Een nieuwe sprong, een ander onbekende

Hier zit ik dan: op de drempel van een nieuw leven in een huis dat nog naar verf en verhuisdozen ruikt. Precies één jaar geleden nam ik in het Gentse Toreke afscheid van familie en vrienden, klaar voor een grote sprong in het onbekende. Ik vertelde toen aan iedereen dat ik droomde van mijn eigen ‘Toreke’ in Burkina Faso, van een model voor sociaal en duurzaam ondernemen dat een bescheiden maar sterk antwoord zou zijn op de beperkingen van de klassieke ontwikkelingssamenwerking. Dat ik me vandaag schrap zou zetten om met een officiële ondernemerskaart op zak aan dat model te beginnen bouwen, dat geloofde ik toen ook zelf nog niet…

Op de euforie na de doorbraak in mijn onderhandelingen met het Atelier Théâtre Burkinabé volgde een hele resem administratieve stappen en grootse (financiële) beslissingen. De twijfel sloeg al eens toe, ik schrok ’s nachts al eens in paniek wakker, ik fietste ettelijke kilometers van de ene naar de andere instantie. Het resultaat mag er zijn: sinds 21 augustus ben ik officieel ondernemer in Burkina Faso, een deel van mijn spaarcenten is doorgesluisd naar mijn gloednieuwe rekening hier, de gaatjes in mijn financieel plan raken geleidelijk aan gevuld, de ‘to do’ lijst voor de komende weken is gigantisch maar zowel Regina als ik zitten te popelen om die aan te pakken, stoelen en tafels zijn in de maak, we hebben alvast twee medewerkers geselecteerd, de eerste contacten met artiesten zijn gelegd en de datum voor het openingsweekend eind september staat vast! Van Innocent en Leen, de vrienden achter het project Naag Taaba kreeg ik bovendien het prachtige aanbod om een flink stuk  van hun container in te palmen. Broer Tiny Legs Tim slaagde er op wonderlijke wijze in om voor een zeer solidaire prijs een hoogkwalitatieve set concertmateriaal bijeen te brengen. Half oktober hoop ik de container met de geluidsinstallatie in Ouagadougou te verwelkomen!

Kwaliteit van de bovenste plank

Intussen probeerde ik ook meer voeling te krijgen met het ATB als culturele organisatie. Behalve het restaurant wil ik immers ook het hele huis wat nieuw leven inblazen en een frisse uitstraling bezorgen. Ik weet nu al – en dat is erg belangrijk voor een principieel iemand als ik – dat ik geen enkele moeite zal hebben om de producten van het ATB te ‘verkopen’. Ik ben zeer onder de indruk van de kwaliteit van de theaterproducties en van het maatschappelijk engagement dat er uit spreekt!
Ook over de begeleiding voor startende ondernemers vanuit het ‘Maison de l’Entreprise’ in Ouagadougou ben ik erg enthousiast: professioneel, punctueel en vriendelijk, laat de clichés over Afrika maar varen! Hun seminarie over ‘het managen van de nieuwe onderneming’ omvatte dan wel minder nieuws dan ik had gehoopt, het was wél een zeer interessante antropologische oefening… De lesgever opende met een duidelijke stelling over iets dat ik zelf ‘gedwongen solidariteit’ ben beginnen noemen: je start geen onderneming om l’oncle au village te onderhouden, om je vrienden en familie tewerk te stellen of om te zorgen dat je buurman eindelijk een afzetmarkt vindt voor zijn producten. Hij hamerde ook op het feit dat een bedrijfsleider zichzelf een loon moet uitbetalen, niet zozeer uit bezorgdheid over het welzijn van die bedrijfsleider, wel omdat veel ondernemers hier hun woonst, vervoermiddel en vestimentaire stijl sneller aanpassen aan hun nieuwe status dan de meeste zakencijfers toelaten…

Verhuis in Ouaga-stijl

Andere clichés hebben wel een duidelijke reden van bestaan. Mijn bescheiden verhuis nam een volledige dag in beslag: de vriend die zou helpen kwam meer dan een uur te laat, de auto liet het afweten voor we goed en wel vertrokken waren, we moesten twee politiemannen omkopen omdat de bagage zogezegd ‘slecht gestapeld’ was, ik kreeg zonder plausibele uitleg maar de helft van mijn waarborg terug, de elektricien was nog niet langs geweest in het nieuwe huis en na een half uurtje viel het enige licht dat daar wel nog werkte uit door een stroompanne.
In zekere zin moet ik ook op dit vlak helemaal opnieuw beginnen. Mijn nieuwe wijk heeft een heel ander karakter, ik mis het ‘boetiekje’ naast mijn vorige huis waar ik altijd terecht kon voor een fles water, een brood, een rol wc-papier, ik mis zelfs de kindjes die net hadden geleerd om me Mini te noemen in plaats van nassara… Dat komt allemaal wel weer goed; dat ik nu op minder dan 2 km woon van de plek die vanaf morgen mijn professionele leven zal beheersen is bovendien een niet te verwaarlozen voordeel.

En Zidisha?

Deze nieuwe wending betekent niet dat ik vanaf morgen het vrijwilligerswerk voor Zidisha opgeef, voor alle duidelijkheid. Een klein jaar na mijn aankomst telt Zidisha in Burkina Faso 160 leden en ik hoop de dag mee te maken dat het er 500 en 1000 zullen zijn. Ik heb enorm veel van mezelf gegeven aan Zidisha en aan ‘mijn’ ondernemers maar elke dag besef ik ook hoe waardevol die investering was, is en nog zal zijn. Mijn netwerk hier is goud waard en de vriendschappen en de menselijke warmte die eruit groeiden zijn motoren die me elke dag met de glimlach doen opstaan.
Wat ik noodgedwongen wel doe, is mijn inzet voor Zidisha in de andere landen (Benin, Guinée, Niger) terugschroeven. Tussen alle voorbereidingen voor mijn nieuwe project door heb ik de voorbije weken ook heel veel tijd en energie gestopt in het klaarstomen van enkele collega’s om de andere programma’s in West-Afrika helemaal over te nemen.

Levenslijnen in beweging

Mijn eigen levenslijn is zelden in deze mate in beweging geweest maar ook die van Burkina Faso blijft borrelen. Le Balai Citoyen is ondertussen een officiële beweging en de aanhang blijft groeien, de studie die president Compaoré vroeg naar aanleiding van de tumult over de Senaat is hem gisteren overhandigd maar over de inhoud ervan is nog niets bekend en in de nacht van 30 op 31 augustus werd een aanslag op diezelfde president verijdeld! Dat laatste heeft wellicht meer te maken met de frustraties van een uitgerangeerde militair die al het een en ander op zijn kerfstok had dan met het woelige politieke en sociale klimaat. Niettemin komen er ook op dat vlak doorslaggevende maanden en jaren aan!

Hier sta ik dan: één jaar later balanceer ik opnieuw op een dun koord. Aan de ene kant bruist de adrenaline die mijn dromen voedt en mijn onweerstaanbare drang om altijd op zoek te gaan naar wat beter en wat anders kan. Aan de andere kant ligt het stukje van mezelf dat even bang is voor het avontuur als het er verslaafd aan is. Daar hangt soms ook een wolkje twijfel of daar sluimert af en toe de - relatieve want zelfgekozen - eenzaamheid waarin ik zoveel knopen doorhak. Honderden zichtbare en onzichtbare handen aan beide kanten van het koord houden mij in evenwicht. Aan iedereen die er bij was vorig jaar in Eetcafé Toreke en aan iedereen die er van ver of van dichtbij voor me is: dankjewel!

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Sociaal ondernemer in Burkina Faso

    Mien De Graeve verhuisde in september 2012 naar Burkina Faso. Ze werkte er een jaar lang als vrijwilliger voor het online microfinancieringsplatform Zidisha.