Togolese jongeren sensibiliseren voor waardig werk

'We gingen van deur tot deur om mensen op hun rechten te wijzen'

Twee Togolese vakbondsleiders en partners van Wereldsolidariteit bezochten vorige week ons land in het kader van de jaarlijkse campagne van Wereldsolidariteit. Yves Dossou is algemeen coördinator van de ngo SADD, Solidarité et Action pour le Development Durable en Kossie Oboeyaba is jurist van de ngo. De organisatie zet zich in voor betere arbeidsomstandigheden en een betere bescherming van de werknemer.

 

  • Wereeldsolidariteit Yves Dossou (links) en Kossie Oboeyaba. Wereeldsolidariteit

‘We willen het werkveld in Togo vermenselijken. Persoonlijk ben ik gevormd in de J.O.C (Jeunesse ouvrière chrétienne), waar ik leerde dat de waardigheid van de mens en van de jonge werknemers fundamenteel is voor de maatschappij,’ vindt Yves Dossou van SADD.  De jeugdbeweging is hij al lang ontgroeid maar met hetzelfde grenzeloze enthousiasme zet hij zich in voor de mensenrechten en de onderdrukte werknemers in Togo.

In Togo zelf heerst momenteel chaos. Twee jongeren kwamen om in een protestbeweging toen ze opkwamen voor de rechten van hun leerkrachten. Na lang onderhandelen en vele stakingen besliste de regering immers hun salarisverhoging niet toe te kennen. Een gesprek over hoe een sociale beweging desondanks een wereld van verschil kan maken. 

SADD is een sociale beweging die het werk van een vakbond doet. Wat beogen jullie met jullie werk?  

Yves: Met onze acties willen we ervoor zorgen dat jonge werknemers zelf de acteurs worden van hun bevrijding. We focussen ons op die werksectoren die het zwakst zijn, zoals de vrije beroepen (advocaten, architecten, apothekers), de werknemers van de informele economische sector en de beroepsscholen. Overal waar de sociale rechten systematisch bespot worden en waar de werknemers geen waardigheid hebben.

Hoe gaat dat dan concreet in zijn werk ?

Yves: Verschillende acties liggen aan de basis van het uiteindelijke doel: dat werknemers hun rechten kennen en krijgen. We organiseerden onder andere een studie over de arbeidsomstandigheden. Als gevolg werd er een actieplan opgesteld om die werknemers te bevrijden uit het exploitatiesysteem waar ze al lang inzaten. De volgende stap was het organiseren van een sensibiliseringscampagne om de mensen op hun rechten te wijzen. Daarvoor gingen we van deur tot deur, soms zelfs ‘s nachts. We leerden hen alles over vakbondsrechten en hoe vakbonden werken. Op die manier konden ze zelf het heft in handen nemen om acties te ondernemen.

Leverden jullie campagnes ook vruchten op? 

Yves : Toch wel, dankzij die acties is de eerste vakbond er gekomen in de vrijhandelszone. In november 2009 organiseerden de arbeiders hun eerste congres. Het is heel belangrijk dat ze de dialoog tussen de verschillende partijen durven aangaan. We hebben hen als het ware bijgebracht wat het is om in overleg te gaan met elkaar en hoe een de klassieke architectuur van een collectieve conventie eruitziet. Met de resultaten gingen we naar de regering waar we pleitten om het juridische kader aan te passen. We willen absoluut meer respect voor het werkrecht.

Waaruit bestaat de sociale dialoog voor jullie?

Yves: We slaan bruggen tussen de verschillende groepen. We zijn de bemiddelaar, maar we hebben geen echte legitimiteit omdat we geen vakbond zijn. We slagen er wel in om onze autoriteit op te leggen en die komt vooral voort uit  de sociale verandering waar we voor vechten. De regering respecteert ons daarvoor. Ik ben ervan overtuigd dat, ondanks de repressie, we met onze acties de regering kunnen laten nadenken.

Wereldsolidariteit noemt jullie een kritische watchdog van de regering. Jullie leggen druk op de regering om de zaken effectief te veranderen.

Yves: We moesten wel, anders zouden de veranderingen die gestart waren vanuit het volk niet  doorgevoerd worden. In september 2012 heeft iedereen aan tafel gezeten om die veranderingen te bespreken. Nu in januari 2013 is er een overeenkomst ondertekend. Er is nu een juridisch kader dat de werknemers in die zone beschermt.

Van het eerste congres in 2009 tot nu, dat is een lange weg om iets te kunnen bereiken.

Yves: Ja, maar het is hierbij belangrijk om niet te vergeten dat gedurende twintig jaar die mensen uitgebuit werden door een regering die geen enkele vorm van bescherming garandeerde.

Denkt u dat de regering uw voorstellen zal respecteren in een regime dat nog altijd repressief is? 

Yves: Ik zal een voorbeeld geven: in november 2010 werden 120 werknemers op straat gezet door een bedrijf omdat ze meer rechten gevraagd hadden: een werkcontract, deftige uren, recht op verlof, een personeelsafgevaardigde en zwangerschapsverlof voor de vrouwen. Onze organisatie kwam tussenbeide. Ik besloot naar  de regering en naar justitie te trekken. We gingen klagen waar we maar konden. Er kwam ook internationale druk en de nationale media stonden achter ons. Het doel was die 120 werknemers hun werk zonder speciale voorwaarden terug te geven. Na negen maanden konden we onderhandelen met de minister en zijn we tot een overeenkomst gekomen. Ik kan je verzekeren dat deze actie het proces van de wetsverandering versneld heeft.  Als we die dynamiek volhouden, dan kunnen we samen met de vakbonden nog veel bereiken.

In België is 70 procent van de werknemers ingeschreven bij de vakbond.  Is dit ook zo in Togo? 

Kossie: Bij ons ligt dat veel moeilijker omdat gedurende lange tijd de vakbonden niet echt gewerkt hebben om de rechten van de werknemers te verdedigen. Dus is het belangrijk de mensen te sensibiliseren, hen in te lichten over wat een vakbond is. De mensen moeten leren vertrouwen dat er geen fraude wordt gepleegd en de vakbonden moeten betrouwbaar overkomen.

Yves:  Wij ondersteunen de zes grote vakbonden zodat ze efficiënter worden. Als ze hun dynamiek niet vinden, wordt een sociale beweging echt moeilijk. In 2005 hebben we een studie gedaan over de socio-economische rechten en we hebben vastgesteld dat drie vierde van de werknemers die niet kenden. Samen met alle centrales hebben we  dan het eerste Sociaal Forum voor werknemers georganiseerd. Een dikke week nadien hebben alle vakbonden samengezeten en beslist om in staking te gaan. Op dat moment moest de regering wel eens goed nadenken. Historisch gezien was het de eerste keer dat we samen tot een akkoord kwamen.

Op welk vlak wegen jullie hervormingen het zwaarst door?

Kossie: In het werk met de 100 000 leerjongens die Togo rijk is. Op juridisch vlak zorgden we ervoor dat ze beschermd werden en dat ze niet langer slavenarbeid moesten verrichten. We hebben ervoor gezorgd dat hun werkomstandigheden verbeterden, dat de duur van hun opleiding vastgelegd werd en bovendien dat hun examen officieel, door de regering werd afgenomen en niet door de leermeester zelf. De kosten van het examen zijn daardoor aanzienlijk afgenomen.

Slavenarbeid is nog altijd een realiteit in Togo?

Kossie: Ja, toch een zekere vorm van slavenarbeid, als bijvoorbeeld een leerjongen een vak heeft aangeleerd, maar in plaats van het beroep uit te oefenen waarvoor hij werd opgeleid, het veld wordt opgestuurd of het huishouden moet doen. Sommigen krijgen nog lichamelijke straffen als ze hun werk niet goed doen, of ze krijgen geen rust of verlof, geen enkele sociale bescherming en vaak zijn ze weinig betaald. Dat is beledigend en vernederend. Daartegen protesteren we.

Jullie bestaan 10 jaar. Wat moet zeker nog veranderen?

Yves: Een drietal zaken kunnen echt wel nog beter. Ten eerste moeten we de uitdaging aangaan om de armoede tegen te gaan. Dat wil zeggen dat er sociale verandering moet komen. Daarvoor moet een groot deel van de bevolking kunnen genieten van sociale bescherming. Tot nu toe hebben we de hervorming van de Nationale Kassa van de Sociale Zekerheid (pensioenen, familiale zekerheid, werkongevallen)  op onze naam staan. We doen aan sensibilisering zodat elke werknemer ervan zou kunnen profiteren. Met dat werk moeten we verder gaan. Dat is de sleutel, zonder zal het niet lukken. Ten tweede willen we dat Togo’s vakbonden nog verder uitgroeien. En ten derde dat democratie een realiteit mag worden in ons land.  

Voelt u dat uw strijd voor de mensenrechten de democratie versterkt heeft ?

Yves: Zeker. Er wordt meer geluisterd. Ik herinner me dat we een rapport gemaakt hebben over het verloop van de presidentsverkiezingen in 2010. Dat hebben we toen aan hem gegeven en hij had het gelezen, want hij stelde er vragen over. “Waarom hebben jullie dit en dat gezegd ?” We hebben in alle rust kunnen antwoorden op die vragen, zonder dat we ons bedreigd voelden. Hij heeft ons zelfs bedankt voor de observaties. Maar ik moet wel zeggen dat we voordien wel serieus bedreigd zijn geweest. Met geweren zijn ze zelfs binnengedrongen in de hoofdzetel van SADD, we werden achtervolgd. Dat was serieuze intimidatie, maar nu zijn we voorbij dat alles.

Die bedreigingen zijn verleden tijd?

Yves: Ze zijn toch sterk verminderd, omdat ze ook begrepen hebben dat we op een constructieve manier werken. We werken niet politiek. We klagen aan wat slecht is, maar we houden ook afstand om de vooruitgang die er geboekt is, te appreciëren. En zoals ik al gezegd heb, het is nodig dat de democratie geïnstalleerd wordt en dat er een moderne  justitie komt. Die is corrupt. De regering moet stoppen met zich te mengen met justitie. Er moet autonomie komen.

Wat is internationale solidariteit voor jullie ?

Kossie: Het bezoek aan België is een heel leerrijke ervaring voor ons. Sommige zaken die we hier aangereikt krijgen door de vakbonden en de verschillende organisaties komen ons goed van pas in Togo. Ik heb een uitwisseling gehad met de juridische bijstand en ik zie hier hoe die dossiers opgesteld worden.

Yves: De relaties die we hier aangaan, verrijken ons. Het gaat allemaal over domeinen die belangrijk zijn voor armoedebestrijding. Natuurlijk is de financiële en diplomatieke steun die we krijgen voor ons ook van groot belang.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2623   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift