Staatsgreep in Soedan lokt ook in ons land protest uit

‘Even kon Soedan van de vrijheid proeven, lang heeft het niet geduurd’

Tom Claes

Een staatsgreep lijkt een voorlopig einde te maken aan de ontluikende democratie in Soedan. De generaal die na de val van oud-president Omar al-Bashir de sleutels van het land in handen kreeg, weigert die nu af te geven. Overal in Soedan trekken betogers massaal de straat op tegen de coup. Maar ook bij de Soedanezen in ons land klinkt protest. ‘Generaals zijn er om het land te beschermen, niet om het te besturen.’

Het is niet de eerste keer dat het leger onze democratische aspiraties saboteert, maar hopelijk wel de laatste.’ Net zoals ruim driehonderd andere Soedanezen zakte de jonge student Mutasim zaterdag af naar Brussel om te protesteren tegen de militaire coup in zijn moederland.

Ondanks het gure herfstweer was de sfeer uitgelaten op het Place du Luxembourg, nabij het Europees Parlement. Met wapperende Soedanese vlaggen en opzwepende muziek die door de luidsprekers schalde, had de manifestatie bij vlagen veel weg van een volksfeest.

‘Kijk eens rond’, zegt Mutasim, terwijl hij zijn arm om de schouder van een bevriende betoger slaat. ‘We komen uit verschillende regio’s in Soedan. Toch hebben we allen dezelfde boodschap: voor militairen is er geen plek in onze regering.’

Zijn vriend knikt. ‘Generaals zijn er om het land te beschermen, niet om het te besturen.’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Begin 2019 brachten volksprotesten Omar al-Bashir ten val, de islamistische president die bijna dertig jaar aan de macht was in Soedan. Dat ze twee jaar later opnieuw de barricades op moeten, frustreert de twee vrienden zichtbaar.

‘Heel even mochten we van de vrijheid proeven’, zucht Mutasim. ‘Maar lang heeft het niet mogen duren.’

Ongelukkig huwelijk

Maandag 25 oktober ontbond legerleider Abdel Fattah al-Burhan de Soedanese regering en kondigde hij de noodtoestand af. Soldaten pakten zeker dertien regeringsfunctionarissen op, onder wie eerste minister Abdalla Hamdok.

Nadat premier Hamdok had geweigerd om zijn steun te betuigen aan de militaire machtsovername, werd hij onder huisarrest geplaatst. In een toespraak verklaarde al-Burhan eerstdaags een nieuwe regeringsleider aan te stellen. Die moet een nieuw kabinet voordragen.

‘Een militaire overname? Zo snel en onverholen? Neen, dat had ik niet verwacht.’

De staatsgreep hakt er ook bij de betogers in Brussel stevig in. Toch kwam de demarche niet helemaal als een verrassing, zegt de jonge Nafisa. ‘Na de val van president al-Bashir moest een overgangsregering van burgers én militairen het land naar democratische verkiezingen loodsen. Maar van bij het begin was de samenwerking ongemakkelijk.’

De voorbije maanden liepen de spanningen tussen de beide kampen hoog op. Volgens de grondwettelijke verklaring moest generaal al-Burhan de leiding van de Soevereine Raad, het hoogste politieke orgaan in Soedan, in november afstaan aan een burger. Maar naarmate die deadline in zicht kwam, werd steeds duidelijker dat hij weinig voelde voor een plaats op het achterplan.

‘We wisten dat er iets te gebeuren stond,’ zegt betoger Ahmed, ‘er waren aanwijzingen genoeg. Maar een militaire overname? Zo snel en onverholen? Neen, dat had ik niet verwacht.’

Politieke budget

Wat wil al-Burhan dan eigenlijk? Zoals Soedan-specialist Alex De Waal in een recent opiniestuk duidelijk maakt, was eigenbelang zonder meer een belangrijke drijfveer. Al-Burhans actie was ‘een zelfzuchtige poging om de privileges van het leger te beschermen en een verraad van de beloftes die hij zelf aan het volk had gemaakt’.

De generaal heeft redenen genoeg om bezorgd te zijn. De Soedanese economie hangt al jaren in de touwen. In augustus bedroeg de inflatie meer dan 387 procent.

De voorbije jaren probeerde premier Abdalla Hamdok de sputterende economie aan te zwengelen met allerhande herstelprogramma’s en budgetherschikkingen. Misschien wel het meest gewaagd was zijn voorstel om te snoeien in het geld dat jaarlijks naar het leger vloeit.

Heel wat generaals danken hun macht aan het zogeheten politieke budget, dat van oudsher zestig à zeventig procent van de overheidsuitgaven naar het leger sluist. Ter vergelijking: amper twee procent gaat naar het onderwijs en de gezondheidszorg.

Ook na de val van Omar al-Bashir is het grote kapitaal nog in handen van het leger, paramilitaire groepen en zakenlui.

Daarbij komt nog dat Soedan bijna twintig jaar lang was afgesneden van de internationale markt. In de jaren negentig bood het land onder meer onderdak aan Osama bin Laden, en steunde het moslimstrijders in Libië en de buurlanden Ethiopië, Eritrea en Somalië. Het leverde Soedan niet alleen de status op van internationale paria, maar ook een hoop sancties van de Verenigde Staten.

De voorbije jaren zocht Soedan zichtbaar toenadering tot het Westen. In ruil voor een versoepeling van de Amerikaanse sancties normaliseerde het zelfs zijn betrekkingen met Israël. Soedan gooide zijn economie open, een rist sociale hervormingen volgde: het alcoholverbod werd (deels) opgeheven, er kwamen lossere kledingvoorschriften voor vrouwen en voortaan was genitale verminking strafbaar.

Hoewel de internationale gemeenschap deze initiatieven met lof onthaalden, zetten ze bij de militaire machthebbers kwaad bloed. Democratiseren bleek voor velen van hen weinig meer dan een overlevingstactiek. Want vergis je niet: ook na de val van al-Bashir is het grote kapitaal nog in handen van het leger, paramilitaire groepen en zakenlui die de banden met het regime van de oud-president en de politieke islam nog niet helemaal hebben doorgeknipt.

Tom Claes

Bloed aan hun handen

Dat is niet de enige reden waarom het leger de macht overgenomen heeft, meent betoger Mutasim. ‘Het civiele luik van de regering was erop gebrand om Omar al-Bashir over te dragen aan het Internationaal Strafhof, dat hem al jaren verdenkt van genocide.’

Dat maakt al-Burhan nerveus. ‘Daarom wil hij dat de oud-president in Soedan wordt berecht, niet in Den Haag. Hij heeft immers goede redenen om te vrezen dat al-Bashir hem zal meeslepen in zijn val’, aldus de student.

Tijdens het regime-al-Bashir stond al-Burhan aan het hoofd van de Soedanese landmacht. Zijn troepen opereerden in West- en Centraal-Darfur, waar ze verschrikkelijk huishielden in de regio Jebel Marra en Zalingei. Meer recent stuurde hij zijn manschappen ook overzees, onder meer naar Jemen om het door Saudi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten geleide offensief tegen de sjiitische Houthi’s te steunen.

Daarvoor rekruteerde hij soldaten, onder wie veel kinderen, uit veelal Arabische milities in Darfur, Tsjaad, de Centraal-Afrikaanse Republiek, en zelfs in Mali of Niger. Ze werden getraind in Darfur en verscheept naar Jemen, zoals activiste Niemat Ahmadi duidelijk maakte in een eerder interview met MO*.

Daarnaast heb je de Rapid Support Forces (RSF), een paramilitaire organisatie met een al even wrede geschiedenis in de regio Darfur en in de burgeroorlog met het (overwegend niet-islamitische) zuiden van Soedan.

Zij worden geleid door Mohamed Hamdan Dagalo, bijgenaamd Hemeti. Ook hij is een prominent regeringslid. Volgens Mutasim is Hemeti er net als al-Burhan als de dood voor dat al-Bashir voor het Internationaal Strafhof zou verschijnen.

Hemeti’s troepen zouden verantwoordelijk zijn voor het bloedbad van 3 juni 2019. RSF-soldaten schoten die dag meer dan 130 demonstranten dood en staken tenten met slapende demonstranten in brand. Vrouwen werden aangerand, verkracht en vermoord. Zo’n 700 demonstranten raakten gewond.

Dat de generaals nooit rekenschap moesten afleggen voor hun daden zit vele Soedanezen dwars. ‘We wachten al jaren op gerechtigheid’, zegt betoger Mohammed. ‘De uitlevering van Omar al-Bashir zou een eerste stap zijn. Misschien zou het zelfs een precedent scheppen. Vele hoge officiers hebben net zoveel bloed aan hun handen, ook zij moeten worden berecht.’

‘De grootste bezorgdheid’

De Verenigde Staten en de Europese Unie hebben intussen hun ‘bezorgdheid’ geuit over de militaire staatsgreep. Jeffrey Feltman, de speciale gezant van de VS voor de Hoorn van Afrika, zei dat Washington ‘ernstig bezorgd’ was. EU-buitenlandchef Joseph Borrell tweette dat hij de gebeurtenissen ‘met de grootste bezorgdheid’ volgt.

De Vredes- en Veiligheidsraad van de Afrikaanse Unie heeft Soedan met onmiddellijke ingang geschorst. De delegatie van de Europese Unie in Soedan, de Trojka-landen en Zwitserland legden een verklaring af waarin ze oproepen tot de onmiddellijke vrijlating van de gearresteerde politici.

Ik ben proMO*

Met MO* zorgen wij voor écht nieuws over echte mensen in heel de wereld. Wil je ook ons unieke journalistieke project mogelijk maken? Word dan proMO*. Als proMO* word je lid van onze community, krijg je ons magazine en kan je gratis aan onze events deelnemen. Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Geweldig! Ik word proMO*

De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties pleegde enkele dagen geleden een spoedoverleg over de situatie in het land. Zonder resultaat: de landen in de raad konden niet tot een gezamenlijke verklaring komen. Nochtans kan de machtsovername voor de hele regio ingrijpende gevolgen hebben.

De Verenigde Staten hebben inmiddels 700 miljoen dollar (omgerekend 604 miljoen euro) financiële steun aan Soedan in de koelkast gezet. Ook de Wereldbank schortte maar liefst twee miljard dollar (1,7 miljard euro) tot nader order op. Dat is niet zonder risico. Als westerse landen dreigen met sancties of staatsgrepen veroordelen, weten ze dat ze aan invloed zullen inboeten.

Het is geen geheim dat de Soedanese generaals goede banden onderhouden met de machthebbers in Egypte, de Verenigde Arabische Emiraten en Saudi-Arabië. Landen die zelf niet meteen uitblinken in democratisch bestuur. Verschillende studies brachten intussen aan het licht dat die landen de Soedanese opstand tegen oud-president al-Bashir hebben benut om het land binnen hun invloedssfeer te brengen.

Hun steun aan de nieuwe militaire leiders zorgde ervoor dat die hun macht konden consolideren, of zelfs versterken, ten nadele van de burgers met wie ze samen moeten besturen. En hoewel ze in officiële mededelingen hebben opgeroepen tot kalmte, zullen ze ongetwijfeld instemmend toekijken op de ontwikkelingen. Ook al is niemand echt gebaat bij de instabiliteit in Soedan.

Tom Claes

 

Onzekere toekomst

Zodra het nieuws over de militaire coup bekend raakte, trokken misnoegde Soedanezen de straat op. De betogers wierpen barricades op met bakstenen en autobanden. In Khartoem, maar ook elders in het land, trotseerden ze traangas en munitie.

Bij de zogeheten Mars van miljoenen kwamen zaterdag honderdduizenden betogers samen om het aftreden te eisen van legerleider al-Burhan. Volgens Soedanese dokterscomités kwamen daarbij zeker vier mensen om. Doordat de meeste communicatielijnen zijn afgesneden, kan dat aantal nog oplopen.

Verschillende demonstranten zitten intussen achter de tralies, onder wie de populaire activist Nazim Siraj. Tegelijk komen steeds meer verontrustende berichten naar buiten over vrijgelaten sympathisanten van oud-president al-Bashir. Het gaat onder meer over oud-minister van Buitenlandse Zaken, Ibrahim Ghandour, de islamitische hardliner Mohamed Ali Jazul en de invloedrijke zakenman Abdul Basit Hamza.

‘Het leger denkt dezelfde trucs te kunnen toepassen als vijftig jaar geleden. Dat is naïef.’

Tal van vakbonden en hervormingsgezinde partijen roepen op om te blijven protesteren. Maar zelfs als de demonstranten ook deze keer voet bij stuk houden, en de burgerlijke ongehoorzaamheid aanhoudt, gaat het land een onzekere toekomst tegemoet.

‘De verworvenheden van de Soedanese revolutie zullen onherroepelijk verloren gaan als deze coup geen halt wordt toegeroepen’, vreest Brusselse betoger Mamoun. ‘En wat dan?’

Toch zijn er hoopvolle signalen. ‘Al vijftien jaar organiseer ik protestacties in België’, vertelt Ismael. ‘Een halfuurtje geleden ontmoette ik een politieagent die ik goed ken, hij gaf ons meermaals zijn toestemming om te demonstreren. Vroeger arriveerde hij met een combi en zag hij tien of vijftien mensen. Weet je wat hij vandaag zei? “Jullie zijn met zovelen!”’

‘Het leger is naïef als het denkt dezelfde trucs te kunnen toepassen als vijftig jaar geleden’, zegt betoger Nala. ‘De mentaliteit is helemaal anders nu. Op sociale media gebeurt niets meer ongezien, zelfs al sluiten ze het internet af. Het leger wil verdeeldheid zaaien onder het volk, maar we trekken allemaal aan hetzelfde zeel. Alleen zijn we zwak, maar verenigd kunnen we de generaals op de knieën dwingen.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift