De geest van de tijd

Ik hou van mooie woorden, van woorden die meteen laten vermoeden wat ze betekenen zonder zich op simpele manier te laten verklaren. Neem nu Zeitgeist. De geest van de tijd. Hoe tijd een geest kan hebben? U neemt het me wellicht niet kwalijk dat ik niet eens probeer een zinvol antwoord te verzinnen, of dat ik veronderstel dat ook u een idee hebt waar het woord voor staat en me ontsla van de plicht het woord te definiëren.

  • Brecht Goris Ben Caudron. Brecht Goris

Misschien bent u het zelfs met me eens dat we “tijd” in deze context best niet verwarren met kortstondigheid, met vluchtigheid, met hype. Dat “geest” iets anders is dan de optelsom van handelingen, dat het iets te maken heeft met filtering van deze handelingen, van selectie en toegeschreven belang. En dat “Zeitgeist” betrekking heeft op wat achter ons ligt, dat er tijd dient te verstrijken voor we duidelijk kunnen zien welke geest die uitademde.

Zeitgeist is ondertussen ook deel van een merknaam geworden. Zoekgigant Google introduceerde Google Zeitgeist als naam voor een set van algoritmen dat inzage biedt in het zoekgedrag van mensen. Toen de naam werd voorgesteld, betreurde ik die keuze.

Nu Google zich beperkt tot jaaroverzichten en Zeitgeist niet langer gelijkstelt met de waan van de dag, kan ik me er al wat meer mee verzoenen. Of een jaar voldoende lang is om van een periode – de Zeit – gewag te kunnen maken, durf ik te betwijfelen. Daarvoor duurt een jaar niet lang genoeg. Wat de periode is waarop de uitspraken over een bepaalde Zeitgeist slaan, wordt niet duidelijk bij het afsluiten van die periode.

Bovendien is er meer nodig dan lijstjes van de meest gebruikte zoektermen om te ontdekken wat de geist dan wel mag zijn die een afbakening verantwoordt. Bovendien helpt het die zoektermen in een breder socio-cultureel, politiek en economisch klimaat te bekijken om te begrijpen wat ze betekenen.

Digitaal ramptoerisme

Wat leert Google Zeitgeist ons eigenlijk over 2013? We hebben een uitgesproken voorkeur voor alles wat onvoorstelbaar tegenzit – een lafhartige aanslag tijdens een marathon, maar evengoed erwtensoep die auto’s tegen elkaar doet knallen –, voor iconen die er al dan niet totaal onverwacht het bijltje bij neerleggen – Nelson Mandela werd plots weer zeer populair en onze eigen Patrick de Witte leek postuum de erkenning te krijgen die hem bij leven hoorde gegeven. Voor onbekenden die door seksuele handelingen die we publiek afkeuren maar waarvan sommigen stiekem dromen plots het journaal mogen openen – kennen we sinds de gewezen Aalsterse burgemeester niet allemaal de mogelijkheden die zo’n toren ons biedt? –, voor wolven in schapenvacht die het leven van anderen afnemen en ons zo confronteren met de drang naar destructie die deel uitmaakt van onze psyche. En – hoe kan het ook anders? – voor de steeds wisselende gezichten van mensen die ons verstrooien of ons doen dromen van ultieme schoonheid, een schoonheid die zij bij elkaar lieten snijden of stylen.

Leerden we daarmee iets nieuws? Niet als we vergelijken met 2012. De gebeurtenissen, de doden, de helden en de booswichten hadden een andere naam, maar ze waren er ook. Hetzelfde geldt wellicht voor de 2011. Uit de lijstjes die Google voor ons samenstelt onthoud ik vooral dat de mens over een kernaspect lijkt te beschikken dat ons aanzet steeds opnieuw te vallen voor calamiteiten die heel even de evidentie waarmee het het dagelijks leven kabbelt in vraag stelt en voor brood en spelen, die andere bron van afleiding.

Teken des tijds

En toch heeft Google Zeitgeist iets met de tijdsgeest te maken. Niet de inhoud die het vernuftig product ons oplevert, maar het product zelf en het belang dat we eraan hechten is een teken des tijds. Google mag dan vooral gekend zijn als zoekmachine, het bedrijf is één van de belangrijkste spelers in de markt van data. De berg gegevens over ons waarover het bedrijf beschikt valt nauwelijks te overschatten, en groeit exponentieel.

En laat die data nu net een hoofdrolspeler zijn in een nieuw verhaal. Een verhaal waarin de mens zichzelf en de omgeving tot uitdrukking wil brengen in kwantificeerbare termen. Nu we technologie hebben die toelaat zowat alles te meten – je wil niet weten waar we overal sensoren aanbrengen – en deze metingen in real time uit te wisselen met de rest van de wereld, maken we onszelf in toenemende mate wijs dat deze activiteit ook een noodzakelijkheid is geworden.

Op zich is er niets mis met meten. Dankzij metingen en statistiek zijn we er bijvoorbeeld in geslaagd complexe fenomenen als het klimaat beter te begrijpen en – belangrijk – te voorspellen. Heel wat aspecten van het menselijk leven laten zich ook meten en een beetje een intelligent ontworpen computer – mag ik IBM’s Watson in herinnering brengen? – lijkt tot magische dingen in staat met de data die het rekenmonster gevoed krijgt.

En toch laten we ons beter niet meeslepen in de euforie die vervat zit in de verhalen over big data. Dat zou ons immers blind maken voor wat niet aan bod komt en tegelijk een essentieel onderdeel is van dat verhaal: de mens. Want zijn het niet mensen die de finale keuzes maken? Die beslissen welke datasets gevoed worden, welke interpretaties hun weg naar bijvoorbeeld politieke besluitvorming vinden?

Mensen hebben met technologie een wereld geschapen waarin het steeds beter vertoeven is – onze kritische reflectie over het belang van opleiding, geslacht, etnische afkomst laten we even achterwege. Het is dan ook niet geheel onbegrijpelijk dat we steeds hoger opgeven over onze technologische realisaties. Alleen doen we er goed aan ons te blijven herinneren dat ze tot nader order nog steeds gewoon maar instrumenten zijn die door mensen worden ingezet ter verdediging van belangen.

Dat ik deze oproep expliciet doe, mag ik dat een teken des tijds noemen?

Ben Caudron (°1965) is socioloog en auteur van ‘Niet leuk? Mijmeringen over nieuwe media, mensen en macht’. Hij observeert streng maar met liefde hoe mens en technologie zich tot elkaar verhouden.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Socioloog, digitaal strateeg en auteur

    Ben Caudron (1965) is socioloog, gepassioneerd door mens en technologie. Sinds 1993 is hij actief betrokken bij de ontwikkeling van digitale media.