Bewuste burgers vragen een sterk klimaatakkoord

Vorige zaterdag 26 september werden er in 38 landen, verspreid over de zes continenten van de wereld, burgerpanels georganiseerd over de ernst van de globale opwarming en de nood aan een verregaand nieuw klimaatakkoord. 90 procent van de deelnemers vindt het dringend nodig dat er op de klimaatconferentie van Kopenhagen, in december, een nieuw bindend akkoord komt.
  •  In de 38 landen namen 44 panels deel van zo?n honderdtal burgers.
Het initiatief voor de World Wide Views on Global Warming ging uit van de Deense Technologie Raad en het Deense Cultuur Instituut. Bedoeling was om de burgers te betrekken bij de klimaatonderhandelingen, maar vooral ook om in Kopenhagen effectief vooruitgang te maken in de onderhandelingen.
In de 38 landen namen 44 panels deel van zo’n honderdtal burgers. Elk panel bestond uit een representatief staal van de samenleving, in leeftijd en sociale klasse. Wie deelnam, kreeg vooraf een informatiebrochure om zich de essentiële gegevens over het thema eigen te maken. De vragen waren voor de 44 panels dezelfde.

Voorbij het klimaatscepticisme



Voor België had alleen Vlaanderen een burgerpanel georganiseerd, dat doorging in het Vlaams Parlement onder leiding van het IST, het Instituut voor Samenleving en Technologie. De meeste deelnemers waren gecontacteerd door iVox, dat gespecialiseerd is in marktonderzoeken, en waren erg gemotiveerd om hun zaterdag op te offeren voor discussie.  ‘We kunnen misschien niet zo veel doen aan het grote probleem, maar het is wel heel belangrijk om íets te doen’, vertelt Rika Godderis. ‘We namen met ons gezin ook deel aan The Big Ask in Oostende. Op die manier maak je het probleem meer zichtbaar en laat je zien dat wij mee aan onze politici vragen werk te maken van echte oplossingen.’ Uit de resultaten van de eerste vragenronde bleek ook dat de meerderheid zich vrij geïnformeerd voelt:71 procent beweerde redelijk wat te weten over het probleem. In individuele gesprekjes zegden sommigen wel dat de media over het algemeen erg oppervlakkig blijven over het thema, zodat ze op hun honger blijven. Zo goed als alle aanwezigen zegden bezorgd te zijn over het probleem en vinden dat er dringend moet ingegrepen worden. Op de vraag naar de bezorgdheid over de klimaatverandering, antwoordde 50 procent zeer bezorgd, en 40 procent bezorgd. Ook het globale onderzoek van de 44 panels wees uit dat 90 procent van de burgers zich echt zorgen maakt.  

Een streng akkoord



Om tot een overeenkomst te komen, is het belangrijk dat landen het eens zijn over het dringende karakter, indien ze willen komen tot duidelijke doelstellingen. Het Internationaal Klimaatpanel IPCC, en ook de EU, stellen dat de opwarming onder de 2°C moet gehouden worden, om gevaarlijke opwarming te vermijden. Dit betekent een reductie van de emissies tussen de 25 en 40 procent tegen 2020, en globaal, op wereldschaal, een reductie van 50 procent tegen 2050. Hierover werd gediscussieerd in de tweede en de derde ronde. 92 procent van de aanwezige Vlamingen vindt dat er dringend een akkoord moet komen. Ruim 80 procent vindt ook dat niet naleven streng moet gesanctioneer worden. Op wereldvlak vindt 89 procent dat vooral de Annex 1 landen, dat zijn de industrielanden, tussen de 25 en 40 procent reductie moeten realiseren.  De meerderheid is van mening dat ook groeilanden, zoals Brazilië, China, India, Indonesië of Zuid-Afrika, op korte termijn ook substantieel hun emissies moeten reduceren, terwijl ontwikkelingslanden nog groeiruimte moeten krijgen.

Klimaat of geld?


In het Vlaams parlement werd er diepgaand gedebatteerd over die lastenverdeling tussen ontwikkelingslanden, groeilanden en rijke landen. De panelleden moesten hiervoor in spelvorm, aan de hand van een gelimiteerd aantal  legoblokjes, emissierechten toekennen aan drie landen die een even grote bevolking hebben maar verschillende emissies en een verschillend niveau van welstand: Spanje (industrieland), Zuid-Afrika (groeiland) en Colombia (ontwikkelingsland), en dit terwijl er in totaal een reductie van 20 procent moest gerealiseerd worden. Aan een van de tafels merkte een huisvrouw op: ‘Ik begrijp hier niets meer van. Volgens mij gaat dit niet over klimaat maar gaat dit over geld.’ Waarop een ander replikeerde: ‘Maar klimaat gaat over geld!’ Hoewel de meerderheid het evident vond dat de rijke landen de arme landen groeiruimte moeten bieden en ook helpen om een propere economie op gang te brengen, opperde een jongeman aan de discussietafel dat het alles behalve evident is de mensen van de rijke landen te laten inboeten. ‘Ik kan wel een kleinere auto kopen, maar als mijn buurman een SUV koopt, is mijn geste een maat voor niets.’ Wat dan weer de nood aan regulering opriep.

Klimaatsolidariteit 



Op de vraag naar de financiering van de nodige maatregelen voor mitigatie en adaptatie, was men het er wel over eens dat de rijke landen méér moeten doen. “De sterkste schouders moeten de zwaarste lasten dragen.” Toch was niet iedereen hiervoor gewonnen.  ‘We doen toch al veel. En dan wordt ons nog eens gevraagd niet alleen om zelf in te perken, maar ook nog om nog meer middelen over te maken: het valt nog maar te bezien of je dat hier verkocht krijgt’, merkte een jonge deelnemer op.
Op wereldvlak vindt 54 procent dat alle landen, behalve de minst ontwikkelde landen, met geld over de brug moeten komen. 86 procent vindt dat dit best kan via de oprichting van een specifieke mondiale financiële instelling. De bijdragen hiervoor kunnen bijvoorbeeld komen uit een groene belasting op fossiele brandstoffen. Technologieoverdracht was ook een centraal thema. Herhaaldelijk werd door de panelleden benadrukt dat groeilanden ook propere economieën dienen te ontwikkelen, maar ook dat de rijke landen de landen in het Zuiden helpen met overdracht van de juiste technologie. Vooral het panel in India benadrukte hier de vraag naar een nieuwe benadering van patenten en intellectuele eigendomsrechten. 

Een geïnformeerd burger is er twee waard



Van China tot de Verenigde Staten: overal formuleerden burgers aanbevelingen met betrekking tot meer educatie en voorlichting. Het Vlaamse panel formuleerde ook de aanbeveling voor een lager BTW-tarief voor duurzame, energie-efficiënte en recycleerbare producten, en acties om verdere ontbossing tegen te gaan.   
Volgens het Groene Europarlementslid Bart Staes is er in eigen land best nog heel wat werk aan de winkel:  ‘Opmerkelijk is dat driekwart van de ondervraagde Vlamingen verklaart ‘niet veel tot redelijk wat’ te weten over klimaatverandering. Politici, de overheid, media en het onderwijs mogen gezien de ernst van de problematiek dus gerust nog een tandje bijsteken als het gaat om het zo goed mogelijk informeren van burgers. Willen we een mentaliteitsverandering teweeg brengen is dat cruciaal, want je moet iedereen mee hebben. Anders lukt het ons nooit de temperatuurstijging tot twee graden Celsius te beperken. Uit dit onderzoek blijkt overigens dat 44 procent van de Vlamingen de temperatuurstijging op het huidige niveau – 0,8 graden – wil bevriezen. Dat is dus nog strenger!’
Midden oktober worden de resultaten van ons land, vergeleken met die van de andere landen, officieel bekend gemaakt en overhandigd aan de Belgische delegatie die naar Kopenhagen gaat in december.
Meer info: 
http://www.samenlevingentechnologie.be/
http://results.wwviews.org/ 
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.