Van de veganist en de antropoloog

‘We zijn wat we eten’ en ik ben wat ik eet. In het kader van antropologische en andere studies doe ik onderzoek naar identiteitsconstructie op basis van voedselkeuzes. Vandaag in Lubumbashi leerde ik weer heel wat bij, mijn hoofd ging er van verder denken.

  • © MO*/Kristien Spooren Chrispin. Zijn tuin staat vol geneeskunde. © MO*/Kristien Spooren
  • © MO*/Kristien Spooren​ Aan de bladsteeltjes van een mangoboom kan je ruiken welke soort het is. © MO*/Kristien Spooren​
  • © MO*/Kristien Spooren 'L'aloès aussi je l'aime beaucoup.' © MO*/Kristien Spooren
  • © MO*/Kristien Spooren​ Vrouw Sarah had ooit een brandwonde. 'Mais je soigne mon corps avec la nature.' © MO*/Kristien Spooren​
  • © MO*/Kristien Spooren​ Brandnetel. © MO*/Kristien Spooren​
  • © MO*/Kristien Spooren​ Een soort bonen. Hij maakt er ook koffie van. © MO*/Kristien Spooren​

Ik ben klaarblijkelijk een beetje ziek. Dat zei mijn buik en dat zei ook de genezer, vanmiddag in Quartier Ruasha. We gingen er op veldwerkonderzoek, noem het consultatie, we kwamen er weer buiten met informatie en talkpoedergezichten. Wij, dat zijn professor Stroeken, professor Kaputu en gewoon ik. Eerder op de dag en in de supermarkt zag ik lactosevrije ijskreemdozen en veganistische hamburgers. Echt? Echt.

© MO*/Kristien Spooren

Chrispin. Zijn tuin staat vol geneeskunde.

Of het louter een commercialisering van Europese producten betreft of niet, daar ben ik nog niet uit. Ik werd wel blij van een zaterdagavondgesprek met meneer Chrispin Mukebo. Die zei iets als: ‘En fait, on voit le végétarisme comme une exception. Mais pourquoi? Naturellement, en regardant ses dents, l’homme n’est pas un carnivore ni un omnivore. En plus, manger de la viande n’est pas bon pour la santé.’ Wederzijds sociaal respect vindt hij evenwel belangrijk. ‘Parfois je consomme les michopo (geroosterd geitenvlees) parce qu’il y a aussi mon entourage et on doit s’aimer (glimlach naar vrouw Sarah) et se respecter.’ Al is hij de eerste atypische eter in Congo die ik ontmoet, deze meneer Chrispin heeft het helemaal begrepen.

Identeit en altruïsme

Hij vervolgt zijn discours: ‘Il faut vraiment qu’on se débrouille avec notre alimentation de base.’ Geen fabriekproducten, maar vraag is natuurlijk wat hij met dat basisvoedsel bedoelt. Want ‘même le bukari, ou bien le fufu, n’est pas totalement de l’origine africaine. Il y a longtemps, on a importé le maïs de l’Amérique du Sud.’ Hijzelf is een Msanga, trotse consument van onder meer yam, fruit en groenten. Veel, heel veel groenten nog het liefst. ‘Sinon, je ne me sens pas satisfait.’ Melk drinkt hij nooit: ‘Pourquoi boire comme adulte quelque chose qui est produit pour les bébés? Tu ne penses pas que c’est bizarre?’ Ik gooide het niet eens zelf op tafel.

© MO*/Kristien Spooren

‘L’aloès aussi je l’aime beaucoup.’

We zijn, hup ethisch, bovendien de enige levende wezens die de melk van een ander zoogdier consumeren. En de vleesindustrie… mja, daar worden mijn buik en dierenhartjeshoofd soms ook een beetje ziek van. Voedsel is, bedacht ik vandaag onderweg in de auto, voor mij in Gent niet minder een identiteitsconstructie. Mtabua Jean-Claude in Lubumbashi (‘On peut faire tomber l’enfant mais pas le haricot’), Kapapa Mukanda Bantu in Bunkeya (vis draagt geschiedenis is taboe), Caddy in de Evenaarsprovincie (een Baluba slangeneter, ‘préférablement les boas’), Jean Ozoza in Bandundu (‘La chèvre représente les ancêtres. Est-ce que toi tu mangerais tes ancêtres?’)… Ook zij vormen hun identiteit deels rond het voedsel dat ze nuttigen.
 

Het verschil zie ik in een ander soort altruïsme. Het streng traditioneel etend individu in Katanga behoort tot een reële clan waarmee hij zich vereenzelvigt. De wetten en sociale regels van de gemeenschap dienen gerespecteerd te worden en staan boven de individuele biologische goestingskes. ‘Ik ben een Myeke dus ik eet geen tilapia,’ hoorde ik fier. Je eet omdat het zo hoort, omdat je het woord van de ouderen eert, omdat de groep belangrijk is. Voedselvoorkeuren hangen hier samen met etnische, lokale identificatie. 

© MO*/Kristien Spooren​

Vrouw Sarah had ooit een brandwonde. ‘Mais je soigne mon corps avec la nature.’

De moderniteit kent wereldwijd veel varianten, ook in Afrika. Haar Europese vorm vervaagde de grenzen en gewoonten van specifieke groepen met specifieke gebruiken en herleidde deze tot folklore. Vandaag in België verkies ik plantaardig voedsel. Die keuze is ethisch en gebaseerd op meer globale, minder directe aspecten: milieu, dierenleed (en individuele gezondheid). Documentaires als Cowspiracy, boeken als Eating Animals (Jonathan Safran Foer) maken dat ik me, met wat ik kan (en soms kan ik het ook niet), wil inzetten voor een betere wereld. Daarmee is echter niet gezegd dat mijn katoenen boodschappenzak, met fruit en groenten en aardappelknollen van de vrijdagmarkt, altruïstischer is dan de maaltijd bereid door de dorpsoudste in Kashobwe.

Keuzes, eten en meer

Nog iets, heb ik meer vrijheid? Is er meer luxe om keuzes te maken die verder reiken dan hier en nu en vandaag en straks? Wat is de impact van globalisering op mijn keuzevrijheid, agency, en gedetermineerdheid, structure? Wat is vrijheid eigenlijk? Nuanceren is een kunst. Moeten we dan een cultuurrelativistisch standpunt innemen? Zijn normen en waarden niet universeel, kunnen ze slechts begrepen worden vanuit de cultuur waarin ze zijn ontstaan? Bestaat binnen eenzelfde cultuur niet ook gigantisch veel differentiatie? Ik laat de vraag (voorlopig) open.

© MO*/Kristien Spooren​

Aan de bladsteeltjes van een mangoboom kan je ruiken welke soort het is.

Een laatste en dan stop ik: naamgeving in eetwaar kan ook politieke satire zijn. In Byakula schrijft Pierre Petit over bukari als boule nationale en frétinvissen als rassembleurs. Le menu frétin (vis en bukari), gegeten door alle lagen van de bevolking, was werkelijk een nationaal gerecht. Het spotte aldus indirect met de zaïrisering van Mobutu, die ook een unificatie beoogde maar daar minder in slaagde.

Voedsel is niet te herleiden tot haar nutritionele functie.

Voedsel is, zo zegt de antropoloog, niet zomaar te herleiden tot haar nutritionele functie. Overal op vlak van eten ageren meerdere spelers: etniciteit, moraliteit, collectieve herinnering, religie, sociale klasse, leeftijd, geslacht, conceptie van het lichaam, seksualiteit, link met het hiernamaals, rijkdom en armoede… ‘On est ce qu’on mange’. Wij zijn, ik ben, wat we eten, wat ik eet. Ik geloof dat ik een werktitel voor mijn onderzoek gevonden heb.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2848   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Identiteit in Congo

    Kristien Spooren studeert Afrikanistiek en werkt als vrijwilliger voor de vzw Rock Bujumbura. In het kader van haar studies verblijft ze enkele maanden in Lubumbashi, Congo.