Assaad: ‘Ik heb geen problemen met mijn seksuele oriëntatie, de Arabische wereld wel.’

Van de ene op de andere dag zag hij zichzelf in een benarde situatie. ‘Ik ben gevlucht voor mijn overtuiging om te vechten voor gelijke rechten.’ Assaad is een Marokkaanse vluchteling. En homoseksueel. Aan de telefoon klinkt hij vastbesloten de gelijke rechten voor holebi’s uit de Arabische wereld te laten gelden. Overal ter wereld liggen de vrijheden van homoseksuelen onder vuur. Des te meer in de Arabische wereld waar een andere seksuele geaardheid sociaal zo goed als niet aanvaard wordt. ‘Ik heb geen problemen met mijn seksuele voorkeur, de Arabische wereld wel.’ Het eerste land dat zijn pad kruiste op de vlucht, was België. Hier kwam hij opnieuw voor gesloten deuren te staan, letterlijk en figuurlijk.  

Familie en vrienden aanvaarden hem zoals hij is. ‘Ik krijg nog altijd steun van mijn moeder, maar ik kon mijn beroep niet in vrijheid uitoefenen.’ Het was niet zomaar een beroep: wat hij deed is alles waar hij voor staat. In Marokko werkte hij voor een organisatie, die onder ander informatie gaf over seksueel overdraagbare ziektes, sensibilisering en bescherming van de rechten.

Gedurende jaren leefde hij in vrijheid, tot zijn gevecht voor de vrijheid van holebi’s een limiet bereikte. Hij had wat te hard tegen de schenen van de Arabische cultuur geschopt. ‘Op een dag zat ik de gevangenis en had ik geen keus meer: ofwel nam ik de gevolgen van mijn gevangenisstraf op mij ofwel vluchtte ik naar het buitenland om daar mijn gevecht verder te zetten. Ik wou de holebigemeenschap niet inruilen voor mijn persoonlijk lot.’

Hij ging niet over een nacht ijs, vluchten betekende immers een definitieve keuze maken. ‘Ik vluchtte niet om te vluchten, wel om meer vrijheid te hebben en de verdediging van homoseksuelen verder te zetten.’

Geen Arabische Lente voor holebi’s

Al snel wordt duidelijk dat het probleem volgens hem bij de Arabische cultuur ligt, waar homoseksualiteit nog altijd een groot taboe is. Die wereld biedt geen plaats voor mensen met een andere geaardheid. ‘Homoseksualiteit is bij wet verboden in de Arabische wereld. De sociale context verbiedt het omdat het tegen de natuur en tegen de Arabische cultuur ingaat. Het is een machogemeenschap. Kan je je inbeelden dat we zelfs het woord homoseksueel niet mochten gebruiken?’

Maar boven alles, zet hij zich in voor absolute vrijheid. Graag had hij meegedaan aan de Arabische Lente op het terrein.  ‘Nu doe ik mee vanop afstand.’ De Arabische Lente heeft veel goed gedaan, maar heeft ook een omgekeerde beweging in gang gezet. ‘Het resultaat van de Arabische Lente is dat er meer homofobie is. Er zijn mensen die op alles wat liberaal is gesprongen zijn, op alles wat een religieuze of seksuele minderheid is.’

Op de vraag of er dan wel een betere, vrijere toekomst zit aan te komen voor die minderheden, begint hij het antwoord met ‘ik hoop’.  ‘Ik hoop en wens een betere toekomst, ik zie een gemeenschap die zich aan het vormen is. Daar ben ik heel trots op. Wat we willen is namelijk een legitieme doelstelling.’

Onzekerheid en onbegrip

Eenmaal in België heeft Assaad nooit problemen gehad om te bewijzen aan de asielinstanties dat hij een andere seksuele geaardheid heeft. ‘Ik weet niet of ze mijn verhaal direct geloofden, ik had drie gesprekken met een dame. Ik had een goede indruk van haar, ze heeft snel geaccepteerd dat ik homoseksueel ben. Daarnaast kon ik mijn probleem aantonen.’  Zes maanden heeft hij in het opvangcentrum gezeten. Dat heeft hem onderuit gehaald. ‘De stress van het lange wachten, komt bovenop al je andere zorgen.’ De onzekerheid en de opsluiting waren soms ondraaglijk.

Het ergste vond hij het onbegrip waarmee ze hem behandelden. Hij is niet te spreken over het gebrek aan begeleiding in de opvangcentra. ‘Het is een moeilijke opdracht om iemand op te vangen die gevlucht is voor zijn geaardheid. De maatschappelijke werkers zijn allemaal Belgen die hier de revolutie voor de rechten van homoseksuelen hebben meegemaakt. Zo iemand kan de zware problemen, taboeproblemen van mensen uit Afrika of de Arabische wereld niet vatten. Bovendien kom je in een groep van vijf of zes mensen terecht die geen begrip hebben voor je situatie. Andere vluchtelingen erkennen vaak homoseksuelen niet, ze beledigden me. Als je dat dan meldt aan een maatschappelijk werker, zeggen ze simpelweg: ‘Hier ben je niet in Europa, hier ben je in “klein-Afrika”. ’

Deur op een kier zetten

Door het onbegrip van anderen, stond hij dus opnieuw voor figuurlijke gesloten deuren. De situatie bezwaarde Assaads gemoed dubbel zo hard, het gevoel van onveiligheid primeerde. Terwijl hij het aan het vertellen is, klinkt de zwaarmoedigheid in zijn stem door

Dat de opvangstructuur en de begeleiding te wensen overlaten, staat vast. ‘Er is begeleiding, maar algemene begeleiding. Voor ons specifiek ontbreekt die compleet. Als we hier aankomen zijn we verloren. We hebben geen sociaal netwerk, we weten niets over de structuur of activiteiten die de homoseksuelen kunnen interesseren.’

Des te meer reden voor Assaad om zich ook hier in te zetten voor vluchtelingen en voor lotgenoten. ‘Hier werk ik voor de integratie van homoseksuele vluchtelingen. Daarnaast doe ik vrijwilligerswerk, ik geef informatie aan  homoseksuelen uit de Arabische wereld hier in België, ik begeleid hen om te integreren in de gemeenschap. Of ik begeleid Arabische mensen die moeite hebben met de aanvaarding van hun seksuele oriëntatie. ’

Kortom, Assaad gebruikt zijn eigen levenservaring om anderen een stap verder te helpen. Op die manier zet hij de deur voor anderen op een kiertje.

Vluchtelingenwerk Vlaanderen presenteert op dinsdag 14 mei een nieuw rapport over Holebi’s op de vlucht en organiseert een debat in de Kopergieterij in Gent.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3093   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift