Is het kapotalisme voor altijd?

A woman in a striped blue shirt and light jeans sits on a wooden stool against a light purple background with a wooden panel.

Dilara Kabak

26 juni 2026
Column

De maand van Dilara Kabak

Is het kapotalisme voor altijd?

Monochrome portrait of a woman in front of an abstract pastel background with blue and beige swirls.
Monochrome portrait of a woman in front of an abstract pastel background with blue and beige swirls.

Is verandering áltijd mogelijk? En zo ja, hoe zorg je er dan voor? vraagt MO*columniste Dilara Kabak zich af. ‘Er is geen perfecte “formule”, of een stappenplan voor verandering. Maar het ligt wel binnen handbereik, als we maar bereid zijn om ernaar te reiken.’

‘Het is makkelijker om je het einde van de wereld voor te stellen dan het einde van het kapitalisme’, zegt cultuurhistoricus Mark Fisher in zijn boek Kapitalistisch realisme. Fisher wordt wel eens gezien als een doemdenker door die fameuze uitspraak.

Velen zouden het met hem eens zijn, maar dat geldt niet voor Kristen R. Ghodsee. In haar boek Waarom vrouwen betere seks hebben onder het socialisme vertelt de etnografe over de wereldkaart World history timeline: the rise and fall of nations. Het is een kaart die duidelijk maakt hoe tijdelijk imperia zijn en dat sociale veranderingen altijd mogelijk zijn.

Colorful world history timeline chart showing the rise and fall of nations from 3000 BC to 2000 AD, with various regions and empires.

Volgens Ghodsee is de millennialgeneratie ervan overtuigd dat alles vastligt, een opvatting die leidt tot politieke wanhoop. Maar Ghodsee weet beter.

Ze groeide op tijdens de laatste jaren van de Koude Oorlog en voor de val van de Berlijnse Muur. Dat deed haar beseffen dat politieke veranderingen mogelijk zijn. De World history timeline confronteert ons met het feit dat de wereldgeschiedenis een constante stroom aan veranderingen is. Het strookt met wat ook antropoloog Alexei Yurchak zei, dat 'alles voor altijd was tot het voorbij was'.

Verandering is dus mogelijk. Maar hoe dan?

Verandering begint klein, met een idee. Het is zo dat elke samenleving een denkkader heeft met ideeën die variëren van ondenkbaar tot populair. Dat spectrum van ideeën wordt ook wel het Overton-venster genoemd. Een ondenkbaar idee kan genormaliseerd worden wanneer het stapsgewijs wordt geïntroduceerd en jarenlang vaak genoeg wordt herhaald.

Diagram of the Overton Window with terms from "Unthinkable" to "Policy," showing a range of acceptance from less to more freedom.

Zo was de achturige werkdag nog ondenkbaar in de negentiende eeuw, tot politiek filosoof Robert Owen het idee introduceerde. Alleen deed hij dat niet meteen en introduceerde hij eerst het idee van een tienurige werkdag in 1810. Hoeveel meer weerstand zou er anders geweest zijn?

Een moderner voorbeeld: in de VS leek het ondenkbaar dat een democratisch socialist ooit president zou kunnen worden. Het zorgde ervoor dat Bernie Sanders tot twee keer toe er niet in slaagde om de democratische nominatie voor het presidentschap in de wacht te slepen. Toch speelde hij een belangrijke rol in het destigmatisering van het label. Zonder is het moeilijk denkbaar dat iemand zoals Mamdani burgemeester van New York zou geworden zijn.

Als een idee genoeg aanhang vindt, kan dat de vlam voor verandering worden. ‘Twijfel er nooit aan dat een kleine groep nadenkende en toegewijde burgers de wereld kunnen veranderen. Dat is in feite de enige manier’, zei cultureel antropoloog Margaret Mead. Maar hoe groot moet die minderheid dan zijn?

In klassiek economisch denken wordt uitgegaan van 51% die nodig is om verandering te bekomen. Maar onderzoek toonde aan dat het status quo veranderen met veel minder kan. Damon Centola, universitair docent aan de Annenberg School of Communications in Pennsylvania, zette daarvoor een experiment op.

Hij verdeelde 194 deelnemers willekeurig in tien groepen. In een eerste stap kregen ze een gezicht te zien waarvoor ze een naam moesten bedenken. Daarna werd aan elke groep een klein aantal andersdenkenden toegevoegd, die de overeengekomen naam moesten afwijzen een een alternatief voorstellen.

De kleine groep andersdenken bedroeg aanvankelijk 15% om vervolgens te verhogen tot 35%. Bij 15% slaagde de minderheid er niet in verandering te bekomen. Tot 24% veranderde er niets. 25% bleek het keerpunt te zijn. Een minderheid van 25% kan een revolutie ontketenen.

Volgens historicus Rutger Bregman doen ideeën alleen er niet toe. Verandering bekomen kan alleen als achter die ideeën een georganiseerd netwerk zit.

Daarnaast kan ook urgentie verandering versnellen. Mensen hebben de neiging comfort en zekerheid te verkiezen boven verandering.

Soms moet het heel erg slecht gaan voor er verandering kan plaatsvinden. Het accelerationisme is een extreme ideologie dat hierop is gebaseerd. Het vertrekt van het idee dat het bestaande systeem versneld moet worden, zodat het ineen kan storten. Zo deed cultuurcriticus Žižek in 2016 de controversiële uitspraak dat (indien hij Amerikaan was) hij voor Trump zou stemmen omdat zijn verkiezing mensen zou wakker schudden en nieuwe politieke processen in beweging zou zetten.

Niet alleen versnelling, ook vertraging kan voor verandering zorgen. ‘Creeping normality’ wordt dat genoemd. Het is een proces dat onacceptabele zaken gradueel introduceert, zodat het oude normaal stelselmatig wordt vergeten.

Zo normaliseerde de opkomst van ICE in de VS de deportatie van mensen zonder papieren. En dat deed het niet alleen in de VS, maar ook in Europa. Plots is het normaal voor de meerderheid van Europese Parlementsleden om slogans als ‘send them back’ te roepen in het Parlement.

Decennialange Amerikaanse sancties tegen Cuba zorgden ervoor dat Cuba zich genoodzaakt zag om kapitalistische hervormingen in te voeren en te normaliseren. Wat ooit gezien werd als botsing met de socialistische ideologie, werd uiteindelijk een noodzaak.

Verandering is dus mogelijk, zowel vanuit linkse als rechtse hoek. Denkers zoals Ghodsee en Owen gaan daarmee akkoord.

Alleen is het niet altijd duidelijk hoe verandering precies tot stand kan komen. Het lijkt een mengelmoes van verschillende factoren: stapsgewijze introductie met jarenlange herhaling, door een goed georganiseerde minderheid van minstens 25%. Of het versneld of vertraagd moet gebeuren, daar is geen sluitend antwoord voor. Er is geen perfecte "formule", of een stappenplan voor verandering.

Maar het ligt wel binnen handbereik, als we maar bereid zijn om ernaar te reiken. In zijn nieuwe boek De laatste dagen van het oude normaal schrijft Peter Mertens: ‘Sommigen kijken nostalgisch in de achteruitkijkspiegel, op zoek naar antwoorden. Maar daar rest slechts het deken van een oude wereld. Onze toekomst ligt niet in het verleden.’

Laten we dus vooruitkijken. Welke genormaliseerde ideeën moeten nog verworpen worden? Welke ondenkbare ideeën moeten we introduceren?

Laat ons beginnen met het idee van eeuwigheid te verwerpen en na te denken over een alternatief voor het kapitalisme, hoe ondenkbaar dat ook lijkt. Niet blijft ondenkbaar, weten we ondertussen.

En laat ons dan ook niet meer spreken over kapitalisme, maar wel kapotalisme.

Als een echo van Ghodsee verwoordde de marxistische econoom Richard D. Wolff het als volgt: ‘Ooit dachten mensen dat de slavernij deel uitmaakte van menselijke natuur en eeuwig zou bestaan. Hetzelfde werd ooit gedacht over feodaliteit en de monarchie. Stel je voor dat enkele mensen dat vandaag zouden denken over het kapitalisme.’

alt text

Ontvang het beste van MO* rechtstreeks in je mailbox

Schrijf je nu in op onze gratis nieuwsbrieven en wij houden je op de hoogte van wat er gaande is in onze mondialiserende en snel veranderende wereld. 

Tags