Tussen 1963 en 1965 stonden 22 SS-officieren, Gestapo-leden en andere medewerkers die actief waren in Auschwitz terecht. Fritz Bauer, een Joodse rechter was de aanklager in het proces. In 1965 werden 18 van de 22 beklaagden schuldig bevonden. Zij kregen gevangenisstraffen van 3,5 jaar tot levenslang.
Wat als je (groot)ouders direct betrokken waren bij nazipraktijken?
‘Trots vertelde ze me hoe ze Hitlers hand had geschud’

© Erik Gottschalk (collage: MO*)

© Erik Gottschalk (collage: MO*)
Ima Posselt
06 mei 2026 • 13 min leestijd
81 jaar geleden werden de ledenlijsten van Hitlers partij NSDAP bijna vernietigd. Dat het nét niet gebeurde zorgde enkele weken geleden voor een schokgolf in Duitsland. Want plots was één korte zoekopdracht genoeg om een doodgezwegen familiegeschiedenis op te rakelen. MO* sprak met een kind, kleinkind en achterkleinkind van een nazi over het gewicht van die geschiedenis.
Bijna werd het archief van Hitlers Nationaalsocialistische Duitse Arbeiderspartij (NSDAP) integraal vernield aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. In april 1945, een paar weken voor het naziregime capituleerde, lieten partijhoofden 50 ton papier van het NSDAP-hoofdkwartier in München naar de papierfabriek van Hanns Huber overbrengen.
Maar Huber begreep wat voor documenten hij in handen kreeg en voorkwam dat het hele archief werd vernield. Op die manier werden grote delen van de registers met namen van zo’n 10,2 miljoen Duisters gered en later dat jaar in beslag genomen door de Amerikanen.
Vandaag bestaat nog steeds informatie over naar schatting 90% van de voormalige NSDAP-leden. Het Duitse magazine Die Zeit goot die data met behulp van artificiële intelligentie in een doorzoekbare database. Iedereen met een abonnement kan daardoor makkelijk nagaan of familieleden uitmaakten van Hitlers partij.
‘Pas 20 jaar later kwam ik erachter wat er exact gebeurde in Nazi-Duitsland.’
Op basis van de reacties onder het artikel blijkt al snel dat veel familiegeheimen uit de beerput werden gehaald met deze zoekmachine. Wat voor sommigen een bevestiging werd van vermoedens, was voor anderen een volstrekt onverwachte ontdekking.
Vele Duitsers waren benieuwd naar hun eigen familie. Zo veel dat de website van Die Zeit meerdere dagen overbelast was.
Stilzwijgen
‘Pas 20 jaar na de oorlog kwam ik erachter wat er exact gebeurde in Nazi-Duitsland.’ Anke Fedrowitz (86) had de database van Die Zeit niet nodig om te weten dat haar beide ouders lid waren van NSDAP. Toch bleef ook voor haar concrete informatie lang uit.
‘In de jaren ’40 en ’50 werd het onderwerp doodgezwegen’, vertelt ze. ‘Mijn leerkrachten en ouders spraken er niet over. Niet over de oorlog, niet over de genocide en al helemaal niet over hun aandeel erin.’
Onder Hitlers bewind waren haar ouders met geboortejaar 1909 en 1910 jongvolwassenen. Haar vader was piloot bij de Luftwaffe, de luchtmacht van Nazi-Duitsland. Haar moeder was groepsleider bij de Bund Deutsche Mädel, het equivalent van de Hitlerjugend, maar dan voor vrouwen.

Anke Fedrowitz (het meisje links) met haar ouders en zus.
© Anke Fedrowitz (collage: MO*)
Het was pas in de jaren ’60 dat het de generatie van Fedrowitz begon te dagen wat er gebeurd was. ‘Bij het begin van de Frankfurt Auschwitz-processen (zie kader) kregen we voor het eerst antwoorden op vragen die we ons hele leven al stelden. Kort daarna kwamen televisie-uitzendingen over de Holocaust en de Shoa, en werden seminaries en leesgroepen georganiseerd op universiteiten. Pas vanaf dan konden we onze ouders in vraag stellen.’
‘Ik denk dat het voor hen te veel was om te dragen’, zegt Fedrowitz. ‘Wanneer mijn ouders de omvang van de gruwelijkheden waarvan ze deel uitmaakten uiteindelijk begrepen, hadden ze er geen woorden meer voor.’
Hoewel Duitsland als samenleving veel bezig is met herdenking, ligt dat op persoonlijk vlak veel moeilijker. Binnen veel families wordt er niet gesproken over betrokkenheid bij het naziregime.
‘Het is bijna onmogelijk dat ze niet op de hoogte waren van de genocide.’
‘Ze moeten geweten hebben wat zich afspeelde in Nazi-Duitsland. Dat kan bijna niet anders’, vertelt Alexander Witzke (44) over zijn grootouders. Zijn grootvader maakte deel uit van de Wehrmacht, het leger van Nazi-Duitsland, terwijl zijn grootmoeder lid was van de Bund Deutscher Mädel, zoals de moeder van Fedrowitz. ‘Het is bijna onmogelijk dat ze niet op de hoogte waren van de genocide.’
Ook Witzke, in het dagelijks leven Japanoloog aan de universiteit van Bonn, merkte dat het onderwerp thuis taboe was. ‘Het werd niet achtergehouden, ik wist het altijd wel. Zo had mijn grootvader bijvoorbeeld zijn legeruniform aan op zijn trouwfoto’s. Maar er werd nooit expliciet over gesproken. Ik had het er met hen vrijwel nooit over.’
Die periode werd “de grote stilte” genoemd, zegt Fedrowitz. ‘Het was als een nat, grijs tapijt dat over ons heen hing. We voelden het allemaal, maar niemand benoemde het. Ik wilde dat mijn ouders er meer over spraken. Ze dachten ons te ontlasten, maar deden het tegenovergestelde.’
Fedrowitz legde zelf de puzzel en confronteerde vervolgens haar ouders daarmee. Ze kreeg een eerlijk antwoord, zegt ze. ‘Mijn vader ontkende niets. Hij vertelde hoe hij zich schaamde, dat hij er te laat achter kwam wat er gaande was en dat hij daarna te laf was om zich te verzetten. Hij had een familie om aan te denken en was doodsbang. Zijn leven lang heeft hij zich geschaamd.’
Dat vertaalde zich in de manier waarop hij zijn kinderen grootbracht, gaat ze verder. ‘Hij gaf vaak mee hoe belangrijk kritisch nadenken is. Dat we tegen de stroom moeten durven inzwemmen. Hij vond het belangrijk dat we verdraagzaam waren voor alles en iedereen. Zo probeerde hij ons te doen leren van zijn fouten.’
Van scrupules had de overgrootmoeder van Erik Gottschalk (23) geen last. ‘Ze sprak erg vrijuit en wilde Hitler terug. De rest van mijn familie was het daar natuurlijk niet mee eens, maar niemand sprak haar echt tegen. Discussies werden uit de weg gegaan. Het had sowieso weinig zin, want die vrouw was rotsvast overtuigd.’
Een fervente nazi, tot aan haar dood, beschrijft Gottschalk, student politicologie, zijn overgrootmoeder. ‘Vaak vertelde ze over hoe ze ooit de hand van Hitler schudde. Ze was trots op die tijd.’

Erik Gottschalk op schoot bij zijn overgrootmoeder: ‘Vaak vertelde ze over hoe ze ooit de hand van Hitler schudde.’
© Erik Gottschalk (collage: MO*)
‘Vooral oudere mensen spreken niet graag over wat zich tijdens de oorlog afspeelde’, gaat hij verder. Maar dat blijkt ook het geval te zijn voor de generaties die volgden. Zowel Witzke als Gottschalk geven toe dat het binnen hun vriendenkringen zelden een gespreksonderwerp is.
‘Ik praat over alles met mijn vrienden, maar ik kan je niet zeggen wat hun grootouders deden in 1940’, geeft Witzke toe. ‘Ik vind het erg interessant om over te praten, maar Duitsers ontwijken het onderwerp nogal’, zegt Gottschalk.
Intergenerationele naweeën
Waarom er zo gezwegen werd in Duitse families, is voor Sabine Bode (79) geen raadsel meer. Ze is journalist en auteur van boeken zoals Die Vergessene Generation (De vergeten generatie), Kriegsenkel (Oorlogskleinkinderen) en Nachkriegskinder (Naoorlogse kinderen).
Van haar eigen trauma’s en die van leeftijdgenoten begrijpen, maakte ze haar levenswerk. ‘Wie net als ik opgroeide in een ouderlijk huis vol geheimen herinnert zich hoe moeilijk het was om zich als volwassene te bevrijden van de gevolgen van het zwijgen. Wanneer jongeren hoopten geheimen uit de nazitijd te ontrafelen, botsten ze tegen een muur.’
Een emotionele remming belemmert het vrijuit praten over ervaringen. ‘Mensen hadden het gevoel dat ze schuldig waren aan oorlog en diens misdaden. Het werd moeilijk om zichzelf tegelijkertijd ook als slachtoffer te zien. Want voor een dader is er geen plek om te rouwen.’
Ze hulden zich met andere woorden in stilzwijgen. Het gaat om een generatie die door schuldgevoelens zichzelf nooit als slachtoffer beschouwde, ook al groeide ze zelf op in traumatische omstandigheden.
Dit gold ook voor kinderen, vooral zij die het einde van de Tweede Wereldoorlog nog meemaakten. ‘Zij hebben verwoestende dingen ervaren.’ Het is een generatie die vaak opgroeide met het gemis van een ouder, in armoede en met weinig perspectief in een land dat met de grond was gelijkgemaakt.
‘Het lidmaatschap van mijn vader een plek geven, vond ik altijd ontzettend moeilijk.’
‘Nooit hadden ze het gevoel dat dit bijzonder was, omdat het voor iedereen gold. Ze leerden zichzelf te verdoven als kind en hielden dat een heel leven aan. Voor rouw was er geen ruimte. Verlies werd niet verwerkt’, aldus Bode.
Aanvaarden dat hun eigen ouders betrokken waren bij zo’n gruwel was een last voor haar generatie, beaamt Fedrowitz. ‘Veel leeftijdsgenoten spreken er nog steeds niet over en willen er niets mee te maken hebben. Het lidmaatschap van mijn vader een plek geven, vond ik altijd ontzettend moeilijk. Ik hield zielsveel van hem. Hij was een intelligente man, begrijpend, meelevend en zelfs progressief. Hij zorgde ervoor dat mijn zus en ik konden verder studeren, wat in die tijd niet vanzelfsprekend was. Toch werkte hij mee aan het naziregime.’

Erik Gottschalk: ‘Natuurlijk werkte ik niet mee aan dat systeem, maar ik voel wel schaamte omdat mijn familie betrokken was.’
© Erik Gottschalk (collage: MO*)
'Je kan je eigen geschiedenis niet ontkennen', zegt ze. Maar dat ze er eigenlijk niets mee te maken had, moest ze zichzelf vaak vertellen. ‘Je draagt geen verantwoordelijkheid, maar voelt je toch schuldig. Je bent beschaamd om Duits te zijn.’
Dat gevoel deelt Gottschalk. ‘Natuurlijk werkte ik niet mee aan dat systeem, maar ik voel wel schaamte omdat mijn familie betrokken was. In de geschiedenisles lijkt het ver weg, maar voor hen was het realiteit. Dat schuldgevoel zal nooit verdwijnen.’
Nie wieder? Doch!
Het enige wat Gottschalk nóg gênanter vindt, is dat de retoriek uit de jaren ’30 vandaag weer opmars maakt in Duitsland. De extreemrechtse partij Alternative für Deutschland (AfD) behaalde vorige week een recordscore van 28% in een peiling en is daarmee de sterkste partij van Duitsland. Met ideeën zoals het verlaten van de eurozone, het afschaffen van islamitische theologie als vak aan universiteiten en het intrekken van klimaatactieplannen maakt ze zichzelf enorm populair.
‘Het alomtegenwoordige stilzwijgen speelde rechts-radicalen in de kaart’, legt Bode uit. ‘Dat in 2015 vluchtelingen vijandig bejegend werden verraste me niet. Veel Duitsers hebben zelf een achtergrond als ontheemde (zie kader), maar verwerkten dat verleden nooit. Ik denk dat velen bang waren voor de ontmoeting met een vluchteling, omdat dat het onmogelijk maakt om het eigen leed uit hun kindertijd te verdringen.’
Een deel van Oost-Europa maakte tot 1945 deel uit van Duitsland. Eind 1944 begonnen miljoenen Duitsers uit die gebieden weg te vluchten uit angst voor de oprukkende Sovjettroepen.
Na de Tweede Wereldoorlog werden 12 tot 14 miljoen Duitsers verdreven of sloegen op de vlucht. Territoriale herverdelingen (de conferentie van Potsdam), de afscheiding van de Duitse oostelijke gebieden (Silezië, Pommeren, Oost-Pruisen), en etnische zuivering voor de creatie van homogene natiestaten (Polen, Tsjecho-Slowakije, …) waren allemaal redenen voor de volksverhuizingen die zich na 1945 afspeelden.
Ook vluchtten enorm veel Duitsers van Oost- naar West-Duitsland, weg van het Sovjetbewind.
‘Wie zijn verhouding tot zijn familieverleden begrijpt, kan het heden nuchter inschatten en onbezwaard naar de toekomst kijken’, stelt Bode. ‘Die kent geen angst die hem verlamt en in de armen van populisten drijft.’
Witzke vindt de populariteit van AfD makkelijk verklaarbaar. ‘De middenklasse slinkt, het vertrouwen in de overheid en in de media daalt en frustratie en nationalisme stijgen op globale schaal.’
Toch maken veel Duitsers zich zorgen over de opkomst van de AfD, in 2024 en 2025 kwamen er grote aantallen mensen op straat, tegen extreemrechts.
De AfD voert al een tijd campagne voor een “schlussstrich”, een einde aan de herdenkingscultuur rond de Tweede Wereldoorlog. De partij vindt dat dit de Duitse geschiedenis overschaduwt en het mag ophouden met die 'schuldkult'.
‘De AfD wil niet meer dat we het over nazi’s hebben omdat delen van hun standpunten en strategieën zo sterk overeenkomen. Denk maar aan het deporteren van migranten en racistisch beleid’, zegt Gottschalk.
De enige manier om extreemrechts tegen te houden, gelooft Witzke, is door de geschiedenis in leven te houden. ‘We moeten het bewustzijn over de effecten van dictatuur en onderdrukking vasthouden, zodat mensen niet vergeten hoe rampzalig ze zijn. Onderwijs is daar het beste middel voor.’
Gottschalk beaamt, maar waarschuwt ook: ‘Stel dat het AfD aan de macht komt, dan is zij het ook die bepaalt wat er onderwezen wordt. Daar ben ik ontzettend bang voor. Want als er minder over onze geschiedenis wordt verteld, vallen we misschien weer in de val van het fascisme.’
Deze angst is niet ongegrond. 'Mehr Bismarck, weniger Hitler', is wat regionaal parlementslid voor de AfD, Hans-Thomas Tillschneider ooit zei over de toekomstige schoolinvullingsplannen van de AfD.
Ook al gelooft Fedrowitz niet dat de geschiedenis zich precies zal herhalen, waarschuwt ze toch voor de toekomst. ‘Kijk naar de VS, wat vroeger het symbool voor vrijheid was, en hoe het er nu gesteld is. Amerika eerst. Duitsland eerst. Wij maakten dat soort bewind al mee, maar mensen leren er blijkbaar niet uit. België staat vol grafstenen van jonge mensen. Zijn zij gestorven voor niets? Mensen lijken er niet uit te leren.’
‘Mensen stemmen voor AfD uit protest omdat ze zich niet gehoord voelen’, analyseert Witzke. Daarom, zegt hij, hebben we nood aan ‘een nieuw soort ventiel, dat de druk op het publieke debat kan aflaten. In de 20ste eeuw waren dat vakbonden, vandaag hebben we een nieuw ventiel nodig.’
‘Wat moet ik mijn kleindochter vertellen wanneer zij vraagt waarom wij niet hebben ingegrepen?’
Net zoals zij haar ouders in vraag stelde, kunnen volgende generaties ons bevragen, zegt Fedrowitz. ‘Over waarom we de klimaatverandering lieten aanslepen, bijvoorbeeld, terwijl het al lang duidelijk was wat voor desastreuze gevolgen het zou hebben.’
‘Of over wat er gebeurt in Jemen, Palestina, Iran of Afghanistan. Wat moet ik mijn kleindochter vertellen wanneer zij vraagt waarom we niet ingrepen?’
Lees ook

Ontvang het beste van MO* rechtstreeks in je mailbox
Schrijf je nu in op onze gratis nieuwsbrieven en wij houden je op de hoogte van wat er gaande is in onze mondialiserende en snel veranderende wereld.
Word proMO*
Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.
Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.
Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.
Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.
Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief.
Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.
Per maand
€4,60
Betaal maandelijks via domiciliëring.
Meest gekozen
Per jaar
€60
Betaal jaarlijks via domiciliëring.
Voor één jaar
€65
Betaal voor één jaar.
Ben je al proMO*
Log dan hier in


