Israëlische technologie bedreigt privacy, en niet alleen die van Palestijnen

“Big Brother” Israël: al wie Palestijns is, is gezien

© Reuters / Mussa Qawasma

Israël heeft vandaag een zeer sterk ontwikkelde en geavanceerde surveillance-industrie, met banden overal. ‘Die Israëlische technologieën zitten over de hele wereld, inclusief Latijns-Amerika, Afrika en de Arabische regio.’

Israël heeft vandaag een zeer sterk ontwikkelde en geavanceerde surveillance-industrie. Wie Palestijns is, ontsnapt daardoor moeilijk aan die Big Brother. Facebook en Google houden zelfs mee een oogje in het zeil. Maar Israël levert ook software aan heel wat andere landen: ‘Die Israëlische technologieën zitten over de hele wereld.’

Woon je in België en heb je de Coronalert-app geïnstalleerd op je telefoontoestel? Dan kan je op je twee oren slapen: je gegevens zijn redelijk goed beschermd. De Belgische app voor contactopsporing, gebaseerd op Europese technologie, is immers in overeenstemming met de Europese GDPR-wetgeving. Die zorgt ervoor dat niemand onnodig toegang krijgt tot jouw gegevens, zo bevestigt ook consumentenorganisatie Test-Aankoop.

Woon je in surveillance-staat Israël of in bezet Palestijns gebied, dan heb je helaas minder zekerheid over die privacybescherming. De Israëlische regering ging voor zijn contactopsporing in zee met niemand minder dan haar eigen veiligheidsdienst Shin Bet. Die kreeg daarvoor toegang tot de telefoons van Israëlische burgers.

Technologie is ‘altijd een politiek, sociaal en cultureel – nooit neutraal – gegeven’, zo schreef het Brookings-instituut over de privacybescherming van Israëlische burgers in een artikel van juli 2020. En dat geldt zeker in conflictgebieden. Ook in Israël en Palestina, waar de surveillance van burgers dagelijkse kost is.

Gomt COVID-19 privacy weg?

‘De Israëlische corona-app geeft toegang tot privé-informatie zoals berichten en bestanden, tot zelfs de camera en de microfoon.’

‘We adviseren u om de app Al Munasiq niet te downloaden. Het is een gevaarlijke app, gelanceerd door Israël in de bezette Palestijnse Gebieden. Hij schendt de privacy van Palestijnen en kan leiden tot andere schendingen van de mensenrechten.’ Die boodschap, gericht aan Palestijnen, komt van de Palestijnse Coalitie voor Digitale Rechten.

Een van de ondertekenaars is Nadim Nashif, directeur van 7amleh, het Arabisch Centrum voor de verbetering van sociale media. ‘Al Munasiq is een dienstenapp die toegang geeft tot privé-informatie over de gebruiker, zoals berichten en bestanden, en tot de camera en de microfoon. Daarmee schendt Israël de mensenrechten en de digitale rechten van Palestijnen.’

© MO*

De Al Munasiq-app van de Israëlische overheid: ‘Een gevaarlijke app, die de privacy schendt.’

Meer dan 50.000 Palestijnse gebruikers zouden de app hebben gedownload, en dat heeft te maken met nieuwe mobiliteitsrestricties voor Palestijnen onder de coronapandemie. ‘Palestijnen die naar een andere Palestijnse regio willen gaan, hebben daar een officiële Israëlische toelating voor nodig’, legt Nashif uit.

‘Vóór de pandemie kon je die toelating persoonlijk aanvragen bij een contactpunt van het Israëlische leger. Maar bij de uitbraak van de pandemie werden die punten gesloten. Mensen kregen te horen dat ze de toelating digitaal moesten aanvragen via de bewuste app. Heel veel mensen downloadden de app zonder te weten dat die een grote inbreuk op hun privacy betekent.’

Israël schuift het hogere belang van de volksgezondheid naar voren, en dat zette zowel de digitale bescherming van Palestijnen als die van Joods-Israëlische burgers op de helling. ‘Tijdens debatten in de media kwamen nu ook andere zaken aan het licht’, zegt Nashif. ‘Bijvoorbeeld dat de Israëlische veiligheidsdiensten al meer dan 18 jaar telecommunicatie-acties en -bewegingen van alle burgers in Israël traceren via The Tool’, zegt Nashif.

The Tool is een databank die, via telecombedrijven, gegevens verzamelt van iedereen die telecomdiensten gebruikt in Israël. De databank traceert niet de inhoud van berichten of oproepen, maar wel de locatie van telefoons, oproepen en tekstberichten en de browsergeschiedenis van gebruikers.

En er is meer: de Israëlische krant Haaretz kon vertrouwelijke documenten inkijken en achterhaalde zo hoe ook de Israëlische politie burgers al jaren bespioneert. Haaretz legde in december 2020 bloot hoe de Israëlische politie internetaanbieders opdraagt hen toegang te geven tot de online data van alle websites in Israël.

Socialemediareuzen

De voorbije jaren bracht onderzoek aan het licht hoe socialemediaplatformen zoals Facebook en YouTube samenwerken met de Israëlische staat. Daarbij staan niet alleen de privacybescherming en de digitale rechten van Palestijnen onder druk. De samenwerking leidt ook tot de beperking van de vrije meningsuiting en tot censuur van Palestijnse gebruikers.

Sada Social, een Palestijnse organisatie die ijvert voor digitale rechten, documenteerde in 2019 maar liefst duizend inbreuken tegen de vrijheid van meningsuiting op sociale media. Daarbij werden openbare pagina’s, profielen, posts en publicaties van Palestijnen verwijderd en werd hen toegangsrechten daartoe ontnomen.

Israël maakte gebruik van programma’s met artificiële intelligentie die zich richtten op het specifieke woord- en taalgebruik van gebruikers.

Uit een onderzoek van het digitale nieuwsforum Middle East Eye bleek dat op 4 mei 2020, op nauwelijks één dag tijd dus, de Facebookprofielen van maar liefst vijftig Palestijnse journalisten en activisten werden gedeactiveerd. De uitleg van Facebook: ‘het niet volgen van de richtlijnen voor de community’.

Al geruime tijd hekelen mensenrechtenorganisaties Adalah en ACRI dat socialemediaplatformen samenwerken met een cybereenheid gelinkt aan de Israëlische staat die actief is sinds 2015. De samenwerking is gericht op het censureren van berichten op sociale media. Alleen hebben die censuuroperaties onder de Israëlische cybereenheid geen wettelijke basis in Israël, aldus Adalah en ACRI. De organisaties brachten de zaak voor het Israëlische Hooggerechtshof.

De gevolgen van de digitale surveillance gaan ver. De Palestijnse Autoriteit arresteerde in 2018 en 2019, op veertien maanden tijd, maar liefst 752 Palestijnen omwille van hun berichten op sociale media. Dat stelt mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch op basis van officiële informatie die ze opvroeg.

En eerder onderzoek door de Israëlische onderzoeksjournalist Ronen Bergman wees uit hoe de Israëlische veiligheidsdiensten in 2017 vierhonderd Palestijnen arresteerden die werden beschouwd als ‘geïsoleerde terroristen’.

Israël maakte daarbij gebruik van programma’s met artificiële intelligentie die zich richtten op het specifieke woord- en taalgebruik van gebruikers. Maar deze specifieke terroristenprofielen kan je niet identificeren op basis van een software, opperde Bergman. Bovendien is de vraag: hoe kan je iemand gevangennemen voor een misdaad die hij of zij nog niet heeft gepleegd?

Het recht van de sterkste

Ook YouTube lijkt een Israëlische lijn te volgen, zegt de Palestijnse ngo al-Shabaka in een recent onderzoek naar het gebruik van artificiële intelligentie op het videoplatform.

‘In conflictgebieden zijn bedrijven als Facebook en Google geneigd om zich meer te plooien naar de sterkste, machtigste speler.’

Het valt al-Shabaka op dat islamofobe taal, het verheerlijken van geweld door het Israëlische leger en de promotie van wapens door Israëlische YouTubers bijvoorbeeld wél toegelaten worden. Palestijnse mensenrechtenverdedigers daarentegen zien hun filmpjes verwijderd worden wanneer ze het geweld van de Israëlische veiligheidsdiensten tegen Palestijnen aanklagen.

Gebruikers hebben ook het gevoel dat Arabisch ondertitelde video’s onder een hoger toezicht van YouTube lijken te staan dan bijvoorbeeld Engelstalige. Onderzoek wijst ook uit hoe YouTube-filmpjes die in de Westelijke Jordaanoever worden verwijderd, in Europa wel worden toegelaten.

‘Want die staan onder controle van diverse autoriteiten. Sommige gebieden staan onder bestuur van Israël, andere onder dat van de Palestijnse Autoriteit, andere onder gemengd bestuur, en Gaza valt onder Hamas, dat internationaal beschouwd wordt als een terreurbeweging. Welke wetgeving volgt Facebook dan precies?’‘Bedrijven als Facebook en Google (eigenaar van YouTube, red.) zijn in conflictgebieden geneigd om zich meer te plooien naar de sterkste, machtigste speler. Kwestie van niet geblokkeerd te worden’, zegt 7amleh-directeur Nadim Nashif. ‘Facebook beweert dat het de lokale wetgeving volgt, maar dat is een heel complex gegeven in de bezette Palestijnse gebieden.’

De tentakels van Israëlische hightech-bedrijven

Israël heeft vandaag een zeer sterk ontwikkelde en geavanceerde surveillance-industrie, met banden overal. ‘Die Israëlische technologieën zitten over de hele wereld, inclusief Latijns-Amerika, Afrika maar ook in de Arabische regio: in Egypte, Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten.’

Nashif verwijst naar het omstreden Israëlische technologiebedrijf NSO Group. De Israëlische staat bezorgde NSO licenties bij buitenlandse verkopen aan corrupte en ondemocratische regimes.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
‘In de zaak van de vermoorde dissidente journalist Jamal Khashoggi gebruikten de Saoedi’s Pegasus, spionagesoftware van NSO. De bekende Emiratische mensenrechtenactivist Ahmed Mansoor, die twee jaar geleden veroordeeld werd tot tien jaar celstraf, werd bespioneerd met Israëlische software door de veiligheidsdiensten van de Emiraten.’ En de telefoons van journalisten van Al-Jazeera werden via NSO-software gehackt door Saoedi-Arabië en de Emiraten.

Maar ook het Israëlisch-Amerikaanse ‘analysebedrijf’ Verint Systems verkoopt aan repressieve regimes. Zo leverde het de software waarmee toestellen van mensenrechtenactivisten en journalisten in Zuid-Soedan gehackt werden. ‘Het Palestijnse privacyprobleem is dus een mondiaal probleem geworden’, zegt Nashif. ‘Wat bij ons begon, wordt nu geïmplementeerd bij andere groepen. Over de hele wereld.

Deze analyse werd geschreven voor het lentenummer van MO*magazine. Voor slechts 32 euro kan je hier een jaarabonnement nemen! Je kan ook proMO* worden voor slechts 4 euro per maand. Je krijgt dan ook ons magazine toegestuurd en je steunt daarmee ons journalistiek project. Opgelet: Knack-abonnees ontvangen MO* automatisch bij hun pakket.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3153   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur