Irshad Manji: 'Gematigden zijn nutteloos'

In Amsterdam werd ze het spreken belet door een groep Vlaamse extremisten. En het korte video-interview met haar dat MO* over dat incident publiceerde werd met zoveel vitriool en regelrechte bedreigingen becommentarieerd, dat we de commentaarfunctie moesten afzetten. Irshad Manji lokt met haar standpunten over islam, liefde en vrijheid heftige reacties uit. Een uitgebreid gesprek met de Canadese auteur.

Het eerste boek van Irshad Manji –Het islamdilemma– was een uitgebreid pleidooi voor het herstel van ijtihad in de islam, de traditie van een eigen interpretatie en keuzevrijheid in het geloof die in de vroege middeleeuwen afgebroken werd. We beginnen het gesprek dan ook met de vraag of die praktijk intussen een beetje opnieuw ingang vindt.

Irshad Manji: De meest voorkomende vragen die mij via e-mail, twitter en facebook de laatste vijftal jaar bereikt hebben, afkomstig van jonge moslims die verliefd worden op niet-moslims. Omdat we in een tijdperk van massamigratie leven, kun je verwachten dat dit soort zaken gebeuren. En deze jongeren komen in wanhoop bij mij, omdat ze niemand anders hebben waaraan ze dit soort zaken kunnen vragen. Ze zeggen dan dat ouders en imam hen vertellen mij dat ze de liefde van hun leven moeten opgeven om hun geloof te behouden.

Dat zijn meisjes?

Irshad Manji: Dat zijn in feite soms ook jongens, maar hoofdzakelijk meisjes. Ik ben met die vragen een progressieve imam in Amerika getrokken met de stelling dat het niet deze kinderen zijn die we moeten overtuigen dat het ok is om in een pluralistische maatschappij te leven; het zijn hun ouders die we moeten overtuigen. Daarom deed ik een beroep zijn ‘traditionele autoriteit’. Hij nam de uitdaging aan en kwam op de proppen met een twee pagina’s lange verdediging van interreligieus huwelijk vanuit het perspectief van de Koran. Volgens hem spreekt de openbaring vooral tot de machtigen uit de tijd van de profeet, omdat zij hun macht misbruikten en dus degenen waren die bekering en hervorming nodig hadden.

Ik postte dat in het Engels op mijn website en in slechts zes maanden tijd werd het zo’n populaire download dat ik het moest laten vertalen in twintig andere talen, waaronder ook de meeste Europese talen. In mei 2007 was ik in Berlijn om een lezing te geven, en daarna kwam een groep van vijf Duitse moslimmeisjes naar mij toe en zei: ‘Héél erg bedankt voor uw zegen van het interreligieus huwelijk. Wij hebben de gepaste leeftijd om te trouwen, onze ouders dwingen ons met mannen te trouwen die we niet eens kennen, laat staan van houden. En omdat u dit document, afkomstig van een imam, gepost hebt en het liet vertalen in het Turks, Duits én Arabisch, konden we het onze ouders voorleggen, en hoewel ze er niet mee akkoord gaan, weten ze nu tenminste dat er een moslimtheoloog is die bereid zou zijn om mij en mijn niet-moslim vriend in te huwelijken. Eén van de meisjes zei: ‘Mijn moeder heeft ermee gedreigd mij te laten vermoorden. Deze zegen, deze uitoefening van ijtihad voor een 21ste eeuwse context en voor een wereld van migratie, heeft in feite mijn leven gered.’

U kiest dus niet voor een radicale breuk maar voor herinterpretatie van de traditie?

Irshad Manji: Zeker en vast. Het is omdat ik het mogelijk acht om de traditie te herinterpreteren, dat ik mijn geloof trouw blijf. Mijn oprechtheid komt op de eerste plaats en precies omdat ik dit concept van ijtihad zo inspirerend vind, en het mij toelaat om de vele facetten van wie ik ben te integreren en een persoonlijke band met Allah te ontwikkelen, denk ik dat het een mooie weg voorwaarts is. En dat hoeft niet te betekenen dat elke vers herdacht moet worden. Een van de belangrijke passages in de Koran is hoofdstuk drie, vers zeven, dat stelt –uit het hoofd–: ‘Er zijn veel verzen in dit boek die precies zijn en zijn veel verzen die ambigu zijn, en het zijn enkel diegenen met ongeloof in hun hart die de ambigue verzen zullen aanwenden om interpretaties te dicteren aan zij die niet beter weten.’

En het geheel – het is een serie van drie passages – eindigt door aan moslims te zeggen: ‘Begrijp dat uw God de enige is die de echte en volledige waarheid kent.’ Dat is een oproep tot nederigheid, bescheidenheid. Als ik zo’n vers lees, dan is het duidelijk dat niemand de waarheid in pacht heeft en anderen kan opleggen wat ze wel of niet moeten doen. De Koran bevat driemaal zoveel verzen die moslims oproepen om na te denken, te analyseren, te reflecteren en te herdenken, dan verzen die ons vertellen wat juist en fout is.

Dat staat in scherp contrast met de rotsvaste overtuigingen van militante islamisten.

Irshad Manji: Het islamdilemma eindigde ik op een noot van woede en wanhoop. Op het einde van dat boek zei ik: ‘Of ik deze religie al dan niet verlaat zal mijn keuze zijn, maar mede-moslims zullen een grote invloed hebben op welke keuze ik maak.’ Naarmate ik de wereld rondreisde — van Indonesië tot Caïro, door Noord-Amerika – was ik echter verbaasd door de hoeveelheid jonge moslims mijn standpunt over hervormingen en interpretatie deelden.

Maar ze zeiden ook: ‘Vertel mij nu niet gewoon wáárom we samen onze nek moeten uitsteken om een liberale hervorming binnen de islam te ontketenen, toon ons ook hoe. Hoe vinden we de moed om dit te doen?’. En dit is exact waar Allah, Liberty and Love om draait. Het boek zal eerst in het Bahasa van Indonesië en het Bahasa van Maleisië gepubliceerd worden voordat het in andere Europese talen verschijnt.

Dat is opmerkelijk, want Het Islamdilemma werd nog door de Maleisische overheid op de officiële censuurlijst geplaatst en dus niet uitgegeven. Nu zegt de uitgever: ‘Als de Arabieren in staat zijn om op te staan voor hun vrijheid, waarom zouden wij het dan niet kunnen?’ Nogmaals: we leven in een nogal uniek en onvoorspelbaar geopolitiek moment waarin zelfs de meer pluralistische elementen van de islam zeggen: ‘Als zij in het achterlijke deel van de moslimwereld het kunnen, wat houdt ons dan tegen?’

Laat de anti-islamsfeer in Europa voldoende ruimte voor dit liberale, vernieuwende discours binnen de islam?

Irshad Manji: Het frustrerende is dat we steeds de meer dogmatische stemmen horen, terwijl het bedazchtzame gesprek onder moslims geen ruimte krijgt. Hoe weten al die jonge moslims dan dat er meerdere antwoorden mogelijk zijn? Dat ze zelf mogen nadenken? Dat ze niet alleen zijn met hun vragen en verwachtingen? Dus er moet iets gebeuren om ruimte te creëren zodat de hervormingsgezinde moslims ook hun deel van de aandacht krijgen.

Wat stelt u voor?

Irshad Manji: De vraag is eigenlijk: wat kan jij doen, wat kunnen journalisten doen opdat wij jullie beter kunnen bereiken dan nu het geval is? Maar er wordt werk van gemaakt, onder andere in samenwerking met de European Foundation for Democracy, waarmee we echte liberale hervormers – geen gematigden- van een nieuwe generatie binnen de islam identificeren die bereid zijn om hun standpunten publiek te uiten.

Wat is er mis met gematigden?

Irshad Manji: Gematigden zijn nutteloos in het historisch moment waarin we ons vandaag bevinden. Martin Luther King Jr wijdde in zijn nu beroemde Letter from a Birmingham Jail een hele sectie aan “gematigde christenen”. En hij bekritiseerde hen hevig en zei: ‘Jullie denken dat jullie gematigd zijn, jullie noemen jezelf gematigd, maar in feite is er, door het feit dat jullie zo timide zijn en zo veel terughoudendheid aan de dag leggen in het zich uitspreken tegen de raciale segregatie die in de naam van mijn en jullie God plaatsvindt, heel weinig gematigd aan jullie.’

King wees erop dat gematigdheid in tijden van morele crisis – en dat is het sleutelwoord: morele crisis – een excuus is, een manier om je verantwoordelijkheid te ontlopen, omdat het enkel de conservatie status quo consolideert. Gematigde moslims zijn zo verstrikt in de verdediging van hun identiteit als moslim dat het hen verhindert om hun verantwoordelijkheid op te nemen en actie te ondernemen tegen het machtsmisbruik dat binnen de islam plaatsvindt.

Is de uitspraak van King zo makkelijk toe te passen op de islam vandaag?

Irshad Manji: In het geval van King ging het over raciale segregatie. In mijn geval als moslimvrouw gaat het om gendersegregatie. Het gaat hierbij niet gewoon om een vriendelijke scheiding. Het is niet gewoon ‘jullie vrouwen zitten hier, wij mannen zitten daar en iedereen heeft het naar zijn zin’. Neen, het gaat om de realiteit waarin vrouwen door hun hele gemeenschap als de ‘vehikels van schaamte’ beschouwd worden. En dit terwijl de Koran helemaal niet vraagt dat vrouwen zo behandeld worden. Toch worden ze als tweederangsburgers behandeld. Alles wat vrouwen doen dat niet overeenstemt met wat mannen als ‘eervol’ beschouwen, “bezoedelt” niet alleen haarzelf maar ook de hele gemeenschap.

Ookin het diepe zuiden van de Verenigde Staten was de eer van de gemeenschap een sleutelbegrip in de verdrukking van de zwarte Amerikanen. Ik viseer gematigden niet omdat ze simpelweg niet zo revolutionair zijn als ik wil dat ze zijn. Neen, zij moeten leren appreciëren dat Amerikanen zichzelf hebben moeten hervormen, dat ze hun gematigdheid hebben moeten inruilen voor wat King ‘creatief extremisme’ noemde, om het probleem van machtsmisbruik op te lossen. En eens dat gebeurd is, dàn kunnen we terugkeren naar de gematigdheid, omdat de morele crisis dan aangepakt zal zijn. Maar tot dan doet gematigdheid niets positiefs voor de situatie.

Je wordt verketterd door conservatieve gelovigen en in de armen gesloten door islamhaters en antireligieuzen. Hoe gaat u daarmee om?

Irshad Manji: Ik krijg nu veel meer kritiek van hen dan ik ooit gekregen heb. De neoconservatieven houden niet meer van mij, omdat ik eerst en vooral een moslim blijf en ik denk dat veel van de islam-bashers hoopten dat ik het licht zou zien en de islam zou verlaten zoals Ayaan Hirsi Ali. Een aangename vrouw – ik heb niets anders dan goede woorden voor haar als persoon – maar ik heb lang betoogd dat haar positie fout is, niet alleen moreel maar ook feitelijk. Ik geloof echt dat moslims in staat zijn tot hervorming, zij gelooft dat niet. Het feit dat ik vandaag hoop voel die ik tien jaar geleden niet zag, dat valt niet in goede aarde bij de islam-bashers. Maar het bevalt mij dat het hen niet bevalt, want ze zijn nooit mijn bondgenoten geweest. Ik heb altijd gezegd: ‘Als je vanuit een onvervalst perspectief kijkt waarbij je universele mensenrechten wil promoten, dan ben je mijn bondgenoot. Maar als je van een plaats van haat voor de zogenaamde ‘ander’ komt, ga dan alsjeblief weg.’

Misschien bent u gewoon hoopvoller omdat u tien jaar ouder geworden bent.

Irshad Manji: Ik ben tien jaar wijzer geworden -als dat een betere manier is om de dingen voor te stellen– omdat ik kennis gemaakt heb met mensen waarvan ik niet wist dat ze bestonden. Het vorige boek creëerde het soort controverse dat mensen naar de auditoria bracht, om mij te veroordelen, ja, en dat vond ik niet altijd fijn, maar altijd, in élk geval, waren er enkelen die in stilte kwamen, gewoon om te kijken en om te zien hoe ik met de vijandigheid omging, en die me kwamen bedanken.

Hoe combineert u de nood aan radicale hervormingen met respect voor de meerderheid van de –conservatieve- gelovigen?

Irshad Manji: Mijn gedeeltelijke antwoord op dat dilemma is niet te vervallen in relativisme, waar te veel liberalen en progessieven naar neigen, en zéker fundamentalisme niet te omarmen. Ik opteer voor pluralisme. Een relativist zijn betekent ‘to fall for anything because you stand for nothing.’ Maar om een pluralist te zijn, moet je daadwerkelijk bereid zijn om te oordelen over wat aanvaardbaar en onaanvaardbaar is. Je maakt die beoordelingen echter terwijl je openlijk erkent dat je – zoals de Koran aanstipt – niet over de volle waarheid beschikt en dat je oordelen tijdelijk en voorlopig zijn. Je hebt het vertrouwen om je mening duidelijk te maken, maar niet de arrogantie om vol te houden dat het de enige waarheid is. De relativist daarentegen maakt zelfs niet eens een punt. De fundamentalisten geloven dat er maar een waarheid bestaat, namelijk die van hen. Ik denk dat als meer van ons zouden begrijpen dat pluralisme een echte optie is, en, meer zelfs, dat het ons toelaat om in een democratische dialoog te treden omdat het oneens zijn met elkaars ideeën niet het ontkennen van elkaars menselijkheid inhoudt.

Een van de heikele thema’s is de vrijheid van holebi-moslims om hun seksuele geaardheid vrij te beleven.

Irshad Manji: De Verenigde Staten werden geboren uit de mentaliteit van de verlichting, maar het duurde nog meer dan honderd jaar voordat de slavernij gebannen werd, en dan nog eens honderd jaar alvorens de eerste levensvatbare burgerrechtenbeweging het levenslicht zag. Ik weet dat we vandaag in een cultuur van instant bevrediging leven – we willen dat alles nu gebeurt en wanneer iets niet onmiddellijk lukt, gooien we soms onze handen in de lucht en roepen we dat alles verloren is.

Het feit dat homoseksuele moslims elkaar vinden en openlijk conferenties houden, is een enorm teken van vooruitgang dat tien jaar geleden onvoorstelbaar was. Culturele verandering vraagt tijd en verloopt nooit rechtlijnig. Maar net zoals de zwartste dagen van de burgerrechtenbeweging in Amerika niet het algemene falen van de beweging betekenden, moeten wij begrijpen dat, zelfs in tijden van grote vijandigheid, het bestaan van een terugval aantoont dat er wel degelijk iets aan het veranderen is. Er is hoop en die moeten we voeden.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2838   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur