Samuel Baker Byansi
“‘‘De harde waarheid over de sancties van Washington tegen het Rwandese leger’’
Op 2 maart 2026 legden de VS ongekende sancties op aan het Rwandese leger als instelling. Een belangrijke stap , maar volstaat ze om de lont uit het kruitvat te halen in Oost-Congo? Volgens de Rwandese journalist Samuel Baker Byansi schiet de maatregel tekort zolang de illegale mineraalhandel die de oorlog financiert, onaangeroerd blijft.
Op 2 maart 2026 kondigde het Office of Foreign Assets Control (OFAC) van het Amerikaanse ministerie van Financiën een ongeziene beslissing aan: het legde niet alleen sancties op aan hooggeplaatste Rwandese militaire bevelvoerders, maar ook aan de Rwandese strijdkrachten zelf – als instelling. Vier hoge officieren werden bij naam genoemd: generaal-majoor Vincent Nyakarundi, generaal-majoor Ruki Karusisi, generaal Mubarakh Muganga en brigadegeneraal Stanislas Gashugi.
Mensenrechtenorganisaties reageerden voorzichtig positief op deze beslissing. Human Rights Watch noemde het ‘een belangrijke stap om de akkoorden van Washington te handhaven’, maar merkte meteen op dat de VS en andere regeringen verder moeten gaan dan sancties en moeten aandringen op verantwoordingsplicht voor oorlogsmisdaden. Sancties zijn in diplomatiek jargon een teken van vastberadenheid. Ze geven aan dat onaanvaardbare daden niet zonder gevolgen blijven. In een conflict dat al jaren voortduurt en waarin Kigali vrijwel volledige straffeloosheid genoot, is elk signaal dat waarschuwt voor gevolgen belangrijk.
Maar signalen zijn geen oplossingen. Als er iets is dat de geschiedenis van deze oorlog ons leert, dan is het wel dat het regime van Kagame buitengewoon bedreven is gebleken in het opvangen van internationale druk – diplomatiek, economisch en juridisch – zonder fundamenteel van koers te wijzigen. Om te begrijpen waarom deze sancties belangrijk zijn, maar ook waarom ze niet voldoende zijn, moeten we eerlijk durven kijken naar de structuur van de betrokkenheid van Rwanda in het oosten van Congo, de economische drijfveer die deze in stand houdt en de structurele hiaten die zelfs goed ontworpen sancties niet kunnen dichten.
Domino-effect
Laten we beginnen met wat echt belangrijk is aan de maatregel van maandag. Door de RDF (Rwanda Defence Force) als instelling te sanctioneren – en niet alleen individuele officieren te benoemen – is het voor Amerikaanse personen of entiteiten nu wettelijk verboden om transacties met het Rwandese leger uit te voeren. Wapenverkoop, opleidingscontracten, financiële overdrachten: alles wordt geblokkeerd. Elk bedrijf of elke financiële instelling waar ook ter wereld die bepaalde transacties met de RDF aangaat, loopt nu het risico te worden blootgesteld aan secundaire sancties van de VS. Het domino-effect van die wettelijke aansprakelijkheid is in een wereldwijd verbonden financieel systeem niet te verwaarlozen.
Dit is van belang omdat Rwanda economisch niet zelfvoorzienend is. Meer dan 40 procent van de nationale begroting van Rwanda wordt gefinancierd door internationale donoren. Alleen al de Verenigde Staten hebben in het boekjaar 2023 meer dan 175 miljoen dollar aan hulp aan Rwanda verstrekt.
Hoewel het grootste deel daarvan ontwikkelingshulp is – gezondheidszorg, voedselzekerheid, onderwijs – zorgt de sanctie tegen RDF voor juridische wrijving die veel verder reikt dan het militaire slagveld. Het bemoeilijkt de aanbestedingen. Het creëert aansprakelijkheid voor banken. Het geeft andere partners van Rwanda het signaal dat samenwerking met de RDF nu reputatieschade en juridische risico's met zich meebrengt.
Het precedent is ook van belang. De Verenigde Staten hebben eerder sancties opgelegd aan Rwandese individuen: brigadegeneraal Andrew Nyanvumba in augustus 2023, daarna gepensioneerd generaal James Kabarebe in februari 2025. De Europese Unie volgde in maart 2025 en legde sancties op aan drie commandanten van de RDF – Ruki Karusisi, Eugène Nkubito en Pascal Muhizi – en aan het hoofd van de Rwandese Mijnraad en de Gasabo Gold Refinery. Elke ronde van sancties heeft het net verder aangetrokken. De maatregel van maandag dicht een gat dat opvallend open was gebleven: de RDF als geheel.
Een groot wonder
Het tijdstip waarop deze sancties zijn opgelegd, is even veelzeggend als hun inhoud. Op 4 december 2025 zaten presidenten Kagame en Tshisekedi naast Donald Trump in Washington en ondertekenden ze de Washington Accords for Peace and Prosperity – een door de VS bemiddeld vredesakkoord dat Trump een ‘groot wonder’ noemde. De inkt was nog niet opgedroogd of de M23 veroverde al Uvira, de laatste grote stad in Zuid-Kivu die nog onder Congolese controle stond. Er vielen minstens 400 doden. Meer dan 200.000 mensen raakten ontheemd.
Dat kan maar op twee manieren worden geïnterpreteerd. Ofwel kon Kigali de opmars van M23 niet tegenhouden, zelfs niet na de ondertekening van een vredesakkoord – wat zou betekenen dat Rwanda niet de absolute controle heeft over M23, iets waarvan het al lang wordt beschuldigd. Ofwel koos Kigali ervoor om de opmars niet tegen te houden – wat precies bevestigt wat de VN, de EU en nu ook het Amerikaanse ministerie van Financiën formeel hebben geconcludeerd: dat de RDF en M23 als een gecoördineerde strijdmacht opereren, en niet als onafhankelijke actoren.
Beide interpretaties zijn vernietigend. De eerste onthult een Rwandees regime dat een vredesakkoord ondertekende waarvan het wist dat het dit niet kon handhaven – en dat is ronduit oneerlijk. De tweede gaat er van uit dat het regime een akkoord ondertekende dat het nooit van plan was te handhaven – wat nog erger is.
De waarheid is hard
Een Congolese journalist die enkele dagen na de ondertekening naar Uvira reisde, beschreef wat hij onderweg aantrof: ‘De beleidsmakers in de wereld weten niets van wat er in mijn land gebeurt’, vertelde een inwoner hem. Met andere woorden, de akkoorden van Washington waren wellicht minder een vredesakkoord dan een diplomatieke vertoning – een vertoning die iedereen rond de tafel goed uitkwam, behalve dan het Congolese volk, dat niet mee aan tafel zat.
Er is evenwel een hardere waarheid: sancties tegen de RDF zullen geen enkele Rwandese soldaat van Congolees grondgebied verwijderen. Niet vanzelf. Niet op korte termijn.
Dit komt niet omdat sancties in principe niet effectief zijn. Het komt omdat de militaire operatie van Rwanda in het oosten van de DR Congo niet in de eerste plaats wordt gefinancierd door westerse hulp. Ze wordt gefinancierd door onwettige ontginning van delfstoffen.
Product from Rwanda
De cijfers zijn veelzeggend. Sedert de verovering van het coltanrijke mijnbouwgebied Rubaya in april 2024 genereerde M23 minstens 800.000 dollar per maand alleen al uit belastingen op de coltanproductie. Volgens VN-deskundigen heeft M23 in 2024 op frauduleuze wijze minstens 150 ton coltan naar Rwanda geëxporteerd – een “ongeziene” vervuiling van de regionale toeleveringsketen voor mineralen.
Rwanda produceerde in 2024 officieel 350 ton tantaal, maar exporteerde naar schatting 715 ton – meer dan twee keer zoveel als het land zelf ontgint. Het verschil wordt gevormd door Congolese mineralen, die via Rwandese certificeringssystemen worden witgewassen en op de wereldmarkt worden verkocht als Product from Rwanda.
Tussen 2017 en 2024 steeg de export van mineralen uit Rwanda met bijna 500 procent, van 373 miljoen dollar naar 1,75 miljard dollar. ‘De export van mineralen uit Rwanda bedraagt nu meer dan een miljard dollar per jaar’, aldus Jason Stearns, voormalig VN-onderzoeker. ‘Dat is ongeveer het dubbele van twee jaar geleden. We weten niet hoeveel, maar een groot deel daarvan is afkomstig uit de DRC.’
Omleiden is niet platleggen
Het bevriezen van de bankrekeningen van vier generaals en het blokkeren van wapenverkopen aan de RDF onderbreekt die inkomstenstroom niet. De mineralen blijven stromen. Het witwassen gaat door. De oorlog financiert zichzelf. Met of zonder handelsakkoorden.
De EU heeft in maart 2025 een gedeeltelijke stap gezet door sancties op te leggen aan Gasabo Gold Refinery en Francis Kamanzi, de CEO van de Mines Board van Rwanda. Maar dat is één raffinaderij en één functionaris in een systeem waarbij meerdere bedrijven, transportroutes en internationale kopers betrokken zijn, waaronder handelaren die vanuit Luxemburg, Dubai en daarbuiten opereren. Door één knooppunt in een netwerk aan te pakken, wordt het netwerk niet platgelegd. Het wordt alleen maar omgeleid.
Als we echt willen veranderen hoe Rwanda in de DRC te werk gaat, zijn sancties tegen militaire commandanten nuttig, maar niet voldoende. Er zijn nog steeds verschillende structurele tekortkomingen die niet zijn aangepakt.
Medeplichtig
Ten eerste vereist de toeleveringsketen van mineralen een alomvattende aanpak, geen geïsoleerde acties. Sectie 1502 van de Dodd-Frank Act verplicht Amerikaanse bedrijven om due diligence uit te voeren met betrekking tot conflictmineralen.
De EU-verordening inzake conflictmineralen legt soortgelijke eisen op aan Europese importeurs. Maar door het witwasmechanisme – waarbij Congolese mineralen vóór de export worden vermengd met Rwandese grondstoffen – zijn deze kaders steeds meer uitgehold. Onafhankelijke geologische verificatie van de Rwandese minerale uitvoer, zoals de VN heeft gevraagd, is nu essentieel.
Zonder deze verificatie blijft de wereldwijde tech-industrie onbedoeld medeplichtig aan de plundering van de Congolese ondergrond.
Geen bureaucratische blunder
Ten tweede moet de financiering van Rwanda door de Europese Vredesfaciliteit dringend worden heroverwogen. Wat we hier zien, is geen reeks ongelukkige toevalligheden, maar een patroon. Eugene Nkubito voerde van augustus 2022 tot augustus 2023 het bevel over de gezamenlijke taskforce van Rwanda in Mozambique, en Pascal Muhizi was in dezelfde periode commandant van de gevechtsgroep van de taskforce.
Beiden leidden een door de EU gefinancierde missie, terwijl bewijzen van operaties van de RDF in het oosten van de DRC zich opstapelden.
Toen Nkubito in augustus 2023 terugkeerde uit Mozambique, werd hij benoemd tot commandant
van de 3e divisie van de RDF – dezelfde divisie waarvoor het Amerikaanse ministerie van Financiën eerder dat jaar sancties had opgelegd aan brigadegeneraal Andrew Nyamvumba omdat hij deze divisie naar Congolees grondgebied had geleid, waar zij samen met M23 Congolese legerposities had aangevallen. Nkubito stapte zo dus rechtstreeks over van een door de EU gefinancierd commando naar een door de VS gesanctioneerd commando.
De EU legde hem vervolgens in maart 2025 sancties op omdat hij het bevel voerde over diezelfde divisie in Noord-Kivu. De officier die nu aan het hoofd staat van het commando in Mozambique, generaal-majoor Vincent Gatama, die daar in oktober 2025 het commando overnam, heeft een staat van dienst in de DRC die verder teruggaat dan die van al zijn voorgangers. Hij leidde de speciale eenheid van de RDF die in november 2012 Goma aanviel, werd daarvoor door Kagame gepromoveerd en hield in 2022 toezicht op de operaties van de RDF in Zuid-Kivu – hetzelfde jaar waarin Europees geld begon binnen te stromen, vlak voordat Kigali hem naar Cabo Delgado stuurde. Het onderzoek Rwanda Classified, waaraan ik heb meegewerkt als onderdeel van een Forbidden Stories-partnerschap, heeft deze feiten vastgesteld.
De EU heeft op die manier Rwandese commandanten sancties opgelegd voor oorlogsdaden in Congo, terwijl ze cheques uitschrijft voor een vredesmissie in Mozambique die steeds weer officieren uit die Congo-operaties inzet. Dit is geen bureaucratische blunder. Dit is een beleidsmatige tegenstrijdigheid die moet worden gecorrigeerd, in plaats van de andere kant op te kijken.
Strafrecht en sancties
Ten derde vereist de hernieuwde aandacht van het Internationaal Strafhof voor het oosten van de DRC internationale steun. ISH-aanklager Karim Khan kondigde in oktober 2024 hernieuwde onderzoeksinspanningen aan. Maar het Hof heeft geen handhavingsbevoegdheid. Het is afhankelijk van samenwerking met staten. Sanctieregelingen kunnen en moeten worden gecoördineerd met ISH-procedures – het bevriezen van tegoeden, het beperken van reizen en het opbouwen van bewijsmateriaal dat strafrechtelijke onderzoeken aanvult in plaats van vervangt.
Dekmantel
Ten vierde moet worden voorkomen dat Rwanda's inzet als vredeshandhaver nog langer als diplomatieke dekmantel voor wandaden in Congo wordt gebruikt. Jarenlang heeft Rwanda dankzij zijn aanzienlijke bijdragen aan VN-vredesmissies in Afrika diplomatiek kapitaal opgebouwd dat het heeft gebruikt om zijn verantwoordelijkheid te ontlopen. De Verenigde Staten en hun bondgenoten moeten bereid zijn om Rwanda's rol als vredeshandhaver los te koppelen van zijn optreden in de DRC – en beide gescheiden te beoordelen, zonder dat het ene als excuus voor het andere mag dienen.
Verkeerde les
Dit is allemaal niet nieuw. In 2012, tijdens de eerste M23-opstand, hebben de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk hun hulp aan Rwanda drastisch teruggeschroefd nadat M23 Goma had ingenomen. Dat werkte: Rwanda trok zijn steun in, M23 werd verslagen en er volgde een periode van relatieve stabiliteit. Maar een les die Kigali duidelijk niet uit 2012 had getrokken, is dat agressie verkeerd is. Wel dat agressie beter moet worden verhuld en dat westerse partners een kort geheugen hebben.
M23 kwam eind 2021 opnieuw op de proppen met een veel grotere capaciteit, veel geavanceerdere uitrusting en veel diepere institutionele banden met de RDF. En de gevolgen zijn ernaar. De huidige rebellen hebben een gebied veroverd dat vijf keer zo groot is als het grondgebied van Rwanda zelf. Meer dan zeven miljoen mensen zijn ontheemd. De omvang van deze crisis doet eerdere crises in het niet verzinken.
Druk is geen vrede
De sancties van 2 maart 2026 vormen in deze context een belangrijke stap vooruit. Op zichzelf zijn ze echter ontoereikend. Ze zullen zeker aanzienlijke gevolgen hebben voor de RDF: financieel isolement, complicaties bij aanbestedingen, reputatieschade. Maar de activiteiten van de RDF in de DRC zullen niet stoppen omdat haar generaals geen toegang meer hebben tot hun Amerikaanse bankrekeningen. Ze zullen pas stoppen wanneer de economische drijfveer om in de DRC te blijven – de delfstoffen – op grote schaal wordt verstoord en wanneer de politieke kosten van een verdergaande bezetting groter worden dan wat Rwanda eruit haalt.
De bevolking van Oost-Congo leeft al jaren in een crisis die door de wereld als urgent wordt bestempeld, maar die steeds weer onopgelost blijft. Vredesakkoorden worden met hetzelfde gemak gesloten en geschonden. Staakt-het-vuren worden tegelijk afgekondigd en genegeerd. Sancties worden opgelegd en ontweken.
De maatregel van maandag is de belangrijkste vorm van internationale druk die tot nu toe op het leger van Rwanda is uitgeoefend. Deze maatregel moet worden toegejuicht en moet worden beschouwd als een minimum, niet als een eindpunt.
Druk is niet hetzelfde als vrede. Voor de miljoenen Congolezen die jarenlang met lede ogen hebben toegekeken hoe de wereld diplomatieke gemakzucht verkoos boven verantwoordingsplicht, is de vraag niet of Washington eindelijk actie heeft ondernomen.
De vraag is of het zo zal blijven handelen – met een aanhoudende vastberadenheid en structurele ernst die een crisis als deze hard nodig heeft, maar zo zelden heeft gekregen.
Lees meer over Rwanda
Samuel Baker Byansi is een Rwandese onderzoeksjournalist, persvrijheidsactivist en mensenrechtenverdediger.
De meningen en standpunten in deze opiniebijdrage zijn die van de auteur en weerspiegelen niet noodzakelijkerwijs die van de MO*redactie.
Ontvang het beste van MO* rechtstreeks in je mailbox
Schrijf je nu in op onze gratis nieuwsbrieven en wij houden je op de hoogte van wat er gaande is in onze mondialiserende en snel veranderende wereld.
Word proMO*
Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.
Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.
Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.
Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.
Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief
Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.
Per maand
€4,60
Betaal maandelijks via domiciliëring.
Meest gekozen
Per jaar
€60
Betaal jaarlijks via domiciliëring.
Voor één jaar
€65
Betaal voor één jaar.
Ben je al proMO*
Log dan hier in)
)




