Rijst en traangas voor de Haïtianen

In de chaos van de wederopbouw van Haïti kunnen hulporganisaties niet overal komen, uit angst voor ontvoeringen. Vredestroepen moeten de orde handhaven, maar dat bijt soms de hulpverlening. Haïtianen zijn boos dat ze te weinig worden betrokken in de wederopbouw.
Op een lege weg in Cité Militaire, een industriegebied tegenover de grote sloppenwijk Cité Soleil, verdringt een groep vrouwen zich om een zak Amerikaanse rijst. De rijst werd maandagochtend uitgedeeld door de christelijke hulporganisatie World Vision. Volgens  ooggetuigen begonnen VN-vredestroepen niet veel later traangasgranaten af te vuren.
“Ze behandelen ons als dieren”, zegt Lourette Elris, terwijl ze de rijst onder de vrouwen verdeelt. “We hadden het voedsel al gekregen en we waren op weg naar huis, toen ze traangas op ons afschoten, terwijl we ons heel ordelijk gedroegen.”
De VN-vredesmacht MINUSTAH is al sinds 2004 in Haïti. De militaire missie telt negenduizend manschappen, merendeels Brazilianen. De vredesmacht wordt achtervolgd door beschuldigingen van mensenrechtenschendingen. Volgens de Braziliaanse minister van Defensie, Nelson Jobim, moet het doel van de vredesmissie worden bijgesteld. “Haar mandaat is de veiligheid te garanderen, maar de VN moeten zich realiseren dat ze ook de infrastructuur moet opbouwen”, liet hij na de aardbeving van januari horen.

Oorlogsgebied


Van een verschuiving is echter nog weinig te zien. Haïti wordt behandeld als een oorlogsgebied. “Je mag niet in de rode zones komen”, zegt Regine Zamor, een Haïtiaanse Amerikaan die hulporganisaties helpt met de distributie van het voedsel in de hoofdstad. “Dat ontdekte ik ook pas toen ik in zo’n gebied werkte en van niemand hulp kreeg.” Zelfs het beroemde Oloffson Hotel in de binnenstad van Port-Au-Prince ligt in de rode zone.
Volgens George Ola-Davies van de VN ligt er alleen een rode zone over de sloppenwijken Cité Soleil en Bel Air. “Er worden tegenwoordig weer meer mensen ontvoerd.” Twee medewerkers van Artsen Zonder Grenzen werden deze maand ontvoerd in Petionville, in de “groene zone”, en pas vrijgelaten nadat er losgeld was betaald.

Negeren


Emilie Parry is mede-opsteller van een kritisch rapport over het negeren van Haïtianen bij de hulpverlening. Volgens hem lukte het zelfs de burgemeester van Cité Soleil bijna niet om het VN-hoofdkwartier binnen te komen omdat hij niet de juiste pasjes had. “We hebben hem naar binnen begeleid, maar we konden bijna geen hulpverleners vinden die in zijn gebied werken. Ook die worden allemaal niet binnengelaten.”
“De VN zijn een enorme, zware bureaucratie”, zegt Jean Luc “Djaloki” Dessables, coördinator van een coalitie van kleine Haïtiaanse hulporganisaties. “Bureaucratieën werken niet goed op plaatsen waar flexibiliteit vereist is. Haïti is daar een voorbeeld van.”
Vandaag (31 maart) begint de donorconferentie voor Haïti bij de VN in New York. Maandag stelde de Amerikaanse senator Chris Dodd voor om de vredesmissie uit te breiden en Haïti onder internationaal toezicht te stellen, omdat het land niet in staat zou zijn om zijn eigen wederopbouw te leiden.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift