Bouwen aan een nieuw beschavingsmodel

Ze wordt vaak het geweten van Brazilië genoemd, maar ze is bovenal de incarnatie van de strijd om het Amazonewoud. Van 2003 tot 2008 was Marina Silva minister van Milieu in de regering-Lula. Bij de presidentsverkiezingen van 2010 was ze kandidaat voor de Groene Partij, maar vandaag heeft ze al haar partijpolitieke banden doorgesneden voor een ambitieus project: de oprichting van een beweging voor politieke vernieuwing.

  • CC Talita Oliveira Marina Silva. CC Talita Oliveira

Dit artikel verschijnt in MO*100, het extra dikke verjaardagsnummer van MO* dat op woensdag 28 november verschijnt. Marina Silva heeft een videoboodschap opgenomen die op 1 december zal worden vertoond op het volledig uitverkochte Feest van de Toekomst in het Kaaitheater in Brussel.

Marina Silva (°1958) is op zijn zachtst uitgedrukt een fenomeen in de Braziliaanse politiek. Ze is geboren in de Amazoneprovincie Acre, in de grensstreek met Peru, waar ze opgroeide in een gezin van elf kinderen. Haar vader was een rubbertapper en zo kwam ook Marina in die brede beweging terecht van Chico Mendes, de milieuactivist, rubbertapper en vakbondsleider die in 1988 koelbloedig werd vermoord vanwege zijn inzet voor het Amazonewoud.

Tot haar veertiende was Marina Silva analfabeet. Toen ze om gezondheidsredenen naar de hoofdstad van Acre, Rio Branco, moest (ze kreeg hepatitis en ook verschillende keren malaria), greep ze haar kans om verder te studeren. In 1984, op haar 26ste, richtte ze samen met Chico Mendes de CUT (Central Unica dos Trabalhadores) op in Acre, de vakbond voor de rubbertappers. Twee jaar later werd ze lid van de Arbeiderspartij (PT – Partido dos Trabalhadores). Toen ze in 1994 verkozen werd in het federale parlement, was ze de jongste senator ooit in de Braziliaanse geschiedenis en de eerste politica met een rubbertappersachtergrond.

De sfeer rond de Aardetop van Rio in 1992 beleefde ze heel intens. Die heeft haar verdere politieke carrière vorm gegeven. Of omgekeerd: de politieke carrière van Marina gaf het Braziliaanse milieubeleid vorm. Althans tot vier jaar geleden.

Prioriteit milieu

Het lag dan ook in de lijn van de verwachtingen dat Lula, toen hij in 2003 president werd, partijgenote Marina Silva zou kiezen als minister van Milieu. Milieu werd een politieke prioriteit. Sindsdien moeten hydro-elektriciteitsprojecten vooraf goedgekeurd worden op basis van een milieu-effectenrapport. Aanvragen voor nieuwe concessies voor petroleumwinning moesten eerst het ministerie voor Milieu passeren. Het beheer van het Amazonewoud was Silva’s topprioriteit, ze bond de strijd aan tegen de illegale ontbossing en dat beleid wierp vruchten af: tussen 2004 en 2007 daalde de ontbossing met 60 procent.

Ze zorgde ook voor een aanscherping van de Código Florestal, een belangrijk onderdeel van de milieuwetgeving ter bescherming van de biodiversiteit. Zo werd in die milieuwetgeving een artikel opgenomen dat bepaalde dat één procent van de opbrengsten van de hydro-elektriciteit, opgewekt door de stuwdammen in het Amazonewoud, geherinvesteerd moest worden in het woud om de aangerichte schade te compenseren. Marina Silva: ‘Als het woud verdwijnt, is dat een zware strop voor onze ontwikkeling. Maar president Dilma Rousseff heeft dit artikel opnieuw geschrapt! Ongelofelijk dat dat kan gebeuren!’

In 2008 nam Silva ontslag als minister van Milieu. De frustraties stapelden zich op, en het kwam tot een breuk toen Lula op een bepaald moment een ontwikkelingsproject voor het Amazonewoud goedkeurde dat indruiste tegen haar voorstel. In 2009 stapte ze ook uit de Arbeiderspartij. Ook over de voorbije VN-top van Rio+20 en het Braziliaanse leiderschap stak ze haar ontgoocheling niet onder stoelen of banken.

‘De Braziliaanse aanpak heeft geleid tot een achteruitgang vergeleken met 1992. Men is niet verder gekomen dan enkele algemene verklaringen, zonder een werkagenda en financiële middelen af te spreken. Het thema van de duurzaamheid is helemaal in de marge beland, door de crisis in de ontwikkelde landen. Dat betekent ook een verzwakking van het multilateralisme in de agenda voor duurzame ontwikkeling’, verklaarde ze na afloop. Tegelijk stelde ze vast dat het bewustzijn bij de overgrote meerderheid van de bevolking nog nooit zo groot was geweest, maar niet vertaald werd in deskundig beleid. 

Democratie en duurzaamheid

Bij de presidentsverkiezingen van 2010 presenteerde Marina Silva zich als kandidaat voor de Groene Partij, met als doel de groene thema’s op de agenda te zetten. Ze behaalde ruim 19 procent van de stemmen, wat meteen ook als gevolg had dat geen van de twee andere rivalen (Dilma Rousseff voor de coalitie PT-PMDB en José Serra voor de PSDB) een meerderheid haalde en er een tweede ronde moest komen.

Sinds die gooi naar de macht heeft Silva gebroken met de traditionele partijpolitiek. ‘We maken een crisis van de politiek zonder weerga mee’, stelde ze in een interview met de Gazeta do Povo van Acre. Haar analyse is bijzonder scherp: ‘Er worden partijen opgericht zonder programma, zonder principes en zonder visie op het land. In het Braziliaanse politieke landschap is het ook niet meer duidelijk wie oppositie is, alles lijkt gericht op maar één doel en dat is de strijd om de macht, de macht van het geld.’

Tegenover die strijd om de macht ziet ze een brede beweging van geëngageerde mensen die zich distantiëren van dit soort politiek. “Een brede kring” van militante individuen noemt ze dat. Mensen die zich niet laten leiden door politieke partijen, vakbonden of universiteiten, maar die een eigen visie ontwikkeld hebben en op basis daarvan positie kiezen om een bepaalde zaak te verdedigen, geleid door weloverwogen principes, en zo een bijdrage willen leveren aan de samenleving.

‘Mensen die niet langer toeschouwer willen zijn maar zelf initiatieven opzetten’, aldus Silva. ‘Politiek is immers veel meer dan verkiezingen. Politiek gaat over thema’s bediscussiëren en visies voor de samenleving ontwikkelen.’ Concreet bouwt ze mee aan een proces van politieke vernieuwing dat her en der vorm krijgt. ‘Het gaat er vandaag niet enkel om de aarde te redden, we moeten ook een nieuw beschavingsmodel vormgeven’, vindt Silva. Met haar Instituut voor Democratie en Duurzaamheid wil ze dat proces een duw in de rug geven. Of ze dan opnieuw kandidaat is bij de verkiezingen van 2014? Die vraag laat ze onbeantwoord. ‘Er moet eerst een project zijn.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.