Onderschatting boerenbevolking bedreigt plattelandsbeleid

Volgens het Braziliaans Instituut voor
Geografie en Statistiek (IBGE) woont sinds 2000 meer dan 81 procent van de
Braziliaanse bevolking in verstedelijkte gebieden. Maar opeens komt er
kritiek op dat verbazend hoge cijfer - zelfs het gemiddelde voor de Europese
Unie bedraagt minder dan 77 procent. De decimering van de boerenbevolking
zou vooral te wijten zijn aan een statistische kunstgreep. Het gevolg
daarvan is dat zich minder inspannen voor een beter plattelandsbeleid. Maar
de kwestie is ook van belang voor de verdeling van de inkomsten van
belastingen tussen de federale overheid en de lokale besturen.


Dat er iets vreemds aan de hand is met de Braziliaanse telling van het
aantal stedelingen en plattelandsbewoners, blijkt uit de evolutie van de
cijfers. Volgens de Braziliaanse statistieken woonde in 1960 nog meer dan 55
procent van de bevolking op het platteland. Nu zou dat al minder dan 19
procent zijn. Als die trend zich doorzet, zou er in 2030 geen enkele
plattelandsbewoner meer over zijn.

Volgens José Eli da Veiga, de secretaris van de Braziliaanse Raad voor
Duurzame Plattelandsontwikkeling (CNDRS), leeft momenteel nog minstens 30
procent van de 170 miljoen Brazilianen in dorpen met een zuivere
plattelandseconomie - gemeenschappen waar de landbouw en het gebruik van
natuurlijke hulpbronnen centraal staan. Sommigen van hen worden alleen bij
de stadsbevolking gerekend omdat hun woonplaats in flatterende lokale wetten
tot stad is uitgeroepen. De plaats waar een gemeenteregering zetelt, is voor
het Braziliaans Instituut voor Geografie en Statistiek (IBGE) zelfs per
definitie een stad.

Da Veiga wijst erop dat de Organisatie voor Economische Samenwerking en
Ontwikkeling (OESO) een veel strengere norm hanteert: de OESO beschouwt
alleen gemeenten met een bevolkingsdichtheid van meer dan 150 inwoners per
vierkante kilometer als steden. Volgens die norm zouden maar 411 van de
5.561 gemeenten in Brazilië meetellen als steden, en zou het aandeel van de
plattelandsbevolking stijgen tot meer dan 43 procent.

De discussie heeft niet alleen academisch belang. Volgens da Veiga
bemoeilijkt de onderschatting van het aandeel van de Braziliaanse
plattelandsbevolking het voeren van een goed plattelandsbeleid - de mensen
die van die maatregelen zouden kunnen profiteren verdwijnen als sneeuw voor
de zon.

Het CNDRS van da Veiga heeft van het ministerie van Landbouwontwikkeling de
opdracht gekregen dit jaar een nieuwe strategie voor rurale ontwikkeling uit
te tekenen. Da Veiga probeert een publiek debat van de grond te krijgen over
het belang van kleinschalige boerderijen en de diversificatie van de
plattelandseconomie. Daarom is hem er veel aan gelegen te bewijzen dat de
bevolking van het Braziliaanse platteland groter is dan algemeen wordt
aangenomen.

María Helena Palmer Lima, het hoofd van het Departement Geografie van het
IBGE, wijst erop dat Brazilië bij de volkstellingen die om de tien jaar
worden gehouden, al sinds 1940 alle inwoners van grotere dorpen als
stedelingen beschouwt. Ze geeft toe dat de definitie van wat stad is en wat
platteland controversieel is geworden, maar stelt dat er verschillende
voorstellen circuleren om de statistieken dichter bij de werkelijkheid te
doen aansluiten.

Volgens Palmer Lima moet een keuze tussen die voorstellen goed overwogen
worden. Een wijziging van de bestaande criteria kan immers grote gevolgen
hebben voor de financiering van lokale besturen en de inkomsten van de
staat. Lokale besturen mogen gemeenteheffingen innen van eigenaars in hun
stedelijke kern, maar moeten dat overlaten aan de federale overheid voor
alle gezinnen die daarbuiten wonen.
Sommige gemeenten proberen de grenzen van hun stadskern daarom zo ruim
mogelijk te trekken om de stadskas beter te spijzen, terwijl andere
duidelijk stedelijke wijken dan weer als plattelandsgebieden worden
gedefinieerd om de rijke inwoners te laten ontsnappen aan de plaatselijke
heffingen.
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift