Afghanen vinden Taliban weer acceptabel

In het zuiden van Afghanistan staan de Taliban op het punt de plaatselijke bevolking voor zich te winnen. Dat zegt de Senlis Council, een Europese denktank die nauw samenwerkt met de Afghaanse boerenbevolking over het hele land, in een nieuw rapport.
De afgelopen maanden zijn de aanvallen van de Taliban bijna dagelijkse kost geworden. Maar de islamistische strijders winnen vooral veld in de hoofden van hun landgenoten. “De perceptie bij van de Afghaanse bevolking is veranderd”, zegt Emmanuel Reinert, hoofd van de Senlis Council. “Ze zien de Taliban nu als aanvaardbaar. In feite staan de Taliban op het punt de strijd te winnen om de harten en hoofden van plaatselijke bevolking.”

De Taliban zijn volgens Reinert ook beter georganiseerd. “De aanvallen zijn nu dagelijkse kost. Het aantal zelfmoordaanslagen is gestegen van 5 in 2001 tot 21 in het eerste semester van dit jaar. En de Taliban gebruiken nu gesofisticeerde terreurtechnieken, bijvoorbeeld op het vlak van explosieven.”

Volgens Reinert is het mogelijk dat de Taliban aan kracht winnen met steun uit Pakistan. “Zeker is dat de Taliban en andere milities zich aan het hergroeperen zijn in Pakistan, waar ze een veilige plek vinden en waar ze aanvallen kunnen organiseren op de Afghaanse overheidstroepen in Helmand en Kandahar.”

In deze omstandigheden wacht de Britse troepen die naar Helmand worden gezonden ter vervanging van hun Amerikaanse collega’s een zware taak, zegt hij. “Volgens ons rapport steunt bijna tachtig procent van de bevolking daar de Taliban. De Britten zullen het anders moeten aanpakken en moeten luisteren naar de mensen en hun noden. De agressieve militaire interventie van de Amerikaanse troepen en hun bondgenoten hebben de coalitietroepen de steun van de mensen ter plaatse doen verliezen. De mensen hebben weinig gewonnen bij de bezetting. Er was zoveel beloofd, en zo weinig beloften zijn nagekomen.”

De steun en het vertrouwen voor de internationale troepenmacht is totaal ineengestort door de strijd tegen de opiumteelt – waardoor boeren hun inkomen verliezen – en het doden van burgers tijdens militaire operaties. De Afghanen voelen zich in de steek gelaten.

“Ik verbouw al 27 jaar opium, en er heerste altijd vrede. Ik deed het maar op een klein stukje land, alleen om te overleven. Nu hebben ze alles vernietigd, alles wat ik had. Niets bleef over. Iedereen stond erbij”, zegt boer Sher Mohammad in het rapport.

Ondanks de acties tegen de opiumteelt van de voorbije maanden, wordt verwacht dat de opiumoogst dit jaar nog hoger zal zijn dan voorheen, zegt het Senlisrapport. Helmand is dé opiumregio van Afghanistan: in 2005 kwam een kwart van de hele Afghaanse oogst hiervandaan. In 2006 zou de met papaver ingezaaide oppervlakte er met de helft zijn toegenomen, tot een totaal van 40.000 hectare. Veel boeren die de laatste jaren gestopt waren omwille van het verbod van president Hamid Karzai of omdat de internationale gemeenschap hen programma’s voor alternatieve inkomstenbronnen beloofde, zijn weer herbegonnen.

Senlis ziet een rechtstreeks verband tussen het verwaarlozen van de belangen van de boeren en de staat van oorlog die momenteel in Helmand heerst. Het aantal burgerdoden en -gewonden is toegenomen, en het Amerikaanse bombardement op Kandahar ondermijnde de plaatselijke steun voor de regering van Karzai. De organisatie noemt ook de recente rellen in Kaboel een voorbeeld van de stijgende vijandigheid van de Afghaanse bevolking tegenover de internationale gemeenschap.

Reinert: “Helmand is een vroege waarschuwing van hoe heel Afghanistan er zal uitzien als er de komende maanden geen radicaal andere koers wordt gevolgd.” (ADR/PD)

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3093   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift