Dossier: 

De 5 no go zones van 2015

2015 was een jaar waarin de no-go-zone een nieuw laagje vernis kreeg. We creëerden er dit jaar nogal wat barricades bij, voor het heil van onze lichamelijke veiligheid, om ons af te schermen van ellende en omdat sommige plekken nu eenmaal niet voor de anderen zijn. 

1 Molenbeek

Na de Parijse aanslagen werd Molenbeek uitgeroepen tot de jihad-hoofdstad van Europa. Kwestie van te wedijveren met het Brussel van de Europese instellingen, nog zo’n Europese “hoofdstad”. Toen bleek dat het Parijse bloedbad in Sint-Jans-Molenbeek werd beraamd, werd de gemeente drie dagen later in no time omgebouwd tot een militaire zone, met de muur van perscaptatiewagens op het gemeenteplein als letterlijke grens. ‘Hoe deze onheilsplek in het hart van Europa kon liggen’, riepen de journalisten.

Zogenaamde veiligheidsexperten die nauwelijks een voet in de Brusselse gemeente hadden gezet, deelden gretig ‘zie-je-wels’ uit voor de camera’s. Ze hadden het altijd al voorspeld: op naïviteit kan je geen veiligheid bouwen. De Saoedische salafistische invloed was door de gaten van de Belgische gelatenheid gekropen en had zich genesteld in de hoeken van de Molenbeekse straten, pleisterplaatsen voor de gewelddadige jihad. Niet voor niets was de economische elite, in de vorm van reclamebureaus om maar iets te zeggen, hier al eerder weggetrokken.

De Saoedische salafistische invloed was door de gaten van de Belgische gelatenheid gekropen

Weg was de nuance, waarvoor terreinkenners als Montasser Al Deemeh eerder nog voor pleitten. Weg waren de kleurrijke windmolentjes van Molenbeek, de jaren investering van samenlevingsopbouwwerkers. De maakbare stad maakte plaats voor de bezette stad. Molenbeekse straten werden afgezet, scholen en crèches gesloten. Huizen werden door een speciaal bataljon aangestelde ambtenaren gecontroleerd, kinderen kregen microfoons onder hun neus geschoven met de vraag hoe ze het volhielden. Een bekende boksclub werd no-go-zone.

De aanwezigen hadden ongelijk maar bleven toch beter waar ze thuishoorden: in hùn wijk. Want na de lockdown mochten de straten in de Belgische steden dan weer opengaan voor kerstmarkten en vertier in shoppingcenters, wie er te veel uitziet als een jihadist — en het zijn er veel meer dan we vermoeden – kan beter afwezig blijven. Ook wie te dicht bij Belgische legervoertuigen loopt, of wie zich toevallig even spiegelt in de ramen van een blinkende wagen, maakt kans op minstens een hardhandige controle of een geweerloop tegen het voorhoofd. Een paar no-go-zones meer.

21 december, anderhalve maand later, hebben de internationale perslui Molenbeek verlaten. De rust is tenminste wat weergekeerd, zeggen helden die er nog steeds werken met de echte mensen die er wonen. De Box Academy is opnieuw open, de vrijwilligers en opbouwwerkers gaan moedig door zonder veel fondsen en zonder nieuwe beloftes om meer sociale investering. Zo waren ze het altijd al gewoon.

2 #Europelockdown

De Brusselse afsluiting einde november ging vooraf aan een grotere lockdown. 2015 was het jaar waarin nog nooit zoveel vluchtelingen en migranten Europa waren binnengekomen.

Noch België, noch Europa kom je dezer dagen gemakkelijk in. Het lukt als je een teruggekeerde expat bent, de juiste komaf hebt, of een overgekwalificeerde knelpuntberoeper bent. Of als vluchteling, zullen sommigen zeggen. Maar ook voor hen is de ingang tot de Europese zone beperkt. Zo mocht de bekende Syrische schrijver Yassin al-Haj Saleh, die nu in Turkije woont, ons land niet eens binnen voor deelname aan een evenement over Syrië. Hij haalde, als vele anderen met een overzeese nationaliteit, te weinig punten om een visum te bekomen.

In Duitsland werden dit jaar meer dan 220 aanvallen op vluchtelingenhuizen en –centra gerapporteerd

Europa kreeg er ook dit jaar nieuwe hekken bij. Ook nu was het gevolg dat de migratieroutes naar Europa zich verlegden. Toon Lambrechts volgde voor MO* de Balkanroute, het verhaal van ‘de hoop die een weg zoekt in een labyrint van grenzen’.

In Macedonië werd op 18 november een filtergrens geïnstalleerd. Enkel Syriërs, Irakezen en Afghanen mogen nog binnen. Wie pech heeft en pakweg een conflictland als Nigeria, Somalië, Eritrea ontvlucht, moet minstens een plaats terug en mag niet binnen.

In Duitsland werden dit jaar meer dan 220 aanvallen op vluchtelingenhuizen en –centra gerapporteerd, volgens een onderzoek van de Duitse Krant Die Zeit. De gewelddadige aanvallen gingen van het gooien van straatstenen tot het gooien van Molotovcocktails en brandstichting. Zelfs Fort Europa is dus niet veilig voor mensen die bescherming zoeken. Worden vluchtelingencentra straks de nieuwe gated communities in Europa?

3 “Rich only zones” in Afrika

Aan gated communities anders geen gebrek op het Afrikaanse continent. Segregatie is de algemene trend vandaag in Afrika, schreef Stefaan Anrys in een dossier over de bouwwoede in Afrika. De bouwwoede die vandaag de plannen van Afrikaanse steden Kinshasa, Khartoem en Luanda hertekent, onderstreept dat vooruitgang klassegebonden is. Satelietsteden voor de nieuwe rijken rijzen in Afrikaanse landen als paddenstoelen uit de grond.

Welke vandaag de meest uitzichtloze regio is, vroegen we onlangs bij de MO*-redactie tijdens een koffiebreak. Het Midden-Oosten of Afrika? U raadt het. Een expat uit de internationale hulpsector die ik Libanon ontmoette, had het me eerder al gezegd: ‘Wie de armoede in Afrika heeft gezien, vindt de rest van de mondiale armen bijna luxeklagers’. Een oneliner die niet wars is van cynisme maar toch de vinger op de wonde legt. In de Afrikaanse regio, geteisterd door conflicten en schrijnende armoede, gaat de vooruitgang tergend traag.

De ongelijkheid op het Afrikaanse continent is schrijnend en de sociale indicatoren bewijzen dat. Toch ligt de hoop nu bij de nieuwe middenklasse in Afrika, ook al is die veelal gelinkt aan politieke regimes of teert ze volgens sommigen teveel op buitenlandse investeringen. In een satelietstad als het Angolese Kilamba City, bestond voorheen geen echte middenklasse. Het project van Kilamba City draagt echter wel de stempel van sociale herhuisvesting voor een middenklasse die zichzelf aan het uitvinden is.

4 Kolonisten wel, Palestijnen niet

Dit jaar steeg de afbraakpolitiek in de Palestijnse Bezette Gebieden met tien procent tegenover 2014. 86 procent van de sloopwerken vond plaats in Zone C, bezet Palestijns gebied dat volledig onder de militaire en administratieve controle van Israël staat. Voor Palestijnen is het zo goed als onmogelijk om bouwvergunningen in bijna heel Zonce C te krijgen. De Israëlische kolonisten daarentegen krijgen wel bouwvergunningen. Alweer een staaltje van verregaande ongelijke behandeling, en dan nog op grond die bestemd is om een Palestijnse staat vorm te geven.

Voor Palestijnen is het zo goed als onmogelijk om bouwvergunningen in bijna heel Zonce C te krijgen. De Israëlische kolonisten daarentegen krijgen die wel.

De onderhandelingen over de zogeheten tweestatenoplossing, zakten dit jaar echter verder weg. In april 2014 trok Israël de stekker uit de vredesgesprekken.

‘Sindsdien is er geen uitzicht meer op een politiek proces dat tot een Palestijnse staat kan leiden.’

Dat schrijft Brigitte Herremans van Broederlijk Delen in een analyse waarin ze de nieuwe geweldescalatie van tussen Palestijnen en Israël probeert uit te leggen. Het gebrek aan hoop is een voedingsbodem voor dit geweld, dat de ergste is sinds de Gazaoorlog in 2014.

Het geweld zit in onze dagelijkse handelingen, vertelde de Israëlische danser Arkadi Zaides onlangs in De Warande in Turnhout. In zijn voorstelling Archive, waarin hij beeldmateriaal gebruikt van de mensenrechtenorganisatie Btselem, toont hij hoe het conflict de Israëlische lichaamstaal heeft veranderd. De agressie is in ons geslopen, zegt hij. ‘Niet alleen bij de kolonisten. Het maakt deel uit van onze gehele samenleving. Je kan niet meer ontsnappen. Vroeger had je nog zogenaamde safe zones. Vandaag is zelfs Tel Aviv geen beschermende bubble meer.’

5 Syrië, no-go-zone van het jaar

De Syrische oorlog blijft wereldwijd de grootste generator van nieuwe vluchtelingen en een blijvende vluchtelingenstroom binnen en buiten de grenzen. Meer dan 800.000 Syrische vluchtelingen vroegen asiel aan in Europa. Wie kan, geraakt hier. Anderen blijven binnen de grenzen, of belanden in landen als Libanon, Turkije, Jordanië. En die landen staat het water aan de lippen. Enkel gewonden geraken nog binnen, of ook hier, Syriërs die voor cash-flow kunnen zorgen.

Vluchten voor extreem geweld is nòg minder een optie als je geen geld hebt.

Toen ik het Turkse grensstadje Reyhanli bezocht was de weg van de grenspost van Syrië naar Turkije een spookweg. Omgekeerd stonden de rijen vrachtwagens met bouw- en voedingsmaterialen aan te schuiven om Syrië binnen te gaan. Het beeld van een no-go-zone die toch nog economische waarde heeft.

De gevolgen van de gesloten grenzen, zag ik duidelijk in Libanon. Daar blijven de 1,1 tot anderhalf miljoen Syrische vluchtelingen achter in een margeleven. Wie geld heeft, trekt weg en probeert naar Europa te geraken. Wie geen geld heeft, blijft achter, met bijzonder weinig kansen op werk, onderwijs, betaalbare huisvesting.

De bommenregens blijven vallen. In Doema, dat in 2012 onder controle kwam van het Vrije Syrische Leger, kwamen in augustus meer dan 50 burgers om het leven bij een bombardement op een marktplaats. Welke burgers zijn er nog achtergebleven in Syrië, vraag je je af. Toch zijn het er meer dan we denken. Er zijn de overtuigden die met gevaar voor eigen leven en nauwelijks zichtbaar voor de internationale media, een middenveld of gewoon hun geboorteplek en wortels blijven verdedigen. Maar er zijn vooral veel mensen die er niet weggeraken. Vluchten voor extreem geweld is nòg minder een optie als je geen geld hebt.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2563   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur