De verkleutering van de media

Column

De verkleutering van de media

collage met portret van Walter Zinzen
collage met portret van Walter Zinzen

Ooit vond Piet Piryns de term “verkleutering” uit om de verloedering van de media te beschrijven. Ruim dertig jaar later is er op dat vlak weinig beterschap te bespeuren, vindt MO*columnist Walter Zinzen. Toch ziet hij ook positieve evoluties, bijvoorbeeld bij de onderzoeksjournalistiek, die de machtigen nog durft te irriteren.

Vooreerst een woord van hulde aan een gewezen columnist van dit blad: Piet Piryns. Piet zal altijd herinnerd worden als de uitvinder van de term “verkleutering”, waarmee hij de verloedering van de media bedoelde. Het was de titel van een stuk dat hij schreef nadat hij ontslag had genomen als hoofdredacteur van De Morgen. Dat was in 1991, als ik me niet vergis. Piet vond toen dat de schrijvende pers (vandaag de dag print genoemd) te veel aandacht schonk aan onbenulligheden en onbenullige lieden.

In 2014, toen hij met pensioen ging, werd hem gevraagd of de commercialisering daarin een rol speelt. Hij antwoordde dit:

‘Natuurlijk, de greep van de marketeers op de media is enorm groot geworden. Ik kom nog uit de tijd van de aanbodjournalistiek. Je had een aanbod en dan ging je een blad maken zoals je dat zelf wilde. Pas later ging je kijken of daar lezers voor waren. Nu is het helemaal andersom. De marketeers hebben het overgenomen en nu is er de vraagjournalistiek. Eerst wordt onderzocht wat mensen willen lezen en dan wordt het product daaraan aangepast. Dat is een wezenlijk verschil met vroeger en dat is zeker minder leuk.’

Dat was toen. We zijn nu 12 jaar verder en we zouden er aan kunnen toevoegen dat de digitalisering eveneens een enorme rol speelt. Vandaag de dag kunnen kranten in “real time” zien welke artikels succes hebben en welke niet, en kunnen ze hun teksten in die zin aanpassen. Ook de reacties op sociale media worden nauwgezet gevolgd. Zelfs in zogenoemde kwaliteitskranten staan rubrieken als “Lust en Liefde” of “Tussen de lakens”. Wat hebben die met ernstige informatie te maken?

Mijn terrein is meer de openbare omroep, waar ik 35 jaar lang gewerkt heb. Ik heb er de verkleutering van de nieuwsprogramma’s van dichtbij meegemaakt. Zoals toenmalig hoofdredacteur Leo Hellemans het al eind vorige eeuw formuleerde: ‘Er is naast belangrijk ook belangwekkend nieuws’. Die opvatting heeft tot gevolg dat zowat ieder verkeersongeval, iedere messteek, iedere diefstal niet alleen journaals en radiobulletins haalt maar er ook vaak de opening van is.

Nooit ofte nimmer – zo lijkt het toch – wordt nog de vraag gesteld naar de relevantie. Wat bijvoorbeeld is de relevantie van een gluurder die Vlaamse kampeerders in Wallonië lastigvalt? Welke relevantie hebben familiedrama’s voor de buitenwacht? Welke relevantie heeft de verklaring van een Amerikaanse ex-presidentszoon dat zijn vader uitgezaaide kanker heeft? Welke relevantie heeft de wettelijke erkenning van Clément Vandenkerckhove als zoon van prins Laurent?

Belangwekkend allemaal? Misschien. Belangrijk? Geenszins.

Wordt er ook weleens gedacht aan het recht op privacy van al die betrokkenen?

Neen, we willen brengen wat het grote publiek lust. Om de “likes” is het te doen. Piet Piryns zag het een halve eeuw geleden al.

Toch: er zijn ook positieve evoluties te melden. Toen Piet sprak bestond er in Vlaanderen vrijwel geen onderzoeksjournalistiek. Je had Hugo De Ridder bij De Standaard en dat was het zo’n beetje. Vandaag de dag maken kranten als De Tijd en De Standaard deel uit van internationale onderzoeksprojecten, waar ze af en toe iemand van MO* ontmoeten. Ook de VRT heeft – eindelijk – zijn onderzoeksprogramma: Pano. (De nieuwe naam voor het oude Panorama). Het heeft al een paar keer de politieke wereld op zijn kop gezet. Vooral de ontmaskering van Schild en Vrienden heeft zijn reputatie voor eeuwig vastgelegd.

Niettemin: als we bijvoorbeeld de corrupte praktijken in verband met vastgoed in Antwerpen willen volgen, kunnen we niet terecht in de reguliere mediawereld. Dan moeten we ons wenden tot Apache, een onafhankelijke nieuwswebsite voor onderzoeksjournalistiek. Apache doet wat de traditionele media niet (meer) aandurven: het wekt de woede op van de machtigen.

Een N-VA-politicus noemde Apache ‘de Raad van State van de communisten’. Dat komt omdat de N-VA veelvuldig genoemd wordt in de malafide Antwerpse praktijken. Al wie in het vizier komt van Apache probeert met juridische middelen de website uit te schakelen, liefst door een veroordeling en als dat niet lukt door de site op kosten te jagen vanwege hoge advocatenkosten.

Tot nog toe zonder succes.

Maar de N-VA-ministers hebben er iets anders op gevonden: de subsidiekraan wordt dichtgedraaid, net zoals dit voor MO* (en De Wereld Morgen) is gebeurd. Toch stijgt het aanzien van Apache aanzienlijk. Zelfs de “oude” media citeren het af en toe. Het blijft, net zoals voor MO* en andere geviseerde kritische media, een dubbeltje op zijn kant. Financieel blijven al die media afhankelijk van de steun van hun lezers en sympathisanten. Daar zit niets definitiefs in en blijft dus een kopzorg.

Van MO* gesproken: ons blad bewijst onrechtstreeks een ander aspect van de klassieke mediaverkleutering. De buitenlandberichtgeving in de klassieke media blijft, ondanks de schijn, ondermaats. De aandacht voor het Zuiden is minimaal. Twee voorbeelden slechts: in Oost-Congo en Soedan, “toevallig” twee Afrikaanse landen, worden even grote en even gruwelijke moordpartijen aangericht als in Gaza. Maar de berichtgeving er over is schaars en zonder veel toelichting over de oorzaken en de volkeren, die er het slachtoffer van zijn.

Thema’s als migratie, veiligheid en vrede daarentegen komen veelvuldig aan bod. En bijna altijd in dezelfde zin: tegen de migranten en voor de militarisering en bewapening. Net zoals de machthebbers het de goegemeente voorhouden. Wat migratie betreft viel me wel een commentaar op in De Morgen. Niet de migratie is het probleem, zo luidde de stelling, maar onze obsessie met migratie. Het was een welgekomen oordeel na de gebeurtenissen in Ceuta.

De meeste media hadden het toen over ‘een invasie en bestorming van hordes migranten’. In het Laatste Nieuws stond een heel andere commentaar dan die van De Morgen, nochtans een zusterkrant van hetzelfde mediabedrijf. Daar heette het dat Spaans premier Sánchez met zijn migratiebeleid een ‘nefaste boodschap’ gaf ‘van georganiseerde beloning van illegaliteit’.

Dat is het tegendeel van verkleutering, het is misdadige haatzaaierij tegen mensen, die een beter leven zoeken. Het is vooral het tegendeel van goede professionele journalistiek. Het is alsof HLN uitgegeven wordt door Vlaams Belang. Omdat zijn lezers het zo willen?

Zo mogelijk nog gevaarlijker is de opvallende media-eensgezindheid als het over vrede en veiligheid gaat. Met Theo Francken, onze minister van Oorlog, wordt af en toe weleens de draak gestoken maar ernstige kritiek op zijn beleid ontbreekt. Miljarden belastinggeld worden besteed aan de aankoop van moordtuigen en het journalistenheir vindt dat ok? Klakkeloos wordt de mening verspreid dat Rusland de NAVO gaat aanvallen maar enig bewijs voor die stelling ontbreekt.

De Amerikaanse generaal Grynkewich, hoofd van de NAVO-Europa, werd op 11 juni in de Financial Times als volgt geciteerd: ‘Ik heb de inlichtingen nauwkeurig bekeken. Rusland zoekt het conflict niet. Ze verstaan wat de term “defensieve alliantie” betekent en ze beseffen dat ze militair niet opgewassen zijn tegen de NAVO.’ Werd Theo Francken ergens geconfronteerd met deze uitspraak van de opperste militaire NAVO-baas? Neen, stilte op alle banken. Behalve dan op het Salon van Sisyfus, de eenmanssite van Johan Depoortere.

Tegenstanders van de alom heersende oorlogshysterie, vertegenwoordigers van de vredesbeweging, oud-diplomaten die pleiten voor diplomatie, ze komen zelden aan het woord. Ja, premier De Wever heeft ooit gesprekken met Rusland bepleit, maar zelfs hij werd door velen weggezet als een Poetin-vriend.

Soms vraag ik me af of verkleutering eigenlijk niet beter is dan dit gebrek aan journalistieke flair.

Word proMO*

MO* heeft geen betaalmuur en is er voor iederéén. Dat kan alleen dankzij de steun van proMO*s, want diepgravende journalistiek kost tijd en geld.

Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.

Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.

Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.

Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief.

Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.

Per maand

€4,60

Betaal maandelijks via domiciliëring.

Meest gekozen

Per jaar

€60

Betaal jaarlijks via domiciliëring.

Voor één jaar

€65

Betaal voor één jaar.

Ben je al proMO*

Log dan hier in

Tags