Is de menselijke soort überhaupt mentaal capabel om haar toekomst veilig te stellen?

Aanpassen of opkrassen: ook voor de mens geldt survival of the fittest

USDA Photo by Lance Cheung (Public Domain)

 

Het wekt verwondering dat er in het klimaatdebat nauwelijks aandacht gaat naar de beperkte ‘maakbaarheid van de mens’. Nochtans is het duidelijk dat we onze rigide denkkaders radicaal zullen moeten omgooien, om de toekomstige schade te temperen. Vermijden we angstvallig dit onderwerp, bewust van onze beperkte flexibiliteit? Willen we het er niet over hebben omdat we niet her-kneed willen worden? Of zijn we gewoon… te dom? Meer dan ooit is het nodig onze mentale capaciteiten als zelfverklaard intelligent wezen objectiever in te schatten, zodat we de crisissituatie waarin we terecht zijn gekomen efficiënter aanpakken. 

Greta Thunberg legde de vinger op de wonde door er op te wijzen dat we niet ingrijpen terwijl ons huis in brand staat. Ruiken we de brandlucht dan niet? Natuurlijk wél. Het is immers al decennia dat men ons waarschuwt. Ook ik verwachtte in mijn kinderlijke eenvoud — ergens midden de jaren tachtig — dat er prompt en gepast gereageerd zou worden bij de angstaanjagende signalen, die er toen al waren. Niet dus. En nu… nog steeds niet.

Dat is bedroevend en spijtig genoeg voorspelbaar. Het is tekenend voor onze soort: wachten tot problemen zich manifesteren, alvorens ze aan te pakken, in het beste geval. Want, zelfs dat hebben we dus amper gedaan en die feitelijke vaststelling doet weinig goeds verhopen voor de toekomst. Dit betoog wil geoorloofde twijfel zaaien over onze mentale bekwaamheid om de stappen te zetten die nodig zijn om de klimaatdans te ontspringen. Een aantal kleinmenselijke kantjes speelt parten.

Gewoontedier mens

Eén verklaring voor ons schrijnend onvermogen om juist te handelen, ligt bij het feit dat “ons huis” al lang smeult en dat we de kwalijke geurtjes “gewoon” zijn geworden. De aftakeling van de planeet is een sluipend gif. We aanvaarden elke stap achteruit met verbijsterend gemak. De mens is als gewoontedier – een ernstige nestbevuiler — dus ook dat gewoon geworden.

De aftakeling van de planeet is een sluipend gif. We aanvaarden elke stap achteruit met verbijsterend gemak

Dat de biodiversiteit – alle organismen die dezelfde planeet bewonen als wij en die er evenveel recht op hebben – er enorm op achteruitgaat, blijkt velen te ontgaan. Ach, we redden het ook wel met een paar miljoen soorten minder, zal de redenering zijn. Net zoals we enkele graden meer ook wel aan kunnen. 

Het is niet dat we niet reageren op probleemsituaties. We zijn echt wel bedreven in het blussen van brandjes, evenwel zonder de kiemen van de brandhaarden aan te pakken. Symptoombestrijding is onze specialiteit. Zo kunnen we immers telkens weer snel over tot de orde van de dag. Maar uitstel is geen afstel. Het vuur flakkert steeds sneller én feller op, ook letterlijk.

Neem nu bijvoorbeeld de toenemende frequentie en omvang van bosbranden. De situatie loopt wereldwijd uit de hand. En de hitte- en droogteperikelen van de laatste jaren doen het ook bij ons dagen. Nochtans blijven ingrijpende maatregelen uit. Even het gazon niet meer besproeien en…  tot zover ongeveer ons nationale actieplan.

Wishful thinking

Een ander “gebrek” is dat we graag in sprookjes geloven. Die verschaffen kinderlijk eenvoudige duidelijkheid en dus zekerheid, en dat hebben we graag. Zo hebben we ons samenlevingsmodel gebouwd op de fabel van zaligmakende, ongebreidelde economische groei die we allemaal mee vorm geven. Maar, door het klimaatissue komt de grote systeemfout van dat model meer dan ooit in het vizier: de Aardse natuurlijke rijkommen — die we vandaag ongelofelijk gulzig verkwisten — zijn eindig.

Deze reality check voelt niet bepaald comfortabel. We lopen er graag van weg, beschouwen het ten onrechte als een ver-van-mijn-bedshow en — goedgelovig als we zijn — volgen we liever het discours dat economische groei de enige weg blijft om deze fundamentele, ecologische crisis op te lossen. ‘Yes, we can’ en ‘no’, we mogen vooral niet krimpen! Dat zou slecht zijn. Het vals veiligheidsgevoel dat ons zo aangepraat wordt, geloven wij graag in al onze hebberigheid, want het zou wel eens kunnen dat we anders verworvenheden moeten prijs geven. 

Ongenaakbaar?

Een ander statement is dat het volstaat te vertrouwen in het menselijk vernuft. Met technische innovatie redden we het, dat heeft de geschiedenis bewezen. Dat was de boodschap die Bart De Wever begin 2019 meegaf aan de klimaatspijbelaars en hij staat daarin niet alleen.

Je moet geen doorwinterd historicus zijn om te weten dat de geschiedenis bol staat van ‘technisch vergevorderde’ beschavingen die bepaalde milieuproblemen niet hebben kunnen oplossen en verdwenen (zie daarvoor: Jared Mason Diamond’s ‘Ondergang’). Waarom zou dit vandaag niet nog eens kunnen gebeuren? Hoe komt het dat we ons ongenaakbaar achten en denken dat ons beschavingsmodel het wél zal redden? Hooghartigheid is een gevaarlijke eigenschap die mensen blind maakt voor de realiteit. 

Intussen wordt een allergie aan het woord “minder” cultureel ingebakken. Politici hamerden er bij de jongste verkiezingen op dat de noodzakelijke maatregelen geen pijn mogen of zullen doen. Het is nochtans zonneklaar dat we onze levenswijze diepgaand moeten aanpassen als we de planeet niet op een blauwe maandag leeggeplunderd willen aantreffen en met een veel mensonvriendelijker klimaat. Zelfs als we de ecologische voetafdruk van de minder gegoede Westerse bevolkingen zouden nastreven mondiaal gemiddelde, komen we er vermoedelijk niet.

Het is spijtig dat men nu al stelt dat er veel mensen ontzien moeten worden, onder het mom van “climate justice”. Dat is natuurlijk een politiek manoeuvre. Niemand wil kiezers wegjagen en daar ligt meteen een groot stuk van het probleem dat leidt tot het actuele immobilisme. Een politiek van individuele soberheid en collectieve investering in een soort van “oorlogseconomie” die de strijd aanbindt tegen de milieucrisis, haalt wellicht nooit een meerderheid.

Het is dan ook eerder vanuit een som van individuele bewustwordingen dat de verandering zal moeten komen. Misschien volgt de politiek dan wel. Het is dat of wachten tot de situatie zodanig uit de hand loopt dat de toenemende internationale spanningen door de milieucrisis, ook hier schrijnend tot uiting komen. En dat zou wel eens erg onprettig kunnen worden. Men doet er best aan over de partijgrenzen heen toe te geven dat het pijn zal doen én wel voor iedereen, in de betekenis dat we ons materieel welzijn moeten terugschroeven en liefst zo rechtvaardig mogelijk. Of dat betekent dat we het daarom slechter zullen hebben, is een heel andere vraag. De verhitte discussie over ietwat duurdere vliegtuigreizen was al pijnlijk symptomatisch. Als men al moeilijk doet over dergelijke futiliteiten, dan geven we beter nu alle hoop al op. 

De hete aardappel

Ook zorgwekkend is dat bij sommige klimaatmaatregelen die voorgesteld worden, de enige reactie is dat er verwezen wordt naar andere maatregelen, die meer verschil zouden ressorteren en dat we ons dus beter zouden concentreren daarop. Ook daar zijn we sterk in: we verdelen om te heersen en schuiven de hete aardappel naar elkaar door. Dat ontwijkgedrag is een mentale tekortkoming die ons letterlijk duur te staan kan komen, want we blijven stilstaan en verspillen kostbare tijd. Als de discussie over welke maatregelen eerst of vooral te nemen zijn, niet verder geraakt dan dat, dan ligt er geen fraaie toekomst te wachten voor ons, omhooggevallen primaten. Het is immers geen kwestie van of/of, maar van en/en.

We onderscheiden ons van de rest van het dierenrijk ook door positieve eigenschappen, zoals het voelen van schuld wanneer we iets mispeuteren. Misschien moeten we ons opwellend schuldgevoel koesteren, zelfs positief aanboren om consequenter te handelen (lees daarvoor Matthew Adams). Maar… ook daar worden we vaak gecorrigeerd. Je mag jezelf, laat staan een ander, geen schuldgevoel aanpraten rond het klimaatprobleem. Zelfverklaarde experten zeggen dat zoiets tot niets leidt. Vanuit welk gevoel gaan we dan wél verantwoord handelen?

Een flinke portie doemdenken kan misschien net aanzetten tot “doen-denken”

Velen stellen ook dat we positief moeten denken, want negatief denken werkt contraproductief. Maar resulteert een dwangmatig positief discours bij zoveel onheilspellends dan in zoveel goeds? Ik heb de indruk dat het de meerderheid weer in slaap wiegt. Of is dat net de bedoeling? Een flinke portie doemdenken kan misschien net aanzetten tot “doen-denken”.

Een ander gevoel waar we blijkbaar afstand van moeten nemen is: bang zijn. Is angst echt zo’n slechte raadgever? Laat ons bang zijn, schuldig voelen en er van uit gaan dat we slecht bezig zijn. Zelfkennis is het begin van alle wijsheid en die wijsheid moet leiden tot verantwoorde actie. 

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Survival of the fittest 

Het menselijk brein, zoals het nu geprogrammeerd is, is niet het meest efficiënte instrument om de mondiale milieucrisis aan te pakken. Er is nochtans geen tijd meer voor de mentale inertie waarin we al zolang verkeren. Toegegeven, er is nood aan concrete maatregelen voor het klimaat, maar er is vooral nood aan diepgaande verandering in ons denken, dat ons doen voor de lange termijn een duurzame wending kan geven.

Daarom moeten we nu universeel massaal veel energie investeren in hoe we die mentale shift kunnen bewerkstelligen. In overheden, scholen, bedrijven, verenigingen, gezinnen, … moet urgent een nieuwe basis voor weerbaarheid gelegd worden. Ook voor ons geldt immers survival of the fittest. Het wordt aanpassen of opkrassen. Hopelijk kunnen we de wereldbrand geblust krijgen. Maar zonder een radicale verandering van onze verwende mindset lukt het niet. 

Met dank aan Greta om ons op weg te helpen…

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur