandaag in Covas do Barroso plaatsvindt, geldt voor anderen in ruraal Portugal in dat opzicht als een voorproefje. Maar nergens is de kans op lithiumontginning groter dan op enkele honderden meters van Fernandes’ huis.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

30.000 meter boringen

‘Sinds 2006 werden hier veldspaat en kwarts ontgonnen, zonder klachten’, stelt David Archer vanuit zijn kantoor in Londen. Hij is CEO van het mijnbedrijf Savannah Resources, dat sinds 2017 het exploratiecontract voor Mina do Barroso in handen heeft. Het verzet tegen het project is fel overdreven, vindt hij. ‘Hier was al kleinschalige mijnbouw.’

‘Hier was al kleinschalige mijnbouw. Sinds 2006 werden hier veldspaat en kwarts ontgonnen, zonder klachten.’

Maar zulke kleine groeves voor veldspaat en kwarts zijn niet te vergelijken met de grote open mijnputten voor lithium, verduidelijkt Fernandes. Het was haar nicht Catarina Alves Scarrott, die in Londen woont en werkt, die haar op de omvang van het project wees.

‘Toen Savannah Resources de licentie kocht, kwam dat in de Portugese media. Pas toen ik de rapporten aan hun investeerders las, begreep ik wat dat inhield’, vertelt Alves Scarrott. ‘Op een kaart die op het eerste gezicht minuscuul leek zag ik verschillende herkenningspunten. Daardoor wist ik wat de werkelijke omvang zou zijn.’

Aanvankelijk gold de licentie voor veldspaat en kwarts voor een gebied van om en bij de 120 hectare. Maar in hetzelfde hard gesteente waar beide mineralen zich bevinden, pegmatiet, zit ook het lithiumhoudende mineraal spodumeen. Het tot nog toe ontgonnen pegmatiet wordt vooral gebruikt in de keramiekindustrie. Dat bracht Portugal, zonder echte lithiumproductie, toch in de globale top tien van lithiumproducerende landen.

Printscreen Google Maps

Via Google Maps zijn de prospectieplatformen voor Mina do Barroso goed zichtbaar.

Tegen 2017 was die licentie uitgebreid tot ruim 500 hectare. ‘En dat allemaal binnen hetzelfde contract, op basis van een milieu-impactstudie uit 2006’, vertelt Alves Scarrott. ‘Wij begrepen toen dat het niet meer ging over de twee oorspronkelijke mineralen en over hetzelfde gebied.’

De bewoners van Covas do Barroso begonnen zich steeds meer vragen te stellen. Het prospectiewerk dat Savannah Resources sinds 2017 uitvoerde, deed die vragen alleen maar toenemen. Op een viertal verschillende plekken werden tal van platformen uitgegraven met een lengte en breedte van een twintigtal meter. Zo konden grote machines boringen uitvoeren (zie foto).

‘De mijnbouw zal een fysieke impact hebben. Je kunt lithium niet virtueel produceren.’

‘Dit werk toonde aan dat de lithiumconcentraties groot genoeg zijn om ze commercieel te gaan uitbaten', vertelt CEO Archer daarover. 'We boorden 30.000 meter, wat ons 30 miljoen euro kostte’

Wanneer we vragen naar de grootte van de uiteindelijke mijn, benadrukt hij dat het niet zou gaan om een mijn van 500 hectare. ‘Om de impact te beperken, openen we achtereenvolgens vier mijnen. Daarbij rehabiliteren we eerst de oude mijn, met nieuwe plantengroei, voordat we een nieuwe openen. Maar het zal een fysieke impact hebben. Je kunt lithium niet virtueel produceren.’

Na doorvragen maakt Archer het wat specifieker: de grootste van de vier putten zou 700 op 800 meter groot worden, en zo’n 120 meter diep. ‘Dat is klein, in termen van de mijnindustrie.’

Water nodig

Aida Fernandes en haar nicht Catarina Alves Scarrott hechten weinig geloof aan de belofte van rehabilitatie. Twee jaar na de eerste prospectiewerken is amper een derde van de ruim 100 platformen hersteld. ‘Het is een constante strijd voor Aida’, vertelt Alves-Scarrott.

Want veeboerin Aida Fernandes is ook voorzitster van de gemeenschappelijke landbouwgronden, de baldios, van Covas do Barroso. ‘Daar ging ik als kind na school spelen, terwijl de koeien van mijn ouders langs het water graasden’, vertelt ze.

© Charis Bastin

Aida Fernandes: ‘Daar ging ik als kind na school spelen, terwijl de koeien van mijn ouders langs het water graasden.’

We staan op een platform. Aida wijst de vallei aan waar een belangrijke waterbron ontspringt. Dorpen zoals het hare zijn afhankelijk van dat water. Voor drinkwater, maar vooral ook voor de landbouw.

Er valt niet naast de andere platformen te kijken, aan de andere kant van de vallei. ‘Beeld je hier eens een open mijn in’, zucht ze.

Simplistisch wereldbeeld

‘We zijn zeer trots op wat we kunnen voorleggen in onze milieu-impactstudie’, zegt Savannah-CEO David Archer. Die impactstudie vermeldt wateropvang en recyclage, het gebruik van groene energie in de energie-intensieve mijn, de elektrificatie van het logistieke net, een benefit sharing plan voor de lokale gemeenschap.

Op papier klinkt het best mooi. ‘Mijnbouw vandaag is niet meer hetzelfde als tien jaar of langer geleden', zegt Archer. 'We zullen de beste groene en slimme mijnbouwtechnieken toepassen die voorhanden zijn.’

Savannah Resources dacht in feite dat het in 2017 meteen met ontginning kon beginnen, zegt Alves Scarrott. ‘Het management vertelde investeerders dat het al een milieu-impactstudie en licentie op zak had, ook al ging het om een heel ander project dan bij de oorspronkelijke licentie. Toen het bedrijf met de prospectie begon, werd duidelijk dat het eigenlijk al aan het speculeren was.’

Maar daarop volgden protest en veel media-aandacht, en daardoor werd toch een nieuwe milieu-impactstudie gevraagd. Die moet goedgekeurd worden door het Portugese Agentschap voor Milieu (APA), vóór het bedrijf de exploratie kan hervatten.

De lokale bevolking wacht al lang op inkijk in dat rapport, vertelt zowel veeboerin Fernandes als haar nicht. ‘Als er goodwill is voor de lokale bevolking, dan laat je toch weten wat erin staat?’

‘Als er goodwill is tegenover de lokale bevolking, laat je toch weten wat er in die milieu-impactstudie staat?’

In juni vorig jaar werd een eerste versie ingediend. ‘Die bleek maar liefst 6000 pagina’s te tellen. Het Agentschap voor Milieu eiste meteen een herziening: het had zeventien pagina’s met bijkomende vragen', vertelt Alves-Scarrott. Wat bijvoorbeeld ontbrak: ‘Gedetailleerde kaarten met daarop aangeduid waar de mijnen zouden komen en waar de dorpen zich ten opzichte van die mijnen zouden bevinden. Zaken waarvan we dachten dat ze er wel in zouden staan.’

© Charis Bastin

Op een viertal verschillende plekken werden tal van platformen met een lengte en breedte van een twintigtal meter uitgegraven, zodat grote machines boringen konden uitvoeren.

De procedure van zo’n milieu-impactstudie kent een aantal valkuilen, vertelt de Franse onderzoeker William Sacher. Hij voert al jaren globaal onderzoek over de mijnbouwindustrie, waaronder in Canada en Ecuador.

‘Zo’n milieu-impactstudie zegt hoe bedrijven de gevolgen van mijnbouw, en nadien ook de sluiting van de mijn, gaan managen. Maar er is vaak zo’n lange tijd tussen de beloofde inzet en het moment dat de mijn effectief sluit. Je ziet grote bedrijven vaak failliet gaan wanneer een mijn sluit. Daarom zie je in Canada of de Verenigde Staten zoveel verlaten mijnen, die ze daar met een eufemisme orphaned mines ('weesmijnen', red.) noemen. De problemen achteraf vallen dan op de schouders van lokale of federale overheden, en de kosten daarvan lopen op.’

‘Mijnbouw, vooral in ecologisch of cultureel gevoelige gebieden, brengt complexe problemen met zich mee’, zegt Sacher. ‘Het leidt tot een verstoring van het landschap. Hoe kun je doen alsof je alle gevolgen kunt voorspellen en controleren? Dat is een simplistische en mechanische manier om naar de wereld te kijken. Ik ken dat wereldbeeld, want ik ben zelf ingenieur, maar het biedt geen antwoord voor de complexe wereld van vandaag.’

Verlaten mijnen zijn ook in Portugal geen nieuw fenomeen. Al decennia lang duiken problemen met oude mijnen telkens weer op. Dat zien ze in Covas do Barroso niet goed aflopen. ‘Wat als de milieu-impactstudie verschijnt en negatief beoordeeld wordt?, vraagt Alves Scarrott. ‘Dan kan Savannah Resources vertrekken. Wat dan, met de rehabilitatie van het werk dat nu al gebeurd is? De overheid wil er niets van weten. Dan is het aan ons.’

‘Toen de minister van Milieu in een parlementaire commissie ondervraagd werd over onze klachten, zei hij: “Een mijn is zoals een groeve”', vertelt Alves Scarrott. ‘Hij zei ook dat de overheid niet betrokken is bij de rehabilitatie. Ze verleent alleen de licenties en vertrouwt op de bedrijfsverantwoordelijkheid'.

'Het is door die attitude van de overheid, die licenties kan uitreiken en dan vervolgens de handen van het probleem aftrekt, dat we ons verzetten. We aanvaarden dit niet.’

De globale logica van speculatiewinst

Wat voor Catarina Alves Scarrott begon als een bezorgdheid over haar geboortedorp, groeide uit tot een bezorgdheid over het hele land, door de bredere lithiumstrategie die Portugal nastreeft. ‘Ze zeggen dat prospectie nog geen exploratie of mijnbouw is. Maar het voorbeeld van Mina do Barroso toont aan dat eender welke licentie alles kan worden’, verduidelijkt ze.

‘Velen verdienen hier geld aan, zonder nog maar een gram van een grondstof te ontginnen.’

Dat moeten lokale gemeenschappen goed begrijpen, benadrukt de Franse onderzoeker Sacher. ‘Bedrijven zeggen vaak dat een concessie nog geen exploitatie betekent. Maar het werk dat gebeurt, is wel geologische documentatie. Wat vandaag nog niet waardevol is op de markt kan dat morgen wel zijn.’

‘Met een licentie heeft een bedrijf daarom een troef in handen, ook al doen ze ter plekke niets. Het werk bestaat dan uit communicatie en marketing, zodat investeerders aandelen van het bedrijf kopen. Velen verdienen hier geld aan, zonder nog maar een gram van een grondstof te ontginnen.’

Zo werkt het al 150 jaar of zelfs langer, zegt Sacher. Kleine mijnbedrijven wagen zich aan het risicovolle prospectie- en exploratiewerk. ‘Ze hebben niet de menselijke, technische of financiële mogelijkheden om een mijn te ontwikkelen.’ Hun opbrengst komt dan vaak exclusief van speculatiewinst.

‘Lithium is absoluut een strategische grondstof', vervolgt Sacher. 'Wie nu investeert, denkt daaraan. Met de energietransitie is lithium vandaag een van de beste investeringen.’

© Charis Bastin

David Archer: ‘We deden 30.000 meter aan boringen, wat ons 30 miljoen euro kostte.’

Hebben de dorpsbewoners dan toch niets te vrezen? Toch wel, meent Sacher. Die kleinere bedrijven, zoals Savannah Resources, effenen het pad voor de grote mijnbedrijven, die wél met ervaring en startkapitaal voor de dag kunnen komen.

‘Zodra alle voorwaarden voor ontginning vervuld zijn, gaat zo’n klein bedrijf op in een groter', zegt Sacher. 'Of het verdwijnt simpelweg. Soms zijn bedrijven betrokken bij schandalen, dan veranderen ze vaak van naam.’

‘Tot nog toe was het de logica die Europa verrijkte. Maar nu zie je hoe mensen in Portugal, Spanje of het Verenigd Koninkrijk blootgesteld worden aan die globale logica met fracking (een omstreden techniek waarbij schaliegas uit de bodem wordt geboord, red.). Door bedrijven die van de ene op de andere dag worden opgericht, met een handvol mensen. Ze registreren zich op de beurs, promoten hun project en vergaren zo inkomsten.’

‘Van medeplichtige naar mededader’

Lokale actiegroepen uit heel Noord- en Centraal-Portugal bundelden hun krachten. Hun eis is duidelijk. Ze willen gehoord en geïnformeerd worden, en zeggenschap hebben over de komst van een mijn. Of niet.

Dat is oppositieleden in het Portugese parlement niet ontgaan. Niet alleen moeten mijnbedrijven een milieu-impactstudie kunnen voorleggen, ook de regering moet werk maken van een strategische milieu-impactstudie op nationale schaal. Het voorstel van een onafhankelijk parlementslid (Joacine Katar Moreira) en de groene partij (Os Verdes) daartoe werd eind november goedgekeurd in het parlement.

© Charis Bastin

Twee jaar na de eerste prospectiewerken is amper een derde van de ruim 100 platformen gerehabiliteerd.

Zo’n studie moet kijken naar de bredere impact van een dergelijk overheidsbeleid op het landschap. Want de overheid wil de uitrol van de hele waardeketen rond lithium, met mijnbouw en een raffinaderij, op het grondgebied.

Maar de komst van een strategische studie stelt weinigen gerust. ‘We willen een regering die in ons belang optreedt’, zegt Alves Scarrott. ‘Zij tekent de contracten, dus we willen actie zien. Ons simpelweg in handen van een buitenlands bedrijf achterlaten, is voor ons niet voldoende.’

In januari tekende het Portugese oliebedrijf Galp een intentieovereenkomst met Savannah Resources. In ruil voor een investering van 5,26 miljoen euro krijgt het 10 procent van de aandelen. De Portugese overheid is medeaandeelhouder van het oliebedrijf. ‘Op deze manier is het niet alleen medeplichtige, maar ook mededader voor de vernieling van agricultureel werelderfgoed’, klonk het bij actiegroepen.

‘We willen een regering die in ons belang optreedt. Zij tekent de contracten, dus we willen actie zien.’

De inwoners van Covas do Barroso waren niet meteen tegen de mijn, benadrukt Alves Scarrott. ‘Maar de ervaring leert dat ze worden overgeleverd aan investeerders die alleen maar uit zijn op winst. De licentieprocedure verloopt niet democratisch en mensen worden niet degelijk geïnformeerd. Bedrijven krijgen de ruimte om te doen wat ze willen. Zonder inspectie van de overheid.’

Galpgate

Op zo’n 20 kilometer Covas do Barroso ligt het grootste stuwmeer van het land, de Alto Rabagão. Op een steenworp van het meer staat een ander mijnproject in de spreekwoordelijke steigers: de Mina do Romano. De mijn is in handen van een Portugees bedrijf, Lusorecursos. Ook hier is het alleen nog wachten op een goedgekeurde milieu-impactstudie, voor de exploratie kan beginnen.

De Mina do Romano zou tussen drie dorpen komen: Morgade, Carvalhais en Rebordelo. Een industrieel complex wordt vlak naast het grote stuwmeer gepland. ‘Maar Lusorecursos heeft geen enkele kennis van mijnbouw en geen financiële macht’, zegt Armando Pinto, voorzitter van de lokale actiegroep. ‘Het bedrijf heeft niets, behalve vriendjes bij de overheid.’

Er zou volgens Pinto ook fraude en corruptie in het spel zijn. Hij verwijst daarbij naar een uitvoerig onderzoek dat de openbare omroep RTP in het najaar van 2019 uitvoerde. Drie dagen voor het contract werd getekend, veranderde Lusorecursos van naam en ondernemingsnummer.

Op papier ging het contract dus niet naar het bedrijf dat de aanvraag deed. Meer nog, het overheidsorgaan bevoegd voor het uitreiken van de licenties (DGEG) had al weet van die nieuwe naam en het ondernemingsnummer, nog voor het nieuwe bedrijf officieel bestond, of Lusorecursos daar zelf over had gecommuniceerd.

Die naamsverandering zou te maken hebben met een schandaal rond de zakenpartner van CEO Ricardo Pinheiro. Samen kregen ze de prospectierechten in 2012. Nadat ze in 2017 de exploratierechten aanvroegen, kwam een fraude- en corruptiezaak aan het licht. De non-profitvereniging van Pinheiro’s partner werd opgedoekt, niet alleen omdat ze 12 miljoen euro aan schulden niet kon aflossen, er bleek ook nog eens meer dan 10 miljoen euro, waaronder Europese subsidies, verduisterd te zijn. Sinds die naamsverandering gaat Pineiro met Mina do Romano verder zonder zijn, intussen voormalige, zakenpartner.

En dat is niet de enige controverse rond Pinheiro en zijn bedrijf. De voormalige staatssecretaris voor Internationalisering, Jorge Costa Oliveira, dook drie maanden voor de concessieverlening in maart 2019 op als financieel adviseur voor Lusorecursos. Die moest in 2017 nog opstappen als staatssecretaris omdat hij, samen met andere politici, in 2016 inging op een uitnodiging van Galp — opnieuw datzelfde oliebedrijf — om een EK-wedstrijd van de nationale voetbalploeg in Frankrijk bij te wonen. Het incident rond mogelijke politieke belangenvermenging kreeg nadien de toepasselijke naam ‘Galpgate’.

© Charis Bastin

Vanuit Carvalhais zijn de prospectiewerken voor Mina do Romano goed zichtbaar.

Koloniaal en patriarchaal

Archer van Savannah Resources noemt lithiummijnbouw in Portugal een kwestie van een gedeelde verantwoordelijkheid in de globale strijd tegen de klimaatcrisis. ‘Met rechten komt verantwoordelijkheid.’

Zonder het protest zou er nu al mijnbouw zijn.

Wat lokale gemeenschappen moeten begrijpen, aldus Sacher, is dat dit een communicatieoorlog is. ‘Nieuws gelinkt aan verzet en obstakels vinden aandeelhouders en investeerders niet fijn.’

In Portugal werpt het wel vruchten af. Zonder het protest zou er nu al mijnbouw zijn, geloven Fernandes en Alves Scarrott.

Maar Fernandes is zichtbaar moe van de strijd. Toch geeft ze niet op. Er duiken geregeld journalisten op en ze is opgelucht dat dit interview niet voor de camera plaatsvindt. ‘Ik hoop elke keer dat ik het goed uitleg.’

Het contact met Savannah Resources verloopt moeizaam, zegt ze verder. Dat het informatiecentrum sinds begin 2020 is gesloten door de pandemie komt het bedrijf goed uit, vindt ze.

Archer maakt zich sterk dat zijn team voldoende inzet op het contact met de gemeenschap, al sinds 2017. ‘Er zijn nieuwsbrieven, we hebben een Twitteraccount, Linkedinpagina en een community hotline.’

© Charis Bastin

Savannah Resources CEO David Archer maakt zich sterk dat ze goed inzetten op het contact met de gemeenschap. ‘Er zijn nieuwsbrieven, we hebben een Twitteraccount, Linkedinpagina en een community hotline.’

Maar, zo zegt hij ook, MO* moet niet met Alves Scarrott — ‘die leerkracht in Londen’ — praten. ‘Ze koos er zelf voor om te vertrekken en staat zo werkgelegenheid voor haar landgenoten in de weg. Dit wordt een carrièrebonanza voor de regio.’

‘Als je de regio van zijn natuurlijke bronnen stript, komt het er in feite op neer dat je die veroordeelt tot het einde.’

‘Ik ben geen boer’, lacht Alves Scarrott. ‘De reden dat ik vertrok had niets met de regio te maken, wel met Portugal in het algemeen. Er is een demografisch verval en het ontbreekt de regio aan investeringen, maar dat ligt aan het beleid.’

‘Als je de regio van zijn natuurlijke bronnen gaat strippen, komt het er in feite op neer dat je die veroordeelt tot het einde’, gaat ze verder. ‘Nu zijn er tenminste landbouw en het potentieel voor toerisme. Alleen doet de overheid geen moeite om de regio duurzaam te maken. Een mijn die 12 jaar open is, is niet duurzaam. Mensen weten dat. En het verleden leert: mijnbouw maakt niemand rijk, behalve bedrijven en investeerders.’

Alves Scarrott neemt het daarom op voor haar dorps- en landgenoten, zegt ze. ‘Het is niet dat landbouwers niet opgeleid zijn, maar het ontbreekt ze vaak aan vertrouwen om te spreken. Ze worden vaak als onwetend, dom, NIMBY’s (van “not in my backyard”, red.) of hypocrieten afgeschilderd. Ze zijn het moe om te horen dat lithium niet giftig is, maar ze zijn niet dom. Ze weten ook dat als je steen verpulvert, zo dicht bij hun huizen en waterlopen, en de gronden waarop ze werken, wat daarvan de gevolgen zijn. Ze weten goed genoeg dat niets meer zal groeien, als je zoveel grond wegneemt. Het gaat generaties duren voor die gronden zich kunnen regenereren. Er is altijd die onderliggende suggestie dat ze niet weten waarover ze spreken.’

‘Wie toch blijft, probeert te overleven, zonder steun van de overheid.’

Sacher heeft het over een sterk koloniaal en patriarchaal wereldbeeld in de mijnsector. ‘Dat is zelfs onderzocht en gedocumenteerd. In dat wereldje zie je vooral witte mannen van middelbare leeftijd.’

Ook Fernandes spreekt over een koloniale praktijk die zich binnen Europa en binnen de Portugese landsgrenzen afspeelt. ‘Wat leverden die andere projecten, zoals die stuwdammen (voor hydro-energie, red.), ons al op? Ontvolking, omdat mensen niet meer kunnen werken op gronden die gebruikt worden voor andere doeleinden. Wie toch blijft, probeert te overleven, zonder steun van de overheid. Die denkt alleen aan nemen. En wij zijn hier alleen om te geven. Maar we zijn allemaal Portugezen, toch? Wij weten wat we nodig hebben. Dat is niet de vernietiging van ons verhaal en ons land.’

Deze reportage werd gerealiseerd met steun van Fonds Pascal Decroos.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3068   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Webcoördinator

    Charis coördineert MO.be. Ze heeft een master Geschiedenis (UA) en Conflict & Development (Ugent) en studeert Arabisch in avondschool.