Dossier: 

Spanningen in Kasjmir en de jihadistische strijd om Zuid-Azië

Sinds begin oktober kwamen bij grensschermutselingen in Kasjmir twintig burgers om het leven. Deze nieuwe escalatie lijkt grotendeels het gevolg van binnenlandse Pakistaanse en Indiase politieke overwegingen, maar dreigt voorbij te gaan aan de bekommernissen van de Kasjmierse bevolking zelf. Op de achtergrond woedt bovendien een steeds openlijkere rivaliteit tussen Islamitische Staat en Al Qaida voor het jihadistische marktleiderschap in Pakistan, India en Afghanistan.

(C) Gie Goris

 

Bij grensschermutselingen tussen het Pakistaanse en Indiase leger in de gecontesteerde regio Kasjmir kwamen sinds begin oktober 20 burgers om het leven. Waarnemers waarschuwen dat het fragiele bestand dat in 2003 door Pakistan en India werd afgesloten zo steeds meer onder druk komt te staan.

‘Als Pakistan hiermee doorgaat, zullen ze de ondraaglijke pijn van hun avonturisme voelen’

Beide partijen beschuldigden elkaar van het starten van een nieuwe ronde van confrontatie, en schuwden de harde woorden niet. De Indiase defensieminister Jaitley waarschuwde Pakistan op 21 oktober niet met vuur te spelen:

‘Vroeger hielden we enkel een schild omhoog wanneer Pakistan het vuur opende. Nu hebben we ook een zwaard. Als Pakistan hiermee doorgaat, zullen ze de pijn van hun avonturisme voelen. Onze troepen zullen de kost van zo’n avonturisme ondraaglijk maken.’

Zijn Pakistaanse buitenlandcollega Aziz diende Jaitley dezelfde dag nog van antwoord: ‘De Pakistaanse natie zal nooit de Indiase heerschappij of hegemonie aanvaarden. We zullen nooit de rechten van de Kasjmiri’s vergeten, en we zullen onze vitale belangen verdedigen.’ Aziz verzocht op 12 oktober de tussenkomst van de Verenigde Naties.

Beide landen claimen sinds 1947 de volledige heerschappij over de voormalige prinselijke staat Kasjmir, een erg vruchtbaar en waterrijk grensgebied dat ingeklemd ligt tussen Afghanistan, Pakistan, China en India.

Pakistan controleert het noordwestelijke deel van Kasjmir (de provincies Gilgit, Baltistan en Azad Kasjmir), terwijl het zuidelijker gelegen Jammu en Kasjmir (inclusief de vruchtbare Kasjmirvallei en het hooggelegen gebied Ladakh) onder Indiase controle staat.

Belang binnenlandse politiek

Sinds de verkiezing van hindoenationalist Modi tot Indiaas Eerste Minister in mei 2014 was er sprake van een voorzichtige ontdooiing van de traditioneel erg gespannen Indo-Pakistaanse relaties.

Modi en zijn Pakistaanse collega Nawaz Sharif drukten elkaar na Modi’s eedaflegging de hand, terwijl de Pakistaanse buitenlandminister Aziz in een exclusief interview met MO* beloofde dat Pakistan ‘voortaan zal inzetten op een beleid van non-interventie [in de buurlanden] en vredelievend nabuurschap.’

Waarnemers stellen dat het Pakistaanse leger de politieke crisis in Pakistan aangreep om het Indiabeleid opnieuw naar zich toe te trekken

Zowel Sharif als Modi combineren een conservatief en religieus-nationalistisch profiel met een duidelijk neoliberaal economisch programma. Waarnemers verwachtten hierdoor een gematigder buitenlandbeleid dat meer gericht is op het bereiken van nationale economische groei.

Sinds zijn verkiezing in mei 2013 probeerde Sharif het Pakistaanse buitenlandbeleid, dat traditioneel sterk gedomineerd wordt door het veiligheidsapparaat, naar zich toe te trekken.

De Pakistaanse Eerste Minister zocht eveneens toenadering tot India, terwijl de vijandschap met India volgens velen juist door het Pakistaanse leger gecultiveerd wordt om meer politieke en economische macht naar zich toe te trekken.

Waarnemers stellen dat het Pakistaanse leger van de politieke crisis en straatprotesten die Pakistan sinds augustus 2014 verlammen gebruik maakte om Sharif te verzwakken. De legertop zou Sharif eind augustus duidelijk hebben gemaakt hem niet te willen afzetten, maar in ruil wel opnieuw het laken naar zich toe te zullen trekken in buitenlandse dossiers.

Gesprekken tussen de Pakistaanse en Indiase ministers van Buitenlandse Zaken die op 25 augustus gepland stonden werden alleszins afgeblazen. De Indiase analist Bhaskar Roy zag hierin het bewijs dat ‘het Pakistaanse leger nog steeds een duidelijke greep op het [Pakistaanse] Indiabeleid behoudt.’

Binnenlandse overwegingen zouden zo een cruciale rol spelen in de recente escalaties in Kasjmir. De bekende Indiase blogger Ajai Shukla stelt tegenover MO* dat het Pakistaanse leger bewust het vuur aan de lont stak in Kasjmir om hun interne prestige op te krikken na een controversiële legercampagne om islamitische militanten in Noord-Waziristan te bestrijden.

De Indiase regering, van haar kant, kan zich volgens Shukla niet veroorloven om zwak over te komen bij haar eigen publieke opinie. Dit in het bijzonder omdat in november 2014 belangrijke deelstaatverkiezingen gepland staan in Jammu en Kasjmir.

Shukla schat de kansen op een verdere escalatie wel niet hoog in: ‘Wanneer beide partijen hun [binnenlandse] doelstellingen bereikt hebben, kan je zien dat beide legers de situatie doen de-escaleren.’

Bhaskar Roy wijst op de verantwoordelijkheid van het Pakistaanse leger voor de instandhouding van de status-quo in Kasjmir.

‘It takes two to tango. Als één partner niet de stappen volgt kunnen hun armen en benen verstrikt raken, wat zal leiden tot een crash. Het is tijd dat de Pakistaanse hardliners begrijpen dat er geen oplossing van eender welk bilateraal dispuut kan zijn totdat er een volledige catharsis plaatsvindt in het Pakistaanse leger’, aldus Roy.

Wat met Kasjmir?

De periodieke escalatie van spanningen in Kasjmir voor binnenlands Pakistaans of Indiaas politiek gewin dreigt de aandacht af te leiden van de bredere discussie rond de toekomst van Kasjmir.

Nadat begin jaren 2000 de gewapende ondergrondse strijd - die begon in 1989 en gesteund werd door de Pakistaanse inlichtingendiensten- doodbloedde, vonden vanaf de zomer van 2008 een reeks massaprotesten plaats gericht tegen de Indiase bezetting van Jammu en Kasjmir.

Steeds meer Kasjmierse jongeren ijveren voor onafhankelijkheid van India én Pakistan

De demonstraties werden geleid door een nieuwe generatie die van geweldloos protest haar handelsmerk maakte, en steeds openlijker ijvert voor onafhankelijkheid van India én Pakistan, de zogenaamde “azaadi”.

Deze “derde optie” kent steeds meer aanhangers onder Kasjmiri’s die het zowel het Indiase bestuur als het gewelddadig verzet tegen de Indiase bezetter beu zijn, maar zich tegelijk afzetten tegen buitenlandse inmenging van strenggelovige Afghanen en Pakistanen.

Vele Kasjmiri’s kijken bovendien vol afgrijzen toe hoe Pakistan steeds meer af te rekenen krijgt met religieus extremisme.

Zowel India als Pakistan houden echter vast aan het kader van VN-Veiligheidsraadresolutie 47 uit 1948, die uitgaat van een referendum over aansluiting van Kasjmir bij India of Pakistan. De optie “onafhankelijkheid” werd destijds iet vermeld.

Islamitische Staat in Kasjmir?

Ondertussen doken de afgelopen weken berichten op over IS-vlaggen die bovengehaald zouden zijn geweest tijdens demonstraties in Kasjmir, wat de vrees voedt dat de extremistische terreurorganisatie nu ook haar pijlen zou hebben gericht op Zuid-Azië.

‘Jongeren met ISIS-vlaggen zijn een weerspiegeling van een diepgaande vervreemding en anti-India gevoel in Kasjmir’

Blogger Ajai Shukla doet zo’n berichten echter af als onzin. ‘De kans dat ISIS terrein zou winnen in Kasjmir is zo goed als onbestaande. Kasjmir is één van de meest gemilitariseerde gebieden ter wereld, het Indiase leger zou gemakkelijk elke ISIS-militant kunnen vinden en neutraliseren.’

Shukla benadrukt wel de dieperliggende betekenis van zo’n gebeurtenissen. ‘Jongeren met ISIS-vlaggen zijn een weerspiegeling van een diepgaande vervreemding en anti-India gevoel in Kasjmir. Als India ruzie zou hebben met Peru zou je overal Peruviaanse vlaggen kunnen vinden in Kasjmir. Tegelijk is er wel een groeiend gevoel van solidariteit met de islamitische wereld, zoals bijvoorbeeld recentelijk met Gaza.’

Rivaliteit tussen IS en Al Qaida in Zuid-Azië

De gerenommeerde Pakistaanse journalist Ahmed Rashid wijst wel op de groeiende toenadering tussen IS en de Pakistaanse Taliban, naar aanleiding van de steunverklaringen door vijf kopstukken van de Pakistaanse taliban voor IS.

Rashid beschrijft de opkomst van een nog radicalere en beter opgeleide jongere generatie van Pakistaanse en Afghaanse militanten. Deze jongeren zijn ontgoocheld in het huidige leiderschap van de Taliban en Al Qaida en voelen zich steeds meer aangetrokken tot de compromisloosheid en het militaire succes van IS in Syrië en Irak.

‘Het gevaar bestaat dat Pakistan en Afghanistan geconfronteerd zullen worden met een herhaling van wat ISIS doet in Irak en Syrië’

De groeiende steun voor IS zorgt voor kopzorgen voor het in Pakistan gevestigde leiderschap van Al Qaida. Ayman al-Zawahiri, de leider van Al Qaida, zou daarom vorige maand besloten hebben een nieuwe Zuid-Aziatische tak van Al Qaida op te richten als tegengewicht voor de toenemende aantrekkingskracht van IS in Zuid-Azië.

De nakende terugtrekking van het gros van de internationale troepenmacht uit Afghanistan zou er volgens sommige waarnemers bovendien toe leiden dat internationale militanten, die zijdelings betrokken zijn bij de strijd in Afghanistan, nu ook hun pijlen op Kasjmir, Pakistan en India zouden richten.

Rashid benadrukt echter dat de Afghaanse Taliban vooralsnog geen steun aan IS heeft uitgedrukt en meer gefocust lijkt op het omverwerpen van de huidige Afghaanse regering.

Rashid waarschuwt wel de Pakistaanse en Afghaanse regering: ‘ISIS is het hele jihadistische landschap aan het veranderen – niet enkel in het Midden-Oosten maar ook in Zuid-Azië.’

‘Tenzij Pakistan en Afghanistan manieren vinden om het extremisme van Talibangroeperingen te beëindigen zullen ze wellicht te maken krijgen met een meer gemilitariseerde, radicalere en extremistischere jongerenbeweging. Het gevaar bestaat dan dat deze landen geconfronteerd zullen worden met een herhaling van wat ISIS doet in Irak en Syrië.’

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Willem Staes werkt als beleidsmedewerker Midden-Oosten bij 11.11.11 (50%) en beleidsmedewerker Veiligheid en Ontwapening bij Pax Christi Vlaanderen (50%).