De G8 is springlevend, maar voor hoe lang?

Vrijdag en zaterdag vergaderen de leiders van de G8 in het landelijke Muskoka, in de Canadese provincie Ontario. Velen vinden dat de G8 maar beter helemaal vervangen wordt door de G20, maar ‘secundaire’ machten, zoals Canada en Japan, houden sterk vast aan de G8. Ze argwanen de G20 waarin hun invloed dreigt te verwateren.
De G8 werd in 1975 opgericht en omvat de VS, Rusland, Japan en Canada, naast de EU-landen Duitsland, Groot-Brittannië, Frankrijk en Italië. De Europese Unie is als zodanig ook lid. Met de lancering van de G20 op het niveau van staatshoofden en regeringsleiders in november 2008 is de G8 in de schaduw komen te staan.
Velen vinden dat de G8 maar beter wordt opgedoekt. Maar in plaats daarvan lijkt het erop dat de G8 zichzelf nieuw leven wil inblazen. Sommige ‘secundaire’ machten, zoals Canada en Japan, houden sterk vast aan de G8. Ze argwanen de G20 waarin hun invloed dreigt te verwateren. De leiderrs van de G8 reizen zaterdag overigens door naar de grootstad Toronto, een paar uur zuidelijker, voor de top van de G20.
Voorstanders van de G8 koesteren ook de informele en openhartige gesprekken in de kleine groep van min of meer gelijkgezinde, democratische landen. In die 35 jaar zijn inderdaad hechte banden ontstaan, ondanks de serieuze meningsverschillen die geregeld opduiken. Zodoende heeft de G8 de Koude Oorlog overleefd, ook al blijft Rusland – dat er in 1998 bij kwam – soms een buitenbeentje.
Al wie er ooit bij betrokken was, bevestigt het belang van de menselijke relaties, de ‘chemie’ die tussen leiders ontstaat, en niet in het minst ook tussen de sherpa’s, hun persoonlijke raadgevers voor G8-zaken. Daardoor kunnen de soms erg beperkte marges voor overeenkomst maximaal benut worden. Minder bekend bij het brede publiek, maar wel een feit, is dat de G8 intussen een zeker palmares kan voorleggen rond allerhande thema’s, van de beheersing van de nucleaire erfenis van de Sovjet-Unie over internationaal energiebeleid tot de bestrijding van AIDS, malaria en tbc. Dit gooi je niet zomaar weg, is de redenering.
Maar volgens gastheer Canada kan er wel aan een taakverdeling gedacht worden. Eergisteren nog stelde de Canadese G8- en G20-sherpa Len Edwards dat de G8 zich moet toeleggen op ontwikkelingsvraagstukken en internationale veiligheid, en de G20 op financieel-economische coördinatie.

De G8 in de bres voor de Millenniumdoelstellingen


Als voorzitter kan Canada de agenda in belangrijke mate sturen. Voor deze G8-top heeft de Canadese premier Stephen Harper gekozen voor een relatief eenvoudige agenda. Hoewel er zoals altijd heel wat onderwerpen besproken worden, is er maar één topprioriteit: de gezondheid van moeders, baby’s en jonge kinderen in het Zuiden.
Dit is om meerdere redenen een slimme zet. De G8 kiest één van de belangrijkste thema’s die je kunt bedenken. Volgens het ‘Partnership for Maternal, Newborn & Child Health’, het leidende wereldwijde netwerk terzake, sterven jaarlijks bijna 8 miljoen kinderen onder de 5 jaar als gevolg van geneesbare ziektes of geboortecomplicaties, en enkele honderdduizenden moeders door complicaties bij zwangerschap of geboorte. Ten tweede manifesteert de G8 zich hiermee als een groep die leiding wil geven omtrent de echt belangrijke mondiale uitdagingen. Ten derde is het opvallend dat de G8 zich nadrukkelijk inschrijft in VN-initiatieven, met name de Millenniumdoelstellingen die tegen 2015 gehaald moeten worden, en het ‘Joint Action Plan for Women’s and Children’s Health’.
Op die manier stelt de G8 zich op als een bescheiden, maar genereuze supporter van de VN, nog steeds de belangrijkste universele internationale organisatie. Dit is niet slecht voor het imago van de omstreden club. En logge VN-processen kunnen best wel eens een impuls van een groep wereldleiders gebruiken.
Concreet wil de G8 dat tegen de VN-top over de Millenniumdoelstellingen in september duidelijk wordt dat de doelen 4 (verminderen van kindersterfte) en 5 (verminderen van moedersterfte en verbeteren reproductieve gezondheid) op het juiste spoor zitten.
Daarom wil Canada dat de G8 nu enkele miljarden extra belooft, maar hoeveel is nog niet duidelijk. Het eindbedrag is mooi blanco gelaten in een ontwerptekst die eind mei uitlekte. Canada en het VK beloven elk 1 tot 1,5 miljard dollar voor de komende vijf jaar. De VS zal misschien het dubbele hiervan bijdragen. Ook niet-G8-landen als Nederland en Noorwegen (1 miljard), alsook private organisaties zoals de Bill & Melinda Gates Foundation (1,5 miljard), komen met veel geld over de brug. Landen met krappe budgetten als Duitsland, Italië en Japan wringen nog tegen. Volgens een ruime consensus onder specialisten is zeker 30 miljard nodig.
Canada’s positieve communicatielijn omtrent dit nieuwe ‘Muskoka Initiative’ kreeg intussen een stevige deuk door een binnenlandse rel. De conservatieve eerste minister wil niet dat Canadees geld besteed wordt aan programma’s voor veilige abortussen. Maar vele ngo’s en wetenschappelijke kringen beklemtonen dat dit luik absoluut noodzakelijk is om honderdduizenden levens te redden; bovendien is abortus in Canada toegelaten.
Wellicht komt er geen verwijzing in de slottekst, maar het staat andere G8-landen vrij dergelijke initiatieven te steunen. Daarnaast is het ook niet duidelijk waar het Canadese geld vandaan moet komen; in Canada staat voor de komende jaren een bevriezing van de ontwikkelingshulp op stapel. Wordt het een verschuiving binnen het bestaande hulpbudget? Dezelfde vraag geldt voor de andere landen.

Verantwoording over verbroken beloftes


Het enthousiasme omtrent het ‘Muskoka Initiative’ wordt ook getemperd door het feit dat de G8 vaak zijn beloftes niet nakomt. Met name omtrent de forse toezeggingen voor ontwikkelingshulp op de top van Gleneagles in 2005 is één en ander misgelopen. Toen hadden de G8-leden elk afzonderlijk fraaie beloftes gemaakt. Duitsland, Italië en Japan respecteren ze niet. Italië heeft de laatste jaren zelfs gehakt in zijn budget. Het VK doet het dan weer wel goed. Op basis van de beloftes en andere gegevens verwachtte de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) dat tegen 2010 de totale ontwikkelingshulp met 50 miljard $ zou stijgen, en deze aan Afrika met 25 miljard $. Deze doelstellingen zijn echter verre van bereikt.
De G8 is zich bewust van de kritiek. De groep was vorig jaar al begonnen met een voorzichtige zelfevaluatie rond bepaalde ontwikkelingsthema’s. Maar vandaag ligt op de tafel van de G8-leiders een uitgebreid publiek rapport over hun prestaties de voorbije jaren. De Canadese regering schuift dit ‘accountability’­-initiatief naar voren als één van de speerpunten van de Muskoka-top. De vorige jaren had ze ook al uitdrukkelijk aan deze kar getrokken. Ze beseft wellicht dat het totaal ongeloofwaardig is nieuwe beloftes te maken als de vorige niet zijn nageleefd.
Volgens het G8-rapport is voor alle rijke landen samen 10 miljard te kort. Hiervan is volgens sommige schattingen 7 miljard op rekening van de G8 te schrijven. Voor Afrika is eveneens 10 miljard te kort, maar hier dateren de cijfers van 2008; het eindresultaat zal dus iets beter zijn. Maar volgens Oxfam Canada zijn deze cijfers boerenbedrog. Als je de dollarinflatie in rekening neemt, is er globaal geen 10 maar bijna 20 miljard tekort.
De G8 erkent dit, maar verdedigt zich met het argument dat in 2005 niet bepaald was of de doelstellingen al of niet met de inflatie rekening hielden. Dit maakt het globale plaatje er alleszins niet beter op. Bovendien zeggen deze cijfers niets over de komende vijf jaar. Door de economische crisis is er voor de ontwikkelingshulp in diverse rijke landen onweer op komst. Conclusie: het is niet zonder redenen dat elk jaar tienduizenden mensen tegen deze toppen op straat komen.
Ondanks de gebreken toont het G8-rapport misschien wel de zin van dergelijke toppen aan. Het zijn uitzonderlijke momenten waarop de wereldleiders in groep aan de wereldpers en civiele samenleving kunnen tonen dat ze met iets nuttigs bezig zijn. Ze kunnen daarbij niet elk jaar met gebakken lucht komen. Het feit dat er jaarlijks een top plaatsvindt, verhoogt de druk om de beloftes na te leven, ook onder elkaar. Zonder topontmoetingen hoeven de leiders zich niet te laten zien. In die zin zijn dit soort zelfevaluaties een logische stap.
De bedoeling is alleszins om deze evaluatiepraktijk voort te zetten, maar dan liefst met meer onafhankelijke expertise en inbreng van de NGO’s. Als de G8 zich de komende jaren kan ontpoppen tot een slagkrachtig organisme dat bescheiden agenda’s ook effectief uitvoert (met ingebouwd evaluatiesysteem), verhogen in elk geval de kansen op overleving voor de G8.
Het gerucht gaat dat Frankrijk, dat volgend jaar beide groepen voorzit, de G8 in juni en de G20 in november wil houden. Zo kan de G8 zich weer beter manifesteren, en kan Sarkozy, die in 2012 naar verkiezingen gaat, tweemaal schitteren. Vermoed wordt dat dit niet naar de zin van president Obama is, die omwille van de summit fatigue de toppen liever samen neemt, zoals nu het geval is.

Opnieuw een Westerse lobby?


Sinds een aantal jaren gaat de G8 prat op de samenwerkingsverbanden met andere landen en internationale organisaties. Op die manier willen ze aantonen zich niet in hun eigen bolwerk op te sluiten. Dit jaar worden in Muskoka opnieuw zeven Afrikaanse leiders verwelkomd (Algerije, Egypte, Ethiopië, Malawi, Nigeria, Senegal en Zuid-Afrika). Daarnaast worden ook de leiders van Haïti, Jamaica en Colombia verwacht, een eenmalig Canadees initiatief.
Maar behalve de komst van Zuid-Afrika, laat de G8 de groeilanden dit jaar links liggen. Sinds 2005 nodigden de G8 nochtans ook systematisch de leiders van China, India, Brazilië, Zuid-Afrika en Mexico (de ‘G5’) uit. Voorts zullen in Muskoka in tegenstelling tot de vorige jaren ook geen hoofden van internationale organisaties te zien zijn.
Misschien heeft dat te maken met het feit dat er in Toronto sowieso een G20-top is, waar al deze spelers wel naartoe komen. Of misschien plooit de G8 zich doelbewust terug op zijn oude zelfverklaarde rol als voorhoede van liberale democratische en economische waarden.
Naast het Muskoka Initiative staan ook kwesties van internationale veiligheid op de agenda: non-proliferatie van kernwapens en meer bepaald Iran en Noord-Korea; een sociaal-economisch initiatief voor grensstreken tussen Afghanistan en Pakistan; terrorisme, piraterij, internationale criminaliteit en drugs; Israël-Palestina; Haïti; Myanmar.
Japan dringt erop aan dat de G8 Noord-Korea veroordeelt wegens de aanval op een Zuid-Koreaans marineschip in maart, waarbij meer dan 40 opvarenden om het leven kwamen. Het is nog afwachten of Rusland, dat de Zuid-Koreaanse versie van de feiten voorlopig niet erkent, sterke taal zal ondersteunen. Een andere vraag is of de G8 ook Israël zal aanspreken over het geweld tegen de Flotilla.
EU-president Herman Van Rompuy zei vandaag alvast dat Gaza mede op vraag van de EU ter sprake zal komen, nadat de G8-top vorig jaar al de opening van Gaza voor hulpgoederen vroeg. Ten slotte heeft Canada, dat terzake weinig positieve resultaten kan voorleggen, geprobeerd om klimaat zoveel mogelijk van de agenda te houden. Onder andere de EU wil het er wel over hebben, met het oog op een doorbraak in Cancún in het najaar.
Voor de G8 dreigt steeds het gevaar dat de agenda en klemtonen in de rest van de wereld te eenzijdig overkomen. Er is bijvoorbeeld de neiging om Iran hard aan te pakken, maar bijvoorbeeld Israëls kernwapens en mensenrechtenschendingen minder sterk of zelfs helemaal niet aan de kaak te stellen. Door deze dubbele standaarden wordt een kloof in stand gehouden tussen de G8 en een groot deel van de rest van de wereld. Denk aan Brazilië en Turkije, wiens recente bemiddelingspoging met Iran door G8-regeringen botweg van de hand zijn gewezen.
Als de G8 arrogantie en superioriteitsgevoelens uitstraalt, en bovendien zelf verre van consequent is, zullen de waardevolle boodschappen van het Westen over vrijheid en democratie in andere delen van de wereld ook niet goed doorkomen. Dat laatste is nochtans nodig, want de meeste groeilanden nemen op dat vlak ook niet bepaald hun verantwoordelijkheid op.

Dries Lesage is docent aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de UGent. Hij volgt voor MO* de G8 en G20 in Canada.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en wordt proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift