Xenofoob geweld in Zuid-Afrika: wanneer angst het wint van solidariteit

© FOS

© FOS
Tine Cornillie (FOS)
07 juli 2026 • 5 min leestijd
Zuid-Afrika beleeft opnieuw een gevaarlijke golf van xenofobie. De voorbije weken werden migranten bedreigd, uit hun woningen en werkplaatsen verdreven en onder druk gezet om het land te verlaten. Tine Cornillie werkt voor de ngo FOS in Zuid-Afrika en schreef er deze blog over.
De aanleiding voor het xenofoob geweld is een zogenaamd “ultimatum” van bewegingen zoals Operation Dudula, die 30 juni uitriepen tot deadline voor mensen zonder geldige verblijfsdocumenten om Zuid-Afrika te verlaten. Die deadline heeft geen enkele wettelijke basis en werd niet door de Zuid-Afrikaanse overheid afgekondigd. Toch heeft ze een klimaat van angst gecreëerd waarin burgergroepen zichzelf het recht toe-eigenen om mensen te controleren, te intimideren en te verdrijven.
De menselijke gevolgen zijn schrijnend. Duizenden Malawiërs, Zimbabwanen en andere Afrikaanse migranten verzamelden zich bij consulaten en tijdelijke repatriëringscentra.
In Durban wachtten duizenden Malawiërs dagen- en soms wekenlang op vervoer. Tijdelijke opvangplaatsen raakten overvol, waardoor mensen buiten moesten slapen.
Ook migranten met geldige documenten werden door het geweld uit hun woningen verdreven en kwamen op straat terecht. In Johannesburg kampeerden honderden mensen buiten het Malawische consulaat, afhankelijk van vrijwilligers en maatschappelijke organisaties voor voedsel, drinkwater en andere basisvoorzieningen. In Kaapstad wachtten meer dan duizend mensen bijna twee dagen buiten een repatriëringscentrum, zonder duidelijkheid over wanneer zij konden vertrekken.
Dat mensen “vrijwillig” terugkeren, mag daarom niet los worden gezien van de bedreigingen waaronder die beslissing wordt genomen. Wie zijn woning verlaat uit angst om aangevallen of gedood te worden, maakt geen werkelijk vrije keuze.
De recente geweldsgolf heeft bovendien al mensenlevens gekost. Migranten die vaak jarenlang in Zuid-Afrika woonden, werkten, belastingen betaalden en gezinnen grootbrachten, vertrekken nu met slechts enkele bezittingen en zonder zekerheid over hun toekomst.
Ook op de werkvloer maken werkgevers misbruik van dit klimaat. FOS-partner CWAO documenteerde verschillende gevallen waarin migranten zonder behoorlijke procedure werden ontslagen.
Bij Harvest Fresh in Meyerton werden negentig voornamelijk Malawische landarbeiders, die er soms al vijf tot vijftien jaar werkten, plots onder druk gezet om een “vrijwillige” beëindiging van hun arbeidscontract te ondertekenen.
Bij Shereno Printers kregen werknemers die er tot twintig jaar hadden gewerkt amper R2.000 mee. Bij Sunshine Plastic werden 23 migranten de toegang tot hun werkplek ontzegd, officieel vanwege bedreigingen door anti-migrantenbewegingen.
CWAO ondersteunt de arbeiders bij klachten wegens onrechtmatig ontslag en benadrukt dat Zuid-Afrikaanse en migrantenarbeiders dezelfde belangen delen: waardig werk, een leefbaar loon en bescherming tegen uitbuiting.
Ook CSAAWU meldt ontslagen van migranten op boerderijen in de Langeberg- en Breederivierregio. Mensen die jarenlang voor dezelfde landeigenaren werkten, kregen zonder overleg of eerlijke procedure te horen dat zij moesten vertrekken.
Sommigen verkopen hun volledige huisraad omdat zij zonder loon, ontslagvergoeding of sociale bescherming naar hun land van herkomst terugkeren.
CSAAWU verzamelt getuigenissen, informeert werknemers over hun rechten en onderzoekt mogelijke klachten bij de CCMA.
Women on Farms Project (WFP) wijst erop dat vrouwelijke migranten op boerderijen bijzonder kwetsbaar zijn. Uit eerder onderzoek van WFP onder 105 vrouwelijke migrantenarbeiders bleek dat zij zich onderaan de landbouwwaardeketen bevinden, vaak in seizoenswerk, met lage lonen en weinig mogelijkheden om hun rechten af te dwingen.
Werkgevers spelen Zuid-Afrikaanse en migrantenarbeiders geregeld tegen elkaar uit. WFP roept daarom op tot ubuntu en tot solidariteit tussen alle arbeiders, ongeacht hun nationaliteit of verblijfsstatus.
De frustraties van Zuid-Afrikanen over werkloosheid, armoede, criminaliteit, gebrekkige dienstverlening en een slecht functionerend migratiesysteem zijn reëel. Maar migranten hebben deze structurele problemen niet veroorzaakt. Door arme Zuid-Afrikaanse en buitenlandse werknemers tegenover elkaar te plaatsen, blijven werkgevers die kwetsbaarheid uitbuiten en beleidsmakers die tekortschieten buiten schot.
Migratie moet wettelijk, doeltreffend en menswaardig worden beheerd. Dat betekent echter nooit dat burgergroepen mensen mogen bedreigen, dat werkgevers hen zonder procedure mogen ontslaan of dat gezinnen onder onmenselijke omstandigheden op repatriëring moeten wachten.
De gebeurtenissen rond 30 juni tonen vooral hoe dringend Zuid-Afrika nood heeft aan sociale en economische rechtvaardigheid. Niet minder solidariteit, maar juist meer solidariteit tussen arbeiders is nodig om armoede, uitbuiting en ongelijkheid werkelijk aan te pakken.
Niets missen?
Abonneer je op (één van) onze nieuwsbrieven.

