Kerryn Krige vloekt in de kerk: ‘Welzijnswerk moet winst maken’

Sociaal ondernemerschap kan het verschil maken in Zuid-Afrika, zegt Kerryn Krige, omdat het een alternatief biedt voor het paternalisme dat onvermijdelijk samenhangt met welzijnswerk op basis van welwillendheid en caritatieve logica. Hoe bevrijdend werkt de marktlogica en wie heeft daar belang bij?

  • Gie Goris (CC BY-NC 2.0) Kerryn Krige: ‘De regering wil afstand houden tot het middenveld, het middenveld vertrouwt de regering niet, de regering wil niet samenwerken met de bedrijven. Het hele systeem was en is dysfunctioneel.’ Gie Goris (CC BY-NC 2.0)
  • Bron: Youtube Kerryn Krige tijdens haar TEDX-talk in Johannesburg over sociaal ondernemerschap in Bron: Youtube
  • Universe Awareness (CC BY 2.0) De schoolkeuze hangt af van je sociale klasse en woonplaats, ook al bepaalt de school waar je afstudeert je latere opties voor wonen en werken. Arme kinderen gaan naar povere scholen, en ze blijven daardoor in de cyclus van armoede ronddraaien. Universe Awareness (CC BY 2.0)

Gie Goris

MO*redactie
Hoofdredacteur, Azië, religie & conflict
15 december 2016

Kerryn Krige heeft een geschiedenis in non-profitorganisaties, maar is de voorbije jaren actief betrokken geraakt bij de beweging om caritas te vervangen door zakelijke uitwisseling. Ze geeft daarover vandaag les aan de Business School van de Universiteit van Pretoria en ze schreef daarover ook het boek The Disruptors, met een aantal concrete voorbeelden van ondernemers die hun kennis, kapitaal of contacten inzetten om van Zuid-Afrika een beter –lees: welvarender, rechtvaardiger en duurzamer- land te maken.

De Vlaamse regering steunt haar Network of Social Entrepreneurs met 702.000 euro (2015-2017) om onderzoek te doen naar sociaal ondernemerschap, trainingen op te zetten en een platform te bieden waar overheid, bedrijven en middenveld elkaar kunnen spreken over het thema.

Kerryn Krige: ‘Tot nu toe wordt het welzijnsbeleid in Zuid-Afrika overwegend vormgegeven via non-profit organisaties, die na de omwenteling van 1994 [de eerste vrije verkiezingen en het einde van het Apartheidsbeleid] sterk gefinancierd werden vanuit de rest van de wereld. De internationale solidariteit met het uitgesproken activistische middenveld van Zuid-Afrika was erg groot, en dat werd vertaald in grote programma’s van sociale ontwikkeling, vaak met een heel specifiek doel. De strijd tegen hiv/aids bijvoorbeeld.’

‘De neoliberale economische orde, die de facto in de plaats kwam van het Apartheidssyteem, deed het wantrouwen tussen overheid, bedrijven en middenveld nog toenemen.’

‘De neoliberale economische orde, die de facto in de plaats kwam van het Apartheidssyteem, deed het wantrouwen tussen overheid, bedrijven en middenveld nog toenemen. De regering wil afstand houden tot het middenveld, het middenveld vertrouwt de regering niet, de regering wil niet samenwerken met de bedrijven. Het hele systeem was en is dysfunctioneel.’

‘In de jaren negentig werden activistische rechtenorganisaties daardoor op korte tijd omgevormd tot dienstverlenende, caritatieve organisaties. Sociale ontwikkeling werd daardoor ook bijna helemaal afhankelijk van giften, overheidssubsidies en een beetje sociale investeringen vanuit het bedrijfsleven. Daar is op zich niets mis mee, alleen volstaat het niet.’

Misschien is er wel degelijk iets mis met een welzijnsmodel dat gebaseerd is op een caritatieve aanpak?

Kerryn Krige: ‘Er zal altijd een tekort zijn, dat klopt. Want eigenlijk is de opdracht van het middenveld om zowel overheid als bedrijfsleven ter verantwoording te roepen, maar als datzelfde middenveld ook moet instaan voor de sociale dienstverlening die overheid noch privé kan of wil organiseren, en daarvoor dan ook nog eens een beroep moet doen op die twee andere spelers om de activiteiten te financieren –dan krijg je een schizofrene situatie die de credibiliteit van het middenveld ondermijnt.’

In de TedX-talk die u eerder dit jaar gaf in Johannesburg, zegt u op een bepaald moment dat ‘winst een grote gelijkmaker is’. Dat gaat in tegen de intuïtie dat diensten of goederen die geproduceerd worden om winst te maken de ongelijkheid juist zullen aanjagen, aangezien ze meer naar de koopkracht dan naar de behoeften van mensen zullen kijken.

‘Ik zie winst in de context van sociale ontwikkeling juist als een noodzakelijk instrument om de afhankelijkheid van overheid en privéfinanciering te doorbreken.

Kerryn Krige: ‘Ik zie winst in de context van sociale ontwikkeling juist als een noodzakelijk instrument om de afhankelijkheid van overheid en privéfinanciering te doorbreken. Ook arme mensen hebben een zekere koopkracht en vaak verleent betaling voor de diensten die ze wensen hen ook een vorm van waardigheid. Aan de andere kant verplicht de marktlogica de aanbieder van diensten of goederen ook om veel beter te luisteren naar de behoeften van het doelpubliek. De aanbieder is niet langer soeverein, de relatie wordt niet langer getekend door welwillendheid of betutteling. Je bouwt ook de zelfingenomenheid van de “schenker” uit vervangt die door de onderhandeling tussen twee, veel meer gelijke individuen.’

U zegt: de marktlogica doorbreekt de machtsongelijkheid die inherent is in de caritatieve logica.

Kerryn Krige: ‘Dat klopt, en ik besef dat dit klinkt als een vloek in de middenveldkerk.’

Maar u introduceert meteen een nieuwe ongelijkheid onder de mogelijke afnemers, aangezien de koopkracht van mensen enorm verschilt.

Kerryn Krige: ‘Ik begrijp wat je bedoelt, maar ik pleit dus niet voor het onmiddellijke of volledige vervangen van aanpak A door aanpak B. Het gaat er om een extra optie te introduceren. En ja, ik zie ook wel dat niet iedereen voor alle behoeften kan gaan betalen, maar we moeten ervoor zorgen dat ook die mensen meer keuzemogelijkheden krijgen. Bovendien mogen we armoede of de nood aan sociale ontwikkeling niet louter in termen van gebrek aan geld zien, het is veel meer dan dat.’

Maar het is ook, en in de eerste plaats, een gebrek aan een voldoende en betrouwbaar inkomen.

Kerryn Krige: ‘Ja, maar we moeten ook zorgen voor meer keuzemogelijkheden voor wie weinig geld heeft. Een goed voorbeeld zie je in het onderwijs, dat de grote reproduceerder van armoede is – ondanks heel grote investeringen vanwege de overheid.’

‘Per kind kost het onderwijs in Zuid-Afrika evenveel als in sommige ontwikkelde landen, maar het onderwijs is van een niveau dat eerder vergelijkbaar is met de armste landen. Dat heeft te maken met de concentratie van armoede en uitsluiting, maar ook met de lamentabele kwaliteit van de lerarenopleiding –een erfenis van de apartheid- en met een soort vakbondswerking in de publieke scholen die het onmogelijk maakt om het onderwijzend personeel ook ter verantwoording te roepen.’

‘De rassenscheiding is een sociale kloof geworden, en die blijft voortduren.’

‘Bijna niemand in Zuid-Afrika kan zich de echte privéscholen permitteren, dus bij gebrek aan keuze zaten getalenteerde en minder getalenteerde kinderen vast in een dysfunctioneel onderwijs. De schoolkeuze hangt dus af van je sociale klasse en woonplaats, ook al bepaalt de school waar je afstudeert je latere opties voor wonen en werken. Arme kinderen gaan naar povere scholen, en ze blijven daardoor in de cyclus van armoede ronddraaien. De rassenscheiding is een sociale kloof geworden, en die blijft voortduren.’

Als antwoord op die situatie zijn er privé-initiatieven ontstaan die kwalitatief onderwijs aanbieden tegen een prijs die niet hoger ligt dan bij staatsscholen. Een van de manieren waarop deze “sociale-ondernemingsscholen” meer doen met evenveel inbreng van de ouders, is door hun schoolgebouwen maximaal te gebruiken en dus lokalen te verhuren als er geen les gegeven wordt.

Universe Awareness (CC BY 2.0)

De schoolkeuze hangt af van je sociale klasse en woonplaats, ook al bepaalt de school waar je afstudeert je latere opties voor wonen en werken. Arme kinderen gaan naar povere scholen, en ze blijven daardoor in de cyclus van armoede ronddraaien.

Hoe doen ze dat? Door lagere lonen te betalen en minder sociale bescherming te bieden?

Kerryn Krige: ‘Dat speelt mee, en dat zorgt ervoor dat de vakbonden erg sceptisch zijn en spreken van uitbuitingsscholen. Ik vind de bezorgdheid voor waardig werk wel terecht, maar de kritiek gaat te ver. Ga je dan ook alle vrijwilligerswerk in hulporganisaties als uitbuiting bestempelen?’

Is het verschil tussen de dure privéscholen en de betaalbare alternatieve scholen dat winst bij die laatsten bedoeld is om het initiatief duurzaamheid te geven, terwijl het bij de eersten de reden van bestaan is, en dus ook gemaximaliseerd moet worden?

Kerryn Krige: ‘De doelstelling is inderdaad allesbepalend. De inkomsten in die sociale-ondernemingsscholen worden geïnvesteerd in voortdurende bijscholing van leerkrachten en in didactisch materiaal. We hebben in Zuid-Afrika ook een beursgenoteerd scholennet in Zuid-Afrika, en dat is niét gericht op het voortdurend versterken van hun bereik en kwaliteit, maar op waardecreatie voor aandeelhouders. Daarvoor moeten ze weliswaar kwaliteit leveren, maar alleen aan de elite die schoolgelden tot 30.000 euro per jaar kunnen betalen.’

Er zijn al een hele tijd studentenprotesten aan de ging tegen de hoge inschrijvingsgelden aan universiteiten. Er is dus wel degelijk een probleem met betaalbaarheid en toegankelijkheid van cruciale diensten van de overheid.

‘Er is ook een probleem met de massale instroom in universiteiten van mensen die wellicht beter andere beroepskeuzes zouden maken.’

Kerryn Krige: ‘Dat is zeker een deel van het probleem, maar er is ook een probleem met de massale instroom in universiteiten van mensen die wellicht beter andere beroepskeuzes zouden maken. Met als gevolg dat er veel te veel jaren overgedaan worden en dat er daarna ook nog eens massale werkloosheid is bij jongeren met een universitair diploma.’

Zijn er geografische concentraties van sociale ondernemingen in Zuid-Afrika, of zie je net grote blinde vlekken?

Kerryn Krige: ‘Dat weten we eigenlijk niet. Er is niet eens een duidelijke definitie of een duidelijk wettelijk kader, dus hoe kan je het fenomeen dan in kaart beginnen brengen? Maar we vermoeden wel een concentratie in de grote steden: Johannesburg, Kaapstad, Durban. Wij hebben wel initiatieven genomen om het idee buiten de stedelijke luchtbellen te duwen. In een training in Limpopo provincie bleek dat trouwens heel goed aan te slaan.’

Werkt dit model ook in arme townships, zoals Alexandra in Johannesburg?

Kerryn Krige: ‘Uiteraard, want sociaal ondernemerschap ziet kansen en uitdagingen in de bestaande behoeften, en die zijn op een plek als Alexandra erg groot. De meeste mensen gooien de handen in de lucht bij het zien van de armoede en de problemen op een plek als Alexandra, maar dan zijn er mensen die daar toch een zaakje gaande krijgen. Sociale ondernemers zijn dan enorm creatief en innovatief, en dus zijn ze een bron van kennis en voorbeelden voor ons allemaal.’

U situeert sociale ondernemingen in het midden tussen non-profit en profit-driven, maar tegelijk noemt u sociale ondernemers disruptors –verstoorders-, wat suggereert dat ze het hele continuüm op zijn kop zetten.

Kerryn Krige: ‘De echte disruptie zit in het feit dat sociale ondernemers zich niet houden aan de klassieke tweedeling. Ze opereren dus in het midden, maar tot nu wordt dat midden niet gezien of erkend als een reële mogelijkheid. Het gaat erom dat je sociale meerwaarde gaat creëren door de manier waarop je een bedrijf opzet en runt. Het is niet louter een kwestie om het gat in de markt te vinden – bijvoorbeeld: mensen hebben behoefte aan schoon drinkwater – maar de vraag wordt: wat kan ik doen om een maatschappelijke behoefte te beantwoorden op zo’n manier dat ik mijn organisatie zelf draaiende kan houden. Het is een mix van activisme met ondernemingszin.’

‘Een van de factoren die welzijnsorganisaties succesvol maken, is het feit dat een deel van het inkomen niet uit giften of subsidies bestaat, en dus ook los van elke externe doelstelling ingezet kan worden.’

‘Ik heb een studie gedaan naar de factoren die welzijnsorganisaties succesvol maken, en een van die factoren is het feit dat een deel van het inkomen niet uit giften of subsidies bestaat, en dus ook los van elke externe doelstelling ingezet kan worden. Dat is een cruciale vaststelling. Zeker in Zuid-Afrika, waar de klassieke hulpindustrie onvoldoende resultaten oplevert, en waar er resultaten zijn, volstaan ze niet of komen ze te traag.’

Is sociaal ondernemerschap hetzelfde als wat C.K. Prahalad beschrijft in zijn klassieke studie The Bottom Billion, namelijk: de bedrijven die de armsten van de wereld erkennen als geïnteresseerde consumenten en hen dan ook een aanbod doen dat binnen het bereik van hun koopkracht ligt?

Kerryn Krige: ‘Die benadering gaat heel sterk uit van een externe ondernemer en individuele consumenten, terwijl echt sociaal ondernemen geworteld is in de gemeenschap. Het is ook niet voldoende om de mensen, inclusief de armsten, te erkennen als consumenten. Waar het echt om gaat, is om het zich toe-eigenen van macht door de gemeenschap. Iemand stelt de vraag, iemand formuleert een antwoord, iemand maakt verandering concreet.’

En speelt de overheid haar rol? We zijn 22 jaar na de grote omwenteling en het lijkt er niet op dat de regering er in geslaagd is om echt structurele verandering te realiseren.

Kerryn Krige: ‘22 jaar lijkt lang, maar vergeleken bij de eeuwen onderdrukking van de zwarte meerderheid, is de verandering nog heel pril. Maar de ruimtelijke concentratie van armoede blijft inderdaad heel zichtbaar, rassenconflicten en de polarisering tussen generaties blijven zeer reëel. Er is geen twijfel mogelijk: we moeten en kunnen daar beter aan werken.’

Maar de vraag was: kan de overheid het beter doen?

Kerryn Krige: ‘Het antwoord is ondubbelzinnig: ja, de overheid moet beter doen. En ik ben er zeker van dat ze dat zelf ook wéét.’

Laat een reactie achter

Javascript is vereist om dit formulier te gebruiken.

B.J. De Cordier

In haar vaststelling heeft mevrouw Krygge gelijk. De schizofrenie waarover zij spreekt geldt overigens ook voor het middenveld in onze contreien. Ik weet niet meer wie zei: ‘Het middenveld? Ach, dat zijn steeds diezelfde twintig-dertig mensen die aan onze deur komen roepen tegen ons beleid op een budget dat ze van ons gekregen hebben.’ (het zou een uitspraak van de Gaulle kunnen geweest zijn; dat was helemaal zijn stijl ;-) ) ‘Middenveld’ zijn vereist een zekere onafhankelijkheid. En als veruit de meeste middenveldorganisaties volledig draaien op overheidssubsidies, dan zijn ze dat niet meer, maar onderaannemers van de staat of van bepaalde coalities of ideologische strekkingen. Idem met donor-afhankelijke ngo’s in het ‘globale Zuiden’ die zowel door overheden als door de straat erg vaak worden gezien als uitvoerders van externe agenda’s eerder dan behartigers van eigen sociale belangen.
In Bangladesh en India bijvoorbeeld zijn er ngo’s die een deel van hun werking al hebben ingeschakeld in de privésector, zoals land- en tuinbouwactiviteiten en voedselproductie. Ik vind dat persoonlijk niet slecht als zij op die manier bijdragen tot een echte en geen toelage-economie en als hen dat een zekere financiële zelfstandigheid geeft zodat ze niet langer volledig aan het donorinfuus te moeten liggen. Het enige waar ze mee moeten opletten is, dat ze geen commerciële activiteiten (blijven) voeren met het vaak meer voordelige fiscale statuut van een ngo, omdat dat eigenlijk concurrentievervalsing is t.o.v. ‘klassieke’ privébedrijven.

LEES OOK

© Ruth Govaerts
Vlamingen zijn kniesoren. Zuid-Afrikanen klagen zo mogelijk nog sneller. Toch vindt Albie Sachs, anti-apartheidsstrijder van het eerste uur dat het de goede richting uitgaat.
© Stefaan Anrys
‘Geld geven aan de armen, haalt niets uit.
© Hans Moleman
Zuid-Afrika heeft de sterkste economie van het Afrikaanse continent, maar toch zijn er te weinig banen. Hoge werkloosheid is een van de redenen dat het ANC steeds meer aanhang verliest.
Bron: Vimeo
Na jaren procederen kregen zieke mijnwerkers in Zuid-Afrika eindelijk groen licht om een “class action” in te leiden tegen goudmijnbedrijven.

Meest recent van Gie Goris

CC Andrea Moroni (CC BY-NC-ND 2.0)
Small is beautiful? De Croo bespaart op ontwikkelingssamenwerking
‘Op alle beleidsdomeinen wordt bespaard. Het is logisch dat ontwikkelingssamenwerking daarvan niet vrijgesteld wordt’, zegt minister Alexander De Croo.
CC Jens Karlsson
Zweedse nachten en Amerikaanse feiten (of omgekeerd)
De Donald scoorde weer eens op rekening van een Europese welvaartstaat.
Srećko Horvat: ‘Wie vanuit de marge protesteert, zal niets bereiken’
De Kroatische filosoof Srećko Horvat, die samen met onder andere Yanis Varoufakis de beweging DiEM25 oprichtte, sprak vorige week in het Kaaitheater over de nood aan subversie om zowel in Europa al
© Gie Goris
‘Afrika heeft méér onderlinge handel nodig in deze tijden van economisch nationalisme’
Mukhisa Kituyi, voormalig minister van Handel en Industrie van Kenia, is sinds 2013 secretaris-generaal van UNCTAD, de VN-organisatie voor Handel en Ontwikkeling.
Nooit meer tonen X

Ontdek

MO*nieuwsbrieven

Schrijf je in op onze gratis nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het belangrijkste mondiaal nieuws.

Facebook/Twitter

Blijf op de hoogte van het belangrijkste mondiaal nieuws.

MO*magazine

Abonneer je op ons unieke kwartaalmagazine voor slechts € 28.

Een abonnement nemen

MO*papers

Abonneer je op de gratis digitale achtergronddossiers (pdf) over actuele mondiale thema’s.