Ria Verjauw
“‘‘Waarom de toenemende militarisering van onze scholen een zorg moet zijn’’

© PXHere (CC0)

© PXHere (CC0)
Europa pompt miljarden euro's in wapensystemen, maar met enkel wapens win je geen oorlogen: het leger zoekt ook mensen. Onder het mom van een nieuwe “veiligheidscultuur” dringt Defensie steeds dieper door in scholen, universiteiten en het dagelijks leven van jongeren. Volgens Ria Verjauw van de Leuvense Vredesbeweging vervangt militaire indoctrinatie zo stilaan elke vorm van vredeseducatie.
De nationale defensie-uitgaven worden verder verhoogd door bijdragen aan het ReArm Europe-programma. Een totale Europese investering van 800 miljard euro is gepland. Maar het storten van miljarden in wapensystemen is niet genoeg voor Defensie. Het vereist ook de mensen die ze bedienen en zich naar het front laten sturen.
Hoe krijg je jongeren zover dat ze bereid zijn – vrijwillig – de grootst mogelijke offers te brengen? De oproep tot patriottische plicht en verantwoordelijkheid klinkt luid in de media.
Belgisch regeerakkoord
Volgens het regeerakkoord moet de hele samenleving bewust worden gemaakt ‘van een nieuwe veiligheidscultuur’.
De strategische communicatie moet gericht zijn ‘op het ontwikkelen van een veiligheidscultuur, om de bevolking een beter beeld te geven van veiligheid en defensie’ en ‘het draagvlak te vergroten’. Dat kan onder meer, aldus het regeerakkoord, door actief een band te smeden tussen Defensie en de samenleving via de organisatie en ondersteuning van allerlei publieke evenementen. Kortom: ‘Ze verhogen de zichtbaarheid van Defensie in de samenleving’. De boodschap is duidelijk: we zijn in oorlog, of toch bijna en dus moet de bevolking gevoed worden met een militaristische cultuur.
De jongeren krijgen zo een wereldbeeld waarin ‘wij’ alleen kunnen overleven door ‘hen’ te vernietigen, het vijanddenken.
Het lijkt erop dat vredeseducatie, als die er al was, van tafel wordt geveegd en wordt vervangen door militaire indoctrinatie.
Om de maatschappelijke verankering van het leger in de samenleving verder te versterken wordt voorzien in de mogelijkheid tot een vrijwillige militaire dienst van 12 maanden, tegen een degelijke vergoeding. Ook de uitbouw van “een operationele, goed getrainde en beschikbare reserve” die “evolueert naar een systeem van voltijdse en deeltijdse militairen” moet aan die verankering bijdragen.
Op scholen, sportclubs, televisie en op straat maakt defensie op misleidende wijze reclame voor een het leger: een avontuurlijk beroep , kameraden voor het leven, jezelf ontplooien. Beter en eerlijker zou zijn in de reclamespotjes: ‘we leren hoe je mensen moet doden en we bereiden je voor om je eigen leven op te offeren’.
Het pedagogisch project van Defensie
Er is een pedagogisch project in België dat de aanwezigheid van het leger in het onderwijs versterkt. Een militair referendaris maakt ook deel uit van het project in de scholen. Ze leren de jongeren over defensie en hoe die bijdraagt aan internationale vrede en veiligheid.
In samenspraak met de deelstaten komt er een “militair referendaris” die in scholen uiteenzet wat Defensie doet, dat staat in het regeerakkoord.
Defensie wil 500 jongeren werven voor een vrijwillige betaalde legerdienst om in 2028 naar een stabiel aantal van 1.000 jongeren te gaan. De vraag is waarom voor zo’n gering aantal plaatsen tienduizenden jongeren moeten worden aangeschreven. Met de brief aan alle 17-jarigen wil de regering jongeren ideologisch beïnvloeden ten gunste van een nieuwe “veiligheidscultuur”.
Verder komt er een uitbreiding van de opleiding ‘Veiligheid en Defensie’ in scholen.
Het ganse pedagogisch project moet helpen garanderen dat de bevolking bereid is vele extra miljarden naar het legerapparaat te laten vloeien op het ogenblik dat grote inspanningen worden gevraagd aan de bevolking om de begroting op orde te krijgen.
Het lijkt erop dat vredeseducatie, als die er al was, van tafel wordt geveegd en wordt vervangen door militaire indoctrinatie.
Een samenleving die pronkt met het vermogen om te doden, denken we maar aan de lachende gezichten van politici op de wapenbeurs bij het hanteren van wapens, normaliseert oorlogsdaden en oorlogstaal en leert onze jongeren dat wapens ons moreel gelijk geven.
Onderzoeksgeld voor universiteiten gaat in toenemende mate naar militaire technologie in plaats van naar de ontwikkeling van bouwstenen voor duurzame vrede en het welzijn van de bevolking. De opdracht van onderwijs, tot goed burgerschap en ontwikkeling, staat haaks op het vijanddenken en militair machtsvertoon.
Opleiding ‘Veiligheid en Defensie’ als voorbereiding op het leger
De toenemende militarisering van scholen is een grote zorg.
Vooral de jongere generatie krijgt een verontrustend wereldbeeld: een wereld waarin oorlogsvoeren en voorbereiden op oorlog een logisch onderdeel is van hun toekomst. De jongeren groeien op met een angstbeeld voor de toekomst.
De studierichting ‘Veiligheid en Defensie’ is een extra studierichting in de sportwetenschappen, aangeboden aan jongeren van middelbare scholen. Het vak wordt onder gegeven door experten van Defensie en door de politie.
Zo krijgen jongeren (17-18 jaar) in scholen de mogelijkheid om een training van Defensie te volgen. Doel is om de jongeren voor te bereiden op een loopbaan bij Defensie. Is dit de taak van de scholen?
Maar ook jongeren die er niets van terecht brengen in school zijn welkom bij Defensie. Via een opleiding, betaald door Defensie, kunnen ze het schoppen tot mekanieker of chauffeur, want die zijn ook nodig om de oorlogsmachine draaiende te houden.
Oorlogsgeneeskunde
Defensie ijvert er voor dat oorlogsgeneeskunde als verplicht vak voor studenten geneeskunde wordt gegeven. Deze maatregel past in een bredere logica die oorlog niet voorkomt, maar stap voor stap normaliseert.
Er zijn redenen genoeg waarom we ons moeten verzetten tegen oorlogsgeneeskunde als verplicht vak voor studenten geneeskunde.
Er bestaat geen medische oplossing voor oorlog. Zeker niet bij een nucleaire oorlog waardoor medische infrastructuur vernield wordt, verplegend personeel en dokters sterven of werk onbekwaam worden. Volgens het Rode Kruis is er geen enkel beheersbaar scenario bij een nucleaire oorlog.
Civiele en militaire geneeskunde dienen fundamenteel andere doelen. Civiele geneeskunde vertrekt van zorg naar behoefte, gericht op het individu. Militaire geneeskunde staat in functie van inzetbaarheid en operationele capaciteit. Die logica’s ondergraven de ethische basis van gezondheidszorg.
Opleidingen en specialisaties dreigen afgestemd te worden op militaire noden, ziekenhuisplanning kan verschuiven van zorggericht naar militair-strategisch, en schaarse middelen – personeel, bedden en opleidingstijd – worden weggetrokken van de dagelijkse zorg en noden van de burgerbevolking.
Oorlogsgeneeskunde normaliseert oorlog en wekt de illusie dat oorlog medisch oplosbaar is. Bij oorlog overschrijdt het aantal slachtoffers elke medische capaciteit.
De jeugd moet nieuwe idealen meekrijgen. Zoals Albert Einstein ooit zei: ‘de schoolboeken moeten herschreven worden! Ik zal dit aankaarten bij de minister van Onderwijs. Doel: breed gedragen weigering van militaire dienst. Een oorlogsmachine zonder bemanning zal op de grond verrotten wanneer de jongeren erkennen: ik geef mijn leven niet voor de wapenindustrie!’.
Ria Verjauw is lid van de Leuvense Vredesbeweging
De meningen en standpunten in deze opiniebijdrage zijn die van de auteur en weerspiegelen niet noodzakelijkerwijs die van de MO*redactie.
Lees ook:
Niets missen?
Abonneer je op (één van) onze nieuwsbrieven.



