‘De meeste Europese regeringen zijn het eens met Spanje, maar blijven stil’

Interview

‘De meeste Europese regeringen zijn het eens met Spanje, maar blijven stil’

Betoging van Spanjaarden met pancartes die de Amerikaanse president Trump ervan beschuldigen de democratie te ruïneren

Anti-oorlogsdemonstratie in de Spaanse hoofdstad Madrid.

Betoging van Spanjaarden met pancartes die de Amerikaanse president Trump ervan beschuldigen de democratie te ruïneren

Anti-oorlogsdemonstratie in de Spaanse hoofdstad Madrid.

Spanje valt op in het debat over oorlog en defensie. Is het Zuid-Europese land roekeloos of speelt het juist een voortrekkersrol? Een vraag voor Félix Arteaga, defensie-expert bij het Real Instituto Elcano in Madrid.

Dissident Spanje?

Spanje wordt vaak gezien als een afwijkende stem binnen Europa. Het land van premier Pedro Sánchez voert een milder migratiebeleid en spreekt zich regelmatig uit over mensenrechten, vrede en internationaal recht. Tegelijk bevindt Spanje zich intern in een evenwichtsoefening: de opmars van extreemrechts, regionale spanningen en de druk van Europese afspraken. In dit dossier onderzoekt MO* of de Spaanse koers echt zo sterk afwijkt van die van de rest van Europa.

‘Heb je het nieuws gehoord?’, vraagt de woordvoerder van de Spaanse denktank. ‘De Verenigde Staten hebben Spanje weer onder druk gezet. Volgens persagentschap Reuters overweegt het Amerikaanse ministerie van Defensie om Spanje uit de NAVO te zetten, ook al is dat onmogelijk.’ De reden: Spanje gaf de VS begin maart geen toestemming om zijn militaire bases te gebruiken voor de aanval op Iran.

Dat is geen kleine beslissing. De marinebasis van Rota is strategisch erg belangrijk voor de NAVO en vormt al jaren een pijler van de relatie tussen Spanje en de VS. Toch is er iets verschoven, waardoor de regering van premier Pedro Sánchez op de rem is gaan staan. Hij wil voorkomen dat Spanje automatisch wordt meegesleept als de NAVO, een defensieve alliantie, verandert in een instrument voor Amerikaanse militaire interventies.

De Amerikaanse minister van Defensie Pete Hegseth verwoordde het eind april scherp: ‘Europa heeft decennialang geprofiteerd van onze bescherming. Amerika en de vrije wereld verdienen bondgenoten die begrijpen dat een bondgenootschap geen eenrichtingsverkeer is.’ De onderliggende boodschap: Europese landen kunnen alleen Amerikaanse “bescherming” blijven genieten als ze ook deelnemen aan oorlogen die de VS zelf beslissen te voeren.

De Spaanse krant El Mundo onthulde een plan van het Pentagon: bewust Spanje viseren om de hele Europese Unie onder druk te zetten en Europese landen meer Amerikaanse wapens te laten kopen. Spanje spreekt zich het felst uit tegen de Amerikaanse koers, al delen meerdere NAVO-landen twijfels over de plannen rond Iran en willen ze liever investeren in de Europese defensie-industrie.

De Spanjaarden hebben sowieso nog maar weinig op met de VS. Dat blijkt ook uit de jaarlijkse barometer van het Real Instituto Elcano, een van de invloedrijkste peilingen naar de publieke opinie in Spanje. Sinds Donald Trump aan de macht kwam, is het vertrouwen van de Spanjaarden in de VS gedaald tot een historisch dieptepunt.

Spanje wordt geleid door een linkse minderheidsregering van de sociaaldemocraten (PSOE) en de socialisten van Sumar. Daardoor is het een makkelijk doelwit voor rechtse partijen in Europa, terwijl linkse partijen het land juist als een voorbeeld zien. In Spanje zelf stellen conservatieve commentatoren dat premier Sánchez met zijn houding tegenover de VS en Israël vooral binnenlandse winst en een sterker internationaal imago nastreeft, maar geen echte bondgenoten vindt.’ Volgens hen schaadt dat de geloofwaardigheid van Spanje.

Het progressieve standpunt daarentegen is dat Spanje juist invloed wint door binnen Europa een voortrekkersrol te spelen en de EU minder afhankelijk te maken van de Verenigde Staten. De Spaanse houding kan een precedent zijn geweest voor de Italiaanse premier Giorgia Meloni, die eind maart eveneens toegang tot militaire bases weigerde. Hoewel Meloni een bondgenoot van Trump is, behoort de publieke opinie in Italië tot de meest kritische tegenover Trump, ook onder rechtse kiezers.

portretfoto van defensieanalist Félix Arteaga

Félix Arteago

  • is senior defensieanalist bij het Real Instituto Elcano (Madrid)

  • bouwde ervaring op binnen NAVO-programma’s en bij de Europese Commissie

  • studeerde aan de Amerikaanse National Defense University

Is Spanje een onbetrouwbare partner of neemt het net een leidende rol op?

Félix Arteaga: ‘De regering-Sánchez blijft achter de NAVO staan, maar wil minder afhankelijk zijn van de VS. Daarom volgt Spanje niet altijd automatisch NAVO- of EU-standpunten, maar kiest het voor internationaal recht, vooral in het Midden-Oosten. Een voorbeeld: Spanje stelde al meermaals voor om het EU-samenwerkingsakkoord met Israël op te schorten, ook al zal daar binnen de EU geen consensus over komen.’

‘Spanje wil consequent zijn: het ziet zowel Russisch geweld in Oekraïne als Israëlisch geweld in Palestina, Libanon en Iran als onwettige oorlogen. Die houding werkt als anderen volgen, maar als Spanje alleen staat en dat in Washington als anti-Amerikaans wordt gezien, wordt het riskanter.’

Staat Spanje alleen? De Spaanse houding tegenover de oorlog tegen Iran test de Europese eenheid. Kwam er voldoende solidariteit van EU-landen toen Trump begin maart dreigde alle handel met Spanje stop te zetten?

Félix Arteaga: ‘Volgens mij zijn de meeste Europese regeringen het eens met de Spaanse uitspraken en acties, maar ze blijven stil. Spanje zoekt steun binnen de EU. Omdat handel een EU-bevoegdheid is, kan het niet alleen optreden en gebeurt alles via Brussel. Maar er zijn nog geen Amerikaanse maatregelen tegen Spanje, al kan dat veranderen.’

‘Er is geen eenduidige Europese koers: de relatie met de VS verschilt per lidstaat. Spanje steunde bijvoorbeeld Denemarken toen Trump Groenland bedreigde. Nu Trump Spanje onder druk zet, moeten andere landen kiezen aan welke kant ze staan.’

In kringen rond Donald Trump wordt Spanje vaak bekritiseerd omdat het relatief weinig van zijn economische groei in defensie investeert, wat voor de VS een prioriteit is. De Spaanse minister van Defensie Margarita Robles stelt dat niet alleen uitgaven tellen: sommige landen dragen meer bij via missies in plaats van met budgetten.

Félix Arteaga: ‘Alleen naar uitgaven kijken geeft inderdaad een onvolledig beeld. In Spanje zijn zowel progressieve als conservatieve regeringen traditioneel terughoudend met defensie-uitgaven. Bij economische groei wordt er minder geïnvesteerd in defensie, en bij krimp wordt daarop vaak eerst bespaard.’

grafiek met militaire uitgaven

Tweeprocentnorm

Spanje werd pas zo’n vijftig jaar geleden een democratie, na de lange militaire dictatuur van Franco, die volgde op een burgeroorlog. Heeft dat nog altijd invloed op het vertrouwen in het leger, en op de keuze om meer te investeren in internationale vredesmissies dan in wapens? Spanje levert bijvoorbeeld het derde grootste contingent militairen aan de VN-vredesmacht in Zuid-Libanon, waar Israël nu grootschalige vernieling aanricht.

Félix Arteaga: ‘Bijna zes op de tien Spanjaarden was tegen een verhoging van het defensiebudget. Dat blijkt uit onze jaarlijkse barometer. Dat is zeker opvallend. Al is die houding sinds de breuk van de VS met Oekraïne wel deels veranderd.’

‘Premier Sánchez kondigde al op de NAVO-top van 2022 in Madrid aan om tegen 2029 de tweeprocentnorm te halen (zie ook grafiek p. 29, red.). Daar kwam weinig kritiek op, zelfs niet binnen de linkse regeringspartij (Sumar bestaat uit partijen die ooit tegen de Spaanse toetreding tot de NAVO waren, PS) en de linkse oppositie.’

‘Door de druk op Spanje zijn de defensie- en veiligheidsuitgaven al in 2025 met 10,4 miljard euro verhoogd, inclusief cyberveiligheid en bredere veiligheidsmaatregelen. Volgens het leger haalt Spanje daarmee nu al de tweeprocentnorm die in 2014 werd afgesproken. Dat is op zich historisch.’

Voor NAVO-secretaris-generaal Mark Rutte is 2 procent het ‘percentage van het vorige tijdperk’. De NAVO-doelstellingen stijgen tot 3 procent of 5 procent van het bruto binnenlands product (bbp).

Félix Arteaga: ‘In Spanje ontbreekt een grondig debat over defensie-uitgaven. Er zijn vooral losse verklaringen zonder duidelijke cijfers of visie, en het bbp-groeicijfer is nog onzeker. Dat beïnvloedt de berekening.’

‘Regeringspartijen houden rekening met de publieke opinie en benadrukken dat hogere defensie-uitgaven niet ten koste zullen gaan van sociale uitgaven of hogere belastingen zullen vereisen. Daarom verwerpt de regering de term “ReArm Europe”: herbewapening past niet in het Spaanse debat.’

Spanje lijkt dus dwars te liggen tegen een verhoging boven de 2 procent. Strookt dat beeld met de werkelijkheid?

Félix Arteaga: ‘Niet helemaal. De grootste partijen beseffen ook dat Spanje méér moet doen. Toen de NAVO de 5 procent voorstelde en de EU over 3 procent sprak, heeft de regering- Sánchez deze verklaringen niet geblokkeerd.’

‘Maar er kwam wel interne kritiek van Sumar binnen de regering. Zij stellen dat hogere militaire uitgaven tenkoste zullen gaan van sociale uitgaven. En de partij benadrukt dat beperkingen op defensie-uitgaven en de weigering om Spaanse bases te gebruiken voor de oorlog tegen Iran hun verdienste zijn. Dat leidde ertoe dat premier Sánchez zich publiek moest uitspreken. Hij stelde dat twee procent voldoende is.’

‘Dat gebeurt allemaal in een politieke context van regionale verkiezingen in meerdere autonome regio’s en binnen een jaar nationale parlementsverkiezingen.’

Kunnen we zeggen dat Trump Spanje viseert omdat er een linkse regering is, in een context van polarisatie tussen extreemrechts en Spanje met twee linkse regeringspartijen?

Félix Arteaga: ‘Het probleem zit in hoe beide regeringen hun meningsverschillen open en zonder terughoudendheid uiten. Dat levert Sánchez politieke winst op in de verkiezingsstrijd, maar leidt ook tot scherpere reacties van de Amerikaanse president en dus tot escalatie. Voorlopig blijft het niveau blijft de samenwerking normaal verlopen (zie kader).’

grafiek met defensie-uitgaven van enkele NAVO-bondgenoten

Europees leger

Minder investeren in NAVOdefensie betekent niet dat Spanje geen steun geeft aan anderen. Spanje levert militaire steun aan Oekraïne, zowel bilateraal als via EU-mechanismen. Premier Sánchez vroeg in maart ook om Oekraïense behoeften voorrang te geven in de Spaanse defensie-industrie.

Félix Arteaga: ‘In de Spaanse politiek en samenleving is er inderdaad een brede consensus over de Russische dreiging en steun aan Oekraïne. Tegelijk verandert de relatie tussen Europa en de VS. Dat stelt Madrid voor moeilijke keuzes. Maar de Spaanse regering begrijpt zeker dat Europa daarom verplicht is om opnieuw meer in defensie te investeren.’

Defensie-investeringen op EU-niveau worden niet meegerekend in de berekening van het NAVOpercentage. Speelt Spanje hier een grotere rol? Bouwt Spanje mee aan een zogenaamd Europees leger om minder afhankelijk te worden van de VS?

Félix Arteaga: ‘Spanje steunt al lang het idee van een sterkere Europese defensie en speelt een actieve rol in de Permanente Gestructureerde Samenwerking. Dat is geen Europees leger, maar wel nauwere coördinatie tussen Europese strijdkrachten.’

‘In Spanje ontbreekt een grondig debat over defensie-uitgaven. Er zijn vooral losse verklaringen zonder duidelijke cijfers of visie.’

‘Zowel sociaaldemocraten als conservatieven steunen Europees defensieonderzoek via het European Defence Fund, waarin Spanje altijd een voortrekkersrol speelde, en investeren mee in het gezamenlijke militaire vermogen via het nieuwe European Defence Industry Programme. Spaanse bedrijven, technische instituten, staatsagentschappen en universiteiten waren betrokken bij een grote meerderheid van de projecten.’

‘Dat gezegd zijnde, de Spaanse regering heeft geen gebruik gemaakt van EU-leningen uit het Security Action for Europe-programma, dat tot 2030 150 miljard euro voorziet voor gezamenlijke defensieaankopen. Het risico bestaat dat Spanje buiten belangrijke Europese defensie-initiatieven valt.’

‘Bovendien mag de Spaanse regering defensie-investeringen op EU-niveau niet beschouwen als een vervanging van inspanningen op nationaal niveau. De EU verwacht ook een versterking van de defensie-industrie in alle lidstaten. Er kan geen Europese defensie bestaan zonder sterke nationale fundamenten.’

De Spaanse minister van Defensie, Margarita Robles, op bezoek in Oekraïne in april 2026

De Spaanse minister van Defensie, Margarita Robles, op bezoek in Oekraïne in april. ʻSpanje steunt al lang het idee van een sterkere Europese defensie.ʼ

Spaanse industrie

Hoe staat het met die nationale fundamenten, de Spaanse defensie-industrie?

Félix Arteaga: ‘Ze is sterk ingebed in Europese projecten en produceert vooral materieel voor eigen gebruik. Samen met Airbus werkt Spanje aan civiele en militaire technologie, waardoor de sector groeit. Maar Spaanse bedrijven blijven achter op grote spelers uit Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Start-ups, onderzoekscentra en universiteiten hebben bovendien moeilijk toegang tot de sector door regelgeving en gebrek aan duidelijke overheidsopdrachten.’

‘Spanje zal ongetwijfeld meer uitgeven aan defensie, maar dat garandeert geen betere resultaten. De druk neemt toe. Als grote economie wordt Spanje verwacht om zich als Europese macht te gedragen. Tegen 2030 volgt een evaluatie binnen de EU en waarschijnlijk ook de NAVO.’

Op 18 april vond in Barcelona de In Defence of Democracy-top plaats. Die kreeg veel internationale media-aandacht en leek op de linkse tegenhanger van de radicaal- rechtse Conservative Political Action-conferentie in de VS en Hongarije. Premier Sánchez profileerde zich als een leider die links in Europa en Latijns-Amerika verenigt. Hoe schat u deze rol in?

Félix Arteaga: ‘De Spaanse premier wil die rol behouden: leider binnen de internationale socialistische beweging én zichtbare speler voor de internationale en binnenlandse publieke opinie. Dat leidt nu al tot een grotere polarisatie binnen Spanje. Maar voorlopig is het positief voor het internationale imago van Spanje.’

Politiek theater?

Op dit moment nemen meer dan 2000 Spaanse militairen deel aan verschillende NAVO-missies, in IJsland, Litouwen, Polen, Letland, Roemenië, Slovakije. Op de Middellandse Zee zijn er missies met Spaanse bevoorradingsschepen, fregatten, mijnenjagers en onderzeeërs.

Spanje weigerde in maart om de VS de marinebasis in Rota te laten gebruiken voor de aanval op Iran. Maar niet veel later, op 17 maart, lanceerde het Amerikaanse ministerie van Defensie nog een opdracht die het strategische belang van die marinebasis voor de komende tien jaar bevestigt.

De uitwisseling tussen Trump en Sánchez lijkt dus voor een deel politiek theater.

Dit interview werd afgenomen voor MO*160, het zomernummer van MO*magazine. Vind je dit artikel waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je tal van andere voordelen.

MO160

Spanje, het buitenbeentje van Europa?

Word proMO*

Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.

Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.

Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.

Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.

Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief.

Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.

Per maand

€4,60

Betaal maandelijks via domiciliëring.

Meest gekozen

Per jaar

€60

Betaal jaarlijks via domiciliëring.

Voor één jaar

€65

Betaal voor één jaar.

Ben je al proMO*

Log dan hier in

Tags