Agro-ecologie zaaien in en rond de steden

Ik had het geluk om mijn tocht doorheen Brazilië te beginnen met een jonge enthousiasteling, Diogo de Souza Pinto. De bedoeling was om een toespraak te houden in de landbouwuniversiteit van Seropédica, op 100 kilometer van Rio de Janeiro, maar omwille van drie maand staking door de professoren, lag het voorbije lesjaar helemaal in de war. Gevolg: de studenten waren nog in verlof. Maar de ontmoeting met Diogo en nadien met professor Abboud van Seropédica maakte alles goed.

  • CC BY-NC-SA 2.0 Caspar Hübinger Stadslandbouw in New York. CC BY-NC-SA 2.0 Caspar Hübinger

Diogo is gebeten door agro-ecologie en is vast van plan zijn leven hier aan te wijden en dat (voorlopig althans) in een hoofdstedelijke context. Hij geeft me het boeiende boekje ‘Cadernos de discussão: juventude, educação do campo e agroecologie’ (‘Katernen van discussie: jeugd, educatie op het platteland en agro-ecologie’). Ook een themanummer van ‘Agriculturas’ handelt over ‘Agroecologia nas cidades’.

Stadslandbouw in opmars

Stadslandbouw in en in de onmiddellijke omgeving van steden is een opkomend wereldwijd fenomeen. In Europa, met het opkomen van ‘lokale voedselstrategieën’, Community Supported Agriculture, enzovoort . In de Amerika’s. In Afrika. In Azië vooral. Het is geen marginaal fenomeen meer.

Al in 1999 schatte de FAO dat 800 miljoen mensen bij het fenomeen betrokken zijn, wat staat voor 15 % van de wereldvoedselproductie. Dit is ondertussen vast nog in belang toegenomen. Het gaat om miljoenen ex-boeren die in de wereldsteden samenklitten. Ze willen grond onder de voeten voelen en de vrucht van hun eigen handen kunnen eten. Via voedsel wordt sociale cohesie opgebouwd of hersteld.

Bovendien is het voor velen een enorme kostenbesparing of een extra (klein) inkomen. Het verdient in dit internationaal jaar van de ‘familiale landbouw’ en ‘het Europees jaar van de voedselverspilling’ van het publiek en van beleidsmakers, meer dan de nodige aandacht. Tot 1/3 van het voedsel in de wereld wordt van de verschillende voedselketens tot in onze ijskasten verspild.

Deze stadsmensen, die zelf in precaire omstandigheden aan landbouw doen, zullen zich niet zo rap aan verspilling van hun producten bezondigen. Zo is er het wervende voorbeeld van de stadslandbouw van de ‘Maciço da Pedra Branca’, in het hartje van de metropool Rio de Janeiro. Ongeveer 120 stadsboeren zijn er actief.

Neoruraliteit

In ons eigen land heeft professor Hubert Gulinck het over ‘neoruraliteit’, één van zijn zalige neologismes: “Neo-ruraliteit is terug met de voeten op de grond, al is het in de eerste plaats een theoretisch concept. Het gaat om personen, gemeenschappen of bedrijven die de grond gebruiken als substraat voor hun handelen, maar op een duurzame wijze. Voor welk handelen? Een nuttig begrip hierbij is “ecosysteemdiensten”, gelanceerd in de Millenniumdoelstellingen van de Verenigde Naties. Ecosysteemdiensten gaan over voedselproductie, wateropvang, biodiversiteitsbeheer, klimaatkoeling en – in de tweede plaats – de daaraan gekoppelde culturele diensten.

Het betreft alle diensten die een maatschappij kan waarmaken, dankzij haar natuurlijk substraat (= de grond), of deze nu voorkomt in de Hongaarse poesta, in onze leemstreek, of in het midden van een grootstad.

Hiermee doorbreekt de term neoruraliteit de kunstmatige scheidingslijn tussen stad en platteland. Die scheidingslijn is pervers omdat ermee gesuggereerd wordt dat diverse ecosysteemdiensten (of “grond-diensten”) niet in de stad thuishoren. Er heerst een culturele dominantie van de stad over het platteland, terwijl er in de stad ook vormen van ruraliteit met ecosysteemdiensten mogelijk zijn.

Het meest sprekende argument om die neoruraliteit te duiden zijn de nieuwe vormen van stadslandbouw die wereldwijd wortel schieten. Eigenlijk is het een terug aansluiten bij een eeuwenlange traditie. Bekijk de stad Leuven op de Ferrariskaarten (1770). Heel Leuven was dooraderd met tuinbouw en andere vormen van landbouw. Uiteraard zijn onze steden veel meer verdicht en versteend dan vroeger, maar dat belet niet dat we die steden ook meer en meer als levend substraat moeten zien.”

Varkens in de stad?

Ik wil nog even Jan Willem van der Schans aan het woord laten: “Door tuinen te vernielen dood je de weerbaarheid van een stad, waarvan een deel van de bevolking kampt met grote armoede en voedselschaarste. Terwijl wij in het Westen stadslandbouw nogal eng bekijken als een hobbytuintje op je balkon, betekent stadslandbouw in arme gebieden wel degelijk een overlevingsstrategie voor veel mensen.

Stadslandbouw heeft altijd bestaan, ook bij ons. Vóór de industrialisatie van onze steden bevonden akkerboeren en melkveehouders zich rond en in de stad. Er bestond geen koeling en melkflessen, aardbeien en sla moesten zo snel mogelijk verhandeld worden. Vee in de stad is nu ondenkbaar in westerse steden, terwijl dat niet eens zo lang geleden wel het geval was. Tot 1920 liepen varkens nog gewoon rond in een stad als New York. Daarna werd het houden van stadsvee verboden wegens hygiëneregulering.”

(…)

“Er zijn in de wereld steden waar het onderscheid tussen boeren rond de stad en boeren in de stad niet zo groot is als hier. Vandaag huisvest Tokio als een van de economisch meest dynamische steden ter wereld zo’n 6000 stadsboeren met rijstveldjes tussen de grote wolkenkrabbers in.”

“Stadslandbouw wordt hier te vaak bekeken als de hobby van een stelletje yuppies, die, als hun oogstje mislukt, snel naar de supermarkt hollen om daar eten te kopen. In de meeste Europese steden heeft het minder te maken met voedselzekerheid. Hier is het eerder een model om de stedeling weer in contact te brengen met boerengrond en omgekeerd, de boer weer naar de stadsmarkt te halen. Op wereldschaal wordt stadslandbouw ingezet als een strategie tegen honger, als armoedebestrijding. (…)”

Op de Abertina-bibliotheek in Brussel ligt er een florissante stadstuin. Brussel kent ook zijn imkers met prima honing, maar ik heb toch de indruk dat we in Europa veel kunnen leren van stadsboeren in andere continenten. Laat de Belgische voetbalfans in juni maar eens de stad intrekken, op zoek naar inspirerende neoruraliteit.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Agro-industrie in Brazilië onder de loep

    Vanuit de universele waarden van basisdemocratie, rechtvaardigheid en verantwoordelijkheid streeft Wervel naar een landbouw die economische, ecologische, sociale en culturele meerwaarde creëert op