Vic Verhaeghe
Het is nu echt tijd om onze veiligheid en volksgezondheid serieus te nemen
“‘‘Welk natuurherstelbeleid? De politiek hinkt hopeloos achterop’’

© Pixabay / cocoparisienne (CC0)

© Pixabay / cocoparisienne (CC0)
Een veen in goede staat brandt niet, ook niet in een hittegolf. Terwijl ministers na het drama in de Hoge Venen naar elkaar wijzen en nieuwe helikopters beloven, gaan ze voorbij aan het echte probleem, schrijft Vic Verhaeghe, voorzitter van de beheerwerkgroep bij de Jeugdbond voor Natuur en Milieu (JNM). ‘Decennia van falend natuurherstelbeleid maakten van onze moerassen een kruitvat.‘
Terwijl de Hoge Venen nog nasmeulen, begint in de federale politiek de zoektocht naar de oorzaak. Hoe had dit kunnen gebeuren en waar liep het mis? MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez oreert op sociale media dat de klimaatverandering het vuur niet aansteekt en minister van Defensie Theo Francken (N-VA) belooft in allerijl om nieuwe Chinook-helikopters te bestellen. Onze zeven klimaatministers wijzen naar elkaar, maar het cruciale punt ontgaat hun allemaal.
Als jongere is het moeilijk om toe te kijken hoe unieke natuur met uitzonderlijke waarde en potentieel tegen hitte, droogte en overstromingen zomaar afbrandt. Een veen in goede staat zou nooit in brand schieten, zelfs niet onder de huidige klimaatverandering. Onze venen, en bij uitbreiding alle wetlands, herstellen zou daarom prioriteit moeten zijn.
De Hoge Venen zijn, zoals de naam al verklapt, hoogveen. Of dat waren ze toch ooit. Veenbodems staan jaarrond onder water. In de natte ondergrond wordt dood plantenmateriaal niet afgebroken, maar vormt het een dikke veenlaag. Op die manier zijn venen de grootste koolstofopslag in ons landschap. Droogliggende veenbodem, of nog erger, een veenbrand, brengt die duizenden jaren oude koolstof terug in de atmosfeer en verergert zo de klimaatopwarming.
In de negentiende eeuw werden de Hoge Venen en andere veenplateaus gedraineerd om er naaldhoutplantages van te maken. De combinatie van drooggelegd veen en naaldhout maakt van de uitgestrekte moerassen de perfecte brandstof voor natuurbranden. De branden zijn dus een gevolg van decennialang slecht beleid.
Sinds de jaren tachtig worden wel pogingen gedaan om de veenbodem te herstellen. Voor grote, structurele ingrepen zijn er echter nooit budgetten vrijgemaakt. In combinatie met klimaatverandering, hittegolven en droogte krijg je de perfecte storm die leidt tot een veenbrand van deze schaal.
We kunnen het ons niet veroorloven onze wetlands zo te verwaarlozen.
De drainage van de Hoge Venen is geen alleenstaand fenomeen. In heel Vlaanderen en Wallonië zijn historische moerassen, rivierdelta’s en brongebieden drooggelegd. Ondertussen zijn 75% van de Vlaamse wetlands onherstelbaar beschadigd. Voor de overige gebieden tikt de klok. Natuurverenigingen moeten de touwtjes aan elkaar knopen met schaarse Europese of regionale subsidies.
De Blue Deal moest daar verandering in brengen. Minister Brouns maakte er echter korte metten mee en halveerde de budgetten. Het is bang afwachten of hij dit najaar nog extra geld vrijmaakt voor het herstel van onze wetlands. Ook in de Europese natuurherstelwet is wetlandherstel een van de grote prioriteiten. Volgende maand moeten de deelstaten hun plannen daarvoor indienen. Het is nu echt tijd om onze veiligheid en volksgezondheid serieus te nemen. Desondanks dienen zowel Wallonië als Brussel hun plannen waarschijnlijk te laat in.
Wetlands werken als een grote spons in het landschap. Bij veel neerslag nemen ze water op en minimaliseren ze het risico op overstromingen. Tijdens droge periodes laten ze dat water weer los en houden ze onze waterbevoorrading in stand. In een overstromingsgevoelige regio als Vlaanderen die ook nog eens meer grondwater oppompt dan onze bodem lief is, kunnen we het ons niet veroorloven onze wetlands zo te verwaarlozen.
Wetlands, waaronder ook venen, werken daarbovenop als een natuurlijke koeling. Het is er tijdens warme periodes enkele graden koeler dan de omgeving. In Vlaanderen, waar steden 's zomers veranderen in hitte-eilanden zijn ze broodnodig.
Blushelikopters of brandgangen mogen niet onze grootste prioriteit zijn. Natuurverenigingen hebben de kennis en de vrijwilligers om onze natte natuur te herstellen. Enkel de politiek hinkt hopeloos achterop. Bestaande budgetten worden zowel ten noorden als ten zuiden van de taalgrens gehalveerd. Gedateerde gewestplannen uit de jaren ‘70 snijden natuurverenigingen de pas af in hun herstelambities. Wanneer houdt de politiek rekening met ons recht op een weerbare toekomst?
Vic Verhaeghe studeert bio-ingenieurswetenschappen aan de UGent en is voorzitter van de beheerwerkgroep bij de Jeugdbond voor Natuur en Milieu (JNM).
De meningen en standpunten in deze opiniebijdrage zijn die van de auteur en weerspiegelen niet noodzakelijkerwijs die van de MO*redactie.


