Vargas Llosa wekt woede van Ecuadoraanse indianen

Indianenleiders in Ecuador reageren boos op
de kritiek van de internationaal bekende Peruaanse schrijver Mario
Vargas Llosa op de indianenbeweging in Zuid-Amerika. De schrijver meent
dat de indianengroepen een bedreiging vormen voor de democratie omwille
van de politieke en sociale wanorde die zij teweegbrengen. Maar dat
laten de indianen niet over hun kant gaan.




De Ecuadoraanse krant ‘El Universo’ publiceerde deze week enkele
uitspraken van Vargas Llosa tijdens een internationaal seminarie over ‘de
bedreigingen van de democratie in Latijns-Amerika: terrorisme, zwakke
rechtsstaat en neo-populisme’ begin oktober in Bogotá. De schrijver
liet zich daar onder andere ontvallen dat de Peruaanse indianenbeweging
wordt geleid door twee of drie kleine broertjes, die in de naam van de
collectieve, inheemse, autochtone en ware identiteit - de ware
‘Peruaansheid’ - een campagne hebben gelanceerd die bij nader toezien
dwaas en bijna komisch lijkt, maar die een gevoelige snaar raakt,
namelijk de ‘geest van de stam’. Die geest van de stam verdwijnt nooit,
zelfs in samenlevingen die verder zijn gevorderd op het pad van de
beschaving.

Vargas Llosa zei ook nog dat inheemse gemeenschappen zichzelf beschouwen
als het mikpunt van onrechtvaardigheid, omdat zij zogezegd het
slachtoffer zijn geweest en zijn van het imperialisme, de blanke, de
kolonisatie en bedrijven die hun natuurlijke rijkdommen willen
wegnemen. In Bolivia klagen zij dat de bedrijven hun aardgas willen
stelen. In de Zuid-Peruaanse stad Arequipa is de bevolking op de been
gekomen om twee buitenlandse bedrijven ervan te weerhouden de
energiesector over te nemen. De schrijver meent dat dergelijke
eisen niet te verzoenen zijn met beschaving en ontwikkeling, en op de
korte of lange termijn leidt zoiets ons tot barbarisme. Wanneer wij
willen komen tot ontwikkeling, moeten wij kiezen voor beschaving en
moraliteit, en moeten wij resoluut strijden tegen deze uitbarstingen van
collectivisme.

De schrijver meent ook dat het nodig is om de groeiende invloed van de
indianenorganisaties in Peru, Bolivia en Ecuador aan banden te leggen.
Hij stelt dat die bewegingen een ernstig verstorend element bevatten
dat zich richt tot de lagere instincten, de slechtste instincten in
iedere mens, zoals wantrouwen tegenover anderen en tegenover iedereen
die anders is. Een fenomeen als de heer Evo Morales in Bolivia is het
product van een inheemse beweging die is blijven steken in het verleden.
In Ecuador zien we net hetzelfde. Dat leidt tot ware politieke en
sociale wanorde, aldus nog de schrijver, verwijzend naar een recente
golf van protest in Bolivia onder leiding van de linkse parlementair
Morales, een Aymara-indiaan en leider van de Boliviaanse cocaboeren, die
in oktober leidde tot het ontslag van president Gonzalo Sánchez de
Lozada, en naar de opstand van 2000 in Ecuador waarbij de regering van
Jamil Mahuad de duimen moest leggen.

Leonidas Iza, voorzitter van de Confederatie van Inheemse
Nationaliteiten van Ecuador CONAIE, vindt de opmerkingen van Vargas
Llosa agressief en beledigend voor de bevolking van heel
Latijns-Amerika. Hij pleit voor meer respect voor de diversiteit die de
Ecuadoraanse inheemse beweging en andere inheemse groepen in de regio
vertegenwoordigen. Als democratie ook gelijkheid betekent, is dat
precies wat wij nastreven: echte democratie, aldus Iza. De Ecuadoraanse
indianen leven volgens voorouderlijke waarden en een gemeenschapsmodel
dat gebaseerd is op solidariteit - iets wat vaak botst met het
individualisme in de moderne samenleving. Zij kennen gebruiken als de
‘minga’ - een systeem van gemeenschapswerk, bijvoorbeeld tijdens de
oogst of bij het bouwen van huizen of de aanleg van wegen.

Ricardo Ulcuango, leider van het Indiaanse Parlement van Noord- en
Zuid-Amerika en van de Ecuadoraanse Parlementscommissie voor de
Aangelegenheden van de Indianen en andere etnische groepen, is woest
over de uitspraken van de schrijver. Mijnheer Vargas Llosa lijkt
volledig zijn identiteit te hebben verloren. Hij lijkt zelfs de woorden
kwijt die hij vroeger zo goed wist te hanteren om de realiteit in
Latijns-Amerika te beschrijven, de realiteit van het vele en lange
lijden van ons continent, fulmineert Ulcuango. Hij verwijt de schrijver
verder een select en racistisch wereldbeeld en stelt voor dat hij
zichzelf wat beter informeert, bijvoorbeeld door het lezen van Conventie
169 van de Internationale Arbeidsorganisatie over de rechten van
inheemse volken. Hij vraagt zich ook af over welke ‘beschaving’ Varges
Llosa het heeft. Betekent beschaving voor de auteur dat een kleine
groep mensen voordeel kan halen uit het Boliviaanse aardgas, de
privatiseringen in Peru of de Ecuadoraanse olie? Betekent het ook een
verpesting van het leefmilieu tot dat volledig uitgeput is of het
verkopen van water uit de rivier aan wie daar het meeste voor betaalt?

Humberto Cholango, voorzitter van de Eucadoraanse Nationale Confederatie
van Quecha-volkeren, noemt Vargas Llosa’s mentaliteit koloniaal. Door
dergelijke standpunten slagen wij er niet in om te komen tot een meer
democratisch, participatief en geïntegreerd Latijns-Amerika dat de
diversiteit van elk land erkent. De voormalige Ecuadoraanse minister
van landbouw Luis Macas, een van de stichters van CONAIE, meent dat de
uitspraken van de schrijver afkomstig zijn van iemand die zijn eigen
identiteit heeft opgegeven, en daardoor ook zijn geschiedenis en zijn
aardrijkskunde. Vargas Llosa is voorstander van een exclusieve macht
voor de elite, zoals die ook door George Bush wordt bepleit. Indianen
daarentegen stellen een ander soort macht voor, die in het Quechua
‘ushay’ wordt genoemd, dat betekent een streven naar ideale
levensomstandigheden en de mogelijkheid om onszelf op collectieve wijze
te ontwikkelen, op basis van ieders bijdrage.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift