‘Protest kan dat ene raam open krijgen, maar daarmee is het hele gebouw nog niet veranderd’

Analyse

Gevolgen van protesten zijn niet eenduidig

‘Protest kan dat ene raam open krijgen, maar daarmee is het hele gebouw nog niet veranderd’

Bengali komen op straat om te vieren dat Sheikh Hasina het land ontvluchtte.

Inwoners van Bangladesh komen massaal op straat in 2024, waarna Sheikh Hasina onder druk aftrad.

Bengali komen op straat om te vieren dat Sheikh Hasina het land ontvluchtte.

Inwoners van Bangladesh komen massaal op straat in 2024, waarna Sheikh Hasina onder druk aftrad.

Dilara Karatas

27 oktober 2026 • 16 min leestijd

In Servië heeft de Studentenlijst, die gegroeid is uit de jongerenprotesten tegen het beleid van Aleksandar Vučić, de verkiezingen gewonnen. Ook elders dwongen Gen Z-bewegingen politieke leiders tot aftreden, onder meer in Sri Lanka, Nepal, Bangladesh, Madagaskar en Peru. Maar wat volgde op die protesten? Leidden ze tot blijvende veranderingen, of werd uiteindelijk alles weer zoals voorheen?

Vredesorganisatie Search for Common Ground onderzocht twintig Gen Z-bewegingen en concludeerde in een rapport dat slechts drie ervan zorgden voor blijvende verandering op drie vlakken tegelijk: wetgeving, instellingen, en de sociale en economische situatie van jongeren. Dat waren Sri Lanka, Bangladesh en Senegal. India hoorde niet bij die twintig bewegingen, maar de Cockroach Janata Party wordt wel genoemd als recente ontwikkeling.

Sazzad (31) uit Bangladesh, Anuruddha (31) uit Sri Lanka en Sahaj (23) uit India maakten de voorbije jaren deel uit van een jongerenbeweging en ontdekten dat een regering onder druk zetten één ding is, maar wat daarna komt, blijkt vaak veel moeilijker.

Groeiende onvrede

Zowel in Sri Lanka, Bangladesh als in India kenden de protesten een concrete aanleiding. In Sri Lanka was dat de zware economische crisis van 2022, maar Anuruddha’s activisme begon eerder al. Als student in Kandy, de culturele hoofdstad van Sri Lanka, voerde hij al actie tegen politieke inmenging aan zijn universiteit. Daar werd een vicekanselier benoemd die, volgens Anuruddha, te nauwe banden had met de partij van toenmalig president Gotabaya Rajapaksa. Bij zijn afstuderen weigerde Anuruddha daarom zijn diploma uit diens handen aan te nemen.

Later ging hij wekelijks met vrienden aan het meer van Kandy protesteren tegen die vicekanselier. ‘In het begin waren we met vijf’, vertelt hij. Ook elders in het land begonnen kleine protesten op te duiken. Boeren, vakbonden en lerarenvakbonden kwamen in beweging.

In 2022 veranderde alles. Er waren stroomonderbrekingen tot twaalf uur per dag en er was een groot tekort aan brandstof, voedsel en medicijnen. De protestbeweging groeide verder. Op 9 april 2022 verzamelden zich volgens Anuruddha aanvankelijk zo’n 200 à 300 demonstranten op een protestsite in Colombo. In de loop van de dag kwamen steeds meer mensen toe. Op 9 juli trokken volgens zijn schatting één tot twee miljoen mensen naar de hoofdstad.

In Bangladesh kwam er in 2024 verzet tegen een quotasysteem voor overheidsbanen, waarbij 30% van die banen was voorbehouden aan nakomelingen van vrijheidsstrijders die in 1971 voor de onafhankelijkheid van Bangladesh tegen Pakistan gevochten hadden. Critici vonden dat het systeem vooral mensen bevoordeelde die dicht bij de regerende partij stonden.

Sazzad kwam uit het netwerk van privé-universiteiten en hield zich aanvankelijk afzijdig, omdat studenten van zulke universiteiten, zo zegt hij, zich minder vaak op een overheidsbaan richten. Daardoor voelde de discussie over de quota minder persoonlijk.

Dat veranderde toen premier Sheikh Hasina sprak over rajakars, een term die gebruikt werd voor Bengalen die tijdens de oorlog van 1971 met Pakistan samenwerkten. Vanaf dat moment ging de woede volgens Sazzad niet alleen meer over quota en banen, maar de manier waarop de regering met kritische jongeren omging, kwam centraal te staan.

In India vormden problemen met het medische toelatingsexamen NEET een belangrijke aanleiding. Examenvragen waren vóór de test al uitgelekt, wat volgens Sahaj niet de eerste keer was. Voor veel jongeren ging het al snel over meer dan een examen. Sommigen hadden jarenlang gestudeerd, anderen hadden het spaargeld van hun familie in hun opleiding gestoken. Sahaj zag het lek daarom als een teken van een groter probleem: een overheid die fouten maakt, maar daar onvoldoende verantwoordelijkheid voor neemt. Hij vertelt over minstens twintig studenten die na de affaire uit het leven stapten.

Daarna kreeg de woede een opvallend symbool. Tijdens een rechtszaak vergeleek de Indiase opperrechter Surya Kant gefrustreerde jongeren met “kakkerlakken”. Daaruit ontstond de Cockroach Janta Party, kortweg CJP. De naam is een knipoog naar de regerende Bharatiya Janata Party (BJP), de hindoenationalistische partij van premier Narendra Modi.

Geen centrale leider

Een belangrijk kenmerk van veel van deze jongerenbewegingen is dat er geen traditionele leider bovenaan staat. Search for Common Ground noemt zulke bewegingen liever leaderful, vol van leiders, dan leaderless, zonder leider. Het leiderschap ligt er niet bij één persoon, maar wordt verdeeld over veel mensen en groepen tegelijk.

In Colombo, de hoofdstad van Sri Lanka, groeide protestkamp GotaGoGama uit tot een klein dorp, vlakbij Galle Face, een vijfhonderd meter lange groene strook voor het presidentieel secretariaat. Er stonden tientallen tenten, er kwam een bibliotheek, een plek voor politieke gesprekken, een post van het Rode Kruis en een plaats waar eten en water werden uitgedeeld.

Tijdens de dagelijkse volksvergaderingen deden mensen voorstellen en namen ze samen beslissingen. Toen de politie een mars tegenhield, werd er tijdens zo'n vergadering gewoon een andere route gekozen. Die open structuur bracht heel verschillende mensen samen. Niet alleen studenten en jongeren deden mee, ook religieuze leiders, docenten uit het hoger onderwijs en gezinnen steunden het protest. Advocaten boden juridische ondersteuning aan demonstranten.

De Indiase CJP gebruikte satire als protestmiddel. Jongeren maakten openbare plaatsen en vervuilde gebieden schoon. Volgens Sahaj wilden ze daarmee tonen dat zelfs de ‘kakkerlakken’, zoals ze werden genoemd, het werk deden dat de overheid liet liggen en waarvoor die zich volgens hen moest schamen.

Online groeide de beweging razendsnel. Op een week tijd verzamelde de CJP meer dan 19 miljoen volgers. De schoonmaakacties maakten plaats voor vreedzame demonstraties op het Jantar Mantar-plein in Delhi. De beweging kreeg nog meer aandacht toen milieuactivist Sonam Wangchuk zich aansloot. Hij begon een hongerstaking die twintig dagen duurde. Daarna haalden de autoriteiten hem volgens Sahaj tegen zijn wil weg van de protestlocatie.

De Bengaalse regering probeerde het de organisatie moeilijker te maken door het instellen van een avondklok, het afsluiten van het internet en het blokkeren van sociale media. Sazzad zegt dat ook telefoongesprekken werden gecontroleerd om coördinatoren van het protest op te sporen. Toch stopten de protesten niet. Toen online communicatie moeilijk werd, zochten demonstranten andere manieren om elkaar te bereiken.

Zo’n structuur heeft voordelen: een regering kan een beweging moeilijker uitschakelen door een leider te arresteren of aan de kant te schuiven. Maar diezelfde structuur zou later, na het protest, ook voor problemen zorgen.

De prijs van protest

Voor Anuruddha, Sazzad en Sahaj bleef het protest niet zonder persoonlijke gevolgen.

Op 2 april 2022 werd Anuruddha thuis opgepakt. De politie bracht hem van Kandy naar Colombo en maakte zes tot zeven uur lang niet bekend waar hij zich bevond. Voor zijn familie, die nooit eerder zoiets had meegemaakt, was dat een schok.

Op 9 mei liep het verder uit de hand. Aanhangers van de regering vielen eerst een kleiner protestkamp aan en trokken daarna naar GotaGoGama. Tenten gingen in vlammen op, demonstranten raakten gewond, waarvan er maandenlang op Intensieve zorg moesten blijven, zegt Anuruddha.

Ook elders in het land brak geweld uit. Huizen van ministers werden in brand gestoken, een parlementslid werd gedood. Anuruddha herinnert zich dat er die dag ongeveer elf mensen omkwamen. De mensen van GotaGoGama riepen zelf op om naar huis te gaan en kalm te blijven.

In Bangladesh werd op 16 juli 2024 student Abu Sayed door de politie doodgeschoten. Beelden van zijn dood verspreidden zich snel. Drie dagen later is Sazzad van de moskee op weg naar huis. Plots zit hij midden in het geweld. Er hangt traangas en vlakbij wordt iemand neergeschoten. Pas later beseft hij dat hij zelf ook geraakt is door hagelmunitie. Tien tot twaalf splinters steken in zijn rug. De traangasgranaten die naast hem vallen, gooit hij terug.

Ook in India liep het geweld op. Op 20 juli 2026 organiseerde de CJP een mars naar het parlement. Sahaj was die dag zelf niet in Delhi, maar zag beelden van agenten die demonstranten boven hun middel sloegen, mensen met verwondingen aan hoofd en gezicht, en beelden van politiestokken met spijkers erin. Volgens hem waren er ook kinderen bij het geweld betrokken.

Sahaj vertelt dat vrouwelijke demonstranten te maken kregen met online aanvallen en bedreigingen, en zag ook beelden van agenten die zich agressief tegenover hen gedroegen. Zijn jongere broer was aanwezig bij een incident op 28 juli. Achteraf merkte Sahaj dat er iets veranderd was. Doorgaans praat zijn broer veel, maar over die dag wilde hij nauwelijks iets vertellen.

Indiase manifestanten

Studenten van de kakkerlakkenbeweging protesteren tegen het lekken van examenvragen.

Het moment van de doorbraak

Op 9 juli 2022 trokken enorme mensenmassa's naar Colombo. Anuruddha schat dat tussen een en twee miljoen mensen te voet of met de trein naar de hoofdstad kwamen. Demonstranten drongen zowel het presidentieel secretariaat als het presidentiële paleis binnen. Enkele dagen later vluchtte president Gotabaya Rajapaksa het land uit en trad hij af. Premier Mahinda Rajapaksa was eerder al afgetreden en had bescherming gezocht op een marinebasis.

In Bangladesh vluchtte Sheikh Hasina op 5 augustus 2024 naar India. Drie dagen later werd Nobelprijswinnaar Muhammad Yunus beëdigd als hoofd van een interim-regering, waarin ook enkele studentenleiders een rol kregen.

In India trad minister van Onderwijs Dharmendra Pradhan af na de protesten. Voor Sahaj betekende dat niet dat alle problemen waren opgelost. Toch zag hij het als een belangrijk signaal: ‘Het toont dat, als je je werk niet goed doet, er morgen gevolgen zullen zijn.’

Winnen is iets anders dan besturen

Volgens het rapport van Search for Common Ground begint net na zo'n doorbraak een moeilijkere fase. De manier waarop je duizenden mensen de straat op krijgt, is niet automatisch dezelfde als waarop je daarna een land bestuurt. Een beweging moet plots onderhandelen, beslissingen nemen, beleid beïnvloeden en politieke steun vasthouden.

In Sri Lanka konden heel verschillende groepen zich vinden in één duidelijke eis: Rajapaksa moest vertrekken. Die groepen hadden wel ideeën over goed bestuur, grondwetswijzigingen en een breder nieuw systeem, maar er was geen gedeelde visie over hoe die veranderingen er na het vertrek van de president moesten komen.

Een anonieme jonge Sri Lankaan verwoordt het zo in het rapport: ‘We hadden geen idee wat we moesten doen nadat de president en de premier vertrokken waren. Er was geen visie, en dat werd een probleem voor de beweging.’

Anuruddha herkent dat probleem. Achteraf denkt hij dat de protestbeweging misschien verkiezingen had kunnen eisen. Toch twijfelt hij of dat een goed idee zou geweest zijn. Het land bevond zich in een crisis, en hij vermoedt dat mensen waarschijnlijk sterk vanuit emoties zouden hebben gestemd. Een protestbeweging heeft haar grenzen, zegt Anuruddha. Als het een politieke partij zou geweest zijn, had ze misschien meer kunnen bereiken. Maar als beweging deed ze wat ze kon.

In Bangladesh gebeurde iets vergelijkbaars.

Een deel van de studentenleiders probeerde de energie van het protest om te zetten in partijpolitiek en richtten de National Citizen Party (NCP) op. Maar de gevestigde partijen bleven veel sterker. Vooral de Bangladesh Nationalist Party (BNP) haalde er politiek voordeel uit, zegt Sazzad.

‘De BNP heeft het meeste profijt gehaald uit dat protest’, legt hij uit. De partij won later de verkiezingen met een grote meerderheid. De NCP presteerde veel zwakker en dat wringt bij Sazzad. De grootste prijs werd niet door politici betaald, maar door gewone burgers. ‘Zoveel mensen verloren ogen of benen. Ik wou dat het anders had gekund.’

Hij ziet ook een gemiste kans bij de interim-regering. Die had de macht om de grondwet grondig te hervormen, maar liet dat over aan de verkozen regering. ‘Dat was een fout’, denkt Sazzad. Ook het feit dat jongeren na de protesten een plek kregen in de politiek, overtuigt hem niet helemaal. ‘Horen en luisteren zijn niet hetzelfde’, zegt hij.

In India ligt het anders. ‘De CJP is geen politieke partij’, zegt Sahaj. ‘Het is eigenlijk een drukkingsgroep’. Voor hem hoeft politieke verandering niet via een klassieke partij te lopen. Studentenverenigingen, protestbewegingen en andere organisaties kunnen ook druk uitoefenen op een overheid.

Het aftreden van een minister is voor Sahaj dan ook niet de echte overwinning. Een echte overwinning zou betekenen dat het hele bestuur minder corrupt wordt, meer verantwoordelijkheid neemt en beter naar burgers luistert.

Of de beweging even sterk blijft, weet hij niet. Hij vermoedt dat de regering nu probeert om geen nieuwe aanleiding tot grote protesten te geven. Verschillende rechtszaken tegen studenten werden ingetrokken nadat de CJP met nieuwe acties dreigde, zegt hij. Tegelijk erkent hij dat niet elke zaak per se onterecht was.

Het rapport van Search for Common Ground stelt dat de duidelijkste voorbeelden van blijvende verandering uiteindelijk door verkiezingen kwamen. Vonden jongerenbewegingen een weg naar de stembus, dan konden ze hun druk makkelijker omzetten in politieke macht. Lukte dat niet, dan verdween het momentum vaak weer.

Wat blijft er over?

Ook als de grote massa verdwenen is, blijven de gevolgen van een protest bestaan.

Vier jaar later loopt er tegen Anuruddha nog een zaak rond het blokkeren van de toegang tot het presidentieel secretariaat tijdens de protesten. Daardoor heeft hij nog steeds een reisverbod: wil hij naar het buitenland, dan moet hij eerst toestemming aan de rechter vragen.

In een andere zaak kreeg hij gelijk. Het Sri Lankaanse Hooggerechtshof oordeelde dat bij zijn arrestatie in april 2022 zijn fundamentele rechten waren geschonden. Volgens Anuruddha bevestigde het Hof daar ook mee dat burgers op een democratische manier het vertrek van een regering mogen eisen.

Anuruddha noemt zijn engagement een ‘nooit eindigende reis’. Er is geen grote beweging meer zoals in 2022, maar hij blijft zich uitspreken. Hij voert gesprekken met overheden, neemt deel aan kleinere protesten en bereikt via sociale media ongeveer 130.000 volgers.

Ook Sazzad blijft met vragen zitten. ‘Wat als we vijftien dagen eerder met de protesten waren begonnen? Misschien hadden we dan het aantal dodelijke slachtoffers kunnen beperken.’

Toch ziet hij ook iets veranderen in de samenleving. Mensen durven sneller eisen te stellen aan de overheid, zegt hij. Als voorbeeld verwijst hij naar de inwoners van Dhaka die de overheid onlangs een ultimatum gaven over ongeregistreerde elektrische riksja's. ‘Nu geloven mensen dat verandering mogelijk is.’

Dat betekent niet dat hij elk jongerenprotest zomaar steunt. In 2026 gingen jongeren opnieuw de straat op, dit keer rond examens die door overstromingen waren verstoord. De klachten over de getroffen examencentra vond Sazzad terecht. Andere eisen vond hij veel moeilijker te verdedigen, ‘erg onlogisch’ en zelfs ‘een beetje dwaas’. Zo begreep hij niet waarom examens in het hele land zouden moeten worden afgelast, als er maar enkele centra getroffen waren. Ook het verzet tegen cameratoezicht in examenzalen begreep hij niet. ‘Een protestbeweging moet kritisch blijven kijken naar haar eigen eisen.’

Sahaj twijfelt intussen soms aan wat zijn activisme voor zijn toekomst betekent. Hij wil later in de diplomatie werken en vraagt zich af of openlijk protesteren zijn kansen zouden kunnen schaden. Toch wil hij zich blijven uitspreken. ‘Ik zal een verantwoordelijke burger van dit land blijven, op welke manier dan ook.’

Misschien vat Sazzad het best samen wat er na een protest overblijft: ‘Een protest is als het openen van één raam in een groot gebouw’, zegt hij. ‘Protest kan dat ene raam open krijgen, maar daarmee is het hele gebouw nog niet veranderd.’

Het moeilijkste werk begint pas na het protest: ervoor zorgen dat ook de andere ramen opengaan.